Posts tonen met het label paté. Alle posts tonen
Posts tonen met het label paté. Alle posts tonen

dinsdag 11 december 2018

Kerstspecial: Franse terrine van kalfsvlees, kip en ham


Koken zonder liflafjes. Dat is mijn devies als ik gasten krijg. Want als ik uit de bocht vlieg met allerlei extraordinaire fratsen, is er altijd wel iemand die daar niet zo'n fan van is...

Dus gebruik ik juist voor speciale etentjes heel gewone ingrediënten.

Saai? Welnee, dat hoeft niet! Ken je nog die reclame van jaren geleden? Over die kookfantasie? Díe moet je dus in de strijd gooien! Wees creatief en bedenk iets origineels met alledaagse ingrediënten waar iedereen van houdt. Alternatief: neus eens rond op mijn blog, want ik heb ondertussen vaker met dit bijltje gehakt. 😇

Hoe dan ook, vandaag dus een recept met gewone kip, gewoon kalfsvlees, gewoon varkensvlees en gewone ham. Maar wel ongewoon lekker en abnormaal feestelijk. Ideaal voor niet alleen mijn maar ook jouw speciale etentjes, misschien wel voor je kerstdiner!

Ik verwerkte mijn kip, kalfsvlees, varkensvlees en ham in een prachtige Franse terrine. In gewoon Nederlands: een pastei. 


Een frisse Franse salade maakte mijn voorgerechtjes compleet. 


Mijn gasten zaten er gelukzalig van te smullen! Zeg nou zelf: wat wil je nog meer?!



Salade van Franse terrine van kalfsvlees, kip en ham


Een dag voor je diner al koken: ideaal!


Nog even iets anders over een etentje met gasten: ik kies dan bijna altijd voor gerechten, die ik makkelijk een dag (of nog langer) van tevoren al kan maken. Dat bespaart me een hoop stress. Ook in dat opzicht is deze Franse terrine ideaal. Die zou je niet eens kunnen maken op de dag van je etentje, al zou je dat willen!


Zo maak je een Franse terrine


Stap 1: kies een rustig moment - niet te laat op de dag - een of twee dagen voor je diner. Muziekje aan; voor kookspanning is je keuken verboden terrein. Echt, een terrine is heel makkelijk om te maken!

Stap 2: maal en snijd al je ingrediënten zoals aangegeven in het recept hieronder. Je terrine bestaat voor een deel uit gehakt, de farce zoals dat heet, en voor een deel uit piepkleine blokjes. Je foodprocessor en je grote scherpe mes zijn hierbij je beste maatjes.

Tip: laat niet uit slanke-lijn-overwegingen de speklapjes en het varkensgehakt achterwege. Je hebt het vet nodig om je terrine een lekkere structuur te geven!


Een goede terrine smaakt niet te flauw!


Stap 3: vermeng alle gehakte vleessoorten en alle smaakmakers. De blokjes vlees houd je nog even achter.

Dan wordt het tijd om te proeven. Niet van het rauwe gehakt, maar van een klein hamburgertje hiervan. Dat bak je even gaar in een koekenpan. Heel belangrijk - en dan bedoel ik ook echt: heel belangrijk - is dat je de hoeveelheid zout goed checkt.

Als je hamburgertje iets te zout smaakt, is je vlees goed! Een vreemd advies? Nee hoor! Je gaat je terrine straks koud serveren. En wat je moet weten is dat koud vlees behoorlijk flauwer smaakt dan zijn warme evenknie. En met een te flauwe terrine doe je je gasten geen plezier...

Stap 4: kruid de rest van het vlees, de blokjes dus. Dat worden straks de mooie stukjes in je terrine, die meteen opvallen als je hem aansnijdt. Zout ook nu weer voldoende.


