vrijdag 17 mei 2019

Focaccia met gerookte zalm, olijven en citroenmayonaise

Feestelijke lentelunch op terras of balkon? 

Ik heb het perfecte recept: een zelfgebakken (iets dunnere) focaccia besmeerd met frisse citroenmayonaise en belegd met malse plakjes gerookte zalm, olijven, rucola en basilicum! 


Hoe ik op het idee kwam voor dit verrukkelijke gerecht? Ik zal je er zometeen alles over vertellen. Maar eerst wil ik een oud kinderspelletje met je spelen...

Focaccia met gerookte zalm, olijven en citroenmayonaise


Feest in de verleden tijd


Daarvoor nodig ik je uit een duik te nemen in je persoonlijke tijdmachine. Stel hem in op een verjaardagsfeestje uit je kindertijd. Neem een beetje afstand en kijk goed wat er gebeurt; een beetje met de kennis van nu, zal ik maar zeggen.


Verlegen kinderen


Je ziet een groep verlegen kindjes. Eén voor één druppelen ze binnen. In een voor het doel net iets te kleine huiskamer of achtertuin. De moeder van de jarige Job neemt alle cadeautjes in ontvangst. Ze zet ze op de eettafel. Bij de met slingers versierde stoel. Allemaal rond de tafel en uitpakken! Daarna is er taart met kaarsjes.

Tot zover is het gebeuren kinderspel voor moeders. Maar dan komt de opdracht tot 'Vermaak'!


Geen kinderspel


Geen sinecure voor een niet tot kleuterleidster of circusclown opgeleide ouder. Je ziet ze allemaal langskomen: de stoelendans, de eierrace, het ballontennis.

Rennen, springen, aanmoedigen, gillen. En spetteren en proesten bij het snoephappen in de bak met water. Keet in de tent! Binnen enkele minuten 'Vermaak' is er van de oorspronkelijke verlegenheid van de feestgangers niets meer over.

Er wordt een zware wissel getrokken op moeders kalmeertalent.


Concentratie


Een kwartier voordat de ophaalouders worden verwacht, ziet ze echter opeens het licht. Geen minuut te vroeg. Nu móet en zal er onverbiddelijk rust komen in de tent. Moeder wil niet ongeorganiseerd overkomen, toch?! Ze weet wat ze moet doen.

"Allemaal in een kring en zitten. Ja echt, zitten! Ssst, concentreren."


Tantes koffer


Moeder start het spel: "Mijn tante gaat op reis en ze neemt mee...". Oei, een geheugenspel. Heel veilig begint moeder met "een koffer".

Ieder kind mag iets toevoegen wat tante mee moet nemen. Maar niet voordat het de hele vorige reeks heeft opgezegd. Langzaam maar zeker wordt dat héél veel om te onthouden. Vergeet je iets, dan ben je af...

Alle clichés passeren de revue: tandenborstel, paspoort, reisboek, sokken. Hèhè, de rust is weergekeerd. Niemand wil afgaan voor zijn vriendjes; iedereen doet zijn best.


Afgang


Toch heeft moeder iets over het hoofd gezien. Dat ene balorige jongetje, dat de spot drijft met tantes reislust. Netjes zegt hij zijn rijtje op: koffer, tandenborstel, paspoort, reisboek, sokken... Vuile onderbroek!

Net op dat moment belt de eerste ophaalouder aan. Als moeder terugkomt in de kamer/tuin is de chaos compleet. Want iedereen weet nog wel zo'n compromitterend reisobject. De ophaalouder vliegen de luid ten gehore gebrachte poep-in-je-broek-woorden om de oren.

Gelukkig voor moeder is Job maar één keer per jaar jarig...


Anders: zelfde tijdmachine, zelfde spelletje


Even terug naar de tijdmachine. Maar dan anders. Nu stel ík hem in. Ik spring jaren terug in míjn tijd. Mijn vakantie naar Singapore.

We doen hetzelfde kinderspelletje; speel nog even mee. Ssst, concentreren.


Machies koffer


'Machteld ging op reis naar Singapore en ze nam mee terug...'

Een koffer. En een tandenborstel, een paspoort, meerdere reisboeken, geen sokken (ik prefereerde blote voeten met die temperatuur), vuile was (ja, ik gooi die gebruikte onderbroeken toch niet weg), een Chinees kaligrafiesetje, een kleurige zonnehoed van stro...

...en natuurlijk wat culinaire bagage: een schattig theepotje, kaneel- en vanillestokjes, een zakje kruiden voor Singapore noedels, een dim sum-kookboek, een doos met prachtige eetstokjes, een recept voor Italiaanse focaccia met gerookte zalm en olijven.

Hè, wat? Een Italiaans recept? Machteld ging toch op reis naar Singapore?!

