Of ik goesting had in een Brusselse wafel, vroeg een Vlaming mij laatst.
Nou, dat laat ik me geen twee keer vragen: zeker en vast! Altijd! Je mag er
mij voor wakker maken!
Als we in België zijn, gaan we steevast wel een keer ergens wafels eten. Bij
voorkeur van die lichte, luchtige en superkrokante Brusselse. Gewoon met een
beetje poedersuiker - bloemsuiker noemen de Belgen dat - of, nóg beter, met
een royale lepel slagroom en heel veel zoete aardbeien!
Maar daar blijft het niet bij: ook in onze eigen keuken laten wij ons niet
onbetuigd. Er is niets zo gezellig als een middagje samen wafels bakken. En
daarna is het smikkelen geblazen.
Hoe wij de allerkrokantste en luchtigste wafels zelf bakken? Daar wil ik geen
geheim van maken!
Hieronder leg ik het je uit. Tot in de details. In mijn 'Grote
Brusselse-Wafels-Q&A'!
Met daarin alle vragen die je maar kunt bedenken over Brusselse wafels. Én
alle antwoorden natuurlijk!
En ik geef je mijn favoriete
recept! Zodat ook jij vanaf nu gewoon thuis kunt genieten van de allerlekkerste
Brusselse wafels!
Hoe plezant is dát?!
De Grote Brusselse-Wafels-Q&A!
Wil je graag alles weten over Brusselse wafels? Lees dan vooral door! Of klik
snel op de vragen die je het meest intrigeren!
Wie bakte de eerste wafel?
Haha, meteen een moeilijke vraag, want er is niet één persoon aan te wijzen
die de eerste wafel bakte. Helaas, geen leuk anekdotisch verhaal hier.
Wat ik wel kan vertellen is dat het concept van wafels bakken al zo oud is als
de weg naar Rome. Misschien nóg wel ouder: in de Grote Larousse van de
Gastronomie las ik dat van de oude Grieken al bekend is dat ze wafels aten;
een soort dunne koeken, die tussen twee hete platen metaal werden
gebakken.
Ze noemden ze 'obelios'. Doet dat je niet denken aan ons woord 'oublie', een
dun - vaak opgerold - wafeltje? Nu weet je hoe oud dat woord is!
Op de foto hieronder zie je een prachtig middeleeuws Frans ijzer voor dunne wafels uit de collectie van het Musée de Cluny in
Parijs.
Pas in de dertiende eeuw deden de dikkere wafels hun intrede: men ging naast
oublievormen ook diepere wafelijzers maken met grotere cellen in een
ruitvormig patroon. Als van een honingraat. Het woord 'wafel' stamt dan ook af
van de middeleeuwse woorden (uit meerdere
talen
in heel Europa) voor zo'n honingraat: wabo, walfre, wave, wabe, etc.!
Wafels waren in vroeger eeuwen waarschijnlijk nog populairder dan nu. Het
jongetje op dit 17e-eeuwse schilderij van
Jan Willemsz. de Wilde
vond ze in elk geval zo lekker dat hij er maar moeilijk van af kon
blijven!
Voor de doordeweekse maaltijd bakte men vrij sobere wafels van een beslag van
alleen maar meel en water of melk; tijdens een feestelijk evenement of een
kermis mochten er ook eieren, suiker en/of honing doorheen. In wat voor vorm
dan ook, wafels werden vaak gegeten!
En nog steeds. Veel landen kennen hun eigen wafelrecepten. Welke Nederlander
kent niet de Goudse stroopwafels? Maar ook de
Limburgse harde nieuwjaarswafels
en de
Noord-Nederlandse kniepertjes
zijn erg lekker!
De bekendste wafels uit België zijn de Luikse en de Brusselse wafels. Beide
wafels worden nog al eens verwisseld. Vandaar de volgende vraag uit dit
lijstje.
Wat is het verschil tussen een Luikse en een Brusselse wafel?
Laat ik beginnen met de overeenkomsten. Een inkopper: allebei de wafels zijn
verschrikkelijk lekker. Zeker als ze versgebakken en warm zijn!
En ze zijn allebei groot en dik.
Maar daar houden de overeenkomsten dan ook op.
Verschillen zijn er des te meer.
-
Zo maak je beide wafels van een ander deeg of beslag. Een Luikse wafel maak
je van een stevig - gekneed - gistdeeg. Voor een Brusselse wafel klop je een
lichtvloeibaar en luchtig beslag.
