En bestel je daar vaak mihoen Singapore, die fantastische currynoedels met hun rijke vulling van knapperig verse groenten, garnalen en geroosterd varkensvlees?
Dan heb ik vandaag goed nieuws voor je: mihoen Singapore kun je ook heel
makkelijk zelf thuis maken!
Denk je nu: dat geldt vast niet voor mij, dat kan ik niet? Niet zo onzeker!
Dat prachtige bordje Singapore noedels van de foto hieronder kun ook jij op
tafel zetten!
Lees snel door onder de foto voor het authentieke recept en de allerbeste tips
& tricks!
Zelf leerde ik de allerlekkerste mihoen Singapore maken toen ik jaren
geleden in Azië woonde
Niet in Singapore, maar in Maleisië.
Daar at ik de verrukkelijke noedels met hun kenmerkende currysmaak voor het
eerst in mijn favoriete restaurant - of eigenlijk meer mijn stamkroeg, want ik
kwam er minstens één keer per week. Ik schreef er al eens eerder over: ik heb
het over de
Piasau Boat Club
in Miri op het eiland Borneo.
Toen ik daar, een dag na aankomst in Maleisië, voor de eerste keer de kaart
bekeek, had ik geen idee wat ik moest bestellen. Van de meeste Aziatische
gerechten had ik nog nooit gehoord.
Maar een vriendin wist raad: "Ga voor de bee hoon Singapore style! Ideaal voor
beginners in de Zuidoost-Aziatische keuken!"
En ze had gelijk!
De dunne, beetgare, geroerbakte rijstnoedels met hun overdadige vulling van
groenten, reepjes geroosterd varkensvlees (char siu), garnalen en omelet en hun rijke smaak van curry/specerijen veroverden mijn
culinaire hart ter plekke!
En natuurlijk wilde ik graag weten hoe ik die noedels ook zelf kon
maken.
Het kostte me maanden om het recept te vervolmaken. Maar uiteindelijk slaagde
ik daarin. Althans volgens mijn - culinair toch niet zo onkritische -
gezin!
Vandaag deel ik mijn recept voor mihoen Singapore met jullie. Én ik geef
jullie meteen talloze tips om ook jullie noedels zo lekker mogelijk te maken.
Pas ze allemaal toe en geniet!
Hét recept voor de allerlekkerste zelfgemaakte mihoen Singapore!
Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 2 à 3 personen:
200 gram mihoen
2 eetlepels Chinese lichte sojasaus
1,5 eetlepel Chinese donkere sojasaus
2 eetlepels Chinese shoaxing wijn ofdroge sherry
2,5 eetlepel gembersiroop
1 eetlepel sesamolie
2,5 theelepel Maleisisch currypoeder (zie de antwoorden bij de vragen 8 en 9 onder het recept)
1 theelepel kurkuma/geelwortelpoeder
±1/2 tl zout
1 ui
1/2 rode paprika
1/2 groene paprika
100 gram gare mini-maïskolfjes (uit blik)
3 bosuitjes
150 gram
char siu
(Chinees gebarbecued varkensvlees; lees eventueel mijn eerdere blog over dit
heerlijke vlees en zie ook de antwoorden op de vragen 12 en 13 onder dit recept)
2 eieren
nog wat extra zout
versgemalen zwarte peper
5 eetlepels zonnebloemolie
2 teentjes knoflook uit de pers
2 eetlepels hoisinsaus
50 gram kleine gare roze garnalen
Bereiding:
Breng een ruime hoeveelheid water - minimaal 1,5 liter - aan de kook. Leg
de mihoen in een kom en giet het water eroverheen. Laat de noedels zo een
paar minuten staan. Proef dan even of ze gaar genoeg zijn; als ze net
beetgaar zijn, zijn ze klaar.
Giet de kom met mihoen leeg door een vergiet. Spoel de noedels af met koud
stromend water. Spreid ze daarna uit op een bakrooster. Zo stop je het
garingsproces en zorg je ervoor dat je noedels mooi droog worden.
Roer in een schaaltje een woksausje van alle ingrediënten vanaf de lichte
sojasaus tot en met de 1/2 theelepel zout.
Voordat je gaat wokken is het belangrijk dat alle groenten en het vlees
gesneden klaarstaan. Dan kun je snel doorwerken. Snijd de ui in dunne
kwart ringen. Snijd de paprika's in reepjes. Snijd de mini-maïskolfjes elk
in 3 à 4 stukjes. Snijd de bosuitjes diagonaal in dunne plakjes. Snijd de
char siu in kleine dunne plakjes of reepjes.
Verwarm een wok of een grote hapjespan met anti-aanbaklaag.
Klop de eieren los in een schaaltje samen met 2 eetlepels water en zout en
peper naar smaak. Verhit 1 eetlepel olie in de wok. Giet de eieren in de
wok en bak er onder af en toe omscheppen een roerei van. Schep het roerei
uit de wok.
Verhit nog eens 2 eetlepels zonnebloemolie in de wok. Fruit hierin eerst
de uien. Voeg na 2 à 3 minuten de paprikareepjes toe en wok die mee. Na
nog eens 2 minuten mogen de knoflook en de mini-maïskolfjes erbij. Wok de
groenten nog een minuut. Schep de beetgare groenten uit de wok en voeg ze
bij het roerei.
Verhit in een (andere) koekenpan 1 eetlepel zonnebloemolie. Roerbak hierin
de reepjes char siu gedurende 2 à 3 minuten totdat ze een beetje krokant zijn.
Draai het vuur uit en voeg er de garnalen aan toe. Roer de hoisinsaus
erdoorheen.
Verhit weer 1 eetlepel zonnebloemolie in de wok. Nu mogen bijna alle
ingrediënten samen in de wok: de gare noedels, het woksausje en het roerei
met de geroerbakte groenten. Roerbak het geheel kort totdat alle
ingrediënten heet zijn maar ondertussen toch knapperig vers blijven.
Voeg als laatste de char-siu-reepjes met de garnalen en de bosuitjes toe
aan je mihoen Singapore.
