Posts tonen met het label koud buffet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label koud buffet. Alle posts tonen

dinsdag 6 oktober 2026

Vitel toné de cerdo: Argentijnse vitello tonnato van varkensfilet | Mijn recept uit Buenos Aires


Vitello tonnato.
Die ken je vast wel. De dunne plakjes kalfsvlees overgoten met romige tonijnsaus zijn niet meer weg te denken uit de Italiaanse restaurants in Nederland. 


Maar ken je ook de Argentijnse variant hierop, vitel toné de cerdo? 

Dat is een gerecht dat veel op vitello tonnato lijkt, maar toch niet helemaal hetzelfde is. Het wordt namelijk niet gemaakt van kalfsmuis of kalfsfricandeau, maar van varkensfilet, carré de cerdo in het Argentijns-Spaans.

Zowel de 'gewone' vitel toné - gemaakt van kalfsvlees; Argentijnen gebruiken hiervoor niet de naam vitello tonnato - als vitel toné de cerdo zijn al decennialang dé kerstavondgerechten voor miljoenen Argentijnen. 

In onze jonge jaren maakten ook wij in Argentinië kennis met beide verrukkelijke gerechten. Nog voordat vitello tonnato zo populair werd in Nederland. 

Ga met één klik naar ons recept! Of lees eerst nog even wat meer over ons Argentinië-avontuur!

En oh ja! Helemaal onderaan dit blog vind je ook nog een Q&A met allemaal leuke weetjes over vitello tonnato en vitel toné. Een heerlijk hapje kennis!


Een sfeervolle leisteen met daarom dunne plakjes varkensfilet overgoten met romige tonijnsaus: vitel toné de cerdo! Eromheen liggen kappertjes, kapperappeltjes en stukjes artisjok!



Wat vliegt de tijd! Het is ondertussen alweer meer dan dertig jaar geleden dat we een paar jaar in Argentinië woonden. 

In San Isidro, een buitenwijk van Buenos Aires.

Wacht, ik zal even een foto scannen van ons huis. Onze ouwe trouwe Peugeot 504 staat pontificaal voor de deur!


Een huis in mediterrane stijl met een groot hek en een groene heg. Op straat staat een blauwe Peugeot.


Ik heb nog even op Street View gekeken. Het huis staat er nog, al lijkt onze prachtige avocadoboom - rechts in de voortuin - het loodje te hebben gelegd.

En dit was mijn keuken, ook niet onbelangrijk!


In een zwart-witte keuken in een stijl van ongeveer 30 jaar geleden staat een jonge vrouw met een koksmes in haar handen.


Jij bent er nu getuige van: ook al ligt onze Argentinië-periode ondertussen al zo lang achter ons, die tijd is noch uit ons oog noch uit ons hart. En foodies als wij zijn, al helemaal niet uit ons culinaire hart!

 

Waarschijnlijk heb je het al vaker op mijn blog gelezen: wij eten nog met de regelmaat van de klok Argentijnse gerechten.

Chimichurri is misschien wel onze favoriet. Dat is een verrukkelijke, pittige salsa. Ideaal voor bij de barbecue; de asado, zoals de Argentijnen die noemen. Ik kreeg het recept ooit van een Argentijnse chef! 


Een grote glazen wekpot gevuld met een groen met rode salsa. De salsa ziet er pikant uit. Ernaast liggen een paar felrode tomaten.


Bij de lunch of als een lichte avondmaaltijd komen er vooral tijdens de zomer heel wat sandwiches de milanesa op tafel. Dat zijn fantastische Argentijnse schnitzelsandwiches! 


Op een stijlvol zwart bord liggen twee sandwiches van geroosterd wittebrood zonder korstjes. De sandwiches zijn belegd met krokant gebakken schnitzels, tomaat, waterkers en een romige cocktailsaus!


De ideale saus voor die sandwiches is de befaamde Argentijnse salsa golf, een soort cocktailsaus. Lekker kruidig en met een flinke scheut cognac!


Een schaaltje met een romige roze saus gegarneerd met kleine stukjes bieslook: een Argentijnse cocktailsaus, genaamd salsa golf!


Verder zijn we ook groot fan van de Argentijnse manier van tosti's maken. 

Die tosti's zijn niet dik zoals onze Nederlandse tosti's, maar heerlijk dun. Mals en zacht vanbinnen en krokant vanbuiten. En zonder korstjes!

Ze worden gemaakt van speciaal sandwichbrood, pan de miga. Het duurde een tijdje, maar inmiddels is dit brood gelukkig ook gewoon te koop in Nederland.


Op een bamboe plank liggen 5 langwerpige plakken dun wittebrood zonder korstjes: Argentijnse pan de miga of sandwichbrood!


De tosti's worden tostados de jamón y queso genoemd - gewoon ham-kaas-tosti's - maar dat klinkt in het Spaans toch net wat exotischer. 


Op een vrolijk zwart-wit bord liggen een paar dunne tosti's met ham en kaas. Het zijn Argentijnse tosti's!


Laatst aten we ze nog samen met onze zelfgemaakte tomatenjam. Toegegeven, die is niet Argentijns, maar wel erg lekker bij tostados de jamón y queso. Een aanrader dus!


Een klein pannetje gevuld met felrode zelfgemaakte tomatenjam. Eromheen liggen een paar chilipepers, korianderzaadjes en komijnzaadjes.


De eerste keer dat wij vitel toné aten, was tijdens de lunch in een restaurant in Buenos Aires. 

Ik schreef er al eens eerder over in mijn blog bij het recept voor kalfshamburgers met tonijnmayonaise. 

En dat het niet bleef bij één keer, dat zul je vast begrijpen!


Maar ook thuis wilde ik graag met het gerecht aan de slag. 

In eerste instantie maakte ik mijn vitel toné van kalfsvlees. Of eigenlijk moet ik zeggen: jong rundvlees. Ik zal je uitleggen hoe dat zat.

In Argentinië is het eten van kalfsvlees zoals wij dat kennen - of zoals de Italianen dat gebruiken voor hun vitello tonnato - niet heel gangbaar. 

De meeste runderen worden in Argentinië jonger geslacht dan hier in Europa. Maar niet zo jong als ons kalfsvlees. Hun slachtleeftijd zit dus tussen ons kalfsvlees en ons rundvlees in. 