-
Luikse wafels zijn rijkelijk gevuld met grote parels suiker. Een Brusselse
wafel bevat (bijna) geen suiker.
-
Van het deeg voor Luikse wafels rol je kleine bolletjes die je platdrukt en
bakt in je wafelijzer. Tijdens het bakken smelt en karamelliseert de suiker.
Het beslag voor Brusselse wafels is dun en licht vloeibaar: dat giet je in
je wafelijzer.
-
Een Luikse wafel heeft na het bakken een ovale vorm met onregelmatige ronde
hoeken. De Brusselse wafel heeft een strakke rechthoekige vorm.
-
Luikse wafels zijn luchtig, maar niet zo superluchtig als hun Brusselse
evenknie.
- Brusselse wafels zijn veel krokanter dan Luikse.
-
Luikse wafels zijn het lekkerste zonder topping. Tenminste als je het mij
vraagt. Omdat een Brusselse wafel niet zoet is, strooi je er minstens een
laagje poedersuiker overheen. Maar meestal gaan er nóg meer toppings op:
slagroom, ijs, fruit, chocoladesaus, etc.
-
Luikse wafels eet je bij voorkeur uit het vuistje bij een kraam op straat.
Voor een luxe Brusselse wafel met allerlei toppings ga je uitgebreid zitten
in een tearoom.
Wie bakte de eerste Brusselse wafel?
De allereerste geschreven recepten
voor Brusselse wafels zijn te vinden in de boeken van de Belgische kok
Philippe Cauderlier La pâtisserie et les confitures (1874)
en Pasteien en confituren (1883). De wafels in deze recepten
werden luchtig gemaakt door toevoeging van geklopte eiwitten. Gist zat er niet
in.
‘Meng in eene kastrol 500 grammen bloem, 250 grammen boter gesmolten in
een halve pint water en eene halve pint melk, 50 grammen zout. Besla
goed de bloem, voeg er de 4 eidooiers bij; laat den deeg een kwartuur
rusten. Doe er een snuifje gemalen kaneel in. Besla de vier eiwitten tot
schuim, nadat ge er een snuifje zout hebt bijgevoegd. Giet dit schuim
bij den deeg en meng zorgvuldig dooreen. Bestrijk het wafelijzer met
boter en doe het heeten; ga vervolgens te werk gelijk voorde wafels met
room.’
Een jaar of 30 à 40 eerder zette een zekere Florian Dacher, die eerst in Brussel werkte en later in Gent, echter al een gerecht op zijn
menukaart dat hij 'Grosses Gaufres de Bruxelles' noemde, dikke Brusselse
wafels. Dacher was een vriend van de eveneens Gentse Cauderlier en het zou
best weleens kunnen dat hij in zijn zaak al een recept gebruikte dat veel op
dat van Cauderlier leek.
In dezelfde periode speelt ook het verhaal over Max Consael (een oom van de
Victor Consael die wij in Nederland kennen van de poffertjes!), die sinds 1839
grote, dikke, luchtige en krokante wafels verkocht op Belgische kermissen. In
1856 introduceerde hij zijn wafels voor het eerst op de Brusselse kermis. En
hij noemde zijn verrukkelijk gebak 'Brusselse wafels'. Het geheim van zíjn
recept? Hij gebruikte wél gist!
In paar jaar geleden mocht ik precies deze wafels proeven in het bekende
etablissement Max aan het Goudenleeuwplein in Gent. Grandioos! De zaak
was toen nog steeds in handen van nazaten van de befaamde Max Consael!
Natuurlijk kon ik het niet laten om stiekem even de keuken in te gluren. Zie
je de grote pannen vol met luchtig gerezen beslag klaarstaan?
Inmiddels is de tearoom gesloten. Heel jammer voor de Gentenaren. Maar er is
ook goed nieuws: ik las net dat het restaurant laatst een herstart heeft
gemaakt in Oostende. Daar moet ik dus binnenkort naartoe!
Hoe ik mijn eigen Brusselse wafels bak, met of zonder gist en met of zonder
geklopt eiwit? Dat wil ik je hier wel al verklappen: mét gist! À la Max
Consael! Maar ook mét geklopt eiwit. À la Cauderlier. Het resultaat is de
meest fantastische, heerlijk luchtige en krokante wafel.
Wat is het lekkerste recept voor Brusselse wafels?
😉😇 Nu je toch op mijn website bent, ga ik je natuurlijk vertellen dat dat
míjn recept is. Klik op dit
linkje
en ga meteen door naar de uitgebreide beschrijving.
