Posts tonen met het label vanille. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vanille. Alle posts tonen

woensdag 19 juli 2017

Kersenclafoutis met geroosterde amandeltjes: snoepen als een god! In Frankrijk!

Ik las laatst ergens dat we in Nederland gemiddeld 700 gram kersen per persoon eten elk jaar. Als ik naar mezelf kijk dan moeten er een heleboel mensen zijn die dat niet halen, want daar ga ik ver overheen!

Ik eet ze graag gewoon uit het vuistje. Maar ik bak er ook vaak mee. Heb je mijn zomerse chocoladetaart met verse kersen van vorige week al gebakken en geproefd? Moet je zeker een keer doen voordat het kersenseizoen weer voorbij is!

Het recept van vandaag is net zo lekker als die chocoladetaart: een clafoutis! Nooit van gehoord? Dan mis je wat: dat is Frans voor verrukkelijk!


Nee, dat is niet waar natuurlijk, maar het zou waar kunnen zijn. Want als je dit Franse gebak proeft, besef je: dit is wat ze bedoelen met leven als God in Frankrijk!



Goddelijke kersenclafoutis


Wat is een clafoutis?


Een clafoutis is een dessert dat het midden houdt tussen een taart en een dikke, luchtige pannenkoek. 

Je bakt een clafoutis in een ovenschaal. 

Daar gaat eerst een laag kersen in (ander fruit kan ook; peren worden vaak gebruikt) en dan schenk je er een romig beslag overheen met veel eieren en aromatische verse vanille.


Een pondje Hollandse kersen


Mijn kersenclafoutis gaat de oven in


Kersenclafoutis bakken


Tijdens het bakken, dat een kleine driekwartier duurt, begint het al fantastisch te ruiken in je keuken. 

Een blik door de ruit van je oven leert je dat je beslag na een halfuur prachtig begint te rijzen; eerst alleen aan de zijkanten en later ook een beetje in het midden. 

Houd je in en laat de deur nog even dicht.


Variant: kersenclafoutis met krokante amandeltjes


Rooster ondertussen een paar eetlepels geschaafde amandelen in een koekenpan totdat ze goudbruin kleuren. Die amandelen horen eigenlijk niet bij het originele Franse recept, maar ik vind ze zo lekker over mijn clafoutis. Behalve smaak voegen ze ook een extra krokantje toe aan je goudbruine gebak. Amandel combineert perfect met kersen!

Na 40 minuten mag je clafoutis uit de oven. Zet de schaal op een rooster en snuif de geur nog eens lekker op! 

Strooi je amandeltjes over het gerecht en bestuif het met een zoete deken van poedersuiker.


Franse kersenclafoutis



Een verse punt kersenclafoutis


Mmmm... clafoutis met slagroom!


Tip: serveer je kersenclafoutis bij voorkeur halfwarm of lauw. Dan is hij het lekkerste. Het enige nadeel daarvan is dat hij tijdens het afkoelen wat inzakt. Althans als je dat een nadeel wilt noemen: aan de smaak doet het niets af!

Snijd je Franse delicatesse in punten en serveer deze met een flinke lepel lichtzoete geklopte slagroom.
 

Doe je ogen dicht als je proeft en vergeet even dat je gewoon thuis in Nederland bent en niet op een terrasje op het Franse platteland vertoeft...



Recept Kersenclafoutis met geroosterde amandeltjes


Hoe bak je zelf een kersenclafoutis met geroosterde amandeltjes?


Ingrediënten voor een dessert voor 6 à 8 personen:


Voor de clafoutis:

  • 400 gram zoete Hollandse kersen mét pit
  • 125 gram witte bloem
  • 60 gram witte basterdsuiker
  • een mespunt zout
  • 1 vanillestokje
  • 3 eieren (L)
  • 30 gram gesmolten boter
  • 225 ml volle melk
  • 75 ml slagroom
  • een beetje boter voor het invetten van de ovenschaal

Voor de garnering:

  • 40 gram amandelschaafsel
  • poedersuiker
  • als je dat wilt nog wat extra kersen 
  • 1/4 liter slagroom, stijfgeklopt en gezoet (dit is erg lekker erbij, maar niet noodzakelijk)

Bereiding:

  1. Verwarm de oven voor tot 190°C (conventionele oven) of 175°C (heteluchtoven).
  2. Vet een lage ovenschaal met een doorsnede van ongeveer 26 cm in met een beetje boter.
  3. Was de kersen maar ontpit ze niet. Verdeel ze over de bodem van de schaal.
  4. Het is het makkelijkste om het beslag te maken in de foodprocessor, maar noodzakelijk is dat niet.
  5. Vermeng de bloem, de basterdsuiker en het zout.
  6. Snijd het vanillestokje in de lengterichting open en schraap het merg eruit. Voeg het merg toe aan het bloemmengsel.
  7. Roer de eieren en de gesmolten boter erdoorheen.
  8. Voeg beetje bij beetje de melk en de slagroom toe. Roer steeds totdat alle klontjes verdwenen zijn.
  9. Doe het beslag over in een maatbeker.
  10. Zet de schaal met de kersen in de oven en schenk het beslag over het fruit (zo voorkom je dat je knoeit met het beslag als je met de schaal naar de oven loopt).
  11. Bak de clafoutis in ±40 minuten goudbruin en gaar. Je zult zien dat het deeg prachtig gaat rijzen.
  12. Rooster tijdens de baktijd het amandelschaafsel in een koekenpan. Voeg daarbij geen vetstof toe. Draai het vuur niet te hoog en schep de amandeltjes regelmatig om. Neem ze uit de pan zo gauw ze een bruin kleurtje krijgen.
  13. De clafoutis mag uit de oven als hij mooi gerezen is. 
  14. Strooi de amandelen over de clafoutis.
  15. Schep een paar lepels poedersuiker in een zeef en zeef de suiker over het gebak.
  16. Klop de slagroom; voeg ondertussen poedersuiker naar smaak toe.
  17. Laat de kersenclafoutis afkoelen tot halfwarm of lauw (helemaal heet of koud is hij minder lekker). Snijd het gebak in punten.
  18. Serveer je dessert eventueel met nog wat extra kersen en een lekkere lepel slagroom. 

Tips:

  1. Zet voor de liefhebbers van zoet nog een schaaltje met wat extra poedersuiker op tafel.
  2. In de winter bak ik deze clafoutis met kersen uit pot. Uiteraard is dat minder lekker dan met verse kersen, maar om nou van half augustus tot juni geen clafoutis te eten... Dat gaat me ook te ver!
  3. Volg de link 'kersen' bij de labels hiernaast voor nog meer overheerlijke recepten met kersen! 

Chocoladeflensjes met Hollandse kersen en stracciatellaroomrijs


Limburgse keersekeukskes, kersenpannenkoekjes


Zomerse chocoladetaart met slagroom en verse kersen



maandag 13 maart 2017

Roombotertulband met echte vanille: hét basisrecept!

Deze tulband is gemaakt van de allerlekkerste ingrediënten. Voor minder dan het beste van het beste doen we het niet!


Dus als je net zo wilt genieten als wij vorige week deden, gebruik dan 100% roomboter én een echt vanillestokje!


Moeilijk is het recept niet: deze cake lukt gegarandeerd!


Recept Roombotertulband met echte vanille: hét basisrecept!


Mijn allereerste bakrecept!


Ik kan het me nog goed herinneren: in de basis is dit recept het eerste bakrecept dat ik ooit helemaal zelf heb gemaakt. Dat was tijdens mijn studententijd in Utrecht.

Eerder had ik mijn moeder en mijn zus al eens geholpen met het bakken van een cake. 

Ik moet toen een jaar of tien zijn geweest. Mijn (jongere!) zus kon in die tijd al heerlijk bakken en ik wilde weleens een graantje meepikken van haar kunde en kennis. 

Makkelijk was het niet om een vinger tussen de deur te krijgen – de keuken was haar terrein! – maar bij de gratie Gods mocht ik een keer een paar ingrediënten toevoegen. 

Op een zeker moment werd mij gevraagd “de melk” erbij te schenken en er werd mij een volle fles in de handen gedrukt. 

Ik wilde niet te zuinig overkomen en voegde een fikse scheut toe. En dat terwijl enkele tientallen milliliters de bedoeling was geweest. 

Je begrijpt het: het beslag werd veel te vochtig. Ik had het helemaal verknald! Daarna werd ik jarenlang alleen maar in de keuken getolereerd voor het doen van de afwas… 😢


Bakken in mijn eigen studentenkeukentje


Op mijn achttiende begon ik mijn zelfstandige kook- en bakcarrière aldus met een flink minderwaardigheidscomplex. 