Proef je gerecht goed. Mag het voor jou nog wat hartiger smaken? Schep er
dan nog wat zout of lichte sojasaus doorheen. Extra zoetheid voeg je toe
in de vorm van nog een scheutje gembersiroop.
Serveer je mihoen Singapore meteen.
Heb je na dit recept nog vragen over mihoen Singapore? Hieronder vind
je alle antwoorden!
1. Komt het recept voor mihoen Singapore van oorsprong echt uit
Singapore?
Deze vraag heb ik niet voor niets opgenomen in deze lijst met vragen
over mihoen Singapore. Het antwoord luidt namelijk: nee!
De Singaporese keuken kent geen mihoengerecht op smaak gemaakt met
currypoeder! Wel kun je in Singapore overal gewokte noedels krijgen,
maar die hebben een heel ander smaakprofiel.
De rijstnoedels met curry, die wij kennen onder de naam mihoen
Singapore, schijnen van oorsprong uit Hongkong te komen. Waarschijnlijk
werden ze daar in het midden van de 20e eeuw bedacht. Het ging in die
tijd om een vrij mild gerecht.
In 1949 riep Mao Zedong de Volksrepubliek China uit. Veel Chinese
mensen ontvluchtten als gevolg daarvan China en Hongkong. Ze vestigden
zich onder andere in Singapore. Allicht namen ze hun recept voor gewokte
noedels mee in hun culinaire bagage.
De toenmalige Singaporese keuken kenmerkte zich door veel pittigere
gerechten dan de geïmporteerde Hongkongse noedels. En daar pasten de
nieuwkomers zich aan aan: langzaam maar zeker werden ook de gewokte
noedels uit Hongkong pikanter van smaak. Die pikante versie van de
Hongkongse noedels werden de 'noodles Singapore style'
genoemd!
Ondanks de aanpassing werd mihoen Singapore echter niet populair onder
niet-Chinese inwoners van Singapore. Je komt het gerecht vrijwel alleen
maar tegen in Chinese restaurants in de stadstaat.
En dus in heel veel Chinese restaurants in de rest van de wereld! Zeker
wij Nederlanders zijn er dol op!
2. Wat is mihoen?
Mihoen is een noedelsoort. Maar in tegenstelling tot de meeste soorten
noedels is mihoen niet gemaakt van tarwe, maar van
rijstbloem.
En ook nog van tapiocameel, xanthaangom, water, neutrale olie en een
beetje zout. Daar wordt een deegje van gemaakt. Dat deegje gaat vervolgens
in een aardappelpureeknijper met fijne gaatjes, een soort grote
knoflookpers.
Als je de pers dichtdrukt, komen er aan de onderkant dunne sliertjes deeg
uit. Die gaan direct vanuit de pers in een grote pan met kokend water.
Daarin garen ze binnen een minuut. Nog even afspoelen om het overtollige
zetmeel te verwijderen en dan zijn de noedels klaar om verder te
verwerken.
Nieuwsgierig om dit proces te zien? Bekijk dan het onderstaande filmpje.
Leuk!
3. Welke mihoen is het meest geschikt voor Singapore noedels?
In Aziatische supermarkten kun je mihoen kopen in alle soorten en maten.
Het meest opvallende verschil tussen de diverse merken is de dikte van de
noedels. Mihoen kan heel dun zijn, maar ook wat dikker.
Zelf werk ik het liefst niet met de allerdunste soorten mihoen. Ik kies
meestal voor een dikkere variant. Die is het makkelijkste te verwerken:
hij blijft mooi beetgaar van structuur en plakt niet.
4. Hoe bereid ik mihoen op een manier dat de noedels niet te gaar en
plakkerig worden?
Om te voorkomen dat mihoen te gaar wordt, kun je de noedels het beste
niet koken.
Idealiter wordt mihoen in een kom overgoten met kokend water. Van het vuur af dus. Zo mogen
de noedels enige minuten staan. Hoe lang precies, dat hangt af van de
dikte van de noedels en het merk. Ik schep ze meestal ook nog een paar
keer om, zodat ze tijdens het wellen mooi los worden.
Proef je noedels om te bepalen of ze goed gegaard zijn. Beetgaar is
voldoende, want je gaat ze na het wellen ook nog roerbakken. Zijn ze nog
te stevig van structuur bij het proeven, laat ze dan nog een paar
minuten langer in het hete water staan.
Doe de mihoen vervolgens over in een vergiet. Laat het hete water
wegstromen. Spoel de noedels goed af onder de koude kraan. Daardoor
verliezen ze niet alleen hun warmte - en kunnen ze dus niet ongewenst
doorgaren - maar ook overtollig (en plakkerig) zetmeel.
Leg de noedels daarna op een bakrooster. Zo kunnen ze een beetje drogen
en worden ze niet zompig.
Laat de noedels op het rooster liggen totdat je ze gaat
roerbakken.
5. Ik vind het soms onhandig om hele lange noedels te eten. Hoe maak ik
de noedels wat korter?
Te lange noedels kunnen inderdaad heel onhandig zijn. Niet alleen tijdens het
eten, maar ook al eerder, tijdens het roerbakken.
Daarom pak ik altijd een schaar als mijn noedels op het bakrooster liggen.
En ik knip ze op een paar plekken in stukken. Supermakkelijk en
efficiënt!
6. Waarom gaan er twee sojasauzen in de roerbaksaus en wat is het
verschil tussen de sauzen?
De basis voor dit van oorsprong Chinese gerecht wordt gevormd door 2
sojasauzen. Chinese sojasauzen om precies te zijn: de light soya sauce
(lichte sojasaus) en de dark soya sauce (donkere sojasaus).
Zou je een van deze sauzen kunnen weglaten uit het recept? Nou, liever
niet! Want ze hebben niet alleen een andere kleur, deze sauzen, ze smaken
ook heel anders.
Lichte sojasaus is dun en vloeibaar en heeft een lichtbruine kleur. Hij is
een beetje doorschijnend. De smaak is zout en umami. Lichte sojasaus heeft
bij gebruik niet veel invloed op de kleur van je gerecht.