Vlees van die runderen wordt wel novillito genoemd, jong rundvlees. Dat vlees smaakt minder licht en minder subtiel dan ons kalfsvlees. Het is donkerder van kleur en heeft meer kracht. 


Omdat wij graag vitel toné aten met een smaak die meer leek op ons kalfsvlees, stapten wij al snel over op varkensvlees. 

De carré de cerdo, varkensfilet, die wij toentertijd in Argentinië overal konden kopen, was heerlijk mals en sappig. Ideaal voor vitel toné, vonden wij. En daarom braken wij met de toenmalige Argentijnse traditie om alleen maar novillito te gebruiken. 

Ook later, toen we in Afrika, Azië en uiteindelijk Nederland gingen wonen, bleven we onze vitel toné met varkensfilet maken. 

Sterker nog: dat doen we nog steeds! Niet op kerstavond - dan eten wij steevast gevulde kalkoen - maar wel op andere hoogtijdagen. Met name op de verjaardag van mijn dochter Petra. Het is misschien wel haar absolute lievelingsgerecht!


Ik heb mijn eigen speciale recept voor die vitel toné van varkensvlees, vitel toné de cerdo in goed Argentijns. 

  • Ik marineer mijn varkensfilet altijd eerst een nachtje in op smaak gemaakte droge witte wijn.
  • Daarna pocheer ik het vlees. Na afkoeling snijd ik het in flinterdunne plakjes. 
  • Het kookvocht laat ik inkoken en daar maak ik - ook weer na afkoeling - een grote hoeveelheid tonijnsaus van. 
  • Als finishing touch - maar niet onbelangrijk! - laat ik mijn plakjes vlees vervolgens 24 uur marineren in die tonijnsaus voordat mijn vitel toné de cerdo op tafel komt! 

Het resultaat is zo smaakvol! Als je mijn recept één keer hebt geprobeerd, wil je nooit meer anders. Gegarandeerd!  


Voor ons is vitel toné de cerdo vrijwel nooit een voorgerecht. Daar is het té lekker voor! 

Wij maken er altijd een complete maaltijd van. Als avondmaal, maar ook vaak als feestelijke brunch. Met een grote schaal met versgebakken roomboter-dinerbroodjes erbij.

Wij scheuren onze broodjes graag in stukjes en dopen die in de tonijnsaus. Daarom maak ik altijd een overvloedige hoeveelheid van die saus!


Een bamboe plank met daarop kleine zelfgebakken roomboter-dinerbroodjes gegarneerd met sesamzaadjes en maanzaadjes!


En als groenten serveer ik graag: 


Vier kleinere foto's van salades: een tomaat-paprikasalade, in de oven geroosterde zwarte en groene olijven, in de oven gepofte cherrytomaatjes en een gemengde salade met cherrytomaatjes, artisjokkenharten, olijven en verse tuinkruiden!


Scroll snel door naar ons recept. Maar eerst nog even zo'n nostalgische, oude foto! Van een bord vitel toné de cerdo uit onze Argentinië-jaren.


Een verouderde foto van plakjes varkensfilet overgoten met een romige tonijnsaus: Argentijnse vitel toné de cerdo!


Vitel toné de cerdo: hét recept voor Argentijnse vitello tonnato van malse varkensfilet! 



Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 5 personen of een voorgerecht voor ±10 personen:

  • een mooi stuk varkensfilet (zonder vetrandjes) van ±800 gram
  • 1 liter goede droge witte wijn (ik gebruik graag een chardonnay)
  • 1 flinke ui
  • 3 middelgrote zoetzure augurken
  • 2 ansjovisfilets of 3 theelepels ansjovispuree
  • 1 potje kappertjes (uitlekgewicht ±60 gram)
  • zout en versgemalen zwarte peper
  • 3 blikken tonijn in zonnebloemolie (uitlekgewicht per blik ±100 gram)
  • ±350 gram frisse mayonaise (ik gebruik voor dit recept graag Remia Mayolijn; dit blog is niet gesponsord)
  • eventueel een klein schepje poedersuiker

Bereiding:

  1. Schenk de wijn in een hoge pan waar het vlees qua lengte net in past. 
  2. Snijd de ui en de augurken in dunne plakjes. Voeg de groenten samen met de ansjovis, 3 eetlepels kappertjes en wat zout en peper toe aan de wijn.
  3. Leg het vlees in de marinade. Laat de varkensfilet 24 uur marineren in de koelkast.
  4. Zet de pan met de marinade en het vlees op het vuur en breng de marinade zachtjes aan de kook. Draai het vuur laag en laat het vlees in ongeveer drie kwartier zachtjes pocheren totdat het gaar is. 
  5. Neem het vlees uit de pan en laat het, afgedekt, goed afkoelen. Eerst in de keuken, later in de koelkast.
  6. Kook ondertussen het kookvocht flink in. Als je - uiteindelijk - de uien, augurken, ansjovis en kappertjes verwijdert (die heb je niet meer nodig), moet je nog ±450 ml overhouden. Laat ook het kookvocht goed afkoelen.
  7. Giet de tonijn af. Pureer de tonijn samen met het afgekoelde kookvocht in de foodprocessor. Als de tonijn helemaal fijn is, kun je de mayonaise toevoegen. Meng de saus nog even met een paar pulsen van de machine.
  8. Proef de tonijnsaus en voeg indien nodig nog wat extra mayonaise, zout en/of peper toe. Als je wijn heel droog was, heb je misschien ook nog een klein schepje poedersuiker nodig. 
  9. Doe de tonijnsaus over in een grote, diepe schaal of kom.
  10. Snijd het koude vlees met een scherp vleesmes in flinterdunne plakjes.
  11. Leg de plakjes vlees in de tonijnsaus. Zorg ervoor dat alle plakjes vlees goed gecoat zijn met een laagje tonijnsaus. Dek de schaal af en zet hem in de koelkast. Zo moet het vlees bij voorkeur nog 24 uur staan, zodat de tonijnsmaken heerlijk in het vlees kunnen trekken.
  12. Leg op elk bord een paar plakjes varkensfilet. Schep er nog wat tonijnsaus overheen. Garneer het gerecht met een paar kappertjes.
  13. Zet de resterende tonijnsaus - en eventueel de restjes vleesplakjes - los in een kom op tafel, zodat iedereen er naar wens meer van kan nemen.
  14. Serveer er versgebakken roomboter-dinerbroodjes - of lekker brood van de bakker - en meerdere van de hierboven genoemde groentegerechten bij.        