Maar liever nog raad ik je aan eerst de antwoorden op de andere vragen te
lezen, zodat je echt a-l-l-e-s weet over Brusselse wafels voordat je zelf gaat
bakken!
Even een heel korte beschrijving van het recept, zodat je al een eerste indruk
krijgt:
- splits je eieren
- klop de eiwitten stijf
- smelt de boter
- vermeng je melk, water en gist
- klop de eierdooiers door het vocht
- klop je bloem door het melkmengsel
- en dan de boter en het zout
- spatel heel voorzichtig de eiwitten door je beslag
- laat het beslag een halfuur rijzen
- bak je wafels in een heet wafelijzer
En dan nu wat detailvragen. Waardoor je een echte Brusselse-wafel-kenner
wordt!
Maak je Brusselse wafels van deeg of van beslag?
Van beslag! Een vrij dun, luchtig beslag. Maar in dat beslag zit wel, net
zoals in gekneed deeg, een beetje gist.
Je kunt verse gist gebruiken. Maar die is niet overal te koop. Ga er bij
voorkeur voor naar een bakker die zelf zijn brood vers bakt.
Het is echter veel makkelijk om aan de slag te gaan met instantgist. Die koop
je gewoon in kleine portiezakjes in de supermarkt.
Welke soort bloem gebruik je voor Brusselse wafels?
Het belangrijkste ingrediënt voor je wafels is natuurlijk de bloem. Ik gebruik
het liefst mooie zachte Zeeuwse bloem/patisseriebloem.
Daar zit in verhouding weinig
gluten
in. Zo worden mijn wafels mooi licht.
Kun je geen Zeeuwse bloem of patisseriebloem vinden? Patentbloem is een goede
tweede keuze.
Ik zeef mijn bloem meestal even voordat ik er een beslag van maak.
Maak je Brusselse wafels met water of met melk?
Neem maar van allebei de helft. Maar gebruik dan geen gewoon kraanwater. Ga
voor bruisend water. Het water dat wij in Nederland 'Spa Rood' noemen.
Gist houdt van lauwe temperaturen, dus mogen ook de vloeistoffen waar je je
gist in oplost lauw zijn. Komt je melk rechtstreeks uit de koelkast en moet je
hem eerst even verwarmen voor het recept? Laat hem niet warmer worden dan
45°C. Boven die temperatuur gaat je gist dood.
Gaan er eieren door het beslag voor Brusselse wafels?
Jazeker! Maar niet als hele eieren. Je moet je eieren splitsen in dooiers en
witten.
De dooiers roer je gewoon door de vloeistoffen. Daar hoef je niet veel extra
zorg aan te besteden.
De eiwitten daarentegen vergen nog even wat aandacht: die moet je eerst
heerlijk luchtig kloppen voordat je ze op het allerlaatst heel voorzichtig
door het beslag spatelt.
Hoe klop je de eiwitten voor je wafelbeslag mooi luchtig?
Misschien wel de belangrijkste tip voor het kloppen van eiwit: je kunt eiwit
nooit goed stijfkloppen als er ook maar een spoortje vet in zit. In eigeel zit
vet. Dus goed eiwit kloppen begint al bij het zorgvuldig splitsen van je
eigeel en eiwit! Ben je nog niet zo handig in het splitsen van eieren, kijk
dan even naar dit
filmpje!
Heb je je eieren vakkundig gesplitst? Klop je eiwitten dan in een absoluut
vetvrije kom. Twijfel je? Je zou je kom zelfs voor alle zekerheid extra kunnen
ontvetten door hem schoon te wrijven met een klein beetje citroensap.
En dan is het kloppen geblazen. Als je over spierballen beschikt kun je je
eiwitten opkloppen met een garde. Maar laten we eerlijk zijn: een elektrische
mixer is veel handiger!
Hoe test je of de eiwitten voor je wafelbeslag voldoende stijfgeklopt
zijn?
Daarvoor heb ik twee trucjes. Kies maar welk je het leukst of het meest
praktisch vindt.
-
Hou je kom na het stijfkloppen op z'n kop. Valt het eiwit er niet uit, dan
is het goed!
-
Mijn favoriet: maak met een mes een sneetje in je geklopte eiwit. Blijft de
messnede goed zichtbaar als je het mes weghaalt? Dan is je eiwit
klaar!
In Brusselse wafels gaat vaak geen suiker. Waarom doe jij er dan wel een
beetje suiker in?
Dat doe ik niet voor de smaak. Ik gebruik ook maar 1 eetlepel in het hele
recept. Dat proef je (vrijwel) niet.