Terrine: twee betekenissen voor het woord


Stap 5: vermeng gehakt en blokjes en vul je terrine. Hier ontstaat misschien enige spraakverwarring. De terrine is toch de naam van het gerecht dat je aan het bereiden bent? Klopt, maar het is ook de naam voor de - van oorsprong - aardewerken schaal waarin de pastei wordt gebakken. Sterker nog: de naam voor het gerecht is afgeleid van die voor de bakvorm. Het woord 'terre' betekent immers 'aarde' in het Frans.


Je terrine mag de oven in


Ik moet je eerlijk bekennen dat ik zelf niet in het bezit ben van de mooie, rechthoekige terrine waar dit gerecht om vraagt. Maar niet getreurd: mijn cake/broodvorm voldoet uitstekend! Na het vullen dek ik die gewoon af met aluminiumfolie in plaats van met een deksel.


Au bain-marie


Stap 6: een terrine wordt nooit gebakken rechtstreeks op het ovenrooster. Die gaat in een bak met heet water. Je bakt hem au bain-marie. Zo is de verwarming minder direct, wat een heerlijk sappige terrine oplevert. Deze terrine mag zo'n 2 uur de oven in. Ondertussen kun jij je wijden aan de andere - makkelijk voor te bereiden! - gerechten voor je etentje.


Je bakt je terrine au bain-marie


Stap 7: de terrine moet voor het serveren goed afkoelen, eerst in je keuken, daarna in de koelkast. Trek hier minimaal 24 uur voor uit.


Franse terrine, nog warm uit de oven


Je Franse terrine serveren als borrelhapje of als voorgerecht


Stap 8: voor je diner stort je je terrine, je snijdt hem in plakken en serveert hem zoals je dat zelf het lekkerste vindt. Tip: je terrine komt makkelijk uit de vorm als je die heel even in een bak met heet water zet. Dan smelt het - inmiddels gestolde - vet langs de randen.


Je Franse terrine is prachtig geworden!


Voor het serveren heb je verschillende opties. Je zou je terrine heel dun kunnen snijden en kunnen serveren op toast of lekker boerenbrood.


Franse terrine voor een koud buffet


Maar je terrine serveren als voorgerecht is nog specialer. In het recept hieronder vind je ook instructies voor de salade die ik er meestal bij geef. Het zuurtje van de vinaigrette en het krokante van de blaadjes sla combineren perfect met je terrine!


Franse terrine met salade én aspic


En ik heb nóg een tip: waag je eens aan de aspic, de hartige gelei van bouillon met cognac en madera, waarvoor ik gisteren het recept postte. Je kunt die makkelijk maken terwijl je terrine in de oven staat.


Aspic, hartige gelei van krachtige bouillon met cognac en madera


Garnering van je terrine met de aspic is niet alleen superfeestelijk, maar de aspic tilt je voorgerecht meteen naar een hoger niveau. Qua feestelijkheid én qua smaak. De combinatie is verrukkelijk, een aanrader! Maak je gasten blij!


Recept Kerstspecial: Franse terrine van kalfsvlees, kip en ham



Franse terrine van kalfsvlees, kip en ham



Ingrediënten voor een voorgerecht voor ±12 personen of een buffetgerecht:


Voor de terrine:

  • 250 gram kipfilet
  • 200 gram speklapjes
  • 200 gram varkensfilet
  • 200 gram beenham aan één stuk of in plakken van 1/2 cm dik
  • 350 gram kalfsgehakt
  • 150 gram varkensgehakt
  • zout (vrij veel; zie blog hierboven)
  • versgemalen zwarte peper
  • 1 ei
  • ¼ theelepel cayennepeper
  • 1 verkruimeld of zeer fijn gesnipperd laurierblaadje
  • 1 eetlepel versgehakte tijmblaadjes of 1 theelepel gedroogde tijm
  • 2 theelepels worcestersaus
  • 3 eetlepels madera
  • 3 eetlepels cognac (of vieux; goedkopere optie)
  • een beetje boter voor het invetten van de vorm en het bakken van het proefhamburgertje

Voor het garnituur:

