Posts tonen met het label appeltaart. Alle posts tonen
Posts tonen met het label appeltaart. Alle posts tonen

vrijdag 13 maart 2026

Sandwiches van citroencake met gebakken appeltjes, lemon curd en pecannoten


Stel je dit even voor:

  • een sandwich
  • niet van brood
  • maar van citroencake!

Niet met een beleg van boter met kaas of hagelslag, maar met:

Dit plaatje zag ik zelf in mijn hoofd voor me toen ik een paar dagen geleden, vervuld van zoete inspiratie, de keuken indook om mijn recept te ontwikkelen (en mijn Copilot bleek het roerend met me eens!): 


Recept! Mijn appelgebakjes volgens mijn Copilot!


En zo rolde mijn sandwich de keuken uit:


Recept: zo bak je zelf sandwiches van citroencake met gebakken appeltjes, lemon curd en pecannoten!


Toegegeven: de sandwich waar ik die middag mijn man mee verraste is niet bepaald een standaard lunchbox-sandwich. 

Niet van het type in elk geval om op een willekeurige maandagochtend in te pakken om mee naar kantoor te nemen. Tenzij je natuurlijk je collega's jaloers wilt maken... 

Nee, het is meer een verfijnde, zoete delicatesse! Voor bij de thee! Ik dacht zelfs meteen aan een heuse, feestelijke high tea!    

Of misschien wil je deze sandwich wel serveren als dessert na een feestelijke maaltijd! Je paasdiner wellicht? Of - als je dit blog in een heel andere tijd van het jaar leest - je kerstdiner?

Mijn Copilot bedacht de volgende benaming voor mijn citroencakesandwich: 'een fruitig feestje tussen twee plakjes cake met een gulle dosis confetti van pecannoten'. 

En daar was ík het dan weer roerend mee eens! 

Wat waren we een goed teampje, die middag, mijn Copilot en ik! 😇

Maar goed, waar jij nu natuurlijk smachtend op zit te wachten, is het recept voor al dit lekkers. En dat heb ik voor je: lees snel door onder de close-up van mijn nieuwste creatie! 

Maak hem meteen zelf en geniet! 

Recept: mijn cakesandwich, klaar om zo in te bijten!



Sandwiches van citroencake met lemon curd, gebakken appeltjes en pecannoten



Ingrediënten:


Voor de citroencake:

  • 75 gram zachte roomboter
  • 100 gram zachte plantaardige margarine
  • 225 gram witte basterdsuiker
  • 1 zakje vanillesuiker
  • een snufje zout
  • 4½ ei, losgeklopt in een kopje
  • de rasp van 1 citroen
  • 225 gram patisseriebloem (of Zeeuwse bloem)
  • 7 gram bakpoeder
  • wat extra boter en bloem voor het prepareren van de bakvorm

Voor de vulling van de sandwiches:

  • 3 à 4 jonagold appels (afhankelijk van de maat van de appels)
  • roomboter voor het bakken van de appels
  • 100 gram ongeroosterde pecannoten
  • 1 pot lemon curd (of zelfgemaakte lemon curd)

Bereiding:

  1. Bak eerst de citroencake. Verwarm daartoe de oven (bij voorkeur een conventionele oven met boven- en onderwarmte) voor tot 160°C.
  2. Klop de boter samen met de margarine romig met de mixer.
  3. Voeg de suiker, de vanillesuiker en het zout toe en klop door totdat er een smeuïge massa ontstaat.
  4. Meng één voor één de eieren door de botermix. Los elk ei eerst goed op alvorens het volgende toe te voegen.
  5. Roer de citroenrasp door het luchtige eierbeslag.
  6. Vermeng de bloem met het bakpoeder. Zo maak je zelf het beste zelfrijzend bakmeel. Zeef de bloem boven de kom. Schep hem door het beslag.
  7. Vet een cakevorm met een bodem van 25 à 27 cm in met boter en bestuif hem vervolgens met een dun laagje bloem. 
  8. Schep het beslag in de cakevorm.
  9. Bak de cake in ±70 minuten gaar en licht bruin. De cake is gaar zo gauw een erin gestoken satépen er schoon uit komt. Bak de cake niet te lang. Hij moet nog een beetje sappig en spekkig blijven.
  10. Neem de cake uit de oven en laat hem een minuut of vijf een beetje afkoelen; hij krimpt dan wat en is makkelijk te storten. Stort de cake op een rooster en laat hem vervolgens helemaal afkoelen.
  11. Bereid ondertussen de vulling voor je sandwiches voor. Schil de appels en verwijder de klokhuizen. Snijd de appels in plakjes. Verhit een beetje roomboter in een hete koekenpan en bak hierin de plakjes appel goudbruin en net gaar. Dat kost maar een paar minuten. Neem de plakjes appel uit de pan en leg ze op een stukje keukenpapier. Bak zo ook een tweede (en eventueel derde) portie appelplakjes (afhankelijk van de grootte van je pan). Laat de gebakken appelplakjes afkoelen.
  12. Rooster de pecannoten in een koekenpan zonder toegevoegd vet. Schep je noten regelmatig om en houd ze goed in de gaten; ze mogen niet te bruin worden. Neem de noten uit de pan en hak ze grof.
  13. Snijd je citroencake in dunne plakjes. Snijd uit het hart van de plakjes mooie vierkantjes of rechthoekjes. Verwijder daarmee de korstjes van de cake (hier in huis zijn altijd voldoende kapers op de kust om al die afsnijsels op te smikkelen!). 
  14. Beleg de helft van de cakeplakjes achtereenvolgens met een royale laag lemon curd, een paar plakjes gebakken appel en een handje noten. 
  15. Besmeer ook de andere helft van de plakjes cake met lemon curd. Dek je sandwiches af met deze plakjes cake. 
  16. Serveer meteen.  