Donkere sojasaus is veel dikker, viskeuzer. Hij is donkerbruin van kleur,
tegen het zwarte aan. Daardoor kleuren gerechten met donkere sojasaus ook
bruiner. Donkere sojasaus heeft een wat minder zoute, diepe, zoete,
karamelachtig smaak.
7. Wat is shoaxin wijn en wat kan ik ervoor in de plaats gebruiken als ik
hem niet kan kopen?
Shoaxin wijn is een Chinese rijstwijn, die zijn naam dankt aan de stad
waar hij vandaan komt.
De shoaxin wijn die je koopt in de Aziatische supermarkt is niet
bedoeld om te drinken. In veel gevallen is er een beetje zout aan
toegevoegd. Hij heeft een alcoholpercentage van ±15%.
Shoaxin wijn heeft een lichtzoete, nootachtige smaak, die een beetje
aan droge sherry doet denken.
In de roerbaksaus voor mihoen Singapore heb je maar een paar eetlepels
van deze wijn nodig. Wil je niet onnodig met de rest van de wijn in je
koelkast blijven zitten? Gebruik dan in plaats ervan die droge sherry
van hierboven. Grote kans dat je die toch al in huis hebt!
8. Welke soort currypoeder heb ik nodig voor mihoen Singapore?
Om maar meteen met de deur in huis te vallen: het standaard
kerriepoeder uit de Nederlandse supermarkt is absoluut ongeschikt voor
mihoen Singapore!
Currypoeder is een mengsel van allerlei soorten specerijen en in elk land
of in elke regio wordt currypoeder op een andere manier
samengesteld.
Typische specerijen die je kunt aantreffen in kerriepoeders zijn
komijnzaad, korianderzaad, geelwortelpoeder, chilipoeder, kaneel, witte en
zwarte peper, kruidnagel, kardemom, steranijs en venkelzaad.
Om de meest authentieke smaak te krijgen voor je gerecht is het belangrijk
dat je een soort currypoeder gebruikt, die in de regio van oorsprong van
het gerecht ook wordt gebruikt.
Ga dus voor Chinees of Zuidoost-Aziatische currypoeder!
Zelf koop ik in mijn Aziatische supermarkt altijd vrij pikant Maleisisch currypoeder
met in verhouding veel venkelzaad en steranijs erin, specerijen die
populair zijn in de Chinese keuken.
9. Welk merk Maleisisch currypoeder is geschikt en waar kan ik dat
kopen?
Baba's Meat Curry Powder heeft volgens mij de ideale smaak om mihoen Singapore te maken (dit
blog is niet gesponsord). Ik heb altijd wel een paar zakjes op voorraad!
Handig: ik breng er ook andere Zuidoost-Aziatische gerechten mee op smaak,
zoals de in mijn gezin populaire
kari ayam, verrukkelijke Maleisische kipcurry, en curry puffs, fantastische
Maleisische kippasteitjes.
Baba's Meat Curry Powder is verkrijgbaar in veel toko's en Aziatische
supermarkten. Volg het rode linkje hierboven voor meer info.
10. Wat zijn mini-maïskolfjes?
Mini-maïskolfjes of babymaïskolfjes zijn echte maïskolfjes, die nog niet
rijp en volgroeid zijn. Ze worden al in een vroeg stadium geoogst als
ze nog maar een centimeter of tien lang zijn.
Mini-maïskolfjes kun je in zijn geheel eten. Hun smaak is lichtzoet en hun
structuur lekker knapperig.
Verse babymaïs wordt meestal geroerbakt of kort gekookt. De kolfjes lenen zich
bij uitstek voor gebruik in Aziatische gerechten. Vandaar dus dat ik ze
toevoeg aan mijn mihoen Singapore!
Vanwege hun gebruiksgemak heb ik in mijn recept gekozen voor
maïskolfjes uit blik. Die zijn al gaar. Je hoeft ze alleen nog maar in
stukjes te snijden en kort mee te wokken.
Blikjes met mini-maïs vind je gewoon in de Nederlandse supermarkt;
meestal staan ze niet bij de groenten, maar bij de oosterse
producten.
11. Kan ik ook andere groenten gebruiken dan die uit het recept?
Dat kan zeker! Je kunt je mihoen Singapore maken met
allerlei soorten groenten.
Maar er is wel een maar: wat ons betreft zijn de uien, de paprika's en de
bosui essentieel! Vervang die liever niet. Je zou zelfs mihoen Singapore
kunnen maken met alleen deze drie groenten. Koop er dan wel wat meer van.
De mini-maïskolfjes kun je vervangen door andere groenten. Denk daarbij aan
dunne plakjes champignons, schoongemaakte en in de lengterichting in
reepjes gesneden sugar snaps, stukjes bimi, in stukjes gesneden
kousenband, elleboogjes bleekselderij, erwtjes, wortelreepjes of taugé.
Niet allemaal tegelijk natuurlijk: één of twee soorten is voldoende.
12. Wat is char siu?
Ik schreef al eens eerder een blog over
char siu. Volg het rode linkje en lees er alles over.
Om kort te gaan: het gaat om heerlijk gekruid, geroosterd Chinees
varkensvlees.
Char siu is meestal gemaakt van vrij vet varkensvlees. Vanwege zijn
vetgehalte vinden wij het hier in huis altijd het lekkerste om de char
siu voor onze mihoen Singapore - na hem in reepjes of plakjes te hebben
gesneden - kort te roerbakken. Zo bakt het vet een beetje uit en worden
de stukjes vlees lekker krokant.
Na het bakken scheppen wij graag nog wat hoisinsaus door onze
char-siu-reepjes. Dat versterkt hun smaak. Voeg de char siu pas vlak
voor het serveren toe aan je mihoen Singapore, zodat het laagje
hoisinsaus lekker om de stukjes vlees heen blijft zitten en niet meteen
opgaat in de noedels.
13. Kan ik de char siu ook vervangen door ander vlees of kip?
Dat kan. Al moet ik erbij zeggen dat ik dat niet echt aanraad. Maar
misschien is het in jouw buurt moeilijk om char siu te kopen...