Goed geconcentreerd! Ik was benieuwd of de anomalie je zou opvallen!


Geen oosters recept 


Hè, nu zijn we de draad van het spel kwijt!

Maar even alle gekheid op een stokje: ik nam dus een Italiaanse recept mee uit Singapore. Geen Singaporees recept, geen Maleis recept, geen Chinees recept, maar een Italiaans recept!

Als je al eens in Singapore bent geweest, begrijp je dat misschien een beetje. Singapore is een smeltkroes. Niet alleen van oosterse culturen, maar ook van westerse.

Singapore zou Singapore niet zijn zonder torenhoge westerse wolkenkrabbers, decadente Amerikaanse sleeën, chique warenhuizen met kleding van Franse en Italiaanse ontwerpers, strakke internationale hotels en een veelheid aan restaurants met westerse keukens. Dus ook Italiaanse.

En zo kon het dus gebeuren, dat ik er een keer lunchte in een Italiaans eethuis. Logisch toch?!


Italiaanse focaccia uit Singapore


Ik bestelde er een versgebakken focaccia belegd met gerookte zalm. En werd niet teleurgesteld! Het krokante brood, de bijna romige zachte vis, de frisse citroenmayonaise, de zoute olijven en de kruidige rucola en basilicum. Mmmmmm!


Makkelijk recept voor focaccia met gerookte zalm


Dit moest ik thuis namaken.

En dat bleek eigenlijk heel makkelijk te gaan.

Focaccia bak ik vaak. Dus daar draai ik mijn hand niet meer voor om. Lees mijn instructies hieronder en ga zelf ook aan de slag. Focaccia is misschien wel het makkelijkste brood om mee te beginnen als je nog nooit brood gebakken hebt.


Zelfgebakken focaccia besmeren met citroenmayonaise


Kinderspel


Het beleg is al helemaal kinderspel!

En je hebt er niet eens een topconcentratie en een goed geheugen voor nodig. 😉

Alleen mijn recept dus!


Veel plezier en selamat makan!



Recept Focaccia met gerookte zalm, olijven en citroenmayonaise


Focaccia met gerookte zalm, olijven en citroenmayonaise


Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 2 personen of een licht lunchgerecht voor 4 personen:


Voor de focaccia:

  • 6 gram droge gist
  • ±150 ml lauw water
  • 1 theelepel suiker
  • 250 gram witte bloem (kies voor bloem van een harde tarwesoort, niet voor patentbloem; koop deze bloem bij een bakker die zelf bakt of een natuurvoedingswinkel)
  • 5 gram zout
  • 2 eetlepels olijfolie
  • een beetje olijfolie voor het invetten van de bakplaat
  • extra vergine olijfolie voor het bestrijken van het brood

Voor de citroenmayonaise:

  • 3 volle eetlepels mayonaise (van een goede kwaliteit; zelfgemaakt is natuurlijk het allerlekkerst)
  • 1 eetlepel extra vergine olijfolie
  • 2 theelepels citroensap
  • 1 theelepel poedersuiker
  • versgemalen zwarte peper 

Voor het beleg:

  • 2 ons gerookte zalm in plakjes (van een goede kwaliteit)
  • ½ ons zwarte olijven zonder pit
  • een handje rucola
  • wat blaadjes verse basilicum

Bereiding:

  1. Roer de gist samen met de suiker en de helft van het water in een schaaltje. Zorg ervoor dat zowel de gist als de suiker goed opgelost zijn. Na enkele minuten beginnen zich belletjes te vormen bovenop het gistmengsel.
  2. Stort de bloem op het werkvlak en maak een kuiltje in het midden. Schenk het gistmengsel in het kuiltje, roer er een beetje meel doorheen en laat het zetsel, zoals dat heet, even staan, totdat er zich nog meer belletjes beginnen te vormen. Vervolgens ga je vanuit het midden steeds meer bloem toevoegen aan het zetsel. Is het mengsel bijna helemaal droog, voeg dan nog een beetje water toe evenals het zout en de 2 eetlepels olijfolie. Ga verder met het incorporeren van het meel. Uiteindelijk krijg je een min of meer coherente bal, die je kunt gaan kneden. Voeg zo nodig nog wat water toe. Na ongeveer 10 à 15 minuten intensief kneden heb je een soepel, elastisch deeg, dat precies zoveel vocht bevat, dat het nét niet aan je handen en aan het werkvlak blijft vastplakken.
  3. Maak een mooi bolletje van het deeg. De eerste rijsperiode is aangebroken. Zoek een warme plek uit voor de rijs. Sommige ovens hebben een rijsstand; dan is de keus makkelijk. Je kunt ook de oven heel even aanzetten totdat hij een temperatuur heeft van maximaal 35°C. Bekleed een bakplaat met een theedoek en leg het bolletje deeg erop. Dek het bolletje af met de doek. Als je je brood zo laat rijzen, dus onder relatief warme omstandigheden, dan neemt de volumeverdubbeling van het deeg - daar ben je op uit - niet veel langer dan een halfuur tijd in beslag.
  4. Vet een bakplaat in met olijfolie.
  5. Sla de gerezen deegbol plat en vorm hem grof met de hand tot een dikke 'pizza'. Leg hem op de bakplaat. Deze focaccia mag iets dunner worden dan je normaal gewend bent; je snijdt hem straks niet door om hem te beleggen.
  6. Bestrijk het deeg met olijfolie en laat het ongeveer 3 kwartier rijzen op een warme, tochtvrije plaats; bijvoorbeeld weer in de lichtverwarmde oven.
  7. Druk dan op sommige plekken met de vingers wat deuken in het deeg voor een authentiek uiterlijk. Laat het deeg nog een kwartier rijzen. 
  8. Verwarm ondertussen de oven voor tot 210°C (oven met boven- en onderwarmte) of 190°C (heteluchtoven). 
  9. Bak de focaccia in ongeveer een kwartier gaar en goudbruin. Leg hem op een rooster. 
  10. Bestrijk het brood weer met een beetje olijfolie; terwijl het nog warm is.
  11. Vermeng alle ingrediënten voor de citroenmayonaise. Proef en voeg eventueel nog een beetje van één van de ingrediënten toe. De hoeveelheden hangen af van de zuurgraad van de mayonaise die je gebruikt.
  12. Snijd de olijven in plakjes.
  13. Bestrijk het afgekoelde brood met citroenmayonaise.
  14. Beleg het brood met de zalm. Verdeel de olijven, de rucola en de basilicum over de focaccia. Serveer meteen.

Tips:

  1. Heb je een staande mixer met kneedhaken? Dan kun je die ook het kneedwerk voor je laten doen. Maak dan eerst het zetsel in de deegkom, voeg de bloem en de rest van de ingrediënten toe en kneed het deeg ongeveer 10 minuten. Kneed je deeg de laatste paar minuten met de hand, zodat je goed kunt voelen of het elastisch genoeg is. 
  2. Je kunt de focaccia eventueel een paar uur voor de maaltijd al bakken. Ideaal als je gasten krijgt!
  3. Nog nooit eerder brood gebakken? Dan komen de broodbaktips in één van mijn eerdere blogs (voor roomboter-dinerbroodjes) misschien van pas. Een aanrader!
  4. Serveer je focaccia met gerookte zalm ook eens als tapa of als hartig hapje bij je high tea. Snijd hem dan in dunne punten. 
  5. Wij eten deze focaccia ook weleens als bijgerecht bij een lekkere preisoep (volg de link; zonder de krokante spekjes uit het recept). Ik besmeer dan de focaccia met gewone mayonaise en beleg hem alleen met de gerookte zalm. Heerlijk!

Zelfgebakken focaccia met gerookte zalm


Preisoep is ook lekker met focaccia met gerookte zalm




donderdag 4 april 2019

Maleisische kipspiesjes voor bij de borrel

Oude recepten zijn vaak de beste. Tenminste, als je ze nog steeds regelmatig gebruikt. 😉

Dit recept voor Maleisische kipsateetjes is zo'n gouwe ouwe. Het stamt uit de tijd dat ik in Maleisië woonde. 


Saté - of satay, zoals Maleisiërs de naam voor hun spiesjes spellen - kon je in die tijd (en nu vast ook nog steeds!) overal bij stalletjes in winkelcentra eten. Of bij verkopers die met hun barbecues langs de kant van de weg stonden. Onze favoriet had zijn vaste stekje voor de deur van de bakker. Gevaarlijk, want wie naar de bakker gaat... heeft honger!


Maar je begrijpt: ook de spiesjes uit eigen keuken mochten er wezen. Vandaar waarschijnlijk dat ik nooit de drang heb gevoeld ook maar iets aan mijn recept te veranderen. En nu kun jij er dus mee aan de slag!

Serveer je sateetjes als bijgerecht bij een oosterse maaltijd. Of eet een kleine versie ervan lekker bij de borrel!

Selamat makan!

Recept Maleisische kipspiesjes voor bij de borrel


Kipsaté en kipsaté


Het kopje hierboven zegt het al: je hebt kipsaté en je hebt kipsaté. Het smaakverschil tussen twee kipsateetjes kan gigantisch zijn. Zeker als (de recepten voor) beide spiesjes uit twee verschillende landen komen. 