Alles wat je nog meer wilt weten over vitello tonnato en de Argentijnse variant vitel toné (de cerdo)!



Wat is vitello tonnato?


Dat weet je waarschijnlijk wel! Vitello tonnato is een gerecht van flinterdunne plakjes gegaard kalfsvlees overgoten met een romige tonijnsaus. 

Vitello tonnato wordt altijd koud geserveerd. Meestal als voorgerecht.

 

Waar komt het gerecht vitello tonnato vandaan?


Vitello tonnato komt van oorsprong uit Italië, uit de Piëmontese regio in het noordwesten van het land.

Het gerecht ontstond in de achttiende eeuw als een soort restjesgerecht van kalfsvlees, zo luidt het verhaal. Dat vlees werd langzaam gegaard voor langere houdbaarheid. En geserveerd met een krachtige saus. Van ansjovis. 

        
Op een granieten aanrechtblad staat een opengetrokken blikje vol met ansjovis!



In het Piëmontese dialect kreeg het de naam vitel tonné: vitel verwees naar het kalfsvlees, terwijl tonné waarschijnlijk is afgeleid van het Franse tanné, 'bewerkt'. Bewerkt kalfsvlees dus. 

En dat is op zijn minst opmerkelijk! De oorspronkelijke naam voor het gerecht had helemaal niets te maken met wat wij nu denken: tonijn. Ook al klinkt dat zo...

Pas eind negentiende eeuw werd het eten van tonijn uit blik populair in Italië. Én de vis werd betaalbaar. Of misschien was het andersom: werd tonijn juist populair doordat hij betaalbaar werd. Wie zal het zeggen?

Hoe dan ook, tóen vond ingeblikte tonijn dus zijn weg naar de vitel toné-saus - overigens nog steeds in combinatie met de aloude ansjovis. De vis met zijn milde smaak maakte de saus in één klap veel zachter, lichter en romiger. 

In die periode verscheen het recept ook in kookboeken buiten Piëmont, onder een nieuwe, veritaliaanse naam: vitello tonnato, letterlijk ‘kalfsvlees met tonijn’.

In de twintigste eeuw evolueerde de saus verder, met als belangrijkste toevoeging: frisse en fluwelige mayonaise. Vanaf 1950 raakte de mayonaise-variant meer en meer ingeburgerd. 

En dat is precies zoals wij de Argentijnse vitel toné en de Italiaanse vitello tonnato vandaag de dag nog steeds kennen. 


Op een granieten aanrechtblad staat een opengetrokken blikje tonijn in olie!



Hoe is het recept voor vitel toné/vitello tonnato in Argentinië terechtgekomen al voordat wij het gerecht in Nederland kenden?

Vitello tonnato kwam vroeg in Argentinië terecht doordat tussen 1870 en 1930 miljoenen Italianen, onder wie opvallend veel Piëmontezen, daar een nieuw leven begonnen. 

En zoals dat gaat: wie verhuist, neemt zijn favoriete recepten mee in zijn culinaire bagage. Vitel toné reisde simpelweg met hen mee.

In Argentinië viel het gerecht meteen in goede aarde: (jong) rundvlees was er goedkoop en tonijn in blik was overal beschikbaar. De ingrediënten voor een nieuwe klassieker lagen dus letterlijk voor het oprapen.

Daar kwam nog iets bij: kerst valt in Argentinië midden in de zomer. Tijdens de feestdagen is het er warm - soms zinderend warm, dat hebben we zelf aan den lijve ondervonden. En dus is er behoefte aan koude, feestelijke schotels die je vooraf kunt bereiden. Vitel toné bleek daarvoor ideaal: romig, fris, rijk van smaak en perfect voor grote families die samen aan tafel gaan.

Zo groeide het gerecht uit tot een ware Argentijnse kerstklassieker. En dat gebeurde allemaal decennia voordat wij in Nederland überhaupt nog van vitello tonnato hadden gehoord.



Waarom heet vitello tonnato in Argentinië vitel toné?

Ja, dat moge ondertussen duidelijk zijn! De immigranten uit Piëmont kenden de term vitello tonnato niet eens. Zij spraken van vitel tonné. In de Argentijnse schrijftaal is inmiddels één n weggevallen uit tonné. Maar de uitspraak en de betekenis bleven hetzelfde.

En zo raakte Argentinië vertrouwd met de Piëmontese naam. 

Dertig jaar geleden leerden wij het gerecht kennen onder de naam vitel toné en zo heet vitello tonnato dus nog steeds in Argentinië.



Van welk stuk vlees worden vitello tonnato en vitel toné over het algemeen gemaakt?


Op het eerste gezicht lijken de Italiaanse en Argentijnse versie van het gerecht totaal verschillend - kalfsvlees versus rundvlees, zoals ik hierboven in mijn blog al uitlegde - maar anatomisch gezien gaat het om precies hetzelfde deel van het dier. Alleen de leeftijd van het dier en de lokale naam van het stuk vlees verschillen.

In Italië heet dit stuk vlees girello of magatello. Wij zouden dat vertalen met kalfsmuis, een deel van wat wij kalfsfricandeau noemen. Het is het magerste en zachtste deel van de bovenbil van een kalf. Een stuk vlees met een milde smaak. Die gaat prachtig samen met de romige tonijn‑ansjovissaus.

In Argentinië wordt traditioneel gebruikgemaakt van peceto: hetzelfde magere, langwerpige spierstuk. Maar dan uit de achterbil van een net wat ouder rund.

Door het verschil in leeftijd van de dieren krijgen de gerechten twee best wel verschillende smaakprofielen: in Italië verfijnd en delicaat, in Argentinië steviger en uitgesprokener met meer bite. Wat draderiger, vezeliger van structuur ook.