  • 1 portie aspic (zie het recept in mijn blog van gisteren)
  • 200 gram gemengde krulsla
  • 3 eetlepels witte balsamicoazijn
  • 9 eetlepels extra vergine olijfolie
  • 2 theelepels vloeibare honing
  • 1 theelepel fijngehakte tijmblaadjes
  • 1 theelepel mosterd
  • zout en peper

Extra:

  • een patévorm of cake/broodvorm met een inhoud van ±1,5 liter

Bereiding:

  1. Begin een dag van tevoren. Verwarm de oven voor tot 150°C (heteluchtoven) of 170°C (conventionele oven). Breng een liter water aan de kook.
  2. Snijd de varkensfilet in kleine dobbelsteentjes (van ongeveer 6x6x6 mm).
  3. Snijd de helft van de speklapjes, de kipfilet en de achterham ook in kleine dobbelsteentjes. 
  4. De andere helft van dit vlees mag grof in stukken gesneden worden. Houd de verschillende soorten echter apart.
  5. Maal in de foodprocessor de grove stukken spek zeer fijn. Maal ook (apart) de grote stukken kipfilet en achterham. De kipfilet en de ham hoeven niet zo fijn te worden; een grove gehaktstructuur is veel lekkerder.
  6. Doe vervolgens in een kom: al het gehakte vlees, het kalfsgehakt, het varkensgehakt, zout, peper, het ei, de cayennepeper, het laurierblaadje, de tijm, de worcestersaus, de madera en de cognac. Vermeng het geheel goed. Bak in een klein pannetje een klein hamburgertje van het gehakt om te proeven of er voldoende zout, peper en tijm in zit. Corrigeer eventueel. Tip: gebruik ruim voldoende - eigenlijk iets te veel - zout. Na afkoeling van de terrine proef je het zout minder goed en je wilt niet dat je terrine te flauw wordt. 
  7. Strooi wat zout en peper over de dobbelsteentjes vlees. Voeg ze bij het gehakt en vermeng alles goed.
  8. Beboter een paté- of cake/broodvorm. Druk de pasteivulling er stevig in. Klop nog even met de onderkant van de vorm op het werkvlak, zodat eventuele luchtbellen verdwijnen.
  9. Dek de terrine af met aluminiumfolie. Prik hier met de punt van een mes wat gaatjes in.
  10. Plaats de terrine in een braadslede en vul deze met het kokende water. Zet de braadslede zo in de oven. Braad de terrine gedurende 2 uur. Vul zo nodig tussendoor het water in de braadslede aan.
  11. De pastei moet na het bakken goed afkoelen in de vorm, minimaal 24 uur. Zet de pastei daartoe afgedekt in de koelkast.
  12. Plaats de volgende dag de vorm met de vleespastei kort in een bak met heet water. Nu is hij gemakkelijk te storten.
  13. Snijd met een scherp vleesmes de pastei in plakken van ±1 cm dikte. Je hebt minimaal 2 plakken per persoon nodig. Leg de plakken op een schaal en bewaar het vlees tot gebruik afgedekt in de koelkast.
  14. Stort je aspic (als je die gebruikt) en snijd er met een scherp mes mooie blokjes van.
  15. Doe alle ingrediënten vanaf de azijn tot en met de peper in een mengbeker of lege jampot. Schud er een gebonden vinaigrette van.
  16. Maak de sla aan met de vinaigrette.
  17. Verdeel de sla over 12 grote borden. Leg op elk bord twee plakken pastei.
  18. Strooi wat blokjes aspic rondom de vleespastei. Serveer meteen.

Tips:

  1. De inhoud van een terrine of bakvorm kun je meten door er met een litermaat water in de schenken.
  2. Zet een restje aspicblokjes apart in een schaaltje op tafel. Zo kan ieder naar wens nog wat meer nemen.
  3. Als je dat wilt, kun je dit gerecht serveren met (zelfgebakken) dinerbroodjes en roomboter. Noodzakelijk is dit echter niet.
  4. Ik serveer mijn Franse terrine ook vaker tijdens een koud buffet, een brunch of zelfs een picknick. Ook is hij ideaal voor Oudejaarsavond!