Tips:

  1. Regelmatig krijg ik reacties van lezers met de vraag of ik misschien weet waarom hun cake niet zo mooi rijst als anders. Laatst overkwam me dat zelf ook een keer. Met een cake die ik al meer dan honderd keer gebakken had; dus aan mijn recept lag het niet. Maar ik had die keer wel mijn zelfrijzend bakmeel in een andere winkel gekocht. Sindsdien neem ik het zekere voor het onzekere: ik maak mijn zelfrijzend bakmeel zelf! Van de beste bloem, zachte bloem speciaal voor patisserie, en vers bakpoeder. Voor elke 500 gram bloem gebruik ik 16 gram bakpoeder. Dat meng ik door de bloem en daarna zeef ik het zo ontstane zelfrijzend bakmeel boven mijn kom met cakebeslag. Ideaal! Ook van patentbloem, die veel makkelijker te krijgen is dan patisseriebloem, kun je zelfrijzend bakmeel maken. Alleen is je cake dan iets minder luchtig en licht. 
  2. In het recept hierboven - en op de foto - vind je de chique versie van mijn cakesandwiches met gebakken appel, lemon curd en pecannoten. Die is ideaal voor een high tea of luxe dessert. Maar als ik heel eerlijk ben, staan dergelijke delicaat afgewerkte cakesandwiches hier niet het vaakst op tafel. Want meestal eten we onze cakesandwiches (er staan veel meer recepten voor cakesandwiches op mijn blog, bijvoorbeeld die van chocoladecake gevuld met rum-abrikozenjam en room) gewoon, op een doordeweekse dag, bij de thee. En dan laat ik de korstjes van de cake er gewoon aan zitten. Ik noem mijn cakesandwiches dan 'rustiek'. En die rustieke sandwiches smaken net zo lekker! Alleen heb ik dan wel wat meer vulling nodig, zo zonder afsnijsels. 
  3. Bak je je cake liever in een heteluchtoven? Stel je oven dan in op 150°C. Zie je dat je cake te snel bruint, draai dan de temperatuur het laatste halfuur 10° lager, maar open niet tussendoor de deur.
  4. Eigenlijk zijn deze sandwiches een soort luxe appeltaartjes. Ben je een echte liefhebber van gebak en desserts met appel? Probeer dan ook eens een van mijn andere appelrecepten (klik op de rode linkjes hieronder):

Recept! Limburgse kruimelvlaai met een heerlijke appelvulling!

Recept! De kleinste appeltaartjes, maar wel de allerlekkerste!

Recept! Warme, romige briochepudding met appeltjes en rozijnen!

Recept! Appelmuffins met crunchy pecannoten!

Recept! Ontbijtpannenkoekjes met appel en rozijnen!

Recept! Warme flensjes gevuld met verrukkelijke gekaramelliseerde appeltjes!


zondag 5 oktober 2025

Appelmuffins met pecannoten en Ceylonkaneel


Afgelopen zomer was het opeens een item in het NOS-journaal: de appeloogst zou uitzonderlijk overvloedig worden dit jaar.

Nou, dat hebben we geweten! 

We hebben maar twee appelboompjes in onze kleine stadstuin. Maar de oogst die daar in september vanaf kwam: de takken van de arme boompjes bogen helemaal door. Sommige zelfs tot op de grond. 

We plukten schalen vol met appels. Kilo's en kilo's!

Wat volgde was beslist geen straf: we moesten ze allemaal opeten! De eerste appels aten we gewoon uit de hand. Maar toen waren er nog een heleboel over. 

Dus stopten we onze appels overal in. 

In onze ontbijtpannenkoekjes, in de appelcompote, in de appeltaart, in de Limburgse kauw sjotel (huzarensalade), in onze fameuze apple crumbles met blauwe bessen, in de appel-kruimelvlaai, in de briochepudding...


En dus in de muffins van het recept van vandaag! Daarin combineerden we onze appels - van de rassen jonagold en elstar - met krokante pecannoten en aromatische Ceylonkaneel. Verrukkelijk! 


Wil jij deze muffins zelf ook maken? Scrol dan snel door naar het recept! Veel plezier ermee!


Recept: zo bak je makkelijk en snel appelmuffins met pecannoten en Ceylonkaneel



Zó bak je makkelijk en snel appelmuffins met pecannoten en Ceylonkaneel


Ingrediënten voor 12 à 15 muffins:

Droge ingrediënten:

  • 180 gram bloem (bij voorkeur Zeeuwse bloem of patisseriebloem)
  • 70 gram volkorenmeel
  • 14 gram bakpoeder 
  • 1,5 theelepel kaneel (als je hem hebt is Ceylonkaneel het allerlekkerst; lees mijn blog hierover)
  • ½ theelepel zout
  • 150 gram witte basterdsuiker
  • 60 gram pecannoten

Natte ingrediënten:

  • 50 gram roomboter
  • 50 gram zonnebloemolie
  • 1 ei (L)
  • 150 ml volle melk
  • 2 niet te kleine jonagold appels 

Voor de garnering:

  • 40 gram pecannoten
  • 60 gram bruine basterdsuiker 

Extra:

  • kartonnen of papieren muffinvormpjes

Bereiding:

  1. Verwarm de oven (bij voorkeur op de stand met boven- en onderwarmte) voor tot 190°C.
  2. Zeef de bloem samen met het bakpoeder boven een grote kom. 
  3. Hak 100 gram pecannoten grof. Vermeng 40 gram van de noten met de bruine basterdsuiker. Die ga je later gebruiken voor de garnering van je muffins. Voeg de rest van de noten toe aan de bloem samen met alle andere droge ingrediënten.
  4. Smelt de boter in de magnetron of in een pannetje. Zorg ervoor dat de boter niet te heet wordt.
  5. Schil de appels en verwijder de klokhuizen. Snipper de appels in kleine stukjes.
  6. Vermeng in een kom de gesmolten boter, de olie en het ei. Klop het mengsel even met de garde. Klop er vervolgens de melk doorheen. Roer ook de appelsnippers door de natte ingrediënten.
  7. Voeg alle natte bestanddelen in één keer toe aan de droge. Roer het geheel even goed. Stop meteen met mengen op het moment dat je geen droge bloem meer ziet. Als je je beslag te lang mengt, krijgen je muffins een minder luchtige structuur.
  8. Zet de muffinvormpjes klaar. Grote kartonnen muffinvormpjes kun je gewoon op het ovenrooster zetten. Kleinere vormpjes van dunner materiaal kun je het beste in de holtes van een of meer metalen muffinbakvormen zetten. 
  9. Schep het beslag in de vormpjes. Vul de bakjes voor niet meer dan 2/3. De hoeveelheid muffins die je maakt is afhankelijk van de maat van je muffinvormpjes. Strijk het beslag aan de bovenkant een beetje gladder met de bolle kant van een theelepel.
  10. Bestrooi de muffins met een lekker laagje van het achtergehouden mengsel van de bruine suiker en de noten.
  11. Bak de muffins in het midden van de oven in ±26 minuten goudbruin en gaar. Tijdens het bakken gaan ze mooi rijzen en worden ze lekker licht en luchtig. De suiker op de bovenkant gaat een beetje karamelliseren: heerlijk! Prik na 26 minuten voor alle zekerheid even met een prikker in een paar muffins om te testen of ze gaar zijn. Er mogen een paar kruimeltjes aan de prikker blijven hangen, maar het deeg mag niet meer kleverig nat zijn.
  12. Zet de muffins in hun vormpjes op een bakrooster om ze te laten afkoelen.