Mijn ervaring is dat eiwit veel steviger wordt - en blijft - als je een
geringe hoeveelheid suiker toevoegt halverwege het stijfkloppen! Zo zakt het
veel minder in als je het tijdens het maken van je wafelbeslag door de
bloemmassa schept. En dus worden je wafels extra luchtig!
Mag er ook wat minder boter door het beslag als ik op mijn lijn let?
Dat zou ik je ten zeerste willen afraden!
De belangrijkste reden? Wafels waarin te weinig vet zit blijven na het bakken
plakken in je wafelijzer.
Hoe spatel je je geklopte eiwitten door het beslag?
De geklopte eiwitten maken je wafels straks extra luchtig. Dat komt doordat er
al zo veel lucht in die eiwitten zit. Verlies die lucht niet in dit stadium!
Ga voorzichtig te werk. Schep je eiwit bovenop je glad geklopte wafelbeslag.
Met een spatel ga je het eiwit vervolgens behoedzaam door het beslag scheppen.
Kloppen is uit den boze!
De Britten noemen dit 'folding in the egg whites'. En dat beschrijft de
beweging eigenlijk goed: je vouwt de eiwitten beetje bij beetje door de dikke
vloeistof. Draai daarbij de kom regelmatig.
Stop zo snel mogelijk. Is het mengsel min of meer homogeen? Dan ben je klaar.
Er mogen best nog wat piepkleine vlokjes eiwit zichtbaar blijven in je beslag,
maar geen al te grote. Bedenk: dat worden straks tijdens het bakken
luchtbellen. Kleintjes zijn prima - lekker zelfs - maar grote geven je wafels
rare vormen.
Mijn beslag is klaar! Kan ik nu meteen mijn Brusselse wafels gaan
bakken?
Helaas! Je moet nog een halfuurtje wachten!
Je maakt je wafels van een gistbeslag en gist heeft wat tijd nodig om het
beslag te laten rijzen. De eerste rijs vindt al plaats voor het bakken.
Tijdens het bakken rijst het beslag nog een tweede keer: door de hitte van het
hete ijzer zetten de luchtbelletjes in het beslag nog éven extra uit!
Neem een schone theedoek (gewassen zonder wasverzachter), bevochtig hem met wat lauw water en leg de theedoek
over je kom met beslag heen. Zo komt er geen kou of tocht bij. Plaats de
afgedekte kom op een warm plekje in je keuken.
Kan ik ook een dubbele hoeveelheid wafelbeslag maken en een grote berg
wafels in één keer bakken?
Hm, liever niet. Waarom niet? Als je met één wafelijzer bakt - en dat doet
vrijwel iedereen thuis - dan duurt het bakken van één portie wafels een kleine
drie kwartier. En in die tijd rijst het beslag dat nog niet gebakken is maar
door. Bij een dubbele portie zou het dan kunnen gebeuren dat het laatste
beetje beslag té lang rijst. En té is nooit goed. Je beslag kan gaan
overrijzen.
Dat kan drie gevolgen hebben die je liever niet wilt: je wafels rijzen niet
meer mooi hoog tijdens het bakken, je wafels kunnen in het wafelijzer blijven
plakken én de gare wafels kunnen na het bakken inzakken...
Wil je toch veel wafels in één keer bakken? Maak dan niet al het beslag in één
keer, maar maak de tweede portie pas een halfuur voordat je eerste batch
helemaal klaar is.
Hoelang moet ik mijn wafelijzer voorverwarmen?
Dat verschilt per wafelijzer. Lees even goed de gebruiksaanwijzing voordat je
de eerste keer wafels bakt.
Het is wel superbelangrijk dat je ijzer goed heet is voordat je aan de slag
gaat. Dan gaat er zich meteen na het vullen van het wafelijzer een krokante
korst vormen. En dat is niet alleen lekker; dat zorgt er ook voor dat je wafel
niet blijft kleven.
In mijn wafelijzer bak ik de Brusselse wafels op vrijwel de hoogste stand.
Probeer maar uit wat voor jouw ijzer het beste is. Meestal weet je dat al na
de eerste paar wafels.
Moet ik mijn wafelijzer invetten voordat ik mijn wafels bak?
Tegenwoordig zijn eigenlijk alle moderne wafelijzer voorzien van een
anti-aanbaklaag. Invetten is dus niet nodig. In een niet ingevet ijzer bakken
je wafels het mooist egaal bruin.
Hoe vul ik mijn wafelijzer?
