Posts tonen met het label eieren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label eieren. Alle posts tonen

woensdag 24 mei 2023

Ontbijttorentjes: een stoer vaderdagontbijt van laagjes waldkornbrood, roerei, Zeeuws spek, avocado en tomaat


Iedereen zal het met me eens zijn: op de derde zondag van juni mag het ontbijt wat uitbundiger zijn dan normaal. Want de derde zondag van juni is Vaderdag! En een vaderdagontbijt, dat is per definitie een stoer, overvloedig ontbijt! 


Maar wat serveer je dan op Vaderdag? 


De vader hier in huis weet wel raad met die vraag: als hij het voor het zeggen heeft - en dat is natuurlijk het geval op Vaderdag! - dan kiest hij voor... ontbijttorentjes. Of zeg maar gerust: ontbijttorens! 


Kloeke sandwiches opgebouwd uit de lekkerste ontbijtingrediënten. Met stevige, robuuste smaken. Opgediend in heel veel laagjes. Maar liefst 11 stuks!


Welke dat zijn? Hier komen ze, van boven naar beneden:

  1. een snee stoer en tegelijkertijd toch luchtig waldkornbrood
  2. een royale portie smeuïg roerei
  3. weer een snee brood
  4. vier plakjes krokant gebakken, kruidig, Zeeuws spek
  5. een paar blaadjes crispy romainesla
  6. een dun laagje frisse mayonaise
  7. nog een keer brood
  8. een halve, heerlijk nootachtige en romige avocado, mooi dun gesneden
  9. fruitige schijfjes trostomaat met flink wat zwarte peper
  10. weer een beetje mayo
  11. en als basis een laatste snee brood
En, alsof dat nog niet genoeg is, leggen wij naast zo'n giga-vaderdag-sandwich-toren ook nog een paar juicy Engelse ontbijtworstjes. 


Als dat geen feestelijk begin is van de stoerste zondag van het jaar!


Recept: zo maak je zelf ontbijttorentjes, een stoer vaderdagontbijt van waldkornbrood met roerei, Zeeuws spek, avocado en tomaat


Ontbijttorentjes: een stoer vaderdagontbijt van laagjes waldkornbrood, roerei, Zeeuws spek, avocado en tomaat



Ingrediënten voor een stevig ontbijt voor 4 personen:

  • 16 sneetjes waldkornbrood of ander stoer, maar ook licht en zacht brood (zou je compact en stevig brood gebruiken, dan zouden je ontbijttorentjes niet echt makkelijk te snijden zijn)
  • 16 dunne plakjes Zeeuws spek
  • 8 Engelse ontbijtworstjes
  • ±4 afgestreken eetlepels mayonaise
  • 4 à 6 rijpe trostomaten (afhankelijk van de maat)
  • de blaadjes van 1 kropje babyromainesla of little gem
  • 2 rijpe avocado's
  • 5 eieren (maat L)
  • 5 eetlepels slagroom (ongeklopt en ongezoet)
  • een klontje roomboter
  • zout en versgemalen zwarte peper

Bereiding:

  1. Snijd de korstjes van de sneetjes brood; als je hiervoor een scherp keukenmes gebruikt zonder karteltjes, krijg je mooie gladde randjes aan je brood (zie foto). Belangrijk: sla deze stap niet over, want een hoge sandwich met korstjes is moeilijk te snijden.
  2. Bak het Zeeuwse spek krokant in een koekenpan met anti-aanbaklaag; je hebt hiervoor geen extra vet nodig. Neem het spek uit de pan en dep met een stukje keukenpapier overtollig vet eraf.
  3. Bak tegelijkertijd in een andere pan de ontbijtworstjes goudbruin en gaar.
  4. Snijd heel dun de kontjes van de tomaten af; die worden niet gebruikt (tomatenplakjes met kontjes glijden van je sandwich af). Snijd de rest van de tomaten in dunne plakjes. 
  5. Was de sla en slinger hem droog in een slacentrifuge.
  6. Snijd de avocado's in dunne plakjes.
  7. Besmeer 8 sneetjes brood met een dun laagje mayonaise.
  8. Leg op elk bord één sneetje brood met mayonaise. Verdeel er wat plakjes tomaat overheen. Kruid de tomatenplakjes met een beetje zout en flink wat peper. Bovenop de tomaten mag een laagje avocadoplakjes.
  9. Dek af met nog een sneetje brood met mayonaise (met de mayonaise aan de bovenkant). Hierop gaan een paar blaadjes sla met daarop 4 plakjes Zeeuws spek per persoon. En weer gaat er een sneetje brood bovenop.
  10. Verwarm een, schone, koekenpan met anti-aanbaklaag een klein beetje. Draai het vuur niet te hoog: laag tot medium is voldoende. Smelt in de pan een klontje roomboter. De boter moet warm worden, maar niet echt heet.
  11. Breek de eieren in een kom en voeg de slagroom en wat zout en peper toe. Klop de eieren goed los met een garde. Het mengsel moet egaal zijn: je mag geen los eiwit en dooier meer zien. Schenk het eiermengsel in de pan. 
  12. Geef de eieren ongeveer een halve minuut de kans om licht te stollen - maar niet aan te bakken - aan de onderkant. De bovenlaag is dan nog helemaal vloeibaar. Begin vervolgens met een houten of siliconen spatel het ei van buiten naar binnen te scheppen. Schep het ei ook in het midden een paar keer om, maar roer het niet (ook al heet dit een 'roerei').
  13. Stop meteen met scheppen als het ei bijna gestold en nog net een beetje 'nat' is. Een roerei is op zijn lekkerst als het ei baveux is, zoals dat heet: sappig, romig, fluffy, niet 100% gaar en zachtgeel (niet goudbruin) van kleur. 
  14. Verdeel de roereieren over de ontbijttorentjes. Leg de laatste sneetjes brood erbovenop. Prik van bovenaf lange cocktailprikkers in de sandwiches; zo glijden al de laagjes niet van elkaar af. Serveer je sandwichtorentjes meteen met de Engelse worstjes ernaast.