Tips:

  1. Je muffins zijn het allerlekkerst op de dag dat je ze bakt. Maar je kunt ze ook makkelijk een of twee dagen bewaren. 
  2. Wij eten onze muffins meestal met een grote mok thee erbij. Ze slaan zelfs geen slecht figuur bij een echte high tea! Of bij een picknick! 
  3. Nog even een paar linkjes naar de andere gerechten die we dit najaar maakten en nog gaan maken met alle appels uit onze tuin: 

Recept: het ideale ontbijt. Appelpannenkoekjes!

Recept: warme briochepudding met appel. Een hartverwarmend dessert!

Recept: bak zelf de lekkerste appel-kruimelvlaai! Met gekaramelliseerde appeltjes!

Recept: maak nu zelf huzarensalade op Limburgse wijze, kauw sjotel!

Recept: onze favoriete apple crumble! Met blauwe bessen!

Recept: als je deze appelcompote eenmaal geproefd hebt, koop je nooit meer zo'n potje uit de supermarkt!

Recept: de kleinste en lekkerste appeltaartjes van Nederland!

woensdag 7 februari 2024

Eenpersoons apple crumbles met blauwe bessen en maple syrup


Ken je al mijn recept voor apple crumble? 

Nee? Klik dan snel op het rode linkje! Want dat recept moet je echt een keer proberen!

Ken je het recept wel al? Wat leuk! Misschien ben je er zelfs net als wij verknocht aan en is het al jaren je go-to recept voor een gezellig etentje...

Zeker in dat laatste geval zul je mijn recept van vandaag zeer waarderen. 

Want dat is een nieuwe - frissere, karamelachtigere en gezondere!  - variant van het oude, beproefde recept. Voor nog meer apple-crumble-plezier!


Wat kun je van het aangepaste recept voor apple crumble verwachten?

  • naast appels gaan er nu ook blauwe bessen in de vulling
  • je maakt je vulling niet alleen maar op smaak met Ceylonkaneel (en een klein beetje suiker), maar je voegt ook nog een paar eetlepels heerlijke, karamelachtige maple syrup - in goed Nederlands ahornsiroop - toe
  • je maakt je crumbles nóg smaakvoller en krokanter door een deel van de bloem te vervangen door volkorenmeel
  • je bakt je crumbles in eenpersoonsschaaltjes, waardoor de suikers nog lekkerder karamelliseren dan in een grote schaal

Hier in huis hebben we de vernieuwde apple blueberry crumble inmiddels verschillende malen getest. En ooeh! Dat bleek geen straf: volgens het voltallige familie-testpanel is deze crumble nóg lekkerder dan het oorspronkelijke dessert! 

Tip: verwen je Valentijn dit jaar met deze heerlijke crumble! Bijvoorbeeld tijdens een luxe verwenontbijt. Leuk: op internet zijn allerlei schattige hartvormige eenpersoonsovenschaaltjes te koop!

Recept: zo maak je zelf verrukkelijke eenpersoons apple crumbles met blauwe bessen en maple syrup


Eenpersoons apple crumbles met blauwe bessen en maple syrup


Ingrediënten voor 4 à 6 personen:

Voor de crumble:

  • 80 gram koude roomboter
  • 90 gram patisseriebloem of patentbloem
  • 50 gram volkorenmeel
  • 80 gram kristalsuiker
  • een mespuntje zout
Voor de vulling:

  • 2 flinke appels, bij voorkeur jonagold
  • 150 gram blauwe bessen
  • 3 eetlepels maple syrup (ahornsiroop)
  • 30 gram kristalsuiker
  • 2/3 theelepel Ceylonkaneel

Extra:

  • 4 à 6 eenpersoonsovenschaaltjes
  • een beetje roomboter voor het invetten van de schaaltjes

Bereiding:

  1. Verwarm de oven voor tot 200°C (oven met boven- en onderwarmte).
  2. Vet de ovenschaaltjes in met een beetje roomboter.
  3. Maak eerst de crumble. Snijd daartoe de koude roomboter in kleine stukjes. Stort de boter, de bloem, het volkorenmeel, de suiker en het zout op het aanrechtblad. Vermeng het geheel een beetje en kneed het mengsel met kleine kneepjes van je vingers totdat er een kruimelstructuur ontstaat. Uiteindelijk zijn sommige kruimels lekker dik - 1,5 à 2 centimeter in doorsnede - terwijl andere niet groter zijn dan een paar millimeter. Kneed niet te lang door, want dan smaken de kruimels na het bakken te compact en niet bros genoeg.
  4. Schil voor de vulling de appels, verwijder de klokhuizen en snijd het vruchtvlees in niet te kleine blokjes. Leg de appelblokjes in een kom. Vermeng ze met de kaneel, de maple syrup en de suiker.
  5. Verdeel het appelmengsel over de ovenschaaltjes. 
  6. Daar mogen de blauwe bessen bovenop; verdeel ze over de schaaltjes.
  7. Strooi de crumble over de fruitvulling. Druk de kruimels een beetje aan.
  8. Zet de schaaltjes op een rooster in het midden van de oven en bak de gerechtjes in een halfuur krokant en gaar. Ze gaan op het einde prachtig bubbelen en de van oorsprong blauwe bessen kleuren tegen die tijd mooi donkerrood!
  9. Je apple blueberry crumbles smaken fantastisch als ze warm uit de oven komen. Maar ook lauw en zelfs koud zijn ze erg lekker! Als je je crumbles koud wilt serveren, kun je ze - makkelijk! - een dag van tevoren al bakken. 