Je zou char siu eventueel kunnen vervangen door reepjes varkenshaas of
schouderkarbonade. Of door reepjes kip.
Roerbak het vlees dan even met wat zout totdat het krokant en gaar is.
Schep er ook nu weer vlak voor het serveren een paar eetlepels hoisinsaus
doorheen.
14. Wat is hoisinsaus?
Hoisinsaus
is een sojasaus uit de Kantonese keuken. Ik schreef er al eens eerder
over. Hij is bijna zwart van kleur en heel dik en stroperig. Hij is
heerlijk hartig, zout, intens en zoet van smaak.
Hoisinsaus is meestal gekruid met knoflook en behoorlijk wat Chinees
vijfkruidenpoeder met o.a. venkelzaad en steranijs. En die smaken
sluiten weer perfect aan bij het currypoeder dat ik gebruik voor mijn
mihoen Singapore!
15. Welke garnalen zijn het meest geschikt voor mihoen Singapore?
Het antwoord op deze vraag hangt een beetje af van je eigen smaak. Wij
vinden het lekker als we in heel veel happen een garnaaltje proeven.
Daarom kiezen we altijd voor kleine garnalen. Roze garnalen wel te
verstaan, Hollandse garnalen zijn niet zo geschikt voor Aziatische
gerechten.
Maar natuurlijk kun je ook grotere garnalen gebruiken. Ga wel voor gepelde
garnalen; anders is het wel heel onhandig eten.
Gare garnalen zijn het makkelijkste, omdat ze in no time klaar zijn.
16. Kan ik mihoen Singapore ook vooraf maken en later opwarmen?
Daar kan ik kort over zijn: nee!
Roerbakgerechten als mihoen Singapore danken hun charme met name aan hun
versheid. Alle ingrediënten moeten nog knapperig zijn als het gerecht op
tafel komt.
Maar gelukkig kost het niet zo veel tijd om Singapore noodles te
maken!
1 à 2 zakken cassave kroepoek (je hebt gave, hele stukken kroepoek nodig)
Bereiding:
Kook de rijst in water met een mespunt zout. Je hebt maar heel weinig
zout nodig, want je maakt je rijst straks nog op smaak met twee soorten
sojasaus, die ook zout bevatten. Ik gebruik voor het koken van de rijst
het liefst een rijstkoker; heb je die niet, volg dan de instructies op
de verpakking van de rijst. Laat de rijst afkoelen.
Verhit 2 eetlepels zonnebloemolie in een wok of hapjespan met
anti-aanbaklaag. Voeg de rijst toe aan de olie en schep het geheel goed
om. Bak de rijst gedurende ±10 minuten in de olie. Voeg daarbij 1,5
eetlepel hoisinsaus, 2,5 eetlepel gembersiroop, 1,5 eetlepel donkere
sojasaus, de knoflook en 1 theelepel sambal badjak toe. Schep de rijst
tijdens het bakken regelmatig om. Proef de rijst en voeg eventueel nog
een beetje van een of meer van de smaakmakers toe; volg je eigen smaak!
Snijd ondertussen de char siu in dunne plakjes. Verhit in een andere pan
de resterende eetlepel zonnebloemolie. Roerbak hierin de plakjes vlees
totdat ze een goudbruin korstje hebben en lichtkrokant zijn. Voeg dan de
resterende 1,5 eetlepel hoisinsaus toe en schep het geheel nog even
om.
Snijd de bosuitjes in dunne schuine ringetjes.
Snijd de steeltjes van de Spaanse pepers. Rol de pepers tussen je
handen, zodat de zaadjes eruit vallen. Snijd de pepers elk in dunne
ringetjes.
Leg de stukjes kroepoek naast elkaar op een grote schaal. Schep op elk
stukje kroepoek een flinke theelepel gebakken rijst. Daarbovenop mag een
mooi geglaceerd stukje char siu. Garneer met een ringetje bosui en een
ringetje Spaanse peper.
Serveer je kroepoekhapjes met gebakken rijst en char siu warm.
Tip:
Op mijn blog vind je nog meer recepten voor verrukkelijk krokante
Aziatische hapjes. Klik maar eens op de rode linkjes hieronder:
cajun-stijl gebakken
kruidenrijst
met groenten en cashewnoten
gebakken
rijst met een Grieks tintje: met gehakt, tomaten, knoflook, oregano, platte peterselie en geraspte
citroenschil
Hoe verschillend zijn al die gerechten!
Vandaag wil ik daar een bijzonder recept aan toevoegen: eentje voor pittige, lichtzoete, Chinese gebakken rijst met char siu en groenten!
Heb je nog nooit gehoord van char siu? Dan mis je wat!
Char siu (spreek uit: tsjaa soe) is - niet al te mager - varkensvlees dat
eerst wordt gemarineerd in een mengsel van smaakmakers als hoisinsaus, suiker,
Chinese rijstwijn, lichte sojasaus, honing, oestersaus, rodebietenpoeder,
knoflook en vijfkruidenpoeder. Daarna wordt het vlees gegaard op de barbecue.
Toen we in Maleisië woonden, konden we het overal kopen onder de naam 'Chinese
barbecue pork'. Overigens behoort een garing in de oven ook tot de
mogelijkheden.
Ook in Nederland kun je geweldige kant-en-klare char siu kopen. Vraag er maar
eens naar in je Aziatische supermarkt. Veel supermarkten roosteren je char siu zelfs vers voor je!
Zelf maken is ook een optie: waag je eens aan het verrukkelijk recept van
Marion's Kitchen. Of dat van
Rasa Malaysia! Om van te watertanden!
Voor nu: scrol snel door naar mijn nieuwe gebakken-rijst-recept mét die char siu! Ga ermee aan
de slag en geniet!