Tip:

Wil je meer stoere ontbijtrecepten? Ik ken nog wel een paar ontbijtgerechten waar zelfs de meest onverschrokken vaders voor door de knieën gaan:

Recept: echte Limburgse gehaktballen op brood!

Recept: verrukkelijke Amerikaanse ontbijtwafels met blauwe bessen!

Recept: stoere bagels met gerookte kip, bacon en rookamandelen

Recept: bagels op z'n Italiaans met mozzarella en een vurige salsa!

Recept: er gaat niets boven lekker pikante zelfgemaakte pindakaas met grote stukken pinda!

Recept: robuuste speltboterhammen met Italiaans gedroogd rundvlees en truffelmayonaise

Recept: een salamisandwich met truffel, kaas, paprika en ui om over naar huis te schrijven!


donderdag 11 maart 2021

Hartige soesjes gevuld met roerei en gerookte zalm: ideaal voor je paasbrunch!

Wat serveer jij dit jaar tijdens je paasontbijt of je paasbrunch


Toen ik mijn man vroeg wat hij echt het allerliefst zou willen eten op paasochtend, hoefde hij daar niet lang over na te denken: mijn soesjes gevuld met roerei en reepjes gerookte zalm, díe moesten het worden! 


Dus ga ik op paaszaterdag een flinke plaat soezen bakken! Vlak voor het feestontbijt mogen die nog even de oven in om lekker warm en krokant te worden. Ondertussen kan ik me dan bezig houden met het maken van een pan vol met fluffy, sappig roerei. Snel wat gerookte zalm in reepjes snijden, een bosje bieslook in ringetjes knippen, soesjes opensnijden en... vullen maar!

Denk je nu: oeh, dat willen wij ook wel eten? 
Ga je gang! Het recept vind je hieronder!

Ik wens je heel gezellige én lekkere paasdagen!   



Hartige soesjes gevuld met roerei en gerookte zalm: ideaal voor je paasbrunch!


Hartige soesjes gevuld met roerei en gerookte zalm: ideaal voor je paasbrunch! 


Ingrediënten voor een ontbijt- of brunchgerecht voor 4 personen:


Voor ±20 soesjes (je hebt er 12 nodig):

  • 75 gram water
  • 75 gram volle melk
  • 75 gram roomboter, in plakjes gesneden
  • een flinke snuf zout
  • 150 gram patentbloem
  • ±150 gram ei (gewogen zonder eierschaal), ±3 eieren    

Voor het roerei met gerookte zalm en bieslook:

  • 6 eieren (L)
  • 6 eetlepels ongeklopte slagroom
  • zout en versgemalen zwarte peper naar smaak
  • 3 eetlepels roomboter
  • 1 ons gerookte zalm
  • 4 eetlepels in ringetjes geknipte bieslooksprietjes

Bereiding:

  1. Bak de soesjes volgens het recept uit mijn vorige blog. Ik bak mijn soesjes het liefst een dag voor de brunch al; dat is het makkelijkst. Laat je soesjes afkoelen en bewaar ze in een stevige zak of een diepvriesdoos.
  2. Verwarm 12 soesjes een dag later gedurende 7 à 8 minuten in een oven van 150°C. 
  3. Maak ondertussen het garnituur voor het roerei: snijd de zalm in reepjes en knip de bieslook in ringetjes.
  4. Breek de eieren in een kom en voeg de slagroom en wat zout en peper toe. Klop de eieren goed los met een garde. Het mengsel moet egaal zijn: je mag geen los eiwit en dooier meer zien.
  5. Zet 4 (liefst verwarmde) borden klaar. Snijd de warme soesje open. Leg op elk bord 3 onderkantjes. Houd de bovenkantjes apart.
  6. Verwarm een koekenpan met anti-aanbaklaag een klein beetje. Draai het vuur niet te hoog: laag tot medium is voldoende. 
  7. Smelt de roomboter in de pan. De boter moet warm worden, maar niet echt heet.
  8. Schenk het eiermengsel in de pan. 
  9. Geef de eieren ongeveer een halve minuut de kans om licht te stollen - maar niet aan te bakken - aan de onderkant. De bovenlaag is dan nog helemaal vloeibaar.
  10. Begin vervolgens met een houten of siliconen spatel het ei van buiten naar binnen te scheppen. 
  11. Schep het ei ook in het midden een paar keer om, maar 'roer' het niet ook al heet dit een 'roerei'! 
  12. Stop meteen met scheppen als het ei bijna gestold en nog net een beetje 'nat' is. Een roerei is op zijn lekkerst als het ei baveux is, zoals dat heet: sappig, romig, fluffy, niet 100% gaar en geel (en niet goudbruin) van kleur. 
  13. Draai het vuur uit en schep de zalm en de helft van de bieslook door het roerei. De zalm mag niet garen.
  14. Vul de onderkantjes van de soesjes meteen met het roerei; verdeel een eventueel restje roerei over de borden. Dek de gevulde soesjes af met de apart gehouden bovenkantjes.
  15. Garneer je gevulde soesjes met de resterende bieslook. Serveer meteen.

Tips:

  1. Deze soesjes zijn ook erg lekker als voorgerecht; 2 soesjes per persoon is voldoende. Heerlijk bij je paasdiner! Of serveer ze als klein hartig hapje om je paas-high tea mee te starten! 
  2. Was je nog op zoek naar een luxe amuse? Eén soesje op een klein bordje is niet alleen schattig, maar ook delicaat van smaak en licht!
  3. Ook lekker: vervang de gerookte zalm door Hollandse garnaaltjes of rivierkreeftjes! 
  4. Je houdt nog een paar ongevulde soesjes over. Serveer ze gevuld met slagroom (en fruit) als friandises bij de koffie.
  5. Of vries ze in! Handig voor een volgende keer. Leg ze - recht uit de vriezer - in een oven van 160°C. Als ze warm zijn, zijn ze klaar. Wil je ze vullen met slagroom of een andere koude vulling, laat ze dan wel eerst even afkoelen. 
  6. Heb je nog nooit eerder soezen gebakken? Soezen bakken is niet moeilijk, maar het is wel belangrijk voor het resultaat dat je je goed aan de soezen-bak-regeltjes houdt. Je vindt die allemaal in mijn blog van de vorige keer!

Je zelfgebakken soesjes, vers uit de oven!

Ook gevuld met slagroom zijn soesjes erg lekker!


vrijdag 8 februari 2019

Oosterse kippensoep met omelet, garnalen, sugarsnaps en minimaïskolfjes


Heb je mijn vorige blog gelezen met het recept voor een sappige oosterse omelet? Die omelet kun je prima serveren als bijgerecht bij nasi, bami of een wat uitgebreidere oosterse maaltijd.

Maar vandaag gaat hij in de soep! In een verrukkelijke zelfgetrokken oosterse kippensoep met o.a. heel veel kippenvlees, garnalen, knapperig verse sugarsnaps en minimaïskolfjes.

Tot zover de vulling. Wat zijn de smaakmakers? O.a. lichte sojasaus, Chinees vijfkruidenpoeder, geelwortel en wat pittige Spaanse peper. Top!


Oosterse kippensoep met omelet, garnalen, sugarsnaps en minimaïskolfjes


Wat is Chinees vijfkruidenpoeder of Chinese 5-spice?


Het recept komt eraan; dat beloof ik je! Maar eerst nog een aantal tips met betrekking tot de ingrediënten van deze kippensoep. Misschien zijn er een paar die je niet bekend voorkomen of die je niet verwacht in een kippensoep.

Om te beginnen het Chinese vijfkruidenpoeder. 

Dat is een mengsel van - logisch - 5 verschillende ingrediënten, die vaak in de Chinese keuken worden gebruikt. Alleen, het zijn geen kruiden, maar specerijen. De Engelse benaming Chinese 5-spice is eigenlijk juister.