Veel recepten schrijven voor dat je het beslag in de onderste helft van het
wafelijzer moet lepelen met een soeplepel. Vergeet dat advies. Bij mij staat
het garant voor een hoop geklieder...
Als ik begin met het beslag maken kies ik in dat stadium altijd al voor een
beslagkom met een tuitje. Nadat mijn beslag is gerezen kan ik het zo makkelijk
overschenken in een flinke litermaat.
En vanuit die litermaat giet ik bij elke portie mijn wafelijzer vol.
Superhandig!
Tip: houd je resterende beslag wel afgedekt tijdens het bakken van de wafels.
Anders kan het inzakken.
Hoe vol moet ik mijn wafelijzer maken?
Zo gauw er net niets meer te zien is van de onderkant van de vorm van je
wafelijzer, is je wafelijzer voldoende gevuld. Vul je ijzer niet verder, want
dan gaat het beslag later tijdens het rijzen aan alle kanten langs je
wafelijzer lopen...
Een goed beslag rijst zo mooi, dat de bovenste helft van je wafelijzer
helemaal gevuld wordt tijdens het bakken!
Moet ik mijn Brusselse wafel goed aandrukken in het ijzer?
Absoluut niet! De beste ijzers voor Brusselse wafels hebben een vrij licht
deksel. Daar giet je je wafelbeslag in, je sluit het deksel losjes...
... en dan begint de wafel vrijwel meteen te rijzen! Hij drukt daarbij de
bovenste helft van het ijzer - het hele deksel dus - een beetje omhoog. Het
rijzende beslag is de baas en niet jij of je ijzer! Dat blijkt!
Zo krijg je heerlijk luchtige Brusselse wafels!
Wanneer is mijn Brusselse wafel klaar?
Ook dat verschilt per wafelijzer. Tevens kan de baktijd variëren afhankelijk
van de temperatuur die je instelt. In mijn ijzer duurt het bakken van een
wafel ongeveer 5 minuten.
Mag ik mijn wafelijzer tijdens het bakken openmaken om te kijken of mijn
wafel klaar is?
Kijk daarmee uit! Als je je wafelijzer te vroeg opentrekt, kan het zijn dat de
ongare wafel zowel aan de boven- als aan de onderkant tegelijkertijd blijft
plakken. Zo trek je de hele wafel uit elkaar.
Ik spreek helaas uit ervaring...
Hoe kan ik dan wel zien of mijn wafel klaar is?
Je zult zien dat er altijd heel veel stoom uit een wafelijzer komt tijdens het
bakproces. Hoe langer je wafel in het ijzer zit, hoe minder hij gaat
stomen.
Is hij bijna uitgestoomd? Dán mag je je ijzer voorzichtig opentrekken. Als je
wafel gaar en krokant is, kun je het deksel makkelijk omhoog tillen. Je wafel
blijft liggen op het onderste deel van je ijzer.
Onthoud - en schrijf voor jezelf op! - hoelang je je ideale wafel gebakken
hebt. En stel dan meteen je kookwekker in voor de volgende wafels.
Makkelijk!
Hoe haal ik mijn wafels het makkelijkste uit mijn wafelijzer?
De eerste keer dat ik zelf wafels bakte ging ik aan de slag met de houten
spatels die ik normaal gesproken gebruik om mijn pannenkoeken om te draaien.
Daarmee kreeg ik mijn wafels wel uit het wafelijzer, maar ze zagen er soms wat
verfomfaaid uit; ik deukte mijn broze wafels her en der in met de logge
spatels.
Toen ontdekte ik de wafelvork! Ken je die?
Kijk even naar de volgende foto!
Je prikt deze vork met zijn twee superlange tanden vanaf de zijkant
horizontaal in je gare rechterwafel. Druk hem helemaal door totdat de punten
ook in de linkerwafel zitten (in bijna alle ijzers voor Brusselse wafels bak
je in één vorm twee wafels naast elkaar). Til de vork verticaal omhoog... et
voilà: daar komen je wafels mee omhoog!
Ze komen prachtig los zonder deukjes aan de zijkanten!
Aan mijn wafels zitten allemaal onregelmatige randjes. Hoe snijd ik die
weg?
Je kunt je wafelijzer nooit exact zo vullen, dat je geen randjes krijgt door
overlopend beslag. Om die reden heeft je wafelijzer ook een overloopgeultje
rondom. En daarin bak je dus die randjes.
Zó haal je die ontsierende randjes makkelijk weg.