Zo maak je snel en makkelijk Chinese gebakken rijst met char siu
Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 4 personen:
500 gram langkorrelrijst
water
zout
2 eieren
5 eetlepels zonnebloemolie
4 à 5 eetlepels hoisinsaus
5 eetlepels gembersiroop
2 à 3 eetlepels Chinese donkere sojasaus
1 teentje knoflook uit de pers
2 à 3 theelepels sambal badjak
±500 gram char siu
125 gram taugé
6 bosuitjes
1 Spaanse peper
Bereiding:
Kook de rijst in water met een mespunt zout. Je hebt maar heel weinig
zout nodig, want je maakt je rijst straks nog op smaak met twee soorten
sojasaus, die ook zout bevatten. Ik gebruik voor het koken van de rijst
het liefst een rijstkoker; heb je die niet, volg dan de instructies op
de verpakking van de rijst. Laat de rijst afkoelen.
Verhit 1 eetlepel zonnebloemolie in een wok of hapjespan met
anti-aanbaklaag. Klop de eieren los met 2 eetlepels water, een beetje
zout en 1/4 theelepel van de sambal badjak. Bak van de eieren een roerei
(heb je niet veel ervaring met het bakken van
roereieren, klik dan even door naar één van mijn eerdere blogs). Schep het roerei
uit de pan en bewaar het ei voor later.
Verhit nog eens 2 eetlepels zonnebloemolie in de wok of pan. Voeg de
rijst toe aan de olie en schep het geheel goed om. Bak de rijst
gedurende ±10 minuten in de olie. Voeg daarbij 2 à 3 eetlepels
hoisinsaus, 5 eetlepels gembersiroop, 2 à 3 eetlepels donkere sojasaus,
de knoflook en ±2 theelepels sambal badjak toe. Schep de rijst tijdens
het bakken regelmatig om.
Snijd ondertussen de char siu in kleine, dunne reepjes of plakjes. Verhit
in een andere pan de resterende 2 eetlepels zonnebloemolie. Roerbak
hierin de vleesreepjes. Voeg na een paar minuten de resterende 2 eetlepels
hoisinsaus toe en schep het geheel nog even om. Schep de char
siu uit de pan.
Snijd de bosuitjes in dunne schuine ringetjes. Verwijder de pitjes en de
zaadlijsten uit de Spaanse peper en snipper het vruchtvlees fijn. Voeg
de ringetjes bosui samen met de pepersnippers en de taugé toe aan de
gebakken rijst. Bak de groenten 2 minuten mee.
Schep vlak voor het serveren de warme reepjes char siu door de Chinese
gebakken rijst. Proef het geheel en voeg eventueel nog een beetje
hoisinsaus, sojasaus en/of sambal toe.
Serveer je Chinese rijst met char siu meteen.
Tips:
Deze rijst smaakt misschien nog wel lekkerder als je er vlak voor het
serveren of aan tafel kant-en-klare gefruite uitjes doorheen schept!
Erbij serveer ik graag roerbakgroenten op smaak gemaakt met knoflook,
hoisinsaus, donkere sojasaus en sambal badjak. En er staat altijd een
flinke kom pikante cassavekroepoek op tafel!
een heerlijk recept voor een Aziatisch hoofdgerecht,
maar maak je het niet vaak omdat er te weinig saus bij zit
en je een bijgerecht van gewone witte rijst
dan te saai vindt smaken?
Dan heb ik nu een reden voor je om dat recept weer wat vaker uit de kast te
trekken! Maak er dit rijstgerecht bij dat bestaat uit:
geurige (bij voorkeur in een rijstkoker) gekookte basmatirijst,
vermengd met geroosterd zwart sesamzaad en
een flinke klont romige boter of ghee (Indiase geklaarde boter)!
Want dit bijgerecht is zo smaakvol, smeuïg en tegelijkertijd crunchy dat
je er eigenlijk geen saus bij nodig hebt. Ideaal!
Geurige basmatirijst met geroosterd zwart sesamzaad en roomboter
Ingrediënten voor een bijgerecht voor 3 personen:
300 gram basmatirijst van een goede kwaliteit
±500 ml water
zout naar smaak
25 gram zwart sesamzaad
±35 gram roomboter of ghee (volg je eigen smaak voor de hoeveelheid)
Bereiding:
Spoel de rijst goed af onder koud stromend water. Doe de rijst daartoe
in een zeef. Zo gauw het spoelwater helder is, is je rijst klaar om
verder te bereiden.
Kook de rijst gaar. Volg voor de hoeveelheid water de instructies van
je rijstkoker. Heb je geen rijstkoker, volg dan de kookinstructies op de
verpakking van je rijst.
Rijst koken in een rijstkoker zorgt altijd voor een perfect resultaat
en is echt supermakkelijk. Doe de afgespoelde rijst, het water en
een beetje zout naar smaak in de rijstkoker. Zet je rijstkoker aan,
wacht een dik kwartier en klaar!
Rooster ondertussen de sesamzaadjes in een droge pan (dus zonder vet) op
een zacht pitje. Schep de zaadjes regelmatig om. Na ongeveer 5 minuten
zijn ze lekker krokant en nootachtig van smaak. Lees even de tip onder
het recept als je nog nooit eerder zwarte sesamzaadjes hebt geroosterd.
Schep de zaadjes meteen uit de pan en laat ze goed afkoelen.
Snijd de boter in kleine klontjes.
Doe de gare rijst over in een serveerschaal en voeg de sesamzaadjes en
de roomboter eraan toe. Schep het geheel een paar keer goed om totdat de
zaadjes regelmatig door de rijst verspreid zitten en de boterklontjes
zijn gesmolten.
Serveer je rijst meteen.
Tips:
Zwarte sesamzaadjes zijn wat moeilijker te roosteren dan witte.
Vanwege hun kleur kun je niet goed zien wanneer ze precies klaar zijn.
Houd het vuur onder je pan laag en schep je zaadjes regelmatig om.
Over het algemeen zijn ze na een minuut of vijf krokant en vol van
smaak. Pas op: proef je zaadjes niet recht uit de pan! Ze zijn
loeiheet! Ben je bang dat je toch gaat twijfelen over het moment
waarop je zaadjes klaar zijn? Rooster dan een half theelepeltje witte
sesamzaadjes mee. Zo gauw die beginnen te verkleuren, zijn ook de
zwarte zaadjes goed! Laat je zaadjes nooit in de pan liggen nadat je
hem hebt uitgedraaid: door de restwarmte van de pan kunnen ze nog
doorroosteren en alsnog verbranden.