Niet elk vijfkruidenpoeder bevat exact dezelfde specerijen en al helemaal niet in dezelfde verhoudingen. Zo heb ik toevallig twee potjes in huis met elk een andere samenstelling. Anijszaad, steranijs, kruidnagel, cassia (een soort kaneel) venkelzaad, sechuanpeper, gemberpoeder. Al deze specerijen kunnen ook in jouw mengsel zitten. In elke blend bevinden zich minstens een anijs- en een pepersoort, hetgeen 5-spice heerlijk zoet en tegelijkertijd pikant maakt.

Gebruik vijfkruidenpoeder altijd spaarzaam; het kan snel gaan overheersen. Twijfel je over de hoeveelheid, begin dan met een klein beetje en voeg eventueel nog wat extra toe nadat je geproefd hebt.


Geelwortelpoeder, koenjit of kurkuma


Geelwortelpoeder, het gedroogde poeder van een, jawel, gele wortel, vind je nooit in 5-spice. Maar hij hoort eigenlijk wel in deze kippenbouillon thuis. Met name vanwege zijn aroma en zijn aantrekkelijke kleur. 

Geelwortel, ook wel koenjit of kurkuma genoemd, is het ingrediënt dat curry's, kerriepoeder en vaak ook rijst zo zonnig goudgeel maakt. Op de foto hieronder zie je hoe stralend je bouillon ervan wordt!


Oosterse kippenbouillon


Een beetje vet kan zo lekker zijn


Op de foto van de bouillon zie je nog een ingrediënt, dat ik niet los toevoeg, maar dat er wel degelijk in zit: een beetje vet! Ik houd van die klein vetkringetjes op mijn kippenbouillon!

Het vet komt uit de kippenbouten, waar je je bouillon van trekt. Ik kies er altijd voor de bouillon alleen maar te zeven en niet compleet te ontvetten. Want dat vet geeft zo veel lekkere smaak!

Tip: wil je toch liever een compleet magere bouillon? Laat je bouillon dat helemaal afkoelen. Het vet, dat bovenop de bouillon drijft, wordt dan hard. Je kunt het er vervolgens makkelijk af scheppen.


Lichte sojasaus


Het kan zijn dat je nog nooit gewerkt hebt met Chinese lichte sojasaus. Dat is een saus op basis van gefermenteerde soja, net zoals zo veel andere sojasauzen. De saus is vrij licht van kleur en niet zoet, maar wel licht zout. Tegenwoordig kun je hem zelfs kopen in de supermarkt.


Minimaïs


Ik vul mijn oosterse kippensoep graag met ingrediënten die allemaal een iets andere smaak en structuur hebben. Dat maakt de soep lekker avontuurlijk, toch?!

Het zijn de minimaïskolfjes die zorgen voor de krokante bite. 

Voor het geval je eraan zou twijfelen: het gaat hier echt om kleine onrijpe kolfjes van maïs. 

Ze worden in een vroeg stadium al geoogst. Je kunt ze in zijn geheel eten. Omdat verse niet altijd verkrijgbaar zijn, heb ik in dit recept gekozen voor een blikje maïskolfjes. Mocht je verse kunnen vinden, blancheer die dan een minuut of vier voordat je ze in stukjes aan de soep toevoegt. De minimaïskolfjes uit blik zijn al gaar.


Minimaiskolfjes


En dan nu echt - beter laat dan nooit - het recept voor mijn oosterse kippensoep met omeletrolletjes, grote garnalen, sugarsnaps en minimaïskolfjes! 


Nu je er alles over weet, wordt hij vast nog lekkerder. 


Dat wordt dus extra genieten!



Recept Oosterse kippensoep met omelet, garnalen, sugarsnaps en minimaïskolfjes



Oosterse kippensoep met omelet, garnalen, sugarsnaps en minimaïskolfjes



Ingrediënten voor een voorgerecht voor ±8 personen:


Voor de kippenbouillon:

  • 3 flinke kippenbouten
  • 2,5 l water
  • 1/2 prei
  • een paar takjes bladselderij
  • 1/2 ui
  • ±5 kippenbouillonblokjes
  • 6 eetlepels droge sherry
  • 4 eetlepels Chinese lichte sojasaus
  • 1 theelepel Chinees 5-kruidenpoeder (5-spice)
  • 1/2 theelepel geelwortelpoeder (kurkuma/koenjit)

Voor de vulling:

  • 200 gram sugarsnaps
  • zout
  • oosterse omeletrolletjes van 4 eieren (zie mijn eerdere blog)
  • 200 gram vrij grote garnalen
  • 250 gram minimaïskolfjes (uit blik)
  • 3 bosuitjes
  • 1 Spaanse peper