Denken we in Nederland aan kipsaté, dan zien we meteen de spiesjes uit het Indonesische restaurant voor ons. Zetten we nog meer verbeeldingskracht in, dat kunnen we ze zelfs ruiken. Ruik je de ketjap al als je dit leest? Mmmmm! 


Maleisisch gekruide kipsaté


Maar nu mijn Maleisische kipsateetjes. Zou je die kunnen ruiken (wie vindt er nou eens geur-internet uit?!), dan zou je ze misschien niet eens herkennen als kipsaté!

Het grote verschil zit hem in de sterk afwijkende marinade. Of liever gezegd de specerijenpasta. Die bestaat uit korianderzaad, komijn, geelwortel, Chinees vijfkruidenpoeder, citroengras, cayennepeper, geraspte ui en knoflook. Zachtjes gefruit in een paar eetlepels olie, zodat de smaken zich al een beetje hebben ontwikkeld voordat de kip er zich 24 uur lang lekker mee mag vol zuigen. Je leest het goed: geen ketjap of andere sojasaus. 

Dat betekent niet dat de kipspiesjes niet net zoals de Indonesische lichtzoet zijn. Immers de (gefruite) ui en de anijs uit het vijfkruidenpoeder zijn zoet. En vergeet niet tijdens het fruiten van de specerijenpasta een schepje - doodgewone - basterdsuiker toe te voegen.


Genieten van satay op een Maleisisch terras!


Heel andere satésaus


En dan is er nóg een verschil tussen de Indonesische en de Maleisische lekkernijen.

Indonesische kipsateetjes eet je waarschijnlijk nooit zonder satésaus; een dikke, romige, gebonden saus. Een soortgelijke saus kent de Maleisiër niet. 

OK, die maakt wel vaak een pindasaus bij zijn spiesjes; maar die smaakt niet alleen heel anders, hij ziet er ook heel anders uit.


Maleisische pindasaus


Voor een typisch Maleisische pindasaus worden de pinda's niet gemalen, maar fijngewreven in een vijzel. Daardoor blijft de structuur vrij grof. Voeg je daar specerijen en andere smaakstoffen aan toe, dan gaat de saus niet binden. Zie je een Maleisische pindasaus, dan zou je kunnen denken dat hij geschift is. Maar een binding is dus nooit de bedoeling geweest!

Er zijn Maleisische sateetjes die vergezeld gaan van een dergelijke saus. Maar vaak is daar geen sprake van. De vleesspiesjes zijn zo smaakvol en aromatisch dat een saus erbij eigenlijk helemaal niet nodig is. In elk geval krijg je in Maleisië nooit de hoeveelheden saus bij je sateetjes zoals wij die hier in Indonesische restaurants gewend zijn. En de saus leent er zich al helemaal niet voor om bij frietjes of andere snacks gegeten te worden.

Hoe dan ook, wij hebben ons vanaf onze eerste week in Maleisië aangesloten bij de pindasaus-weglaters. En dat raad ik jou nu dus ook aan. Mijn recept voor Maleisische kipspiesjes is daarom pindasausloos!

Tip: combineer nooit Indonesische pindasaus met Maleisische spiesjes. Die is er te overheersend voor. 


Maleisische mini-kipspiesjes voor bij de borrel


Als wij onze Maleisische kipsaté als hoofdgerecht eten, dan komt er bijna altijd ook een grote schaal gebakken rijst met ei, bosui en wortelreepjes op tafel.

Maar vaker serveer ik de sateetjes als mini-spiesjes - kipblokjes aan cocktailprikkers geregen - bij de borrel. Het allerlekkerst smaken ze vers van de grill. Maar het moet gezegd: koude kipspiesjes zijn ook nog superlekker!

Veel plezier met mijn recept! 


Recept Maleisische kipsateetjes voor bij de borrel


Maleisische kipsateetjes voor bij de borrel 


Ingrediënten voor 20 à 25 borrelhapjes (of een hoofdgerecht voor 3 personen):

  • 1 pond kipfilet (of kippendijenvlees; naar keuze)
  • 4 eetlepels olie (zonnebloem- of arachideolie) 
  • 1 ui fijn geraspt
  • 2 stengels sereh (citroengras), een paar keer ingesneden
  • 2 teentjes knoflook, fijngesnipperd of uit de pers
  • 1 eetlepel gemalen korianderzaad
  • 1 eetlepel Chinees vijfkruidenpoeder
  • 1 theelepel geelwortelpoeder
  • 1 theelepel gemalen komijn
  • 1/4 theelepel cayennepeper
  • 3 eetlepels witte basterdsuiker
  • 1 kleine theelepel zout

Extra:

  • cocktailprikkers

Bereiding:

  1. Verwarm de olie in een koekenpan en fruit de geraspte ui op een zacht pitje licht. Voeg vervolgens alle andere ingrediënten behalve de kipfilet toe en roer ze om totdat de aroma’s loskomen. De marinade is nu klaar en mag even afkoelen.
  2. Snijd de kipfilet in blokjes. 
  3. Schep het vlees door de marinade. Laat de kip een nacht in de marinade staan.
  4. Rijg de kipblokjes aan cocktailprikkers; twee blokjes per prikker. Gril je kipspiesjes in een grillpan in een kleine 10 minuten gaar en krokant. 