Zelfgebakken roomboter-dinerbroodjes met maanzaad en sesamzaad

    dinsdag 16 januari 2018

    Paté de campagne uit eigen oven


    Het klinkt als een flinke uitdaging: een paté de campagne uit eigen oven... Gelukkig valt de bereiding reuze mee!


    En hij smaakt verrukkelijk, deze grove paté. 


    Dat zal wel komen door de flinke scheut wijn, de cognac en de aromatische verse tijm die erin zitten. 


    Een ideaal gerecht voor een etentje waarvoor je veel mensen uitnodigt!


    Recept Paté de campagne uit eigen oven


    Uit eten zonder eerst internet te raadplegen?


    Kun jij je nog de tijd herinneren dat je gewoon een onbekend restaurantje binnen liep zonder eerst TripAdvisor te hebben geraadpleegd of je vrienden via Facebook om hun ervaringen te hebben gevraagd? 

    Weet je nog hoe spannend het voelde als je over de drempel stapte van zo'n eethuisje, waarvan je geen idee had wat je ervan kon verwachten?

    Toen ik een paar weken geleden zat te genieten van een heerlijke salade met een paar flinke plakken boerenpaté uit eigen oven, besefte ik opeens weer hoe speciaal mijn eerste kennismaking met dit gerecht was geweest. 

    Het moge duidelijk zijn: die vond plaats tijdens zo'n spontaan restaurantbezoek!


    Honger in Parijs...


    Dat najaar was een van de zonnigste en warmste uit de geschiedenis van Parijs. Mijn ouders en ik genoten dan ook met volle teugen van ons stedentripje. Het prachtige weer gaf ons energie en zorgde ervoor dat we de eerste ochtend al voor dag en dauw achter ons ontbijt zaten. Nauwelijks een kwartier namen we de tijd om onze eenvoudige croissant en een grote kop café au lait achterover te slaan. We wilden naar buiten, de straat op, de stad verkennen, indrukken opdoen, sfeer proeven.

    De stad slaagde er met vlag en wimpel in onze honger naar nieuwe impressies en dito kennis te stillen. Maar na uren rondwandelen brak er een moment aan dat dat niet meer voldoende was: onze fysieke honger ging de strijd om de aandacht aan en won! Dus gingen we op zoek naar een lunchrestaurant.

    Nu weet iedereen die mijn vader gekend heeft ook wel: hij was een lieve en geduldige man, maar lang wachten op zijn eten vond hij ondraaglijk. Etenstijd was etenstijd en daar viel niet aan te tornen! Mijn moeder en ik gooiden nog voorzichtig een balletje op om potentiële lunchplekken met elkaar te gaan vergelijken, maar helaas. Daar bleek geen tijd meer voor te zijn. Fanatiek speurde mijn vader de straat af op zoek naar een uithangbord met een culinaire belofte. Bij het eerste restaurant dat hij spotte moesten en zouden we naar binnen. Het was een fait accompli!


    De Parijse gelagkamer in het achterhuis


    Aantrekkelijk zag het eethuis van mijn vaders keuze er niet uit. Er hing geen kaart buiten en naar binnen gluren was geen optie; de blinden voor de ramen waren hermetisch gesloten. Een angstvallig krakende deur leidde naar een lange, donkere gang met zelfs aan het einde geen lichtpuntje.

    Maar daar was wel een eetzaal of beter gezegd een eetzaaltje en dat was waar het om draaide, toch? We namen onze toevlucht tot een klein tafeltje met een rood-wit geblokt kleedje. Dat klinkt stereotype, maar ja, zo was het nou eenmaal. Toen onze ogen na een paar minuten gewend waren aan het schaarse licht, zagen we dat het gelagkamertje - dat is er misschien wel de beste omschrijving voor - eigenlijk heel gezellig was, knus.