Tip:

Ben je op zoek naar nog meer recepten voor warme, zoete gerechten met appel? Ik heb er wel een paar voor je:

Recept: zo maak je zelf romige briochepudding met appeltjes en rozijnen

Recept: zo maak je zelf verrukkelijke flensjespakketjes gevuld met gekaramelliseerde appeltjes

Lekker recept voor ontbijt of brunch: pannenkoekjes met appel en rum-rozijnen!

Recept: zo maak je zelf warme apple crumble met Ceylonkaneel

woensdag 22 september 2021

12x Recepten met appel: zoet én hartig!


Appels. 

Je kunt ze tegenwoordig het hele jaar door kopen bij de groenteman en in de supermarkt. Waarschijnlijk vind je dat doodgewoon. 

Maar als je er wat langer over nadenkt, is het eigenlijk best een beetje vreemd. Immers, appels worden in Nederland elk jaar alleen tussen september en november geplukt. En daarna moeten de telers weer 10 maanden wachten op de volgende oogst.

Leg jij in oktober zo'n verse appel op je fruitschaal, dan zie je hem al na enkele weken achteruit gaan. Hij wordt steeds minder knapperig en krijgt duidelijk last van ouderdomsrimpeltjes... 


Hoe doet een teler dat dan? Hoe houdt hij zijn appels het hele jaar vers?

Laatst kwam ik er via een website achter hoe dat werkt. Tip: bekijk ook het leuke videofragment van de Keuringsdienst van waarde, waarin een duidelijk antwoord wordt gegeven op mijn vraag. 

Kort samengevat komt het hierop neer: appels gaan na het plukken niet dood. Hun cellen blijven gewoon leven. Tijdens hun leven na de boom blijven appels 'ademen': ze ademen zuurstof in en ze ademen CO₂ uit. Door al dat geadem verouderen ze relatief snel. Appeltjes bewaren voor de dorst? Erg lang kon dat vroeger niet...

Maar toen bedacht iemand: wat als je zo'n appel nu minder zuurstof toedient tijdens het bewaren? Dan valt er minder te 'ademen'! Eureka! Sindsdien worden appels elk jaar meteen na het oogsten opgeslagen in een koelcel met een heel laag zuurstofgehalte. Daardoor gaan de appels in een soort winterslaap. En die slaap houdt hun jong! 

De appel die jij in juni koopt is vlak voordat hij naar de winkel werd vervoerd - als een soort Doornroosje, volgens de toelichting van de Keuringsdienst - gewekt uit een lange, lange slaap. Op die manier kun jij er ook zo laat in het jaar nog prinsheerlijk van genieten! 


Maar hoe je het ook wendt of keert, het najaar is en blijft de appeltijd bij uitstek!

Nú kun je echt verse appels kopen. En ermee bakken en koken! 

Wat ga jij ermee maken? Als je dat wilt, kan ik je wel enkele ideeën aan de hand doen. 


Hieronder vind je maar liefst 12 linkjes naar mijn allerlekkerste appelrecepten. Voor zoete én hartige gerechten! Scrol dus snel door! 



12x Recepten met appel: zoet én hartig!


1. Laat ik bescheiden van start gaan. Met mijn recept voor hele kleine mini-appeltaartjes! 


Appeltaart-tips

Je bouwt elk taartje op door te beginnen met een bros gebakken kaneelbodempje; eigenlijk een soort kaneelkoekje. Daarop gaat een lepeltje zelfgemaakte appelcompote op smaak gemaakt met echte vanille en een scheutje rum. Je maakt je appeltaartje af met een toefje zoete slagroom.

En dan... genieten! Van deze appeltaartjes lusten wij er wel drie achter elkaar! Heerlijk bij de thee of als een anders-dan-anders-herfstdessert!

Nog een laatste tip: serveer je mini-appeltaartjes ook eens bij een high tea of als onderdeel van een grand dessert! 


Recept: zo maak je zelf mini-appeltaartjes met karamelappeltjes


2. De appelcompote van de appeltaartjes hierboven kun je natuurlijk ook gewoon als bijgerecht eten. Vooral goed gekoeld is hij bijzonder lekker!


Appelcompote-tips

Mijn appelcompoterecept is in een aantal opzichten bijzonder. 

In de eerste plaats gebruik ik niet één ras appels, maar minstens vier soorten appels tegelijkertijd: moesappels én handappels, zoete en wat friszuurdere variëteiten.

Verder kook ik mijn appels niet. Ik karamelliseer ze! 

Last but not least: ik maak mijn appelcompote op smaak met de allerlekkerste ingrediënten. Denk aan echte vanille, versgemalen Ceylonkaneel, geurige kardemom en rum! 

Het resultaat is echt fantastisch! Niet te vergelijken met appelmoes uit een potje...


De allerlekkerste appelcompote maak je zelf!


3. Ook voor mijn gevulde flensjes karamelliseer ik mijn appeltjes. Een bolletje kaneelijs en een toefje slagroom erbij maken het dessert nóg specialer! 


Flensjes-tip

Ik heb een compleet blog geschreven met allemaal tips voor het bakken van de lekkerste, dunne flensjes. Lezen! 


Recept: zo maak je zelf flensjespakketjes met gekaramelliseerde appeltjes


4. Nog meer pannenkoekjes, maar dan wat dikker dan de flensjes: ouderwetse drie-in-de-pan met appel en rumrozijnen. Misschien wel net zo lekker! 


Drie-in-de-pan-tips

Laat de rozijnen voor deze pannenkoekjes bij voorkeur een paar uur wellen in de rum. Je begrijpt wel waarom!

Wij serveren onze appelpannenkoekjes meestal met een schepje poedersuiker op smaak gemaakt met kaneel. Maar toen ik laatst van iemand een fles echte Canadese maple syrup kreeg, bleek die er ook uitstekend bij te smaken! 


Recept: zo maak je zelf de allerlekkerste appelpannenkoekjes met rumrozijnen


5. Knapperig verse appels smaken ook heerlijk in een fruitsalade. Wat dacht je van een tipsy aardbeien-appelsalade met bosaardbeitjeslikeur?!


Boozy tip

Vergeet na het eten van dit dronken toetje niet de marinade op te drinken: die is misschien nog wel lekkerder dan het fruit...


Recept: zo maak je zelf een verrukkelijke tipsy aardbeien-appelsalade!


6. Van mij als Limburgse verwacht je natuurlijk niet anders: ik ben dol op appelvlaai! En dan met name appelvlaai met kruimeltjes oftewel greumelkes, zoals wij ze in Limburg noemen. 