Bereiding:

  1. Snijd de prei, de bladselderij en de ui grof in stukken. 
  2. Doe alle ingrediënten voor de bouillon in een grote soeppan en breng het geheel aan de kook. Laat de kippenbouillon ongeveer 1,5 uur zachtjes trekken. Daarna is het kippenvlees mooi gaar.
  3. Neem de kippenbouten uit de pan en pluk het vlees ervan af. Snijd het zo nodig in kleinere stukjes.
  4. Plaats een vergiet in een grote kom of pan en leg er een kaasdoek of een schone theedoek in (de theedoek mag niet behandeld zijn met wasverzachter!). Giet de bouillon door de zo ontstane fijne zeef. Schenk de kippenbouillon terug in de pan.
  5. Haal de sugarsnaps af en kook ze in een beetje gezouten water net beetgaar. 
  6. Snijd de bosuitjes diagonaal in ringetjes. 
  7. Verwijder de zaadjes en de zaadlijsten uit de Spaanse peper en snijd de peper voor een deel in ringetjes. Snipper de rest fijn.
  8. Snijd de minimaïskolfjes diagonaal in stukjes.
  9. Bak de omeletten en snijd ze in rolletjes.
  10. Vul de soep vlak voor het serveren met de kipstukjes, de sugarsnaps, de bosuitjes, de Spaanse peper en de minimaïskolfjes. Verwarm het geheel slecht een paar minuten. De ingrediënten mogen niet (door)garen. 
  11. Verdeel de omeletrolletjes en de garnalen over (eventueel voorverwarmde) borden of soepkommen. Schep de soep eroverheen. 

    Oosterse omeletrolletjes voor in de soep


    donderdag 7 februari 2019

    Oosterse omeletrolletjes voor soep, bami of nasi

    Soms heb ik van die dagen dat ik het leuk vind om enorm uit te weiden over mijn recepten. In de hoop natuurlijk dat mijn volgers dat kunnen waarderen...

    Hou jij daar niet zo van? Ook prima! Dan is dit blog iets voor jou!

    Over deze oosterse omeletrolletjes wil ik eigenlijk alleen maar kwijt dat ze enorm lekker zijn - een inkoppertje natuurlijk, want waarom zou ik onsmakelijke recepten posten? - en dat je ze kunt inzetten als vulling voor een soep of kunt serveren bij bami of nasi. Oh, en ook nog: je hoeft deze omelet niet in rolletjes te serveren. Opsnijden in ruitjes, vierkantjes, reepjes, etc. kan ook gewoon.

    En dan nu foto en recept! Veel plezier ermee!


    Recept Oosterse omeletrolletjes voor soep, bami of nasi


    Oosterse omeletrolletjes voor soep, bami of nasi


    Ingrediënten voor een bijgerecht voor ±4 personen of een soepvulling:

    • 4 eieren (L)
    • 1 bosui
    • 1 eetlepel ketjap asin
    • 1 eetlepel ketjap manis
    • 1 theelepel sambal badjak
    • 4 eetlepels water
    • zonnebloemolie om te bakken

    Bereiding:

    1. Verhit wat olie in een grote koekenpan met anti-aanbaklaag.
    2. Snipper het bosuitje fijn.
    3. Klop de eieren goed los in een kommetje. Voeg de rest van de ingrediënten toe en klop nog even door.
    4. Schenk de helft van het eimengsel in de koekenpan en draai deze even rond zodat de hele bodem bedekt is met ei. 
    5. Roer het ei met een spatel her en der wat los van de bodem, totdat de omelet te gaar wordt om dit te doen. De 'gaten' vullen zich elke keer weer met vloeibaar ei. Door het omscheppen wordt je omelet extra luchtig. 
    6. Je omelet mag niet echt bruin worden, dus draai het vuur op tijd laag. Laat de omelet vrijwel helemaal stollen aan de bovenkant. 
    7. Draai hem daarna met een spatel om. Bak ook de andere kant nog even zachtjes.
    8. Laat de omelet uit de pan op een snijplank glijden.
    9. Bak nog een omelet.
    10. Rol beide omeletten meteen na het bakken op. 
    11. Snijd de rolletjes met een scherp mes in kleine plakjes; zie foto. 
    12. Serveer je omeletrolletjes met nasi, bami of in een lekkere oosterse soep.