    Mijn vader wenkte de ober. Bestellen maar! Voor het hoofdgerecht bleken we te kunnen kiezen tussen vlees of vis: de kok kookte elke dag met wat er voorradig was. Maar eerst werden we uitgenodigd ons zelf te bedienen van het charcuteriebuffet. De gastvrij uitgestoken arm van de ober wees ons de weg naar een tafel aan de zijwand, half onder het gewelf van een trap.


    Een Frans charcuteriebuffet met paté de campagne


    Op weer zo'n geblokt tafellaken stonden een paar kommen met groene salades, een bord met prachtige rauwe ham en een grote rustieke schaal met wat er voor mij uitzag als een roze gekleurd gehaktbrood met een grove structuur. We schepten van alles een kleine hoeveelheid op. Voorzichtig nam ik een hapje van wat mijn moeder herkende als een boerenpaté, paté de campagne in het Frans. In Nederland had ik tot dan toe alleen nog maar zachte, fijne paté gegeten. Op brood wel te verstaan. Maar deze at je los met een salade!

    Ik was er meteen helemaal weg van: de vlezige, smeuïge en tegelijkertijd een beetje rulle structuur, de kruidige smaak, het hartige bijna krokante speklaagje aan de zijkanten van de plak. Ik kon het niet laten om het buffet met een tweede bezoek te vereren...

    Van het hoofdgerecht kan ik me niets meer herinneren. Het dessert daarentegen was wel weer indrukwekkend. De ober rolde een trolley naar onze tafel vol met taarten, mousses, puddingen, fruit. En daaruit mochten we kiezen zo veel als we lustten!

    Om kort te gaan, onze lunch was magnifiek, fenomenaal. Misschien moet ik het iedereen aanraden op de bonnefooi eens een Parijs restaurantje uit te proberen! 

    Alleen, die middag waren we niet meer te porren voor veel actie. We zegen neer op een bankje in het Jardin du Luxembourg en lieten Parijs aan ons voorbijtrekken in plaats van andersom...


    Paté de campagne uit eigen oven


    Tussen dit deel van het verhaal en het vervolg zitten jaren. Zo lang duurde het voordat ik een betrouwbaar recept had gevonden om mijn geliefde paté de campagne zelf te maken.


    Geen recept...


    Ik woonde in die tijd in Buenos Aires, waar ik regelmatig een bezoekje bracht aan het boekenstalletje voor de ingang van het station in mijn wijk San Isidro. Op een dag ontdekte ik in een oude kartonnen doos een stapel met (Spaanstalige) recepten, die ooit bedoeld waren geweest voor een losbladige culinaire encyclopedie. Enthousiast kocht ik ze allemaal op. Veel meer dan een appel en een ei hoefde ik er niet voor neer te tellen.

    Wat een buitenkansje was dit! Gezeten in de zon op mijn terras bestudeerde ik mijn buit. Alleen de allerbeste recepten knipte ik uit. Die gingen in een map voor later. Degene die mijn kookproeven doorstonden, vertaalde ik in het Nederlands. Nog steeds heb ik het kookschriftje waarin ik ze opschreef.

    Wonder boven wonder zat er tussen de encyclopedierecepten een beschrijving voor een fantastische paté! Triomf!

    Menigmaal stal mijn paté de campagne intussen de show tijdens etentjes die ik gaf. Hij maakte zelfs een keer deel uit van de hapjes die ik serveerde bij een uitgebreide wijnproefavond in mijn huis in Buenos Aires!


    Wijnproeverij in Buenos Aires met paté de campagne uit eigen oven
    Op deze oude gescande foto's zie je dat mijn paté de campagne ook op het menu stond tijdens een wijnproeverij in Buenos Aires!


    Gerechten met paté de campagne


    Het is niet moeilijk om mijn paté na te maken, zoals ik hierboven al aangaf. Gebruik wel goede ingrediënten, liever geen gehakt uit de supermarkt. De wijn is bepalend voor de smaak, dus bezuinig ook hier niet op de kwaliteit. 