Vlaai-tips

Voor deze appel-kruimelvlaai heb je twee verschillende soorten bloem nodig. 

Voor het deeg gebruik je bij voorkeur broodbloem; die zorgt ervoor dat je deegbodem mooi rijst en luchtig wordt.

De greumelkes maak je van patisseriebloem met een veel lager glutengehalte. Zo worden je kruimeltjes lekker bros en krokant. 

En natuurlijk gaat er in deze vlaai alleen maar roomboter en geen grammetje margarine! 


Recept: zo maak je zelf echte Limburgse appel-kruimelvlaai!


7. Ben je net zoals ik verzot op de greumelkes van de appelvlaai? Dan ben je vast ook fan van een lekkere apple crumble!


Crumble-tips

Heb je echte Ceylonkaneel in huis? Perfect! Want die tilt de appelvulling van je crumble absoluut naar een hoger niveau!

Serveer je apple crumble bij voorkeur warm uit de oven. Al moet ik zeggen: een afgekoeld restje smaakt een dag later ook nog bijzonder goed! 


Recept: zo maak je zelf de lekkerste apple crumble


8. Apple crumble serveer ik meestal in een grote ovenschaal. Maar af en toe maak ik eenpersoons apple crumbles. Daar voeg ik ook nog wat blauwe bessen aan toe: verrukkelijk! 



Apple-blueberry-crumble-tips

Ik maak mijn apple blueberry crumbles ook anders op smaak dan mijn 'gewone' apple crumble: er gaat niet alleen Ceylonkaneel doorheen, maar ook een scheutje karamelachtige maple syrup, ahornsiroop! 

En de kruimeltjes? Die maak ik nóg krokanter door een deel van de bloem te vervangen door volkorenmeel!

Al met al een recept dat ik je van harte kan aanbevelen! 


Eenpersoons apple blueberry crumble! Een verrukkelijk recept!


9. Nog zo'n fantastisch warm appeldessert: een romige briochepudding met appeltjes en rozijnen. Hier mag je mij voor wakker maken! 


Pudding-tips

Je kent waarschijnlijk wel de Engelse bread and butter pudding. Daar lijkt dit dessert een beetje op. Alleen gebruik je in plaats van oud brood heerlijk vers briochebrood! 

Laat je appeltjes-briochepudding niet te gaar worden. Hij is het lekkerst als hij in het midden nog een beetje smeuïg is! 


Recept: zo maak je zelf briochepudding met appeltjes en rozijnen


10. Van de toetjes naar een gezonder gerecht met appel: rode kool. Want zeg nou zelf: rode kool zonder appeltjes, dat kan toch niet?!


Rode-kool-tips

Mijn rode kool bevat naast appeltjes - goudrenetten om precies te zijn - nog een belangrijk ingrediënt: rode port! De alcohol verdampt nagenoeg helemaal tijdens het stoven van de kool, maar de smaak van de port, díe blijft! 

Binnenkort wil ik je graag nóg een recept geven voor rode kool met appel, alleen dan gaat het niet om lang gestoofde kool, maar om een rodekoolsalade. Ook weer met port. En de appels? Die snijd je in piepkleine blokjes die je vervolgens krokant bakt in een beetje roomboter. Een lekkerder garnituur voor rodekoolsalade kun je niet bedenken!


Recept: zo maak je zelf rode kool met port en appeltjes

Culinaire rodekoolsalade met gebakken appeltjes, walnoten en een portdressing


11. Maak jij weleens zelf huzarensalade? Wij wel! Volgens Limburgs recept! Koude schotel noemen we die salade in Limburg. En er gaan heel veel - rauwe - appelblokjes in!


Huzarensalade-tips

Normaal gesproken maak je een huzarensalade met gaar rundvlees. Mijn recept vormt een uitzondering op de regel: ik gebruik in kleine blokjes gesneden krokant gebraden dunne varkensfiletlapjes. En dat is me toch lekker! 

Een goede koude schotel wordt in Limburg altijd uitgebreid versierd en aangekleed, want een koude schotel móet feestelijk zijn! We serveren de huzarensalade niet alleen met een blaadje sla, maar ook nog met plakjes ham, sardientjes, zalmsalade, kleine tomaatjes gevuld met garnalensalade, krabsalade, etc. 


Recept: zo maak je zelf Limburgse huzarensalade mét appel!


12. Nog een hartig recept met appel. En nóg een Limburgs recept. Ik geef je met trots het linkje voor een superfeestelijke salade van gerookte eendenborst met een dressing van Maastrichtse kruisbessenjam, crunchy walnoten én natuurlijk appel!


Een ideaal recept voor een speciaal etentje of voor een voorgerecht voor je kerstdiner.


Salade-tips

Je versterkt het frisse van de kruisbessendressing in dit gerecht door een paar lepels in roomboter gebakken blokjes appel aan je voorafje toe te voegen! 

Het luxe voorgerecht wordt nog specialer als je er zelfgebakken roomboter-dinerbroodjes bij serveert. Het recept vind je ook op mijn blog: volg het linkje! 


Recept: zo maak je zelf een voorgerecht met gerookte eendenborst en gebakken appeltjes!


dinsdag 1 november 2016

Mini-appeltaartjes: brosse kaneelbodempjes met karamelappeltjes en een toefje slagroom


Ik verklap je vandaag mijn allerbeste appeltaartrecept!

 

Je moet me echt op een woord geloven: deze kleine appeltaartjes zijn absoluut verrukkelijk!

 

En als je dat niet voetstoots van me wilt aannemen, dan maak je ze toch meteen! Zo kun je zelf de proef op de som nemen ;)


Mini-appeltaartjes: brosse kaneelbodempjes met karamelappeltjes en een toefje slagroom



Mini-mini-appeltaartjes mét slagroom!


Zoals je hierboven op de foto kunt zien, is mijn favoriete appeltaart heel klein van stuk: het is een mini-mini-appeltaartje.

Omdat ze zo klein zijn, serveer ik deze taartjes altijd op een grote schaal met een heleboel tegelijkertijd. 

En iedereen mag er zo veel nemen als hij of zij wil! 

Zodat mijn vrienden achteraf kunnen zeggen: “Ik heb bij Machteld laatst maar liefst drie (of nog meer!) appeltaarten gegeten!”