In sommige (Aziatische) supermarkten kun je ook kant-en-klaar
geroosterd zwart sesamzaad kopen. Supermakkelijk!
Ik maak mijn maaltijd meestal compleet met een portie knapperig verse
roerbakgroenten op smaak gemaakt met o.a. knoflook,
gember/gembersiroop, chilipeper en een sojasaus (hoisinsaus, ketjap
manis, Chinese sojasaus, etc.). Wil je een voorbeeld? Probeer eens
mijn
geroerbakte sperzieboontjes
met rode puntpaprika!
Mijn geurige basmatirijst smaakt uitstekend bij Aziatische kip- of
vleesgerechten als:
Elke keer als ik het eerste hapje neem van deze kari ayam…
...dan gaat er een knop om in mijn hoofd...
...en in een flits bevind ik me...
...25 jaar terug in de tijd!
Hier!
In het restaurant van de Piasau Boat Club in Miri. Slechts 200 meter lopen van
ons toenmalige huis in Sarawak, een deelstaat van Maleisië op het eiland
Borneo!
Achter een grote kom flink pittige Maleisische kipcurry!
Vanuit het pittoreske, overdekte terras kijk ik uit over het strand en de
Zuid-Chinese Zee.
Tijdens het eten zakt de zon in de zee en word ik getrakteerd op de mooiste
zonsondergang van de wereld!
Ik heb net even gegoogled op Miri en ontdekte dat ons huis er inmiddels niet
meer staat... 😢
Maar die Piasau Boat Club, die is er nog steeds!
Dus mocht je ooit in de gelegenheid zijn om Sarawak te bezoeken, dan heb ik
een aanrader voor je: ga een hapje eten op de club! Ga niet te laat in de
avond: in dit deel van de wereld treedt de duisternis in rond 19.00 uur. Zorg
ervoor dat je ruim daarvoor al een tafeltje hebt bemachtigd aan de rand van het
terras. En geniet van het kleurenspel dat zich vervolgens voor je ogen
voltrekt!
En smul van je kari ayam!
Voor iedereen die niet naar Sarawak kan of wil reizen: het recept voor die
verrukkelijke curry heb ik natuurlijk ook voor je!
Want nog steeds, 25 jaar na dato, genieten we hier regelmatig van. Gewoon, in
onze Nederlandse eetkamer! Verrukkelijk!
Zó maken wij zelf onze geliefde kari ayam, Maleisische kipcurry
Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 5 à 6 personen:
Voor de
kip:
800 gram kipfilet
4 theelepels currypoeder (geen gewone kerrie uit de supermarkt; ik gebruik
bij voorkeur Baba's Meat Curry Powder; lees het antwoord op vraag 6 hieronder voor meer informatie)
4 eetlepels Chinese lichte sojasaus
Voor de rempah:
6 niet te kleine sjalotjes
4 teentjes knoflook
4 eetlepels kemiriepasta (zie ook het antwoord op vraag 5 onder dit recept)
2 theelepels gemberpasta
8 theelepels currypoeder (ik gebruik bij voorkeur
Baba's Meat Curry Powder; lees het antwoord op vraag 6 hieronder voor meer informatie)
±1,5 theelepel kashmiri chilipoeder (of ±1/2 theelepel cayennepeper; lees mijn eerdere blog over
kashmiri chilipoeder)
4 eetlepels water
6 eetlepels zonnebloemolie
Voor de saus:
een handje hele, niet gesnipperde, kerrieblaadjes of curry leaves; ±20
stuks als je blaadjes vers en groot zijn of 30 à 40 kleinere
blaadjes (zie het antwoord op vraag 7 hieronder)
2 stengels citroengras, elk in 3 stukken gesneden en een beetje gekneusd
±1/2 liter warm water (bepaal zelf hoe dik je je saus wilt hebben)
±500 gram vastkokende aardappels
4 dl kokosmelk
1 à 2 eetlepels poedersuiker (naar smaak)
zout naar smaak of een (deel van een) verkruimeld kippenbouillonblokje
Eventueel voor de garnering:
1 chilipeper
Bereiding:
Snijd de kipfilets in niet te kleine blokjes. Marineer het vlees gedurende
minimaal 15 minuten - enkele uren is nog lekkerder! - in een mengsel van 4
theelepels currypoeder en 4 eetlepels lichte sojasaus.
Maak ondertussen de rempah: maak de sjalotjes schoon en halveer ze. Ontdoe
de knoflookteentjes van hun velletjes. Doe alle ingrediënten voor de
rempah - behalve de zonnebloemolie - in een blender of een foodprocessor.
Vermaal ze tot een fijne pasta.
Verhit 6 eetlepels zonnebloemolie in een wok of stoofpan en voeg de rempah
eraan toe. Roer goed totdat alle olie is opgenomen in de rempah. Bak de
rempah op laag vuur gedurende een dikke 10 minuten. Roer regelmatig en
voeg eventueel tussendoor nog een paar eetlepels water toe als het mengsel
te droog dreigt te worden. De ingrediënten van de rempah moeten licht
fruiten; daardoor gaan ze heel veel smaak ontwikkelen. Voeg na ±8 minuten
de kerrieblaadjes en het citroengras toe en fruit ze mee. De
smaakmakers zijn klaar als het geheel begint te schiften, d.w.z. als de
olie begint los te laten uit het mengsel.
Schil ondertussen de aardappels en snijd ze in blokjes van ±2x2x2
cm.
Voeg de kipblokjes en twee eetlepels van het water toe aan de rempah. Roer
het geheel goed om, terwijl je het vuur iets hoger draait. De kipstukjes
moeten aan de buitenkant een beetje garen, maar ze mogen niet bakken.
Na een paar minuten kunnen de rest van het water en de aardappelblokjes in
de pan. Breng het geheel zachtjes aan de kook. Leg het deksel op de pan en
laat de kip en de aardappels in ongeveer een kwartier gaar worden.
Roer vervolgens de kokosmelk door de kipcurry. Verwarm het geheel nog een
keer.