Op een vergeeld stuk papier staat een tekening van een rund, verdeeld in vleesdelen. Met alle namen erbij in het Spaans: peceto, cuadril, lomo, nalga, et cetera.



Wordt het vlees voor vitello tonnato en vitel toné altijd eerst gemarineerd?


Van oorsprong werd het kalfsvlees voor vitel tonné meestal gemarineerd. Alleen niet vóór, maar ná het garen. Die zogenaamde post-gaartechniek maakte het vlees malser en gaf het extra smaak. Die methode werd ook toegepast op het rundvlees uit Argentinië. 

Tegenwoordig maakt elke individuele kok hierin zijn of haar eigen keuze. 

Zelf heb ik er meteen vanaf de eerste keer dat ik vitel toné maakte voor gekozen om te gaan voor twee marineerperiodes: zowel vóór als ná het garen!

Voor het garen marineer ik mijn vlees eerst 24 uur in witte wijn met allerlei smaakmakers. Ik gaar het vlees vervolgens in de marinade. En daarna maak ik de saus met weer diezelfde marinade. 

Dan snijd ik mijn vlees in flinterdunne plakken. En ook die marineer ik weer. Maar dan in de bereide tonijnsaus! Verrukkelijk: alle smaken komen zo optimaal bij elkaar! 



Wordt het vlees voor vitello tonnato en vitel toné gebraden of gepocheerd?


Beide technieken worden toegepast, al was pocheren in de beginperiode gebruikelijker.

Vooral voor het wat rijpere rundvlees uit Argentinië gaf pocheren een malser resultaat. En zo gebeurt het daar tegenwoordig dus ook nog het vaakst.

Ook ik heb vanaf het begin mijn vlees gepocheerd. In die marinade van hierboven! 



Hoe heet de Argentijnse variant van vitel toné waarvoor varkensvlees wordt gebruikt?


Die naam luidt: vitel toné de cerdo. Letterlijk: vitel toné van varkensvlees.



Welk deel van het varken wordt gebruikt voor vitel toné de cerdo?


Een varken heeft een iets andere anatomie. In plaats van de bovenbil is bij een varken de varkensfilet het meest geschikt voor vitel toné.

Varkensfilet is het ribstuk. Dus eigenlijk alle karbonades aan elkaar vast. Het vlees wordt zorgvuldig losgesneden van de botten. En de botten worden niet gebruikt.

Voor vitel toné moet een varkensfilet goed mager zijn. Koop je bij je slager een stuk varkensfilet met nog wat vetrandjes eraan? Snijd die er dan eerst vanaf voordat je met de bereiding van je vitel toné begint. Gepocheerd varkensvet is niet zo lekker. 


Op een vergeeld stuk papier staat de tekening van een varken, verdeeld in culinaire delen: ham, haaskarbonades, procureur, spareribs, wang, et cetera.



Hoe heet die varkensfilet in Argentinië?


Bij een Argentijnse slager bestel je dan een zogenaamde carré de cerdo. 

De benaming carré komt rechtstreeks uit Frankrijk, waar men spreekt van carré de porc. En zelfs in Nederland hoor je hem soms weleens: varkenscarré. 


Op een houten plank ligt een mooi stuk magere varkensfilet, klaar om te bereiden.



Vitel toné de cerdo wordt de laatste jaren steeds populairder in Argentinië. Waarom is dit?


Ik vertelde je hierboven al: bijna vanaf het begin vervingen wij voor onze vitel toné het rundvlees, de peceto, door varkensvlees, de carré de cerdo. 

Dat deden we omdat we de mildere smaak van de varkensfilet meer waardeerden voor onze vitel toné. Die leek misschien wel meer op ons kalfsvlees dan de smaak van de peceto. 

Dertig jaar geleden was het gebruik van varkensvlees voor vitel toné echter helemaal nog niet gebruikelijk in Argentinië. Pas later veranderde dat. Tegenwoordig raakt vitel toné de cerdo steeds meer in zwang.

Waarom? Dat wilde ik weten!

Wat blijkt? De moderne Argentijnen zijn het qua smaak vaak met me eens: varkensfilet heeft een mildere, elegantere smaak dan peceto. Én het komt qua mondgevoel dichter in de buurt van het kalfsvlees van de Italiaanse oorsprong.

Maar er zijn meer redenen aan te wijzen. 

Carré de cerdo is tegenwoordig ook betaalbaarder. Rundvlees is nu duurder dan het vroeger was in het Zuid-Amerikaanse land.

Bovendien is carré de cerdo makkelijker te bereiden: het blijft sappig en het snijdt mooier.

En het past perfect bij de romige tonijn‑ansjovissaus.

Niet alleen Argentijnse chefs hebben het nieuwe gerecht omarmd, ook veel Argentijnse thuiskoks geven er inmiddels de voorkeur aan boven de traditionele versie met peceto! Ze vinden het ideaal voor hun kerstavond met familie!



Wordt vitello tonnato in Italië ook weleens van varkensvlees gemaakt en hoe heet het gerecht dan?


Nee. In Italië maakt men vitello tonnato bijna nooit met varkensvlees. Dat komt omdat het gerecht in Italië sterk verbonden is met kalfsvlees - het woord vitello is daar echt essentieel.

Als het een enkele keer toch gebeurt, dan heet het gerecht simpelweg maiale tonnato - varkensvlees met tonijnsaus - of lonza di maiale con salsa tonnata - varkenslende met tonijnsaus.

Alleen op trendy Italiaanse foodblogs duikt zo’n varkensvleesvariant af en toe op als een economische, eigentijdse twist - maar hij is geen onderdeel van de klassieke Italiaanse keuken.

Dit in tegenstelling dus tot de praktijk in het huidige Argentinië!



Ik wens je veel plezier met mijn recept voor Argentijnse vitel toné de cerdo! 


Misschien ga jij dit jaar wel voor een kerstavond met een Argentijns tintje!



zaterdag 21 oktober 2023

Zachte lichtbruine bolletjes met kummelzaadjes


Hou je van bakken? En gebruik je daarbij graag kruiden en specerijen? Dan is het recept van vandaag echt iets voor jou!