Maar ik volhardde – misschien wel juist door dat complex – en binnen de kortste keren was ik niet meer weg te slaan uit het piepkleine keukentje in mijn studentenhuis.


Het piepkleine keukentje in mijn studentenhuis


Een beetje hulp van Sinterklaas


Tijdens mijn eerste jaar bracht de Sint een mixer en een paar bakvormen voor me mee uit Spanje. (En een garde. Sint van toen, herinner je je nog je voor mij onvergetelijke gedicht: "Bakken zonder garde, is ook niet te harden"? IJzersterk cadeau trouwens: die garde gaat al jaren mee en is nog steeds onmisbaar!)

Er zat ook een stapeltje ‘Tips’ in de zak van Piet. Oeps, nu doe ik wel een boekje open over mijn leeftijd... 😉 Maar goed, de 'Tip' was dus de voorloper van het huidige blad ‘Delicious’. Ik gebruik nog regelmatig elementaire recepten die daar oorspronkelijk vandaan komen!


Het basisrecept uit mijn favoriete kooktijdschrift


Met de basiscake uit zo'n 'Tip', gebakken met gelijke gewichten roomboter, witte basterdsuiker, eieren en zelfrijzend bakmeel, maakte ik meteen de allereerste keer al goede sier bij mijn huisgenoten. 

Toen ging er nog geen echt vanillestokje in (veel te duur!), maar een zakje vanillesuiker. Maar toch: er werd uitgebreid van gesmuld.


Roombotertulband volgens oud recept, vers uit de oven!


Bakken voor mijn huisgenoten


Vanaf dat moment werden mijn activiteiten in de keuken op de voet gevolgd door de andere studenten. 

Ons keukentje lag centraal in het huis. Drie van de studentenkamers kwamen er rechtstreeks op uit. Iedereen kon dus precies horen wat ik er aan het bekokstoven was!

En daar deed men zijn of haar voordeel mee. 

Het geluid van de mixer gevolgd door de piepjes van het instellen van de oven, deed mijn vrienden meteen om het hoekje van hun deur gluren. 

En - oh hoe toevallig – als mijn kookwekker eindelijk, eindelijk afliep, moest ieder plotseling voor een klusje in de keuken zijn…


Gezellige bijkletsuurtjes met cake


Niet dat ik daar bezwaar tegen had. De post-bakuurtjes golden als de gezelligste uit mijn studententijd! 

Wat hebben we met zijn allen eindeloos zitten bomen rondom die cakes en de ontelbare potten thee!


Roombotertulband met poedersuiker


Mijn cake van nu is nauwelijks anders dan die van vroeger!


Dankzij al die goede herinneringen bak ik mijn ‘oercake’ dus nog regelmatig. En natuurlijk omdat hij verschrikkelijk lekker is, hoe eenvoudig ook! 

Alleen, ja, nu gaat er wel die echte vanille in. Want gelukkig ben ik in de loop der jaren wat kapitaalkrachtiger geworden! 😉

De cake is dus alleen maar nóg lekkerder geworden en dat kan nooit kwaad, toch?!


Wanneer ga jij hem bakken?



De eerste plak roombotertulband met echte vanille


Zie je de zwarte spikkeltjes vanille zitten?


Zie je de zwarte spikkeltjes vanille zitten?

Proeven van mijn roombotertulband met echte vanille!


Roombotertulband met echte vanille: hét basisrecept!


Ingrediënten:

  • 175 gram zachte roomboter
  • 175 gram witte basterdsuiker
  • een mespuntje zout
  • 3½  ei, losgeklopt in een kopje
  • 1 vanillestokje
  • 175 gram zelfrijzend bakmeel
  • een beetje boter  en bloem voor het invetten en bestuiven van de tulbandvorm
  • poedersuiker

Bereiding:

  1. Verwarm de (liefst conventionele) oven voor tot 160°C.
  2. Vet een tulbandvorm met een inhoud van ±1,3 liter in met wat boter. Bestuif de vorm met bloem (of zelfrijzend bakmeel). Er mag geen plekje onbedekt zijn, want daar kan de cake later blijven plakken.
  3. Klop de roomboter in een beslagkom samen met de suiker en het zout smeuïg.
  4. Voeg één voor één de eieren toe en klop elke keer goed totdat de eieren helemaal zijn opgenomen. Klop na het laatste beetje ei nog even door. Het mengsel moet heerlijk luchtig worden!
  5. Snijd het vanillestokje in de lengterichting open en schraap het merg er met de punt van een keukenmes uit. Klop het merg door het beslag.
  6. Zeef het zelfrijzend bakmeel boven de kom en schep het door het beslag.
  7. Doe het beslag over in de tulbandvorm en plaats de cake op een rooster iets onder het midden van de oven. Bak de cake in ongeveer 50 minuten gaar. Prik met een satépen in de tulband om de gaarheid te testen. Er mogen wat kruimeltjes aan de satépen blijven hangen, maar geen vochtig beslag.
  8. Stort de tulband op een rooster en laat hem afkoelen.
  9. Zeef vlak vóór het serveren een lekkere hoeveelheid poedersuiker over de tulband.

Tips:

  1. De inhoud van een tulbandvorm kun je meten door er met behulp van een litermaat water in te gieten. Heeft jouw tulbandvorm een grotere inhoud, pas dan de hoeveelheden van de ingrediënten naar rato aan. Het kan zijn dat de baktijd dan ook wat langer is. Goed de gaarheid testen is dus van wezenlijk belang!
  2. Als je boter rechtstreeks uit de koelkast komt, is hij veel te hard. Leg hem een paar minuten in een op minimaal ingestelde magnetron om hem lekker zacht te maken.
  3. Ik gebruik altijd grote eieren, maat L.
  4. Zorg ervoor dat je eieren op kamertemperatuur zijn voordat ze door het beslag gaan. Je kunt koude eieren versneld op kamertemperatuur brengen door ze in lauw tot warm (niet heet) water te leggen.
  5. Zelfgebakken tulband is altijd veel lekkerder dan de cakes uit de supermarkt! Waarom probeer je niet nog een van mijn recepten uit? Bijvoorbeeld de frisse citroen-amandeltulband, de sappige maanzaadtulband met citroen en sinaasappel of de verrukkelijke walnotentulband!

Citroen-amandeltulband


    Maanzaadtulband met citroen en sinaasappel


      Walnotentulband


        Op=op!


        maandag 12 december 2016

        Financiers met abrikozenjam, rum en geroosterde amandelen

        Friandises zijn de kleine zoete hapjes, die je vaak bij de koffie of de thee krijgt in een restaurant. Het kunnen bonbons zijn, kleine koekjes, soesjes, petitfours of zelfs glaasjes met een mini-dessert.


        Thuis kun je die natuurlijk ook serveren. Heerlijk na je kerstdiner!


        Het is het makkelijkste om je friandises voor de kerstdagen kant-en-klaar te kopen. Maar waarom zou je niet zelf aan de slag gaan? Bijvoorbeeld met deze delicate financiers met abrikozenjam, rum en geroosterde amandelen?


        Misschien gebruik ik nu weer een onbekend woord: financiers. Nee, dat zijn geen strakke-pakken-mannen uit de financiële wereld. Althans dat kunnen financiers wel zijn, maar dat is niet wat ik bedoel. Je spreekt deze financiers ook anders uit; op zijn Frans. Het klinkt dan zo ongeveer als 'finonsjee'.

        In de culinaire wereld zijn financiers een soort kleine cakejes, waarin een deel van het meel vervangen wordt door notenmeel. In het onderstaande recept zijn dat amandelmeel en hazelnotenmeel.

        De boter wordt niet koud toegevoegd zoals in een gewone cake. Er wordt eerst een beurre noisette van gemaakt. Daartoe wordt de boter verwarmd totdat hij goudbruin van kleur is en de eiwitbestanddelen zijn bezonken. Beurre noisette smaakt lekker nootachtig en versterkt dus de smaken van het notenmeel.

        Je kunt financiers maken in allerlei smaken. Ik maak ze graag met frisse abrikozenjam, een scheutje rum en krokant geroosterde amandelen.

        Mmmmm, een originele manier om je gasten na het kerstdiner te verwennen!