Maak je curry op smaak met de poedersuiker en een beetje zout. Proef goed
en voeg eventueel nog wat extra suiker en/of zout toe. Verwijder vlak voor
het serveren het citroengras. Verwijder indien gewenst ook de
kerrieblaadjes; die zijn vaak wat te taai om zo te eten.
Garneer je kari ayam eventueel met wat ringetjes chilipeper; noodzakelijk is dat niet, want je curry is van zichzelf al pittig
genoeg.
Bij je kari ayam serveer je bij voorkeur witte rijst (of roti canai/parathas's; zie ook het antwoord op vraag 10 hieronder). Ik kook mijn rijst altijd in de rijstkoker, die ik lang geleden in mijn culinaire
bagage stopte toen ik vanuit Maleisië terug naar Nederland
verhuisde.
Veelgestelde vragen over Maleisische kipcurry, kari ayam
1. Wat is een curry?
Curry is niet gewoon het Engelse woord voor onze Nederlandse kerrie.
Kerrie is een poeder, een mengsel van verschillende soorten
specerijen.
Een curry daarentegen is een volledig gerecht.
In een van mijn favoriete boeken over curry,
The Philosophy of Curry, doet de schrijfster Sejal Sukhadwala een poging om tot een definitie van
het gerecht te komen. Zelf noemt ze haar definitie niet 100% dekkend, maar
ik moet zeggen dat het de beste is die ik tot nu ergens ben tegengekomen:
"curry is a spiced dish of Indian origin or influence, in which
vegetables, or meat or other protein, are normally cooked in a pot,
usually with a gravy made from tomatoes, onions, coconut, yoghurt, gram
flour, nuts, cream, water or stock."
"curry is een gekruid gerecht van Indiase oorsprong of invloed, waarin
groenten, of vlees of andere eiwitten normaal gesproken in een pan worden
bereid, meestal in een saus van tomaten, uien, kokos, yoghurt,
kikkererwtenmeel, noten, room, water of bouillon."
The philosophy of curry is een echte aanrader. Verwacht
echter geen receptenboek; het is een boek met prachtige verhalen over de
geschiedenis van curry en over de verspreiding van het gerecht over de
wereld.
2. Is een curry altijd een Indiaas gerecht?
Absoluut niet! Al honderden jaren geleden bestonden er in heel Zuid-Azië
gerechten met namen die op het huidige woord 'curry' leken. Al speelde India
hierin wel een grote rol.
Inmiddels is het gerecht curry uitgezwermd over vrijwel de hele wereld. In
de voorbije eeuwen werden - en worden - de curry's overal aangepast aan de
lokale smaken en de verkrijgbare ingrediënten.
Natuurlijk staat het VK als voormalig kolonisator van India bekend om zijn
vele curryrestaurants én zijn curry's, gerechten met niet zelden een Brits
tintje.
Maar ook Indonesië, Singapore, Thailand, Japan, Vietnam, Pakistan, Sri
Lanka, Mauritius, het Caribisch gebied en Zuid-Afrika - om maar een paar
landen te noemen - kennen hun eigen curry's.
En laten we Maleisië niet vergeten!
3. Wat onderscheidt kari ayam van een Indiase curry?
Het belangrijkste verschil tussen een Indiase curry en een Maleisische is de
basis van het gerecht. In Maleisië is dat een zogenaamde rempah, een mix van
allerlei gepureerde aromatische groenten en specerijen. Dezelfde soort mix die in
Indonesië een boemboe wordt genoemd.
Indiase curry's kennen een dergelijke basis niet.
4. Welke specerijen en smaakmakers zijn typerend voor de rempah van een
kari ayam?
In de rempah voor onze favoriete kari ayam gaat, naast een flinke
hoeveelheid sjalotjes, ook behoorlijk wat knoflook, verse gember,
chilipoeder, een pasta van fijngemaakte kemirienoten en een genereuze
hoeveelheid Maleisisch currypoeder.
Al die ingrediënten worden samen gepureerd tot een fijne pasta. Van
oorsprong wordt daarvoor een vijzel gebruikt, maar tegenwoordig dient het
gemak de mens: gooi al je ingrediënten maar in je foodprocessor!
Het is de bedoeling dat je je rempah zachtjes fruit in een wok samen met een
paar eetlepels olie. Daardoor kunnen alle smaken zich optimaal ontwikkelen.
Na een minuut of tien zul je zien dat je rempah begint te schiften. Dat wil
zeggen: de olie begint los te laten uit het mengsel. Dat is het moment waar
je op hebt gewacht: de rempah is klaar! Je kunt daarna je gerecht afmaken
met alle andere ingrediënten!
5. Wat is kemiriepasta?
Kemirienoten zijn ronde noten die er een beetje uitzien als dikke hazelnoten
of macadamianoten.
Kijk maar hieronder op de foto!
Kemirienoten worden voor gebruik vaak fijngewreven in een vijzel tot een
pasta. Maar wat ik doe is veel makkelijker: ik koop bij mijn toko potjes met
kant-en-klare kemiriepasta!
Kemirienotenpasta zorgt voor een romige binding van mijn saus en voor een
licht hartige smaak. Heerlijk!
6. Is Maleisisch currypoeder iets wezenlijks anders dan het kerriepoeder
uit de Nederlandse supermarkt?
Zeker weten!
Ons kerriepoeder, en alle andere soorten currypoeder die je in toko's kunt
kopen, bestaat niet uit slechts één specerij - een kerriekruid of zoiets
bestaat niet.
Kerriepoeders zijn altijd mixen. En in elk land ziet zo'n mix er weer een
beetje anders uit; hij is toegespitst op de lokale smaak.
Typische specerijen die je kunt aantreffen in kerriepoeders zijn komijnzaad,
korianderzaad, geelwortelpoeder, chilipoeder, kaneel, witte en zwarte peper,
kruidnagel, kardemom en venkelzaad.
Met name vanwege die Chinese invloeden heeft Maleisisch currypoeder een vrij
specifieke samenstelling; met meer specerijen erin die kenmerkend zijn voor Chinese gerechten. Denk daarbij vooral aan venkelzaad en steranijs.