    Serveer je paté als voorgerecht op een bedje van gemengde sla omgeschept met een klassieke vinaigrette of een honing-mosterdvinaigrette met deels walnotenolie en deels olijfolie. Als extraatje kun je er wat zelfgemaakte uienmarmelade bij geven. Het fruitige zoetje van de marmelade sluit perfect aan bij de hartige, kruidige smaak van de paté. 

    Ook op toast is de paté verrukkelijk. Dan is de uienmarmelade echt een must! 

    Ik serveer mijn paté het vaakst als ik veel gasten krijg. Hij is makkelijk een of twee dagen van tevoren al voor te bereiden. Op het moment suprême kost het afwerken van het gerecht nog maar weinig moeite en tijd!


    Deze uienmarmelade smaakt uitstekend bij de paté de campagne



    Hoe maak je zelf een Franse paté de campagne?



    Ingrediënten:

    • 200 gram kalfslever
    • 5 sjalotjes
    • een beetje olijfolie
    • 1 teentje knoflook uit de pers
    • 300 gram niet te magere speklappen
    • 475 gram fijn varkensgehakt
    • 525 gram fijn rundergehakt
    • 2 dl smaakvolle rode wijn
    • 2 eieren
    • 3 eetlepels versgehakte tijmblaadjes
    • 4 eetlepels bloem
    • 3 eetlepels cognac
    • 1½ eetlepel worcestersaus
    • zout en versgemalen zwarte peper
    • 2 ons dun gesneden (niet opgerold) ontbijtspek

      Bereiding:

      1. Hak de lever zeer fijn met een scherp koksmes.
      2. Snipper de sjalotjes.
      3. Fruit de uitjes zachtjes in een beetje olijfolie. Voeg na vijf minuten de knoflook en de lever toe. Schep alles regelmatig om en bak de lever nét gaar en mooi rul. Laat het mengsel even afkoelen.
      4. Snijd de speklappen in reepjes en maal deze in de foodprocessor zeer fijn.
      5. Stort alle paté-ingrediënten tot en met de peper op het werkvlak en kneed er een gelijkmatig mengsel van.
      6. Vorm een klein proefballetje van het vlees en bak dit even in wat hete olijfolie. Proef en voeg eventueel nog een beetje zout en/of peper toe. Omdat de paté koud gegeten wordt, moet het gehaktmengsel flink op smaak zijn; wees dus niet te zuinig met het zout.
      7. Bekleed de bodem en de zijkanten van een patévorm of een cakeblik met een inhoud van ±1½ liter met twee derde van het ontbijtspek. Laat de plakjes een beetje over de rand hangen.
      8. Vul de vorm met het patémengsel. Druk de vulling goed aan.
      9. Vouw de plakjes ontbijtspek over de bovenkant. Verdeel nu de resterende plakjes over de paté.
      10. Dek de schaal af met het deksel of een stuk aluminiumfolie, waar je her en der met een vork wat gaatjes in prikt.
      11. Breng een ruime hoeveelheid water aan de kook, terwijl je de oven voorverwarmt tot 170°C (conventionele oven). Giet het water in een diepe braadslede en plaats de patévorm erin.
      12. Bak de paté zo gedurende 1½ à 2 uur. Hij is gaar wanneer er helder vocht uitstroomt als je in het midden prikt.
      13. Laat de paté afkoelen in de vorm. Plaats hem 24 uur in de koelkast.
      14. Als je dat wilt, kun je de paté storten om hem makkelijker te kunnen snijden, maar noodzakelijk is dat niet.
      15. Snijd de paté de campagne in niet te dikke plakken en serveer hem, zoals hierboven aanbevolen, op een salade of op toast al dan niet met uienmarmelade.

      Tips:

      1. De inhoud van een patévorm/bakvorm kun je meten door er met een litermaat water in te gieten.
      2. Je kunt ook een kernthermometer gebruiken om de temperatuur in het midden van de paté te meten. Varkensvlees is gaar wanneer het een kerntemperatuur van 70-75°C heeft bereikt.
      3. Je kunt deze paté de campagne makkelijk enige dagen bewaren in de koelkast.