    Tip:

    1. Wij houden enorm van oosters getinte bouillons met vullingen van knapperig verse groenten. Daar smaken deze omeletrolletjes perfect bij. Wil je graag een voorbeeld van zo'n soep? Houd dit blog in de gaten: de volgende keer post ik het recept voor een verrukkelijke oosterse kippensoep met o.a. omeletrolletjes, garnalen, sugarsnaps en minimaïskolfjes!
    2. Als je je nu abonneert op mijn (gratis) receptenservice (rechtsboven op deze pagina), krijg je het recept - en alle volgende recepten van dit blog - automatisch in je inbox! Doen!

    Oosterse kippensoep met omeletrolletjes, garnalen, minimaïs en sugarsnaps

      dinsdag 9 oktober 2018

      Sherrybouillon met Hollandse garnalen en omeletruitjes


      Ik houd van lekker lang tafelen. Gezellig met vrienden. Of romantisch met zijn tweetjes. Ik geniet altijd enorm van etentjes met veel gangen om heerlijk van te proeven.

      Maar dan willen we natuurlijk niet na afloop als tonnetjes van tafel rollen.

      Daarom vind ik het belangrijk in uitgebreide menu's minstens een paar heel lichte hapjes in te plannen. Dat kunnen kleine porties zijn, bijna amuseachtig. Of heel verfijnde caloriearme gerechten.

      Mijn sherrybouillon met Hollandse garnalen en omeletruitjes valt overduidelijk in de laatste categorie. 


      Je maakt hem door een krachtige, zelfgetrokken rundvleesbouillon stevig op smaak te maken met een flinke scheut medium sherry. Je vult de bouillon met in ruitjes gesneden kruidenomelet en een paar lepels Hollandse garnalen. Verrukkelijk! En de calorieën? Die kun je bijna op één hand tellen!


      Recept Sherrybouillon met Hollandse garnalen en omeletruitjes


      Sherrybouillon met Hollandse garnalen en omeletruitjes



      Ingrediënten voor een voorgerecht voor ±8 personen:


      Voor de bouillon:

      • 1 pond runderpoulet of magere runderlappen
      • 2 liter water
      • 3 worteltjes
      • 1 prei
      • 1 ui
      • een bosje bladselderij
      • 1 blaadje laurier
      • een paar stukjes foelie
      • ½ theelepel kerriepoeder
      • 10 zwarte peperkorrels
      • een mespuntje nootmuskaat
      • 1 theelepel gedroogde tijm
      • runderbouillonblokjes of bouillonpoeder naar smaak
      • worcestersaus
      • medium sherry

        Voor de omeletruitjes:

        • 3 grote eieren
        • 1,5 eetlepel bloem
        • 1,5 eetlepel koud water
        • 1,5 eetlepel versgehakte platte peterselie
        • zout en peper
        • boter of margarine

          Extra vulling:

          • 150 gram Hollandse garnalen
          • 3 eetlepels versgehakte platte peterselie

          Bereiding:

          1. Snijd de worteltjes in plakjes. Snijd de prei in ringen en was deze goed. Snipper de ui grof. Hak de selderij grof.
          2. Doe alle ingrediënten tot en met de tijm in een soeppan en breng het geheel net tegen de kook aan. Laat de soep enige uren trekken.
          3. Schep de groenten en het vlees uit de bouillon (bewaar het vlees voor bijvoorbeeld jachtschotel of kroketten).
          4. Maak de bouillon op smaak met wat bouillonpoeder of bouillonblokjes en een scheutje worcestersaus. Voeg eventueel nog wat water toe, wanneer er te veel is verdampt.
          5. Plaats een vergiet in een grote pan, leg er een kaasdoek of een schone theedoek in en giet de bouillon door de zo ontstane fijne zeef. Pas op: gebruik geen doek, die behandeld is met wasverzachter!
          6. Klop voor de omelet de eieren los in een kopje. Doe de bloem in een beslagkom en voeg al kloppend de eieren toe. Maak het eiermengsel af met het water, de peterselie en wat zout en peper.
          7. Verhit in een koekenpan met een doorsnede van ±28 cm wat boter. Bak hierin van de helft van het eiermengsel een omelet, die je aan twee kanten zachtjes bakt. Hij mag niet bruin worden. Schep de omelet uit de pan en bak nog een omelet.
          8. Snijd beide omeletten in mooie ruitjes.
          9. Verwarm de bouillon vlak voor het serveren en voeg een forse scheut sherry toe. De alcohol mag niet helemaal verdampen.
          10. Schep in elk bord wat omeletruitjes, een paar garnaaltjes en een beetje peterselie. Schenk de hete bouillon eroverheen en serveer meteen.