In veel Nederlandse toko's kun je het Maleisische kerriepoeder Baba's Meat Curry Powder
kopen, dat zeer geschikt is voor het maken van een verrukkelijke
kari ayam.
Toen ik in Maleisië woonde, gebruikte ik meestal Ayam Brand Malaysian Curry
Powder, maar dat ben ik Nederland nog nergens tegengekomen.
Laat in elk geval het standaard kerriepoeder uit de Nederlandse supermarkt
links liggen. Daarmee krijgt je gerecht niet de smaak die je zoekt.
7. Wat zijn kerrieblaadjes of curry leaves?
Hierboven zei ik: 'Er bestaat niet zoiets als een kerriekruid'. Maar... er
bestaat wel zoiets als een kerriebladboom!
Daaraan groeien prachtige, heldergroene blaadjes, die een heerlijk
citrusachtig aroma hebben. Omdat die blaadjes zo vaak worden toegevoegd aan
curry's, is de boom kerriebladboom gedoopt!
Kerrieblaadjes fruit je in zijn geheel mee in in een curry. Ze geven je
curry een fantastische smaak!
Kerrieblaadjes worden heel krokant als je ze zonder andere ingrediënten
erbij frituurt. Lekker om zo uit het vuistje te eten.
Als de blaadjes na het fruiten meegekookt worden in een curry, worden ze wat
taaier. Je eet ze liever niet mee op. Vis ze indien gewenst voor het
opdienen uit je curry. Maar liever nog: laat ze gewoon in je curry zitten en
leg ze tijdens het eten apart op je bord. Zo kunnen ze zo lang mogelijk
smaak afgeven. En bovendien ziet het er aantrekkelijk uit, die blaadjes in
je curry!
Ik koop mijn kerrieblaadjes het liefst vers in een toko. In een grote bos in
één keer. Wat ik niet meteen gebruik, vries ik in. Ideaal! In de vriezer
behouden de kerrieblaadjes hun smaak en aroma.
Niet alle Aziatische supermarkten verkopen verse kerrieblaadjes. Kijk dan
ook even in hun vrieskast: daar vind je vaak zakjes met ingevroren blaadjes.
Die zijn prima van smaak en makkelijk te doseren, al zijn de blaadjes vaak
wat kleiner dan de verse; je hebt er qua aantal dus wat meer van
nodig.
De gedroogde versie van kerrieblaadjes - die ben je misschien ook weleens
tegengekomen in je toko - kan niet aan tippen aan de verse of ingevroren
blaadjes; gebruik die bij voorkeur niet.
8. Welk kippenvlees is geschikt om er kari ayam van te
maken?
In Maleisië worden alle onderdelen van een kip gebruikt in een
kari ayam: de kip wordt grof in delen gesneden en daar wordt de curry
van bereid. Als je op deze manier je kari ayam wilt maken - met het
vlees nog aan de botten - trek dan wat meer tijd uit (ongeveer een halfuur
extra) voor het garen van het vlees.
Wat wij zelf vaak niet zo lekker vinden aan deze bereiding zijn alle
velletjes. Volgens onze smaak is het vel van een kip erg lekker mits het
krokant gebakken is. De kip voor deze curry gaart in een flink vloeibare
saus en daardoor blijven de velletjes zacht.
Daarom heb ik er in mijn recept voor gekozen gebruik te maken van alleen de
kipfilet, zonder vel. Kippendijenvlees is ook een optie.
9. Kun je je kari ayam al langere tijd voor de maaltijd
bereiden?
Absoluut! Dat zou ik zelfs aanraden!
Hoe langer de curry staat, hoe meer de smaken zich kunnen ontwikkelen!
Ik maak mijn kari ayam vaak al 's ochtends vroeg of zelfs al een dag
voordat ik hem wil serveren. Ik verwarm mijn curry gewoon even op het
fornuis onder toevoeging van een klein scheutje water.
10. Welke bijgerechten serveer je bij kari ayam?
In Maleisië wordt deze kipcurry vrijwel altijd geserveerd met rijst en/of
roti canai.
Voor het koken van rijst gebruikt iedereen - ja echt, iedereen! - in
Maleisië een rijstkoker. Voor mij was dit keukenapparaat een van de eerste
dingen die ik aanschafte toen ik er ging wonen. Sindsdien is hij niet meer
weg te denken uit mijn keuken. Als je er ook een hebt, begrijp je waarom:
mijn rijst is altijd perfect zonder dat ik er veel omkijken naar heb!
Van
roti canai
(spreek uit: rotti tsjenai) heb je misschien nog nooit eerder gehoord.
Behalve als je ooit in Maleisië bent geweest, want daar is dit smaakvolle
platbrood heel geliefd.
Het meest karakteristieke aan het platbrood is dat het uit veel flinterdunne, krokante
laagjes bestaat. De smaak is heel boterig vanwege de grote hoeveelheid ghee
(Indiase geklaarde boter) die roti canai bevat. Verrukkelijk! En
fantastisch om je curry mee op te 'soppen'!
Zelf heb ik me nooit gewaagd aan het maken van roti canai; het recept
is nogal bewerkelijk. Maar mocht je in de mood zijn, bekijk dan eens het
onderstaande
filmpje van Marion's Kitchen
en ga aan de slag met haar recept! Veel plezier!
Ben je net zoals ik wat luier, koop dan Indiase paratha's in de supermarkt.
Die smaken ook erg lekker bij je kari ayam!
In deze kipcurry zitten niet veel groenten. Vandaar dat ik
er altijd een los groentegerecht bij serveer.
Verse erwtjes (of diepvrieserwtjes; liever geen blik of pot) zijn een optie.
Maar wij hebben een sterke voorkeur voor een geurig roerbakgerecht van
kousenband, gefruite ui, knoflook, Chinese lichte sojasaus, chilipeper en Maleisisch currypoeder. Ik
zal je binnenkort het recept hiervoor geven; nog even wachten.
11. Welke andere recepten voor kipcurry kun je nog aanraden?