De appeltaartjes bestaan elk uit een bros kaneelbodempje met daarop een verrukkelijke, sappige appelvulling. In die vulling proef je niet alleen verse appels, maar ook karamel, echte vanille, kaneel, kardemom en zelfs rum! Een flinke toef slagroom maakt de appeltaartjes compleet.


Gevaarlijk lekkere appeltaartjes!


Er schuilt maar één gevaar in dit recept. Het is zo lekker dat je na elk taartje denkt: ik neem er nog één. En dan stop ik echt… 

En tja, dat is niet zo makkelijk als het klinkt!


Nog meer heerlijke recepten met appel!


Heb je na deze appeltaartjes de smaak echt helemaal te pakken, probeer dan ook eens een van mijn andere appelrecepten: de Limburgse appel-kruimelvlaai, de apple crumble met kaneel of de dronken aardbeien-appelsalade bijvoorbeeld!


Limburgse appel-kruimelvlaai


Apple crumble met kaneel



Dronken aardbeien-appelsalade



Recept Mini-appeltaartjes: brosse kaneelbodempjes met karamelappeltjes en een toefje slagroom



Mini-appeltaartjes: brosse kaneelbodempjes met karamelappeltjes en een toefje slagroom



Ingrediënten voor ±40 stuks:


Voor de bodempjes:

  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • 100 gram gele of lichte basterdsuiker
  • 1 theelepel kaneel (bij voorkeur echte Ceylonkaneel; zie mijn blog hierover)
  • een mespuntje zout
  • 125 gram koude roomboter
  • ½ ei, losgeklopt in een kopje
  • een beetje zachte boter voor het invetten van de bakplaat
  • een beetje bloem voor het bestuiven van het werkvlak

Voor de appelvulling:

  • 12 appels van minimaal 4 verschillende appelrassen (moesappels, handappels, zoet, fris-zuur)
  • 50 gram roomboter
  • 150 gram gele of lichte basterdsuiker
  • 2 vanillestokjes
  • 1 à 2 eetlepels citroensap (afhankelijk van de zuurgraad van de appels)
  • 5 eetlepels bruine rum
  • een mespuntje gemalen kardemom
  • een mespuntje kaneel

Voor de garnering:

  • ¼ liter slagroom
  • poedersuiker naar smaak

Bereiding:

  1. Begin met het maken van het deeg voor de bodempjes. Vermeng daartoe in een kom of in de foodprocessor het zelfrijzend bakmeel, de gele basterdsuiker, de kaneel en het zout.
  2. Snijd de boter in kleine stukjes.
  3. Voeg de boter en het ei toe aan het bloemmengsel.
  4. Vermeng het geheel (met kleine kneepjes van de vingers of met de pulsknop van de foodprocessor) totdat het deeg net samenhang vertoont. Kneed vooral niet te lang door, want dan worden de bodempjes straks te compact en niet lekker bros.
  5. Vorm een vrij platte schijf van het deeg en leg deze een halfuur afgedekt in de koelkast om op te stijven.
  6. Verwarm de (bij voorkeur conventionele) oven voor tot 155°C. Vet een bakplaat in met boter.
  7. Strooi wat bloem op het werkvlak. Rol het deeg met een deegroller dun uit. Steek kleine rondjes met een doorsnede van ±5 cm uit het deeg en leg de deegplakjes op de bakplaat. Leg ze niet te dicht bij elkaar. Ga ervan uit dat je meerdere porties moet bakken. Je kunt het deeg dat over is nog een keer opnieuw uitrollen, maar weer geldt het advies: kneed het niet te veel.
  8. Schuif de bakplaat iets boven het midden in de oven. Bak de bodempjes in een kleine 20 minuten gaar. Ze mogen daarbij niet bruin worden. Draai de oven halverwege eventueel wat lager als de bodempjes toch gaan kleuren.
  9. Neem de bakplaat uit de oven en leg de dan nog niet helemaal krokante bodempjes op een rooster. Tijdens het afkoelen worden ze pas lekker bros.
  10. Tijdens het opstijven van het deeg voor de bodempjes kun je beginnen met het maken van de appelvulling. Schil de appels en verwijder de klokhuizen. Snijd de appels grof in blokjes.
  11. Smelt de boter in een pan met dikke bodem. Voeg de suiker toe en laat het geheel heel licht karamelliseren.
  12. Voeg de appelstukjes toe. Schep alles goed om. De suiker zal in eerste instantie hard worden door de koude appels. Langzaam maar zeker lost hij echter op in de appelvulling.
  13. Snijd de vanillestokjes in de lengterichting open en schraap met een mes het merg eruit.
  14. Voeg de vanille, de leeggeschraapte vanillestokjes, de rum, het citroensap, de kardemom en de kaneel toe aan de appels.
  15. Draai het vuur hoog en laat de appels onder af en toe omscheppen gaar worden. Uiteindelijk zal het vocht grotendeels verdampt zijn. Een deel van de appelstukjes is tot moes gekookt, andere hebben nog een ‘bite’. Proef en voeg eventueel nog een beetje citroensap toe.
  16. Laat de appelvulling afgedekt afkoelen in de koelkast.
  17. Klop de slagroom stijf met een hoeveelheid poedersuiker naar smaak.
  18. Maak de appeltaartjes pas af vlak voor het serveren; dan smaken ze het lekkerst. Schep daartoe op elk bodempje enkele theelepels appelvulling. Druk de vulling een beetje plat. Doe de slagroom over in een spuitzak en spuit op elk mini-appeltaartje een toefje slagroom.

Tips:

  1. Koop voor de vulling minimaal 4 totaal verschillende appelrassen. Alleen een mengsel van moesappels, handappels, zoete en fris-zure appels geeft  de juiste structuur en de lekkerste smaak aan de appelvulling. Ik gebruikte de laatste keer granny smith, jonagold, elstar en goudrenet.
  2. In een goed afgesloten trommel kun je de bodempjes minimaal een week bewaren. Serveer eventueel overgebleven bodempjes als koekjes.
  3. De appelvulling kun je een dag voor het serveren van de mini-appeltaartjes al maken. Bewaar hem afgedekt in de koelkast.
  4. Deze mini-appeltaartjes zijn onder andere heerlijk als zoet gerechtje bij een high tea. Serveer ze ook eens als (onderdeel van een grand) dessert (eventueel met een bolletje kaneelijs).

dinsdag 18 oktober 2016

Limburgse appel-kruimelvlaai

Dit is een van mijn favoriete appelgebakrecepten: de appel-kruimelvlaai die ik al jaren maak. Met veel succes.