        Recept Financiers met abrikozenjam, rum en geroosterde amandelen


        Financiers met abrikozenjam, rum en geroosterde amandelen


        Ingrediënten voor ±30 stuks:

        • 125 gram roomboter
        • 60 gram hazelnoten zonder vlies
        • 125 gram geschaafde amandelen
        • 200 gram poedersuiker
        • 125 gram bloem
        • een mespuntje zout
        • 1 vanillestokje
        • de rasp van 1 citroen
        • 5 eiwitten
        • 8 eetlepels abrikozenjam met niet te veel vruchtvlees
        • 1 eetlepel bruine rum
        • een beetje gesmolten roomboter voor het invetten van de bakvorm
        • een echte financiersbakvorm of een mini-muffinvorm
        • een wegwerpspuitzak

        Bereiding:

        1. Begin met het maken van een beurre noisette. Verwarm daartoe de boter in een pan met een dikke bodem van een lichte kleur. Het is de bedoeling dat je de kleur van de boter goed kunt zien gedurende het bruiningsproces. Draai het vuur middelhoog. Roer in de boter tijdens het verwarmen. Op een gegeven moment zie je dat de eiwitbestanddelen in de boter zich gaan scheiden van het vet. De boter wordt daarna snel bruin. Hij is klaar, zodra hij licht gekleurd is. De eiwitbestanddelen zakken dan naar de bodem. Neem de pan meteen van het vuur. Anders gaan de eiwitten verbranden. Giet de beurre noisette door een fijne zeef of een koffiefilter (mét filterzakje erin) in een kommetje; zorg ervoor dat de bezinksels niet in de beurre noisette terechtkomen.
        2. Verwarm de (conventionele) oven voor tot 190°C.
        3. Maal de hazelnoten samen met 65 gram van het amandelschaafsel zeer fijn in de foodprocessor. Pas op: ga niet te lang door met malen, want dan gaat het vet loslaten uit de noten.
        4. Voeg de poedersuiker, de bloem en een mespunt zout toe en draai de foodprocessor nog heel even. Doe het meelmengsel over in een kom.
        5. Snijd het vanillestokje open en schraap het merg eruit. Schep het vanillemerg en de citroenrasp door het bloemmengsel.
        6. Klop in een kommetje de eiwitten los met 3 eetlepels abrikozenjam.
        7. Meng het eiwitmengsel door de bloem.
        8. Voeg de beurre noisette toe en klop het beslag met een garde totdat het mooi egaal is.
        9. Hang een wegwerpspuitzak in een litermaat. Vul de spuitzak met het beslag.
        10. Vet de holtes van de bakvorm goed in met gesmolten boter. Afhankelijk van de grootte van de bakvorm en van je oven moet je wellicht meerdere porties achter elkaar maken.
        11. Knip het puntje van de spuitzak en spuit het beslag in de bakvorm. Vul elke holte tot twee derde.
        12. Bak de financiers in 15 à 20 minuten goudbruin en gaar. Tijdens het rijzen in de oven krijgen ze het mooie bolle kopje, dat zo typisch is voor financiers. Prik met een satépen in de financiers om hun gaarheid te testen. Er mag geen vochtig beslag meer aan de satépen blijven plakken.
        13. Stort de financiers op het werkvlak en laat ze afkoelen op een rooster.
        14. Rooster ondertussen het resterende amandelschaafsel in een droge koekenpan goudbruin. Schep het schaafsel in een kommetje.
        15. Verwarm 5 eetlepels abrikozenjam en roer er 1 eetlepel rum door.
        16. Prik met de satépen vanaf de bovenkant een paar diepe gaatjes in elke financier. Bestrijk de financiers vervolgens met de warme jam. De jam zal een beetje in de gaatjes trekken, waardoor de gebakjes lekker fruitig worden. Dip de financiers met de jamkant in de het amandelschaafsel, zodat het schaafsel er mooi aan blijft plakken.
        17. Laat de financiers nogmaals afkoelen. Dek ze af en serveer ze bij voorkeur een dag na het bakken. Ze zijn dan heerlijk smeuïg en de smaken hebben zich extra goed ontwikkeld.

        Tips:

        1. Als je het in huis hebt, kun je ook kant-en-klaar amandelmeel gebruiken. Veel tijdwinst levert dat echter niet op, aangezien je toch de hazelnoten moet malen.
        2. Deze financiers zijn ook verrukkelijk bij een high tea!
        3. Wil je graag wat meer informatie over vanillestokjes? Lees dan een van mijn eerdere blogs!

        Ik wens je gezellige én lekkere feestdagen!


        dinsdag 6 december 2016

        Kerstdessert: druiventaart met vanillebavarois

        Als ik zelf een dessert zou mogen uitkiezen voor een feestelijke gelegenheid – kerstdiner, oudejaarsavondbuffet, verjaardag, etc. – dan zou ik het wel weten: dan werd het gegarandeerd deze overheerlijke druiventaart!