-
Haal je Brusselse wafels met je wafelvork met zijn tweetjes uit het
wafelijzer.
-
Leg ze even op een rooster om een beetje af te koelen (ondertussen kun jij
je wafelijzer weer vullen met de volgende portie).
-
Breek de wafels los van elkaar. Krokante Brusselse wafels breken met een
kleine beweging los.
-
Aan één kant is je wafel nu mooi recht, maar je zult zien dat er aan de
andere kanten nog onregelmatige randjes zitten.
- Laat je mes in de kast liggen.
-
Pak daarentegen je schaar! Want met een schaar knip je handig al die randjes
bij. Feilloos en esthetisch verantwoord!
Kan ik Brusselse wafels makkelijk bewaren?
Dat kan! Al moet ik erbij zeggen dat Brusselse wafels echt het aller-
allerlekkerst zijn als ze vers uit het wafelijzer komen. Idealiter schuiven je
gezinsleden of vrienden gezellig bij je aan in de keuken als jij aan het
bakken bent!
Je zou je wafels ook pas kunnen serveren nadat ze allemaal klaar zijn, maar
dan zijn ze wel inmiddels afgekoeld. Leg je wafels dan een kleine 5 minuten op
het rooster van een oven van 120°C. Daarna smaken ze weer lekker warm.
Wil je je wafels bewaren voor later? Ook dat kan. Laat ze eerst helemaal
afkoelen op een bakrooster. Naast elkaar en niet op elkaar. Leg ze daarna op
een platte schaal en dek die nauwkeurig af met huishoudfolie. Of verpak je
wafels zonder veel lucht erbij in diepvrieszakjes. Zo kun je je wafels een dag
of twee bewaren.
Veel soorten dikke wafels worden overigens zachter naarmate ze langer liggen.
Ook superkrokante Brusselse wafels wacht dit lot. Dat kun je niet
voorkomen.
Maar het goede nieuws is: je kunt je Brusselse wafels in een handomdraai weer
net zo krokant maken als vlak na het bakken!
Hoe maak ik mijn Brusselse wafels dan weer krokant?
Op dezelfde manier die ik hierboven al beschreef: leg je wafels op een rooster
in die oven van 120°C! Voel er na 5 minuten even aan. Zijn ze al krokant? Dan
kun je aan tafel; anders wacht je nog een paar minuten langer.
Kan ik mijn Brusselse wafels ook invriezen?
Yes! En dat is echt superhandig!
Verpak je afgekoelde wafels in keurige stapeltjes in goed afgesloten
diepvrieszakjes en leg ze netjes recht op een plankje in je vriezer.
Trek in een wafel, maar weinig tijd? Neem een zakje wafels uit de vriezer en
leg je wafels - diepgevroren, dus recht uit de vriezer - weer in die oven van
120°C! Na 5 à 10 minuten kun je smullen van warme, krokante wafels!
Fantastisch!
Welke zoete toppings eet je op Brusselse wafels?
-
de makkelijkste topping is gewoon poedersuiker, die je door een theezeefje
boven je wafels zeeft; bedenk dat Brusselse wafels uit zichzelf (bijna)
geen suiker bevatten, dus wees maar gul met die poedersuiker
-
vermeng je poedersuiker ook eens met een lepeltje (versgemalen Ceylon)kaneel; zo maak je snel een aromatische kaneelsuiker
- luchtig geklopte, lichtzoete slagroom
-
(room)ijs in allerlei smaken: vanilleroomijs, kaneelijs, notenijs,
vruchtenijs, chocolade-ijs,
Grand-Marnierroomijs,
M&M's-ijs,
maanzaadijs, etc.
-
vers fruit: aardbeien, frambozen, bramen, blauwe bessen, kersen, partjes
perzik, plakjes banaan, blokjes mango, partjes rijpe peer, etc.
-
kleine fruitgerechtjes als
stoofpeertjes,
gekaramelliseerde appeltjes
of
zelfgemaakte appelcompote
- vruchtensauzen
-
warme chocoladesaus, warme karamelsaus, lemon curd,
orange curd, Nutella, maple syrup
-
bolletjes bavarois, bijvoorbeeld mijn luchtige
vanillebavarois
die heerlijk smaakt met druiven erbij
-
noten: geroosterde hazelnoten, geroosterd amandelschaafsel, pecannoten,
walnoten, pistachenoten, al dan niet gehakt
- musket
Of natuurlijk een combi van een aantal van die toppings! Laat je me horen
wat jouw favoriete toppings zijn?