Ik verfijnde het van oorsprong Limburgse recept toen ik in Afrika woonde. Waar ik mijn inspiratie vandaan haalde? Lees snel verder!



Recept: de lekkerste Limburgse appel-kruimelvlaai bak je zelf!


Hoe een Limburgse vlaai nog lekkerder werd door het gebruik van slechte appels...


West-Afrika. Een kleine vier jaar lang mocht ik het mijn thuis noemen. En dat was niet altijd even makkelijk.

Het leven in Afrika week enorm af van het leven dat ik hier nu leid. Voor een westerling waren de gewoonste dingen er gecompliceerd.

Zo ook het kopen van groente en fruit. Het kostte een tijdje voordat ik doorhad hoe ik dat het beste kon aanpakken. Gewoon naar een supermarkt gaan zoals je dat in Nederland zou doen, behoorde in elk geval niet tot de mogelijkheden.

Uiteindelijk kwam de oplossing voor mijn probleem me gewoon aangewaaid. Hoe dat in zijn werk ging?

Achter de mini-supermarkt in onze compound bevond zich een klein openlucht-groentemarktje. 

We waren er tijdens onze eerste week wel eens geweest, maar toen waren onze ervaringen ermee niet geweldig: de verkopers hadden bijna geen voorraad en wat ze hadden was meestal al verlept of verrot. 

Totdat iemand ons vertelde, dat de stalletjes elke vrijdag verse aanvoer vanuit de stad kregen. En ja hoor: op vrijdag bleek de keus ruimer en de kwaliteit behoorlijk beter!


Groenten kopen op bestelling


Op een van die vrijdagen, toen ik weer eens liep te neuzen bij de stalletjes, werd ik benaderd door een mager, klein jongetje van een jaar of twaalf. Of hij mijn vaste groenteman mocht worden, zo luidde zijn vraag.

Daar stond een superservice tegenover: om te beginnen kreeg ik van hem een “book”, een beduimeld, flets geworden oranje schoolschriftje. Waarschijnlijk was het een erfstuk van een vorige klant, want een groot deel van de pagina’s was er al uitgescheurd. 

In het “book” kon ik elke donderdag mijn bestelling voor die week opschrijven. 

Mijn groenteman kwam het schriftje thuis ophalen en leverde de groenten op vrijdag in de loop van de dag af.


Gewiekste 12-jarige groenteman Daniël


Het klonk mij wel aantrekkelijk in de oren. 

En zo begon een goede koper-verkoperrelatie, die tot ons vertrek uit Afrika standhield. 

‘Mijn’ jongetje, Daniel, bleek niet alleen een gewiekst zakenmannetje, hij was ook een charmeurtje. En dat kwam hem zo nu en dan goed van pas. 

Soms probeerde hij echter het onderste uit de kan te krijgen. Als ik hem daar op wees, kon hij zo onbedaarlijk lachen en ruiterlijk zijn schuld toegeven, dat het probleem meteen weer uit de wereld was. Ik denk dat hij het in onze westerse maatschappij behoorlijk ver geschopt zou hebben!


“Special offers”


Regelmatig bracht hij me ook onverwachte bezoekjes buiten de donderdagen en vrijdagen om. 

Wanneer hij in de stad iets bijzonders op de kop had kunnen tikken, dan pakte hij zijn spulletjes in een grote kartonnen doos, zette die achter op zijn, voor hem veel te kleine, fietsje en trapte zich het apelazerus om zijn klanten te verblijden met een “special offer”. Meestal op de stille tijden van de dag werd er opeens aan de voordeur geklopt.

En daar stond hij, met zijn voorhoofd en neus  tegen het glas van de deur gedrukt om te kijken of “madam” thuis was. 

Zo kwam hij bijvoorbeeld af en toe langs met geïmporteerde appeltjes uit Zuid-Afrika voor hele bijzondere prijzen, “especially for you madam”: omgerekend wel een euro per appel! 

Het waren golden delicious appels (nou niet echt mijn favorieten), groen en klein. Maar het waren appels en die trof je normaal gesproken in dat hete klimaat niet aan.


Kraak-noch-smaak-appels


De eerste keer dat ik ze kocht was ik echt geshockeerd door de smaak; of liever gezegd door het gebrek aan smaak. Er zat echt kraak noch smaak aan! 

Als handappels waren mijn dure aankopen aldus geen cent waard. In Nederland had ik ze misschien gewoon weggegooid. In Afrika deed je dat niet zo snel. 

Ik moest iets verzinnen om deze appeltjes smaakvol te maken.


Kraak-noch-smaak-appeltjes-greumelkes-vlaai!


Lang kostte het me niet om iets te bedenken. Ik besloot ze te karamelliseren, zoals ik dat ook regelmatig met de wat minder zoete ananassen deed. De gekaramelliseerde appeltjes bleken heerlijk bij kaneelijs of als vulling van flensjes of een bladerdeeggebakje.

Maar het allerlekkerst was toch nog mijn ‘kraak-noch-smaak-appeltjes-greumelkes-vlaai’!

Het recept was zo geslaagd, dat ik sindsdien nooit meer ‘gewone’ appeltjes in mijn vlaai verwerk. Al zijn de appels die ik gebruik nóg zo smaakvol, voor deze vlaai zal ik ze altijd eerst karamelliseren!

En daarmee werd mijn appel-kruimelvlaairecept dus nog beter dan het al was!


Zalig!



Recept Limburgse appel-kruimelvlaai


Hoe bak je de allerlekkerste Limburgse appel-kruimelvlaai?