        Je zou hem kunnen zien als mijn visitekaartje, mijn ‘signature dish’ zoals de Engelsen dat zo mooi zeggen. Als je deze taart ergens traceert, kun je bijna met zekerheid zeggen: “Machteld was here!”. Of er is iemand langsgekomen, die mijn blog of mijn vroegere website Menu op Maat heeft gelezen... 😉

        De druiventaart heeft een dunne krokante bodem, die een perfecte tegenhanger vormt voor de luchtige en romige bavaroisvulling. 


        Laatstgenoemde is op smaak gemaakt met echte vanille; als je goed kijkt naar de foto zie je de kleine zwarte spikkeltjes zo zitten! 


        De zoete pitloze witte druiven vormen bijna letterlijk de kers op de taart; die zorgen voor de frisse en tevens sappige touch!



        Druiventaart met vanillebavarois


        Vanille uit Sri Lanka


        Je kunt deze taart niet maken zonder vanillestokjes. Ik raad je aan niet aan de slag te gaan met fabrieksvanillesuiker of vanille-essence; het verschil proef je absoluut! Alleen met echte vanille krijgt de bavarois zijn verrukkelijke aroma en zijn delicate smaak.

        De laatste keer dat ik druiventaart maakte, gebruikte ik een van de prachtige, dikke, lange, soepele vanillestokjes, die mijn man en dochter speciaal voor mij hadden meegenomen uit Sri Lanka. Ik voelde me een echte bofkont met zulke geweldige ingrediënten!


        Interessante weetjes over vanille


        • Veel van de teelt van vanille vindt tegenwoordig plaats in Sri Lanka en Madagaskar.
        • Het waren echter de Azteken in Mexico, die alweer eeuwen geleden, het culinaire nut van de vanillepeul ontdekten.
        • Ze aromatiseerden er hun chocoladedrank mee, ook al een Mexicaanse vinding!
        • De vanillepeul is de vrucht, de boon, van een specifieke klimorchidee.

        De vanille-orchidee


          Vanillepeulen aan de vanille-orchidee


          • Kenmerkend is dat de verse vrucht helemaal niet het aroma en de smaak heeft, waar wij nu zo verzot op zijn; de boon moet eerst fermenteren! Culinair historici gaan ervan uit dat de Azteken per toeval ontdekten dat de licht verrotte bonen van de orchidee niet alleen heel sterk geurden, maar dat ze zo ook als smaakmaker voor voeding gebruikt konden worden.
          • De Azteken ontwikkelden een heel procedé om de bonen gecontroleerd te laten rotten tot de lekkernij die ze nodig hadden. Een soortgelijke fermentatiemethode wordt nu nog steeds toegepast!
          • De vanillebonen werden met de hand geplukt als ze bijna - dus niet helemaal - rijp waren. Te lang wachten was fataal, want dan barstten de peulen open, hetgeen ze onbruikbaar maakte.
          • Daarna legden de Azteken de bonen in de zon, waar ze vocht begonnen te verliezen; 'zweten' wordt dat genoemd bij vanille.
          • De 'bezwete' bonen werden afgedekt met een deken met de bedoeling om ze zo te laten fermenteren.
          • Het proces van 'zweten' en fermenteren werd nog een aantal malen herhaald. Net zolang als nodig was om het aroma van de vanillepeulen volledig tot ontwikkeling te laten komen.
          • De zorgvuldige pluk en het hele fermentatieproces was, en is tegenwoordig nog steeds, bijzonder tijdrovend. Vandaar dus dat goede vanille zo duur is!
          • De naam vanille komt van het Spaanse ‘vainilla’, dat het verkleinwoordje is van ‘vaina’: peul.
          • De lekkerste vanillestokjes koop je niet in de supermarkt. Kijk ernaar uit als je rondneust in delicatessen- of specerijenwinkels. De mooiste zijn lang, dik en soepel. En ze glanzen een beetje.
          • Vanillestokjes kun je het beste bewaren in een goed afgesloten glazen buisje. Daarin drogen ze niet uit.
          • Een vanillestokje wordt vrijwel nooit in zijn geheel gebruikt. Om de smaak en de geur optimaal te benutten, snijd je een vanillestokje altijd in de lengte door. Met de punt van een scherp mes schraap je vervolgens de kostbare zwarte zaadjes, het ‘vanillemerg’, uit het stokje. Die zaadjes worden aan het gerecht dat je wilt maken toegevoegd.