Tips:

  1. Bestrijk de kipsateetjes tijdens het grillen eventueel nog met een beetje olie. Als je een ingesneden stukje sereh als borsteltje hanteert, wordt het resultaat nog geuriger.
  2. Ook koud zijn deze sateetjes erg lekker. Handig als je vlak voor je borrel geen tijd hebt om het vlees te grillen! 
  3. Serveer je je kipsateetjes liever als hoofdgerecht? Rijg je gemarineerde kipblokjes dan aan satéstokjes en geef er gebakken rijst met ei, bosui en wortel bij! Deze sateetjes kun je ook grillen op de barbecue. 

Gebakken rijst met ei, bosui en wortel

woensdag 20 maart 2019

Taco tapas met een kruidige Mexicaanse salade van kikkererwten, maïs en tomaat

De lente hangt in de lucht! Je ziet en voelt het aan alles. Tijd voor mij om de keukendeur wijd open te gooien en het voorjaar van harte uit te nodigen in mijn kleine heiligdom. 'Kom binnen! Welkom, welkom, welkom!'

Misschien was het uit dankbaarheid voor mijn gastvrijheid; ik weet het niet. Maar het voorjaar nam meteen een cadeautje voor me mee: het gaf mij inspiratie! Inspiratie voor de eerste lentesalade van het jaar.

En daarom aten wij gisteren deze frisse, kruidige salade van nootachtige kikkererwten, zoete maïs en fruitige tomaten, overgoten met een zonnige dressing! Als maaltijdsalade!


Taco tubs met kruidige Mexicaanse kikkererwtensalade


Taco tubs


Maar dat was nog niet alles. Ik verpakte mijn kikkererwtensalade ook nog eens in krokante taco tubs: met een vette knipoog naar de zomer!

Taco tubs gebruik ik wel vaker. Het zijn kleine bakjes met dezelfde smaak als maïstaco's. Ze zijn ideaal om te vullen; met dus - onder andere - salades.


Taco tapas gevuld met salades


Ik serveer mijn taco tapas, zoals ik ze noem, regelmatig als voorgerecht (2 per persoon) of amuse (1 per persoon). Of als tapa, maar dat had je al begrepen.

Misschien ken je mijn taco tapas met avocadosalsa en gemarineerde garnalen. Daar heb ik al menig feestje mee omgebouwd tot een Mexicaanse fiesta!


Taco tubs gevuld met gemarineerde garnalen en avocadosalsa


Taco tapas gevuld met een kruidige Mexicaanse kikkererwtensalade


Nog even een paar bijzonderheden over mijn Mexicaanse salade. Het hoofdbestanddeel vormen de kikkererwten, garbanzos, zoals ze die in Mexico noemen.

Kikkererwten zitten bomvol eiwitten, zodat je ze prima als vleesvervanger kunt inzetten. Handig voor de vegetariërs en veganisten onder jullie!

Om het zonnige Mexicaanse karakter nog beter uit de verf te laten komen gaan er in de salade ook nog vrolijk gele maïs en prachtig rode tomaten. En een gulle hand grof gehakte verse kruiden (platte peterselie, koriander, bieslook), een paar sjalotjes, knoflook, Spaanse peper, versgeperst citroensap en olijfolie. 

En vergeet de gemalen komijn niet. Komijn is misschien wel de meest gebruikte specerij uit de Mexicaanse keuken. Koop je in de supermarkt een zakje kant-en-klare tacokruiden, dan kun je er zeker van zijn dat een groot deel daarvan komijn is! Hetzelfde geldt voor de specerijenmix chilipoeder. Heerlijk!

Ik zou zeggen: geniet van het recept voor mijn taco tubs met kruidige Mexicaanse kikkererwtensalade. En geniet van het voorjaarsweer natuurlijk!