Loopt het water je hiervan in de mond:
  • zachte, vederlichte en luchtige
  • lichtbruine bolletjes 
  • met door het deeg gekneed een klontje roomboter en
  • een paar theelepels kruidige kummelzaadjes 
  • en voor de decoratie bestrooid met nog wat van die kummelzaadjes?


Dan: bakken maar!

Eet je broodjes warm uit de oven met een likje zoute roomboter.

Of beleg ze, zoals wij dat misschien nog wel vaker doen, met een beetje ongezouten boter, een paar blaadjes crunchy romainesla en een gulle portie casselerrib!


Recept: zo bak je zelf zachte lichtbruine bolletjes met kummelzaadjes


Wat zijn kummelzaadjes en in welke gerechten gebruik je ze?


Kummelzaadjes. Wij zijn er dol op en we gebruiken ze vaak in de keuken. Maar als ik om me heen vraag of mensen ze kennen, zie ik vaak vragende gezichten. Kummel behoort in Nederland helaas een beetje tot de vergeten specerijen. En dat is niet terecht!

De zaadjes, ook wel karwijzaadjes genoemd, hebben een beetje de looks van komijnzaadjes. Die ken je vast wél. Van de kaas. Kummelzaadjes zijn net zo rank en slank, maar ze hebben een wat gebogener modelletje. Heel elegant in hun soort.

De smaak lijkt in de verte ook op die van komijn. Al zijn kummelzaadjes iets anijsachtiger. Misschien zijn ze nog wel lekkerder!

Met name in de Oost-Europese keuken zijn ze erg geliefd. Zo zijn ze bijvoorbeeld cruciaal in een goede goulash of een goulashsoep. 

Wat ons betreft smaken ze geweldig over ovenaardappeltjes of door de zuurkool. En wij vinden ze fantastisch in kaasscones met spekjes! Of wat dacht je van Duitse pretzels met kummel?


Lekker met kummel: hartige scones met kaas en spekjes


Én we bakken er dus onze lichtbruine bolletjes mee! 


Die smaken trouwens heerlijk als bijgerecht bij de hierboven al genoemde goulashsoep! 


Serveer je goulashsoep eens met kummelbroodjes


Of, nu we het toch over soep hebben, bij een Frankfurter Suppe. Dat is een rustieke Oost-Europese groentesoep met kleine stukjes gebakken verse knakworst erin. Een aanrader!


Heerlijk bij knakworstjessoep: lichtbruine bolletjes met karwijzaadjes!


Wil je nog andere serveersuggesties voor kummelbroodjes? 


Denk aan de volgende soorten beleg:

  • oude kaas of emmentaler kaas
  • gerookte gekookte ham
  • dunne plakjes gebraden kalfs- of varkensfricandeau
  • Hongaarse salami
  • een omelet met bieslook en gebakken bacon
  • wienerschnitzels
  • verse knakworst

En het ideale groentegerecht bij zo'n belegd kummelbroodje? 


Daar twijfelen wij hier niet over: dat is een zelfgemaakte selderijsalade!



Fantastisch bij een broodmaaltijd: zelfgemaakte selderijsalade!

 

Nieuwsgierig geworden naar mijn kummelbroodjes? Hieronder volgt het recept! 


Veel plezier met je eigen versgebakken lichtbruine bolletjes met kummel!



Recept: zo bak je zelf zachte lichtbruine bolletjes met karwijzaadjes


Zo bak je makkelijk zelf zachte lichtbruine bolletjes met kummelzaadjes


Ingrediënten voor 12 stuks:

  • ±3 dl volle melk
  • 12 gram instant gist
  • 15 gram witte basterdsuiker
  • 100 gram volkorenmeel
  • 400 gram witte broodbloem (zie de tip onder het recept)
  • 10 gram zout
  • 45 gram zachte roomboter
  • 4 theelepels kummelzaadjes
  • een beetje boter voor het invetten van de bakplaat
  • 1 ei voor het bestrijken van de broodjes
  • extra kummelzaadjes voor het decoreren van de broodjes, ±3 theelepels

Bereiding:

  1. Weeg alle ingrediënten af en zet ze klaar om te beginnen. 
  2. Verwarm de melk tot een klein beetje lauw. Hij mag beslist niet warm worden; gist gedijt goed bij een lauwe temperatuur, maar gaat dood bij een te hoge temperatuur.      
  3. Schenk driekwart van de lauwe melk in de beslagkom van een staande mixer (zie de tip onder het recept als je geen mixer hebt) en los de gist en de suiker er goed in op. Laat dit mengseltje 5 minuten staan en voeg vervolgens de andere ingrediënten toe in deze volgorde: het overgrote deel van de melk, het volkorenmeel en de bloem, het zout, de roomboter en 4 theelepels kummelzaadjes. Bevestig de kneedhaak en kneed het deeg gedurende ±10 minuten. Voeg eventueel nog wat melk toe, indien het deeg te droog dreigt te worden.
  4. Ik raad je aan het deeg op het laatst nog even met de hand te kneden. Dan kun je goed voelen of het elastisch genoeg is en of er voldoende melk doorheen gekneed is. Dit kneden hoeft maar een minuut of twee te duren, mits je tevreden bent over het resultaat: het deeg moet precies zoveel vocht bevatten, dat het nét niet aan je handen blijft kleven. Je kunt de elasticiteit van het deeg testen door een klein stukje ervan uit te rekken tot een dun vliesje; dat mag niet breken.
  5. Vorm een mooie bal van het deeg.
  6. De eerste rijsperiode is aangebroken. Bekleed een bakplaat met een theedoek (gewassen zonder wasverzachter) en leg de deegbol erop. Dek de bol af met een andere theedoek. Laat het deeg rijzen op een warme, tochtvrije plek (bijvoorbeeld in een oven op rijsstand of in een oven met onder- en bovenwarmte - géén heteluchtoven - ingesteld op ±30°C) totdat het in volume verdubbeld is. Dat duurt minimaal een halfuur.
  7. Vet een of twee bakplaten in met roomboter. Ik gebruik zelf altijd twee bakplaten van 40x35 cm.
  8. Sla de deegbol plat en rol hem daarna op tot een lange, dunne worst. Snijd deze worst in 12 gelijke stukjes. Leg de stukjes deeg onder een theedoek, zodat ze niet kunnen uitdrogen.
  9. Rol van elk stukje een klein bolletje. Leg het stukje deeg daartoe op het werkvlak en rol het met je hand. Maak tijdens het rollen je hand steeds boller. Duw ondertussen met je duim de naden naar de onderkant. Uiteindelijk krijg je een strak bolletje, dat alleen een klein naadje heeft in het midden aan de onderkant.
  10. Leg alle bolletjes, niet te dicht bij elkaar, op de bakplaat. Houd er rekening mee dat ze tijdens het rijzen meer dan verdubbelen in volume.
  11. Om uitdrogen te voorkomen moeten de bolletjes nu meteen bestreken worden. Klop daartoe het ei los in een kopje. Bestrijk de deegbolletjes met behulp van een kwastje met het ei.
  12. Bestrooi ze daarna royaal met kummelzaadjes.
  13. Zet de bakplaten weer op een warme, tochtvrije plek. Bij een temperatuur van ±30°C duurt de tweede rijs ongeveer een uur, bij een lagere temperatuur kan dat langer zijn. 
  14. Verwarm de oven (bij voorkeur een oven met onder- en bovenwarmte) voor tot 200°C. 
  15. Bak de bolletjes in ±14 minuten goudbruin en gaar. Bak niet twee bakplaten boven elkaar. Bak de platen apart na elkaar voor de beste warmteverdeling in de oven. Check na 10 minuten even of je broodjes niet te snel bruin worden. Draai eventueel de oven terug naar ±175°C.
  16. Schep een broodje van de bakplaat en klop op de onderkant om de gaarheid te controleren. Een gaar broodje klinkt hol. Laat de bruine bolletjes met kummelzaadjes afkoelen op een rooster. Of serveer ze meteen lekker warm! 😉