Welke hartige toppings eet je op Brusselse wafels?
Rare vraag misschien? Helemaal niet!
Brusselse wafels zijn niet zoet van zichzelf, dus kun je ze ook heerlijk
hartig serveren. Dat gebeurde in de wafelgeschiedenis heel vaak. Misschien
vinden wij zelfs stiekem onze hartig geserveerde Brusselse wafels nóg
lekkerder dan de zoete!
Wat dacht je van een hartig wafelontbijt? Met crispy uitgebakken ontbijtspek
of bacon, een spiegeleitje, Engelse ontbijtworstjes en gebakken partjes
tomaat? Of - net zoals mijn
hartige soesjes
- met fluffy roerei en gerookte zalm?
Wij tuigen zelfs hele avondmaaltijden op met onze Brusselse wafels! Dan eten
we ze bijvoorbeeld als 'wafelburgers' met een Black Angus-hamburger, gesmolten
kaas, gebakken uien, plakjes tomaat, een blaadje sla en een
pittig cocktailsausje. Ik zal het complete recept weleens voor je posten.
Houd überhaupt dit blog in de gaten de komende tijd, want ik heb nog een
aantal fantastische hartige-Brusselse-wafel-recepten voor je in petto! Alvast
één sneaky foto. Kun je zien voor
welk beleg ik heb gekozen?
Bij welke gelegenheden serveer je Brusselse wafels?
Wat mij betreft: bij elke gelegenheid! Maar je wilt vast wat specifiekere
tips.
Brusselse wafels smaken erg lekker bij een - decadente -
lunch. Zeker als het gaat om wafels met veel toppings!
Ook leuk: ik snijd mijn wafels weleens in kwartjes en beleg ze
vervolgens met een zoete topping. Die piepkleine wafeltjes zijn heerlijk bij
een grand
dessert!
En wat dacht je van een
high tea?!
Of een feestelijk dessertbuffet?
Zoete wafels bij een
brunch? Ja, graag! Bijvoorbeeld bij een paasbrunch of een kerstbrunch!
Hartige wafels zijn heerlijk bij het
ontbijt; dat verklapte ik hierboven al. En natuurlijk bij de
lunch
of zelfs als avondmaaltijd. Kleine - in stukjes gesneden - hartige wafels?
Serveer die eens met een mediterraan beleg tijdens een
tapasavond
of bij een classy high wine!
En dan een vervelende vraag: hoe maak je je wafelijzer schoon?
Want ja, dat moet ook gebeuren. 😒
Sterker nog: dat is heel belangrijk voor de volgende keer dat je wafels bakt!
Is je wafelijzer niet goed schoon, dan kunnen je wafels zelfs blijven
plakken...
-
trek de stekker uit het stopcontact en laat je wafelijzer eerst goed
afkoelen
-
neem dan een schoon zacht keukensponsje; of gebruik - alleen! - de gele
kant van de bekende geel-groene schuursponsjes
- maak je sponsje een beetje nat en knijp het goed uit
-
gebruik geen afwasmiddel; het is niet erg als het oppervlak van je
wafelijzer een tikkeltje vet blijft
-
wrijf voorzichtig met je sponsje tussen alle richeltjes van je wafelijzer
- droog je ijzer met een zachte doek
- laat je ijzer een uurtje openstaan om helemaal te drogen
-
daarna zijn ook eventuele beslagresten aan de buitenkant van je
wafelapparaat goed uitgedroogd; die kun je met een houten spatel
voorzichtig verwijderen/wegkrabben
Als laatste een vraag die jullie vaak stellen op internet: 'Waarom blijven
mijn wafels kleven in het wafelijzer?'
Laat ik vooropstellen: als je je helemaal aan mijn recept houdt, dan hoeft dat
niet te gebeuren. 😉
Maar toch even de meest voorkomende redenen:
-
de anti-aanbaklaag van je wafelijzer is beschadigd; bijvoorbeeld door
krassen door het gebruik van metalen voorwerpen of het schuren met een
schuursponsje
- je wafelijzer was niet heet genoeg
- je hebt je wafelbeslag té lang laten rijzen
-
er zat te weinig vet in je beslag; een te droge wafel is niet alleen niet
lekker, hij blijft ook nog eens plakken
-
je hebt je wafelijzer net iets te vroeg geopend; je wafel was toen nog
niet helemaal krokant aan de buitenkant en nog niet helemaal gaar
vanbinnen
- je hebt geen wafelvork gebruikt bij het lossen van je wafel
En dan nu - tromgeroffel! - mijn foolproof recept voor Brusselse wafels!