Ingrediënten voor een vlaai met een doorsnede van ±32 cm:


Voor het deeg:

  • 250 gram broodbloem
  • 6 gram gedroogde gist
  • ±1½ dl volle melk
  • 20 gram suiker
  • 5 gram zout
  • 20 gram zachte roomboter

Voor de appelvulling:

  • 8 grote jonagold appels
  • 40 gram roomboter
  • 100 gram gele of lichte basterdsuiker
  • 1 eetlepel citroensap
  • 3 eetlepels rum

Voor de kruimeltjes:

  • 200 gram harde roomboter
  • 200 gram kristalsuiker
  • 300 gram patisseriebloem of patentbloem

Extra:

  • een beetje bloem voor het bestuiven van het werkvlak
  • boter voor het invetten van de bakvorm
  • 3 eetlepels paneermeel

Bereiding:

  1. Strooi de gist in de beslagkom van een stevige staande mixer. Verwarm de melk tot lauw. Schenk het overgrote deel van de melk bij de gist. Voeg de suiker toe en roer het mengsel goed totdat de suiker is opgelost. Laat het mengsel enige minuten staan en weeg ondertussen de andere ingrediënten.
  2. Zeef de bloem boven de kom met het gistmengsel. Strooi het zout over de bloem en voeg de boter toe. Kneed het deeg gedurende minimaal 10 minuten met de kneedhaken van de machine. Voeg eventueel nog wat melk toe. Het deeg moet net niet aan de handen blijven plakken. Om de elasticiteit van het deeg goed te kunnen beoordelen, kun je de laatste paar minuten het beste met de hand kneden.
  3. Heb je geen keukenmachine met kneedhaken, stort dan de bloem op het werkvlak en maak er een kuiltje in. Roer in het kuiltje een mengsel van de gist, de suiker en een beetje melk. Zorg ervoor dat de suiker goed opgelost is. Laat dit mengsel 10 minuten staan. Voeg dan beetje bij beetje de bloem, het zout en de boter toe aan het mengsel. Voeg ook meer melk toe. Kneed het deeg met de handen totdat het elastisch is.
  4. Vorm van het deeg een mooie strakke bol en laat deze tussen twee theedoeken op een warme plaats (bijvoorbeeld in een oven op rijsstand) een halfuur rijzen, totdat hij in volume verdubbeld is.
  5. Beboter ondertussen een vlaaivorm met een doorsnede van ±32 cm, bij voorkeur een donker gekleurde vorm met een losse bodem.
  6. Sla de gerezen deegbol vervolgens goed plat, zodat alle luchtbellen eruit zijn. Rol hem op een met bloem bestoven werkvlak uit tot een lap, die iets groter is dan de bakvorm.
  7. Rol de deegplak losjes om de deegrol en breng hem zo over naar de vlaaivorm. Rol hem daar weer af. Druk het deeg goed aan in de vorm. Rol met de deegrol over de rand van de vorm, zodat het overtollige deeg er netjes ‘afgesneden’ wordt. Nu moet het deeg nog een klein uur rijzen.
  8. Tijdens het rijzen kun je aan de slag gaan met de vullingen. Schil voor de fruitvulling de appels en snijd ze grof in blokjes. Smelt 40 gram boter in een wijde pan met een dikke bodem en voeg de gele basterdsuiker toe. Laat de suiker op een laag pitje smelten en licht karamelliseren. Gooi dan in één keer alle appeltjes erbij. Pas op voor spetten. De karamel wordt in eerste instantie hard, maar lost langzaam maar zeker op in de sappen van de appels, wanneer je ze verwarmt.
  9. Laat de appels op groot vuur 8 à 10 minuten garen. Roer af en toe. Daarna is een deel van de appels zacht en moesachtig en een deel (de grotere stukjes) heeft nog een bite. Maak de appeltjes op smaak met de rum en het citroensap. Verwarm de appelvulling nog een paar minuten op hoog vuur, zodat wat van het vocht kan verdampen. De vulling mag niet te vochtig zijn. Doe de vulling meteen over in een wijde schaal en laat hem afkoelen.
  10. Het volgende werkje betreft het maken van de kruimeltjes of greumelkes zoals we in Limburg zeggen. Stort daartoe de suiker en de bloem op het aanrechtblad. Snijd de boter in kleine stukjes en voeg deze toe aan het mengsel. Begin er met kleine kneepjes in te kneden. Ga hiermee zolang door totdat de ingrediënten samenhang vertonen en klonterige kruimels met een onregelmatige structuur vormen, in omvang variërend van enkele millimeters tot zo’n anderhalve centimeter. Zorg ervoor dat alle bloem en alle suiker zijn opgenomen. Stop dan meteen en doe de kruimeltjes over in een kom, die je tot gebruik het beste in de koelkast kunt zetten.
  11. Verwarm de oven voor tot 200°C. Voor het welslagen van de vlaaibodem heb je in verhouding veel onderwarmte nodig. Kies dus bij voorkeur voor een ovenprogramma met extra onderwarmte. Ook de donkere kleur van de bakvorm draagt bij aan de kwaliteit van de vlaaibodem. Werk je niet met een donker gekleurde bakvorm, schuif dan nu al een bakplaat op de onderste richel in de oven. Dit in plaats van een rooster. De hitte van de bakplaat geeft hetzelfde effect als een donkere bakvorm.
  12. Prik het deeg na de tweede rijs in met een vork. Verdeel er vervolgens het paneermeel overheen. Voeg de appelvulling toe. Tenslotte kunnen de kruimeltjes met gulle hand over de vlaai gestrooid worden.
  13. Zet de vlaai op de bakplaat of het rooster onder in de oven. Bak hem in 25 minuten gaar. Draai de oven eventueel de laatste 10 minuten iets lager als de rand van de vlaai te snel bruint.
  14. Neem de appel-kruimelvlaai na het bakken meteen uit de vorm en laat hem helemaal afkoelen op een rooster alvorens hem op een taartschaal te presenteren.

Tips:

  1. Deze vlaai smaakt het lekkerste op de dag van het bakken zelf. Een eventueel restje kun je nog minimaal een dag bewaren. Dek de vlaai ’s nachts losjes af en zet hem bij voorkeur niet in de koelkast. De kruimeltjes mogen niet de kans krijgen vocht aan te trekken.
  2. Voor deze vlaai gebruik je idealiter twee verschillende soorten bloem. Voor de bodem heb je broodbloem nodig. Dat is een bloemsoort gemaakt van harde tarwe. Door de grote hoeveelheid gluten in deze bloem rijst het deeg veel beter. Broodbloem koop je bij een bakker die zelf bakt, een groothandel of via internet. Voor de kruimeltjes kun je beter een zachtere bloemsoort gebruiken; dan worden de kruimeltjes mooi bros. Patentbloem uit de supermarkt is prima.
  3. Meer tips voor het werken met gistdeeg? Die vind je in mijn blog over zelfgebakken dinerbroodjes.