Tips:

  1. Heb je geen staande mixer, dan is het werk wat zwaarder. Ga als volgt te werk: roer de gist  samen met driekwart van de melk en de suiker in een schaaltje. Zorg ervoor dat zowel de gist als de suiker goed opgelost zijn. Stort het volkorenmeel en de bloem op het werkvlak en maak een kuiltje in het midden. Schenk het gistmengsel in het kuiltje, roer er een beetje meel/bloem doorheen en laat dit zetsel, zoals dat heet, even staan, totdat er zich belletjes beginnen te vormen. Vervolgens ga je vanuit het midden steeds meer meel en bloem toevoegen aan het zetsel. Is het mengsel bijna helemaal droog, voeg dan meer melk toe evenals het zout, de roomboter en de kummelzaadjes. Ga verder met het incorporeren van het meel. Uiteindelijk krijg je een min of meer coherente bal, die je kunt gaan kneden.
  2. Gebruik voor het bakken van brood echte broodbloem en geen standaard patentbloem uit de supermarkt. Broodbloem bevat meer gluten. Daardoor wordt je brooddeeg elastischer en luchtiger. 
  3. Voor een high tea bak ik ook wel eens minibolletjes. Ik maak er dan 32. Ik verhoog de oventemperatuur dan naar 210°C. De kleine broodjes zijn klaar in ±10 minuten. 
  4. Deze broodjes zijn het allerlekkerste op de dag dat je ze bakt. Wil je ze voor later bewaren, vries ze dan na afkoeling meteen in. Ontdooi ze vlak voor gebruik even in de magnetron; dan smaken ze weer heerlijk vers. 
  5. Wil je wat bruinere bolletjes? Dat kan! Ga dan voor 150 gram volkorenmeel en 350 gram witte bloem of 200 gram volkorenmeel en 300 gram witte bloem. Bolletjes met in verhouding meer volkorenmeel worden wel iets minder luchtig. 
  6. Serveer deze lichtbruine bolletjes dit jaar voor je kerstbrunch of je kerstontbijt! Verrassend en lekker!
  7. Heb je nog nooit eerder brood gebakken? Lees dan eerst eens mijn blog over de roomboter-dinerbroodjes. Daarin geef ik je heel veel tips over hoe je het beste brood kunt bakken! Doen!
 

In mijn blog over dinerbroodjes vind je heel veel broodbaktips!

woensdag 8 maart 2023

Slawraps gevuld met pittige selderijsalade, gerookte kipfilet en pecannoten, geserveerd met Limburgse aardappelpannenkoekjes


Als ik een menu bedenk voor een speciaal etentje, besteed ik steevast wat extra aandacht aan het voorgerecht. 


Want het voorgerecht, dát is als het ware mijn visitekaartje. Het geeft meteen aan: dit kunnen jullie van mij verwachten!

En bovendien zet het ook in één keer de toon voor de rest van de avond. Gaan we vanavond oosters eten; of misschien wel Spaans, Grieks, Italiaans of Argentijns? Of laat ik wat gerechten uit mijn geboortestreek Limburg de revue passeren? Ga ik mijn gasten iets traditioneels voorzetten of kunnen ze alvast anticiperen op wat meer experimentele gerechten?

Vaak kies ik bij etentjes voor meer dan 6 personen voor traditioneel. Want dat wordt door vrijwel iedereen wel gewaardeerd, ook door gasten met niet al te veel restaurant- of reiservaring. Maar... ze moeten wel altijd rekening houden met een Machteld-twist! 

Dat is ook het geval met het voorgerecht dat ik jóu vandaag voorschotel. De selderijsalade, de gerookte kip, een aardappelgarnituurtje: allemaal bekende smaken. 

Maar proef je het gerecht echt goed, dan ontwaar je na de eerste hap al het Machie-stempel dat ik op dit voorgerecht heb gedrukt. 

  • Die selderijsalade, die is niet standaard, maar vermengd met wortelreepjes en aangemaakt met een heel speciale dressing met de pit van mierikswortel en het karamelachtige zoetje van ahornsiroop. 
  • Bovendien serveer ik hem - niet alledaags - in een wrap van frisse romainesla. 
  • Pecannoten zorgen voor de nodige crunch. 
  • En die crunch, die kom je ook weer tegen in het aardappelgerechtje, want dat zijn kleine krokant gebakken pannenkoekjes van geraspte aardappel. De zogenaamde riefkeukskes uit mijn geliefde Limburg. 
  • Sappige reepjes gerookte kip verbinden de salade met het aardappelgarnituur. 