Geniet ervan!
Krokante en superluchtige Brusselse wafels: zó bak je ze zelf!
Ingrediënten voor ±14 stuks (met mijn wafelijzer):
- 3 eiwitten
- 2 eierdooiers
- 1 eetlepel suiker
- 100 gram roomboter
- 2,5 dl lauwwarme volle melk
- 2,5 dl bruisend water, op kamertemperatuur/niet uit de koelkast
- 7 gram instantgist
- 300 gram Zeeuwse bloem/patisseriebloem
- een snufje zout
- poedersuiker naar smaak
Bereiding:
-
Begin ongeveer 3 kwartier voordat je je wafels wilt gaan bakken met het
maken van het gistbeslag. Splits daartoe 3 eieren.
-
Klop de eiwitten luchtig in een vetvrije beslagkom. Voeg de eetlepel
suiker toe en klop nog even door; door de suiker worden je eiwitten nét
iets steviger dan wanneer je geen suiker zou gebruiken.
-
Klop 2 eierdooiers even kort met een garde (bewaar de derde dooier voor
iets anders; heerlijk als extra dooier door je omelet!).
-
Smelt de boter in de magnetron of in een pannetje. Laat hem afkoelen tot
lauw, maar zorg ervoor dat hij vloeibaar blijft.
-
Vermeng de melk en het bruisende water en roer de gist erdoorheen.
- Klop de eierdooiers door het melkmengsel.
-
Zeef de patisseriebloem boven een flinke beslagkom (liefst een kom met een
schenktuitje). Klop ±2/3 van het vocht door de bloem; er mogen geen
klontjes meer in het beslag zitten. Klop vervolgens de rest van het vocht
door het beslag.
- Klop de afgekoelde boter en het zout door je beslag.
-
Schep de stijfgeklopte eiwitten voorzichtig door het beslag. Zorg ervoor
dat je zo weinig mogelijk lucht verliest; er mogen best nog wat hele
kleine vlokjes eiwit in je beslag blijven zitten.
-
Leg een vochtige theedoek (gewassen zonder wasverzachter) over de beslagkom en laat je beslag 30 minuten
rijzen. Zet je kom daartoe niet in de koelkast; een warm plekje is beter.
- Schenk je beslag na het rijzen in een litermaat.
-
Verwarm tijdens het rijzen je wafelijzer goed voor. Ik bak mijn wafels
altijd op een vrij hoge temperatuurstand, maar experimenteer gerust met je
eigen apparaat.
-
Open het ijzer en schenk een laagje beslag in de wafelvorm. Sluit je
wafelijzer zachtjes. Druk het deksel niet aan: laat het beslag maar lekker
rijzen in de vorm!
-
Bak je wafels in ongeveer 5 minuten goudbruin en gaar. Je wafels zijn
klaar zo gauw er vrijwel geen stoom meer uit je wafelijzer komt. Open je
wafelijzer niet eerder: dan kun je je wafels kapot trekken.
-
Neem de wafels met een wafelvork uit het wafelijzer en leg ze op een
bakrooster.
-
Hebben je wafels nog wat oneffen randjes? Die kun je er met een goede
keukenschaar makkelijk vanaf knippen!
-
Serveer je wafels het liefst (lauw)warm, vers uit het wafelijzer. Meer dan
een laagje poedersuiker (gebruik een theezeefje om de suiker boven je
wafels te zeven!) hebben ze niet nodig voor een perfecte traktatie, maar
leef je ook eens uit met allerlei extra's. Roomijs, slagroom, fruit,
kaneelsuiker, dessertsauzen, nootjes, musket... The sky is the
limit!
Tips:
-
Belangrijk: hierboven in het blog geef ik je heel veel extra tips voor het
bakken van je Brusselse wafels. Lees die eerst even door voordat je met
het - meer beknopte - recept hier aan de slag gaat. Een aanrader! Daar
vind je ook nog meer serveertips.
-
Blijf mijn blog de komende tijd goed in de gaten houden, want ik heb nóg
een aantal fantastische wafelrecepten voor je in petto! Voor sommige van
die recepten heb je dit basisrecept voor Brusselse wafels nodig. Maar ik
zal je ook nog wat recepten geven voor andere soorten wafelbeslag.
Bijvoorbeeld dat voor onderstaande American waffles. Die eet je
traditioneel met maple syrup (ahornsiroop) en verse blauwe bessen! Een
fantastisch ontbijt, helemaal in Amerikaanse stijl!