          Vanillestokjes met het eruit geschraapte vanillemerg


          • Werk je met een warme bereiding, dan kun je het leeggeschraapte vanillestokje nog mee laten trekken in een eventuele vloeistof, zoals melk of room.
          • Met gebruikte vanillestokjes (dus zonder merg) kun je de allerlekkerste vanillesuiker maken. Laat het leeggeschraapte stokje even een paar uur drogen en stop het vervolgens in een pot met suiker. Zorg er hierbij voor dat het stokje helemaal onder de suiker staat. De suiker zal langzaam maar zeker de smaak en het aroma aannemen van de erin gestoken vanillestokjes. Heerlijk!
          • Vanille wordt niet vaak gebruikt in hartige gerechten, al schijnt de smaakstof lekker te zijn in combinatie met garnalen en kreeft. Zelf heb ik dat nooit uitgeprobeerd. Heb jij daar ervaring mee? Een recept stel ik altijd op prijs!
          • Vanille wordt des te meer toegepast in zoete gerechten: hij geeft gebak en desserts een extra dimensie!
          • Ook op dit blog vind je een aantal recepten voor zoete gerechten, die vragen om echte vanille: briochepudding met appeltjes en rozijnen, zelfgemaakt maanzaadijs met geflambeerde kersen en roomijs met M&M’s, rozijnen en echte vanille. Zoek ze maar een keer op; ze zijn absoluut de moeite waard om een keer te maken!

            Nu je alles weet over vanille wordt het tijd om zelf druiventaart met vanillebavarois te gaan bakken! 


            Veel plezier ermee en wees bereid veel complimentjes in ontvangst te nemen!



            Recept Druiventaart met vanillebavarois


            Druiventaart met vanillebavarois


            Ingrediënten voor een taart/dessert voor ±8 personen:


            Voor een taartbodem met een doorsnede van 24 cm:

            • 150 gram bloem
            • een snufje zout
            • 75 gram poedersuiker
            • 90 gram koude roomboter
            • een klein ei
            • een beetje boter voor het invetten van de bakvorm

            Voor de vanillebavarois:

            • 5 gram witte gelatineblaadjes
            • 3/8 liter slagroom
            • een snufje zout
            • 75 gram witte basterdsuiker
            • het merg van 1 vanillestokje
            • 1 eiwit
            • 50 ml water

            Voor de garnering:

            • 500 gram pitloze witte druiven

            Bereiding:

            1. Vermeng in de kom van de foodprocessor de bloem, het zout en de poedersuiker. Snijd de boter in kleine stukjes en voeg deze toe aan het bloemmengsel. Laat de machine draaien, totdat er een kruimelige substantie ontstaat. Klop dan het ei los in een kopje en voeg het toe. Stop de foodprocessor zo gauw het deeg samenhang begint te vertonen. Te lang gekneed deeg wordt niet mooi bros. Vorm een vrij platte ronde schijf van het deeg en laat deze in de koelkast minstens een uur (afgedekt) opstijven.
            2. Vet een vlaaivorm (met losse bodem) met een doorsnede van 24 centimeter in met een beetje boter. Leg het deeg tussen twee lagen huishoudfolie en rol het uit met een deegroller. Neem de bovenste laag huishoudfolie weg en breng het deeg met behulp van de onderste laag over naar de bakvorm. Druk het deeg goed aan. Werk de rand mooi af. Dat gaat dat het makkelijkst door met de deegroller over de rand te rollen. Zo snijd je het deeg keurig af.
            3. Laat het deeg wederom minimaal een uur opstijven.
            4. Verwarm de (conventionele) oven voor tot 180°C.
            5. Prik de bodem her en der in met een vork. Bekleed het deeg met een stuk bakpapier en vul dit met een steunvulling (van bijvoorbeeld oude spliterwten of gebruik een keramische vulling). Bak de taartbodem zo gedurende 20 minuten. Verwijder dan de steunvulling en het papier en bak de taart nog 10 minuten op 180°C en daarna 15 minuten op 150°C. Neem de taartbodem uit de vorm en laat hem afkoelen op een rooster.
            6. Nu kun je aan de slag met de vulling. Laat eerst de gelatineblaadjes weken in een beetje koud water.
            7. Ondertussen kun je het eiwit stijfkloppen met een snufje zout. Voeg tijdens het kloppen beetje bij beetje 50 gram witte basterdsuiker toe.
            8. Snijd het vanillestokje in de lengterichting door en schraap met een scherp mes het merg eruit.
            9. Klop ¼ liter slagroom bijna stijf met de resterende basterdsuiker en het vanillemerg.
            10. Verwarm vervolgens in een steelpannetje de 50 ml water uit de ingrediëntenlijst een beetje en los daar de (uitgeknepen) gelatineblaadjes in op. Laat het water wat afkoelen en roer er 1/8 liter slagroom doorheen. Plaats het pannetje in een bak met ijswater totdat het mengsel nét begint te geleren.
            11. Schep de geklopte room door het lobbige gelatinemengsel. Let erop dat er geen klontjes ontstaan met alleen maar gelatine.
            12. Tot slot kan het roommengsel beetje bij beetje door de meringue (de geklopte eiwitten) geschept worden.
            13. Je hebt nu een luchtige bavarois, waarmee je de taartbodem kunt vullen. Laat de taartvulling in de koelkast in ongeveer tien minuten een beetje opstijven.
            14. In de tussentijd kun je de druiven wassen en drogen.
            15. Verdeel de druiven op decoratieve wijze over de bavarois. Omdat je de bavarois iets hebt laten opstijven, zullen ze er niet meer inzakken, maar mooi op de taart blijven liggen.
            16. Laat de taart minstens vier uur afkoelen in de koelkast alvorens hem te serveren.