Heerlijk! Zo vonden mijn gasten laatst. Ik hoop dat jij er ook zo over denkt. Veel plezier met het recept voor dit feestelijke voorgerecht!


Recept voor voorgerecht of lunchgerecht: slawraps gevuld met pittige selderijsalade, gerookte kipfilet en pecannoten, geserveerd met Limburgse aardappelpannenkoekjes


Slawraps gevuld met pittige selderijsalade, gerookte kipfilet en pecannoten, geserveerd met Limburgse aardappelpannenkoekjes



Ingrediënten voor een feestelijk voorgerecht voor ±8 personen:

  • 1 portie kleine Limburgse aardappelpannenkoekjes, riefkeukskes (zie een eerder blog)
  • 8 mooie, holle blaadjes van 1 klein kropje romainesla of little gem, gewassen en gedroogd
  • 250 gram schoongemaakte en geraspte knolselderij (lees even mijn recept voor selderijsalade als je nog nooit eerder knolselderij hebt geraspt)
  • 75 gram geschilde en geraspte worteltjes
  • 15 gram platte peterselie
  • 1 portie mosterddressing met mierikswortel en maple syrup (zie een eerder blog)
  • 2 gerookte kipfilets
  • 1 ons pecannoten
  • versgemalen zwarte peper

Bereiding:

  1. Bak eerst de Limburgse riefkeukskes. Je hebt 2 à 3 pannenkoekjes nodig per persoon, afhankelijk van de maat van je pannenkoekjes.
  2. Maak ondertussen de selderij en de worteltjes schoon en schil ze. Rasp de groenten met behulp van de grove raspschijf van je keukenmachine. Hak de peterselie grof.
  3. Schep de groenten en de kruiden door elkaar en vermeng ze met de mosterddressing.
  4. Snijd de kipfilets in dunne reepjes.
  5. Hak de pecannoten grof.
  6. Plaats op elk bord een blaadje romainesla en vul het met achtereenvolgens een paar lepels selderij-wortelsalade, wat reepjes kipfilet en een lepeltje gehakte noten. Leg er een paar warme, krokant gebakken aardappelpannenkoekjes naast. Strooi nog wat extra kipreepjes en noten over je gerecht. Maal er een beetje zwarte peper overheen.
  7. Serveer meteen.

Tips:

  1. Uiteraard kun je dit gerecht ook als lunchgerecht serveren. De hoeveelheid is dan voldoende voor 3 à 4 personen. 
  2. Of serveer de slawraps zonder de aardappelpannenkoekjes. Als amuse of als onderdeel van een hapjestafel of koud buffet. 
  3. Ben je een liefhebber van voorgerechten met een salade? Dan vind je de volgende recepten misschien ook wel lekker: een Spaanse tonijnsalade, ensalada rusa con atún, een salade van gerookte kalkoen met dadels en een vijgendressing, een Griekse boerensalade met gemarineerde feta en een pittige salade van Hollandse garnalen met avocado en tomaat.

Recept: zo maak je zelf een verrukkelijke Spaanse aardappel-tonijnsalade!

Recept: een culinaire salade van gerookte kalkoen en een heel speciale dressing

Recept: deze Griekse salade smaakt perfect als voorgerecht voor een mediterraan etentje!

Recept: een tapa-achtige salade van Hollandse garnalen met avocado, tomaten en een chilipepertje


maandag 30 januari 2023

De allerlekkerste selderijsalade maak je zelf! In een handomdraai!

Op zoek naar een selderijsalade met heel veel smaak? Ga dan niet naar de supermarkt voor zo'n bakje kant-en-klare salade. Maar maak je salade zelf!

Met het onderstaande recept is dat echt supermakkelijk! 

Recept: de allerlekkerste selderijsalade maak je zelf! In een handomdraai!


Saaie salades zijn er al genoeg...

Voordat ik mijn recept voor selderijsalade aan jullie wilde toevertrouwen, heb ik eerst heel wat recepten van anderen bekeken. Op het web en in mijn kookboeken. Gewoon, om te checken of mijn recept echt iets extra's toevoegt. Want anders heb je er niets aan natuurlijk. 

Wat bleek? De meeste recepten lijken op elkaar als twee druppels water. Ze schrijven allemaal een zelfde soort dressing voor: mayonaise vermengd met een beetje mosterd en wat citroensap. 

Hier in huis lusten we zo'n salade wel. Maar als we heel eerlijk zijn, vinden we hem een béétje saai. 😉

En zoals ik in het kopje hierboven al zei: saaie salades... etc.


De hoogste tijd om het internet te laten kennismaken met een interessantere selderijsalade, zo dachten wij hier!

Die van ons gezin dus! 

Wat onze salade zo opmerkelijk maakt? Laat ik daar maar niet al te mysterieus over doen: twee niet zo gewone ingrediënten in de dressing. Canadese maple syrup en geraspte mierikswortel!  

De diepe, karamelachtige smaak van de ahornsiroop en de mosterdachtige pit van de mierikswortel sluiten perfect aan bij het kruidige karakter van de geraspte knolselderij. De verrassende dressing geeft het smakenpalet van onze salade ontegenzeggelijk iets extra's, nét wat meer diepgang.  

Dus, kun jij niet wachten om eens een selderijsalade met écht veel smaak te proeven? 


Ga dan snel naar mijn recept en probeer hem uit, die salade van ons! En geniet!


Recept: de mosterd-maple-dressing voor onze selderijsalade!


Zó maak je zelf de allerlekkerste selderijsalade: met een anders-dan-anders-dressing!


Ingrediënten voor een bijgerecht voor 3 à 4 personen:

  • de helft van een flinke selderijknol (in totaal heb je 350 à 400 gram schoongemaakte knolselderij nodig)
  • 1 portie mosterddressing met ahornsiroop (zie het recept in een eerder blog)

Bereiding:

  1. Verwijder de grove buitenkant van de selderijknol. Dat gaat het beste met een groot, scherp koksmes. 
  2. Snijd de schoongemaakte knol in niet te kleine stukken die passen in de vulopening van je keukenmachine.
  3. Om de knolselderij te raspen gebruik je de grove raspschijf van je machine. Rasp alle selderijstukken en doe de rasp over in een slakom.
  4. Vermeng de geraspte selderij met de mosterddressing. Klaar!