          Tips:

          1. Tot en met stap 8 kun je dit gerecht ruim van tevoren voorbereiden. Bewaar alles na afkoeling afgedekt in de koelkast. Warm vlak voor het serveren de bouillon op en voeg dan pas de sherry toe. Verwarm de omeletruitjes even in de oven of op een laag pitje in een koekenpan.
          2. Is deze hoeveelheid bouillon veel te veel voor je? Je kunt hem makkelijk in kleine porties invriezen! Doe dit wel voordat je de sherry toevoegt.
          3. Jachtschotel maken van het gare soepvlees? Heerlijk! En de ideale restverwerking! Om je lekker te maken hieronder vast een foto. Zoals je ziet gaat het om een ovenschotel van sappig rundvlees met uien, paprika en augurken onder een dekentje van luchtige aardappelpuree. 

          Jachtschotel van kruidige rundvlees en luchtige aardappelpuree


            donderdag 27 september 2018

            Gebakken rijst met heel veel ei, bosui en wortel

            Bij oosterse gerechten met veel saus serveer ik het liefst gewoon witte rijst. Maar soms wil ik een rijstgerecht met wat meer smaak én met groenten erdoorheen. 


            Dan kies ik meestal voor deze verrukkelijke rijst gebakken met lekker veel eieren, frisse bosui en lichtzoete wortelreepjes.


            Gebakken rijst met ei, bosui en wortel


            Gebakschaal of geurtje?


            Ken jij ze ook, vrouwen die cadeaus bestemd voor de keuken haten, maar dan ook echt Háten? 

            Krijgen ze van hun man een gebakschaal of een nieuwe stoofpan? Dan reageren ze enthousiast en blij verrast. Maar stiekem hopen ze de volgende keer op een geurtje, een sieraad of een tas!

            Zo'n vrouw ben ik dus niet! Het zal er maar uit zijn: je maakt mij het allerblijst met kopjes, borden, spatels, servetjes en dus die gebakschaal en die stoofpan.


            Cadeaus van dierbare vrienden


            Ik prijs me gelukkig met de vele vrienden die dat weten. En ernaar handelen! Bedankt, bedankt, bedankt! Jullie cadeaus verschijnen vaak op tafel en roepen elke keer weer dierbare herinneringen op.

            Eén van die supercadeaus heb ik dinsdag nog gebruikt. Voor de foto's van mijn gebakken rijst. Mijn Chinese visjesservies! Een servies met een verhaal.


            Gezellige bridgelessen met vriendinnen


            Je weet: ik woonde een paar jaar in Maleisië. Daar maakte ik deel uit van een hechte expatgemeenschap. Een groep waarin iedereen zijn steentje bijdroeg. De een voerde er hand-en-spandiensten uit voor de internationale school, de ander zat in het bestuur van een vereniging, gaf zeillessen aan kinderen, organiseerde sportevenementen, etc.

            Mijn steentje bestond er o.a. uit dat ik bridgelessen gaf. Dat kaartspel, ja. Nou moet je niet meteen denken: slaapverwekkend, saai, duf. Bridge is een ingenieus spel.

            En de lessen waren echt, echt supergezellig. We waren gewoon een club vriendinnen met een gedeelde hobby. Eén ochtend in de week kwamen we samen in mijn huiskamer.

            We bespraken er bridgetactieken en speelden een aantal geprepareerde spelletjes. Tussendoor maakten we steevast tijd vrij om bij te praten en - je kent mij - te genieten van zelfgebakken lekkernijen.

            Het doel van dit alles? Het spel voldoende leren beheersen om in de avonduren nog meer te kunnen bridgen onder het genot van nog meer hapjes. En een lekker glas wijn.

            Mijn inzet was vrijwillig, sterker nog: het was na koken en bakken mijn leukste hobby.


            Nooit een allerlaatste bridgeles


            Maar aan alles komt een eind. Na tweeëneenhalf jaar zat ik daar opeens op een woensdagochtend. Knoop in mijn maag. Een week later zouden we verhuizen naar Nederland. Alles stond klaar voor de aller-allerlaatste bridgeles. 

            Dacht ik.

            Maar er kwam niemand... Er gingen tien minuten voorbij, een kwartier.

            Tot ik om twintig over negen werd ontvoerd uit mijn eigen huis...


            "Verrassing!!"


            Om een lang verhaal kort te maken - nou ja, korter - ik werd meegetroond naar een "surprise!!"-party.

            Op een zonnige patio zaten al mijn bridgevriendinnen klaar met koffie, heel veel gebak én, als kers op de taart, een mysterieuze, supergrote doos!

            Halverwege de ochtend werd die pontificaal op mijn tafel geplant. 'Openmaken!' luidde de opdracht!


            Chinees visjesservies


            Alles bij elkaar kostte me dat wel een halfuur. In de doos zaten een heleboel kleinere pakjes. Het leek warempel of Sinterklaas langs was geweest! 