Recept Taco tapas met een kruidige Mexicaanse salade van kikkererwten, maïs en tomaat



Taco tubs met een kruidige Mexicaanse salade van kikkererwten, maïs en tomaat


Ingrediënten voor een klein hoofdgerecht/lunchgerecht voor 2 personen, een voorgerecht voor 5 personen of een tapa voor 10 personen:


  • 10 mini taco tubs (Santa Maria)
  • 250 gram gare kikkererwten (bijv. uit blik of pot)
  • 150 gram gare maïs (uit blik of pot)
  • 8 Tasty Tom-tomaten of 4 wat grotere rijpe trostomaten 
  • 2 sjalotjes
  • flinke bos platte peterselie
  • een bosje bieslooksprietjes
  • een paar takjes koriander
  • 1 teentje knoflook
  • 1 Spaanse peper 
  • 1/2 theelepel gemalen komijn 
  • 1/2 theelepel chilipoeder
  • een paar eetlepels versgeperst citroensap (naar smaak)
  • een forse scheut extra virgen olijfolie (ik gebruik Spaanse olijfolie in dit recept)
  • zout en versgemalen zwarte peper

Bereiding:

  1. Verwarm de mini taco tubs volgens de aanwijzingen op de verpakking en laat ze daarna een beetje afkoelen.
  2. Doe de kikkererwten in een zeef en spoel ze af met koud water.
  3. Giet de maïs af.
  4. Ontpit de tomaten en snijd het vruchtvlees in kleine blokjes.
  5. Snijd de sjalotjes in flinterdunne kwart-plakjes. 
  6. Hak de peterselie en de koriander grof.
  7. Snijd de bieslook in ringetjes.
  8. Verwijder de pitjes en de zaadlijsten uit de Spaanse peper.
  9. Hak de Spaanse peper samen met de knoflook fijn.
  10. Schep alle ingrediënten door elkaar. Pas de hoeveelheid citroensap, olijfolie en zout en peper aan aan je eigen smaak. 
  11. Vul de taco tubs met de Mexicaanse kikkererwtensalade en serveer ze meteen.

Tips:

  1. Gebruik de koriander in een veel kleinere hoeveelheid dan de andere kruiden. Koriander gaat wat sneller overheersen. Hou je niet zo van koriander? Je kunt hem probleemloos achterwege laten.
  2. In plaats van taco tubs gebruik ik ook weleens kleine krokante blaadjes baby-romainesla. De gevulde slablaadjes zijn met name heerlijk als bijgerecht, bijvoorbeeld bij de BBQ.
  3. Ook lekker: vul uitgeholde tomaatjes met de salade. Laat de tomatenblokjes dan weg. 
  4. Snijd voor de variatie een avocado in kleine blokjes en voeg deze toe aan de salade.
  5. Geen liefhebber van kikkererwten? Kies voor kidneybonen of limabonen.
  6. Heb je de smaak van de Mexicaanse keuken te pakken? Volg dan eens de link 'Mexicaans recept'. Dan kom je recepten tegen als een Mexicaanse tacotaart, Mexicaanse kippensoep met veel verse groenten, Mexicaanse quesadillas en versgeroosterde Mexicaanse pinda's

Taco taart: bladerdeegtaart met Mexicaans gehakt, kaas, tomaten en sla


Mexicaanse kippensoep met knapperig verse groenten en spekjes


Quesadillas met Mexicaans gekruid gehakt, kaas en zelfgemaakte salsa


Versgeroosterde Mexicaans gekruide pinda's


    woensdag 13 maart 2019

    Geroerbakte sperzieboontjes met rode puntpaprika en een fantastische roerbaksaus

    Roerbakgroenten zijn in mijn gezin altijd een succes. Tenminste, als ik er een lekkere roerbaksaus doorheen schep!

    Hoe je makkelijk en snel een fantastische roerbaksaus maakt? Je leest het hieronder in het recept voor mijn roerbakschotel van sperziebonen en rode puntpaprika.

    Het lichtpikante, zoet-kruidige roerbakgerecht smaakt met name heerlijk bij oosterse hoofdgerechten zonder saus, zoals de Indonesische gehaktring uit mijn vorige blog!


    Recept Geroerbakte sperzieboontjes met rode puntpaprika en een fantastische roerbaksaus


    Geroerbakte sperzieboontjes met rode puntpaprika


    Ingrediënten voor een bijgerecht voor 4 personen:


    Voor de groenten:

    • 500 gram sperziebonen
    • 2 rode puntpaprika’s
    • 4 bosuitjes
    • 2 eetlepels zonnebloemolie

    Voor de roerbaksaus:

    • 2 teentjes knoflook
    • 4 cm gemberwortel, geschild
    • 1 Spaanse peper
    • 2 eetlepels zonnebloemolie
    • 4 eetlepels ketjap manis
    • 1,5 eetlepel ketjap asin
    • 3 eetlepels gembersiroop
    • 3 eetlepels droge sherry
    • ±2,5 theelepel aardappelmeel
    • ±2,5 dl koud water

    Bereiding:

    1. Maak de sperziebonen schoon en snijd ze in stukjes van 3 à 4 cm.
    2. Verhit de zonnebloemolie in een wok of koekenpan met dikke bodem en roerbak hierin de sperzieboontjes. 
    3. Snijd ondertussen de paprika’s in blokjes. Snijd de bosuitjes diagonaal in stukjes.
    4. Maak ook de roerbaksaus. Snipper daartoe de knoflook, de gemberwortel en de Spaanse peper; ik verwijderde eerste de pitjes en zaadlijsten uit mijn peper voor een mildere smaak. Fruit de smaakmakers zachtjes in wat olie.
    5. Voeg na een paar minuten de twee soorten ketjap, de gembersiroop en de sherry toe.
    6. Los het aardappelmeel op in het water. Voeg het mengsel bij de roerbaksaus. Breng het geheel aan de kook, zodat de saus gaat binden.
    7. Als de boontjes beetgaar zijn, mogen de paprikablokjes erbij. Roerbak ze nog even mee. 
    8. Schep de roerbaksaus door het groentegerecht. Verwarm het geheel nog even goed. 
    9. Garneer je roerbakschotel met de bosuitjes.

    Tips:

    1. Wil je een pikanter gerecht? Dan kun je de zaadlijsten in de peper laten zitten. Een andere optie: garneer je roerbakschotel met wat extra peperringetjes. 
    2. Kinderen vinden dit groentegerecht vaak ook lekker. Laat in hun portie de Spaanse peper juist achterwege. 
    3. Om je maaltijd compleet te maken, serveer je er witte rijst bij. Nog lekkerder: mijn gebakken rijst met ei, bosui en wortelreepjes

    Gebakken rijst met ei, bosui en wortel


    Indonesische gehaktring


      donderdag 7 maart 2019

      Indonesische gehaktring: retro-koken op zijn lekkerst!

      Snel een spectaculair gehaktgerecht op tafel zetten? Maak dan deze Indonesische gehaktring!


      Moeilijk is dit verrukkelijke oosterse gerecht niet: oven voorverwarmen, gehakt vermengen met allerlei lekkers als gefruite uitjes, fijngesnipperd ontbijtspek, ketjap en sambal, een rijstrand ermee vullen, een halfuur in de oven en... feest!

      Tip voor erbij: gebakken rijst met ei, bosui en wortel en de sperzieboontjes met rode paprika waarvoor ik je de volgende keer het recept zal geven!


      Recept Indonesische gehaktring: retro-koken op zijn lekkerst!


      Culinaire uitstapjes


      Jullie kennen me inmiddels, zeker degenen die me ook op Instagram volgen: ik maak graag uitstapjes met een culinair tintje. En nee, die draaien niet altijd om proeven en snoepen... 😉


      Culinaire fototentoonstelling


      Zo was ik vorige week in Amsterdam in het Foam Fotografiemuseum. Tijdens de tentoonstelling Feast for the Eyes - The Story of Food in Photography werden niet mijn smaakpapillen getrakteerd op een culinair feestje, maar mijn ogen!

      Food photography is niet meer weg te denken uit onze social media: Instagram, Facebook, Pinterest staan er vol mee. De tentoonstelling haakt daar enthousiast op in. Maar niet alleen met beelden van nu. Aan de hand van drie thema's - Still Life, Around the Table en Playing with Food - werpt zij een verrukkelijk licht op de voedselfotografie sinds de prille geboorte ervan in het begin van de 20e eeuw.


      Foto uit 'Feast for the Eyes' Foam


      Likkebaardend lekkere foto's


      De getoonde foto's maken de hechte band die wij mensen hebben met voeding bijna tastbaar. Of moet ik zeggen 'proefbaar'? Van familiekiekjes van picknicks en verjaardagspartijtjes met taart tot artistieke food stillevens en commerciële foodfotografie; Feast for the Eyes is een kleurrijke én smakelijke illustratie van wat eten voor ons betekent! Likkebaardend lekker om naar te kijken!


      Retro-momenten


      Persoonlijk voelde ik me - 'natuurlijk', zou ik bijna zeggen - met name aangetrokken tot de kookboekfotografie die getoond werd. Foam beschikt over een fraaie collectie kookboeken uit de tijd dat de kleurenfotografie in kookboeken nét begon op te komen. Kennen jullie ze ook nog, van die foto's van overdadige tafels vol met luxe gerechten uit de kookboeken van de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw? Zo heerlijk retro!


      Foto uit 'Culinaire Encyclopedie Elsevier'


      Retro-kookboeken uit eigen boekenkast


      Eenmaal thuis kon ik het niet laten: ik trok al mijn eigen retro-boeken weer eens uit de kast! Erfstukken van mijn moeder. Urenlang heb ik zitten bladeren.