            Tips:

            1. Heb je geen foodprocessor? Dan kun je het deeg ook met de hand kneden. Zet alle ingrediënten van tevoren klaar en kneed het deeg zo kort mogelijk voor het beste resultaat. Zorg ervoor dat je handen en het werkvlak koud zijn; dan gaat het deeg niet plakken.
            2. Vind je het uitrollen van het deeg moeilijk, dan kun je het deeg ook met je vingertoppen uitdrukken in de bakvorm. Een eventueel scheurtje in het deeg kun je makkelijk repareren met een restje deeg van de rand. Daar zie je na het bakken niets meer van.
            3. Het bakken van de taartbodem met de steunvulling noem je ‘blind bakken’. Blind bakken zorgt ervoor dat tijdens het bakken de bodem niet omhoog komt. Daarom moet de steunvulling vrij zwaar zijn. In kookwinkels kun je speciale keramische vullingen kopen voor dit doel: kleine bolletjes van een soort gebakken klei. Beschik je daar niet over, gebruik dan droge (oude) spliterwten of bonen.
            4. Het kan handig zijn om de dag of avond van tevoren de deegbodem al te bakken. Dan kun je meteen aan de slag met de bavarois. Bewaar de deegbodem nadat hij is afgekoeld goed afgedekt in een droge omgeving: niet in de koelkast dus.
            5. In dit recept wordt gewerkt met rauw eiwit. Lees op mijn blog over zelfgemaakte mayonaise hoe je het beste hiermee om kunt gaan.
            6. Eiwit kun je alleen maar mooi stijf kloppen als er geen spoortje vet in zit, dus ook geen druppeltje dooier. Soms kan de kom nog een beetje vet zijn. Maak een kom waar je eiwit in wilt kloppen daarom altijd schoon met het snijvlak van een doorgesneden citroen of een stukje keukenpapier met wat citroensap erin.
            7. Als je op de dag van je diner weinig tijd hebt voor het bereiden van deze taart, kun je de taart ook een dag eerder al maken. Bewaar hem dan goed afgedekt in de koelkast. Onder een stolp is ideaal. Door het bewaren wordt de taartbodem iets minder krokant, maar de taart blijft nog steeds erg lekker.
            8. Geen tijd of zin om de taartbodem te bakken? Je zou de vanillebavarois eventueel ook los  in coupes of schaaltjes kunnen serveren met de druiven erbovenop. Geef er dan roomboterkoekjes bij voor de crunch. Je kunt de koekjes ook in stukjes breken en alle ingrediënten in laagjes opbouwen in glazen: een laagje koekkruimels, een laagje bavarois, een laagje druiven, etc. Zo krijg je een soort trifle!

            Ik wens je gezellige én lekkere feestdagen!


            Het 'blind bakken' van een taart