Tips:

  1. Wil je graag wat kleur toevoegen aan je selderijsalade? Schep er dan wat geraspte oranje worteltjes doorheen. Ook grof gehakte platte peterselie geeft je salade een oppepper qua kleur!
  2. Leuk: borrelhapjes met selderijsalade! Schep hiervoor je salade in krokante saladecupjes (supermarkt). Of serveer hem op flinterdunne stokbroodtoastjes. Die maak je zo: snijd van je stokbrood met een mes zonder karteltjes hele dunne sneetjes, besmeer de boterhammetjes met wat olijfolie en bak ze daarna even krokant in een koekenpan met anti-aanbaklaag. 
  3. Serveer je selderijsalade ook eens als bijgerecht bij een Limburgse huzarensalade, een koude schotel. Of bij een koud buffet.
  4. Met het restje van je selderijknol kun je nog heerlijke andere gerechten maken. Wat dacht je van de knakworstjessoep die ik een paar weken geleden postte (zie foto hieronder)? En natuurlijk gaat er behoorlijk wat selderij door een pan versgemaakte erwtensoep! 

Recept: er gaat behoorlijk wat knolselderij door mijn verse erwtensoep!

Recept: pittige knakworstjessoep met onder andere knolselderij!


zaterdag 16 juli 2022

Dé nieuwe gezinsfavoriet: kleurrijke maaltijdsalade met krokante reepjes varkensfilet!


Een snel recept voor een maaltijdsalade waar kinderen ook dol op zijn? Dat heb ik wel voor je!

Alle ingrediënten van mijn kleurrijke, zomerse maaltijdsalade zijn kidsproof:

  • malse haricots verts
  • crispy maïskorrels
  • zoete blokjes rode paprika
  • verse tuinkruiden
  • reepjes krokant gebraden varkensfilet
  • een romige dressing met een beetje knoflook

Goed brood erbij. En klaar! Smullen maar! 

Tip: strooi voor de volwassenen nog wat chilivlokken over de salade. Voor een lekker pittige touch! 


Recept! Dé nieuwe gezinsfavoriet: kleurrijke maaltijdsalade met krokante reepjes varkensfilet!


Zó maak je snel een kleurrijke maaltijdsalade met krokante reepjes varkensfilet, haricots verts, maïs en rode paprika!



Ingrediënten voor een maaltijdsalade voor 4 à 5 personen:


Voor het vlees:

  • 600 gram dunne varkensfiletlapjes (à la minute) 
  • 2 eetlepels bak-en-braadproduct
  • zout en versgemalen zwarte peper

Voor de groenten:

  • 400 gram haricots verts
  • zout
  • 2 rode paprika's
  • een bosje platte peterselie
  • een blikje gare maïs à 300 gram

Voor de knoflookdressing:

  • 3 flinke eetlepels mayonaise (ik gebruik meestal een halfvolle mayonaise voor dit gerecht)
  • 3 eetlepels extra vergine olijfolie
  • 3 eetlepels witte balsamicoazijn
  • 3 teentjes knoflook
  • een bosje peterselie 
  • een handje basilicumblaadjes
  • 2 theelepels gedroogde oregano
  • versgemalen zwarte peper naar smaak
  • chilivlokken naar smaak (eventueel alleen voor de volwassenen)

Bereiding:

  1. Verhit het bak-en-braadproduct in een koekenpan. Braad hierin de varkensfiletlapjes aan beide kanten stevig aan. Als ze goudbruin zijn, zijn ze ook meteen gaar omdat ze zo dun zijn. Bestrooi je vlees met wat zout en versgemalen zwarte peper naar smaak. Laat het vlees afkoelen tot kamertemperatuur en leg het daarna een uurtje in de koelkast (dit hoeft niet echt - lauw is voldoende - maar koud vinden wij nét iets lekkerder).
  2. Snijd je varkensfiletlapjes in dunne reepjes. 
  3. Snijd de steelaanzetten van de haricots verts af en halveer de boontjes. Doe ze over in een pan en voeg zo veel water toe dat de boontjes net onderstaan. Voeg ook een beetje zout toe. Breng het water aan de kook. Kook de haricots verts in ±4 minuten beetgaar; proef voor de juiste gaarheid. Doe de boontjes over in een vergiet. Spoel ze af met koud water totdat ze helemaal zijn afgekoeld. Zo behouden de haricots verts hun lekkere beet én hun mooie heldergroene kleur!
  4. Snijd de paprika's in blokjes.
  5. Snipper de peterselie voor de salade grof.
  6. Vermeng alle groenten en de reepjes varkensfilet in een saladeschaal.
  7. Snipper de knoflook, de rest van de peterselie (de portie voor de dressing) en de basilicum fijn. 
  8. Roer een sausje van alle dressingingrediënten. 
  9. Schep de dressing vlak voor het serveren door je maaltijdsalade. Proef en voeg eventueel nog een beetje extra azijn, zout en/of peper toe. 

Tips:

  1. Serveer je zomerse maaltijdsalade met lekker brood. De favoriet van de meeste kinderen? Gegrild knoflookbrood! 
  2. Deze salade is ook erg lekker bij je picknick of een brunch/lunch. Of vul er crispy slablaadjes (slawraps) mee voor een fris voorgerecht, een buffetgerecht of een tapa. 
  3. Nóg meer recepten voor lekkere maaltijdsalades? Volg de link 'maaltijdsalade'. Of ga snel naar de recepten voor een echt Limburgse huzarensalade, een krieltjessalade met warmgerookte zalm en een dilledressing, een verkoelende maaltijdsalade met tonijn en knapperige groenten of een kruidige couscoussalade met gemarineerde kip!

Wie houdt er niet van gegrild knoflookbrood?

Recept: de allerlekkerste Limburgse koude schotel

Recept: zo maak je zelf een kruidige aardappelsalade met warmgerookte zalm

Recept: zo maak je de lekkerste tonijnsalade van deze zomer!

Recept: zo maak je zelf een kruidige couscoussalade met gemarineerde kip en paprika