      Genietend van een nostalgische duik in een inmiddels vergaan culinair tijdvak. Gekenmerkt door een heel andere kookstijl dan die wij nu kennen. Wie maakt er nog balkenbrij of hete bliksem? Of watergruwel, blote billetjes in het gras of lammetjespap?


      Foto uit 'Kookboek van de Amsterdamse Huishoudschool'


      Hooikist en rijstrand


      En dan de keukenattributen uit die lang vervlogen tijden. Hoe vermakelijk zijn de gedetailleerde lijstjes voor een 'noodzakelijke keuken-inventaris' in de diverse huishoudschoolkookboeken?! Tussen de regels door proef je de tijdgeest!


      Lijstje voor 'Keuken-inventaris' uit 'Kookboek van de Amsterdamse Huishoudschool'


      Een hooikist heb ik nooit gehad, net zo min als een aardappelemmer en een stelletje met zeep, zand en soda. En jij? 

      Een passe-vite heb ik nog wel; en die gebruik ik zelfs nog. Tip: lees mijn blog hierover en maak dan ook meteen mijn heerlijke verse tomatensoep!


      De moderne versie van de ouderwetse passe-vite


      Een rijstrand/savarinvorm? Díe is al lang de kast niet meer uit geweest... In de jaren 60/70/80 van de vorige eeuw was het serveren van een rijstrand, een ring van gekookte rijst, heel gewoon. Of, gewoon is het niet het juiste woord: dat was juist extra feestelijk! Iets voor de 'zondagse familiedis' of voor een 'huiselijk feestje'.

      De rijstrand werd ook gebruikt om er een savarin van te bakken, een soort zoete tulband van gistdeeg die gedrenkt werd in een fruitige suikerstroop. Misschien ook iets om nog een keer te maken...


      Rijstrand uit 'Culinaire Encyclopedie Elsevier'



      Savarin uit 'De grote Larousse van de gastronomie'


      En ja, toen ik dat allemaal zo zat te lezen, toen moest ik meteen weer terugdenken aan de gehaktring die ik zelfs tien jaar geleden nog regelmatig maakte. Mét die rijstrand!

      Helemaal in het vergeethoekje terechtgekomen... En die was nog wel zo lekker! Hieronder dus het recept. Vanaf nu gaan wij hem ook weer vaker maken. Top-retro, maar wel een aanrader!


      Een confessie: chocoladetaart van Holtkamp


      Tot slot nog even dit. Mijn man vond dat ik het toch nog even moest opbiechten: tijdens de tentoonstelling Feast for the Eyes hebben we echt alleen maar gesnoept met onze ogen. 

      Maar op de terugweg... kwamen we langs patisserie Holtkamp. Met een etalage die nog verleidelijker oogde dan al die foodfoto's bij elkaar. En van het een kwam het ander: de Sachertorte was erg lekker... 😋😉

      En dan nu eindelijk het recept voor mijn Indonesische gehaktring. En alvast een foto van de geroerbakte sperzieboontjes met rode paprika (in een heerlijk roerbaksausje!) die we erbij aten. Op dat recept moet je nóg langer wachten. Tot mijn volgende blog.


      Geroerbakte sperziebonen met rode paprika


      Indonesische gehaktring: retro-koken op zijn lekkerst!


      Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 4 personen:

      • 600 gram mager rundergehakt
      • 100 gram ontbijtspek, zeer fijn gesneden
      • 10 eetlepels gefruite uitjes (kant-en-klaar)
      • 3 theelepels sambal badjak
      • 2 teentjes knoflook uit de pers
      • 2 eetlepels ketjap manis
      • 2 eetlepels ketjap asin
      • 1 ei
      • 5 eetlepels paneermeel
      • 1 theelepel gemberpoeder
      • 2 eetlepels melk

      Bereiding:

      1. Verwarm de oven voor tot 175°C.
      2. Vermeng alle ingrediënten. Kneed er een homogene massa van.
      3. Druk het gehakt stevig aan in een rijstrand met een inhoud van ongeveer 1 liter. Zorg ervoor dat er geen grote luchtbellen in het gehakt blijven zitten.
      4. Bak de gehaktring 30 minuten in de oven totdat hij gaar en goudbruin is.
      5. Neem het vlees uit de oven. Dek de vorm af met een serveerschaal. Keer het geheel voorzichtig om; pas op, er loopt wat vet uit. Til de vorm omhoog. 

      Tips: 

      1. De inhoud van je rijstrand meten? Schenk er water in met behulp van een litermaat!
      2. Ik verwacht het niet; maar mocht je nog een restje overhouden, dan is dat een dag later koud nog erg lekker op de boterham!
      3. Nog even een foto van de rijst die ik altijd bij mijn Indonesische gehaktring serveer! 

      Gebakken rijst met ei, bosui en wortel