            Na veel oohs, aahs en geklap stond er op de tafel naast mij - ja, ik had echt een extra tafel nodig voor dit cadeau - een compleet Chinees servies! Als bedankje! De dames had me niets mooiers kunnen geven!

            Nu, zoveel jaar later, hebben we nog elke week plezier van dit servies. We gebruiken het steeds als we oosters eten. Sweet memories...


            Chinees visjesservies


            Gebakken rijst met ei, heel veel zacht en smeuïg ei


            Een paar dagen geleden vormde mijn visjesservies het decor voor één van mijn lievelingsgerechten: krokante speklapjes met een verrukkelijke Chinese saus en gebakken rijst met ei, bosui en wortel.

            Het recept voor de Chinese speklapjes gaf ik je laatst al. Nu is het de beurt aan de gebakken rijst. Er is in dit gerecht een hoofdrol weggelegd voor de eieren. Die maken de gebakken rijst bijna romig van smaak!


            Rijst koken en laten afkoelen


            Maar laat ik bij het begin van het recept beginnen. Eerst moet je er namelijk rijst voor koken. Gebruik een gewone langkorrelrijst. Ik kook die bij voorkeur in mijn, toevallig ook uit Maleisië afkomstige, rijstkoker. Maar als je die niet hebt, is dat geen probleem.

            Na het koken moet de rijst helemaal afkoelen. Dat is echt essentieel; anders wordt de rijst plakkerig tijdens het bakken. Maak hem in dit stadium ook wat losser met een vork.


            Clusters van ei en rijst


            Daarna wordt de rijst kort gebakken in hete olie. Ondertussen klop je de eieren los in een kommetje. De truc is om - met het vuur middelhoog - de geklopte eieren over de rijst uit te gieten. En daarna niet meteen weer te gaan roerbakken. Laat het ei gedurende ongeveer een minuut eerst een beetje stollen.

            Er ontstaan zo luchtige clusters van ei met rijstkorrels erin. Na een minuut mag je de rijst voorzichtig een paar keer gaan omscheppen. Het streven is om het ei niet bruin te laten worden, maar wel gaar. En de clusters moeten blijven! Althans, dat vinden wij hier in huis. Want die maken de rijst juist zo vreselijk lekker!

            Je maakt het gerecht af door er gesneden bosui, gesnipperde chilipeper en geraspte wortel doorheen te scheppen. Nog één minuut doorwarmen en... aan tafel!

            Heb ik je lekker gemaakt? Hieronder vind je het complete recept. Veel plezier ermee!


            Recept Gebakken rijst met ei, bosui en wortel


            Gebakken rijst met heel veel ei, bosui en wortel


            Ingrediënten voor een bijgerecht voor 4 personen:

            • 400 gram langkorrelrijst, bijvoorbeeld basmatirijst
            • ±7 dl water
            • zout
            • 8 bosuitjes
            • 1 Spaanse peper
            • 4 eetlepels zonnebloemolie
            • 5 à 6 eieren (naar keuze)
            • 150 gram geraspte wortel of zeer fijne julienne van wortel (in de supermarkt vind je deze al kant-en-klaar)
            • een scheutje ketjap asin

            Bereiding:

            1. Ik kook mijn rijst het liefst in een rijstkoker. Voor het bereiden spoel ik hem eerst even af in een zeef onder koud stromend water. Daarna mag hij de rijstkoker in samen met het water en een beetje zout. Een dik halfuur later heb ik perfect gekookte rijst. Heb je geen rijstkoker? Hou je dan aan de instructies op de verpakking van de rijst.
            2. Doe de rijst over in een schaal en maak hem met een vork even los. Laat de rijst helemaal afkoelen voordat je verdergaat met dit recept. 
            3. Snijd de bosuitjes diagonaal in stukjes.
            4. Verwijder de pitjes en de zaadlijsten uit de Spaanse peper en snipper het resterende vruchtvlees fijn.
            5. Verhit de olie in een wok of hapjespan met anti-aanbaklaag.
            6. Doe de rijst in de pan bij de hete olie en schep hem een paar keer goed om. Bak hem totdat alle rijstkorreltjes heet zijn en een beetje glimmen door de olie.
            7. Klop de eieren los in een schaaltje samen met een snufje zout. 
            8. Giet de eieren in de pan over de rijst. Wil je allemaal losse korrels als eindresultaat? Dan kun je het beste meteen de rijst gaan omscheppen samen met de eieren. Wij vinden het lekkerder om de eieren eerst een beetje te laten garen - zonder dat ze bruin bakken - en dan pas de rijst een paar keer grof om te scheppen. Zo wordt straks een deel van de rijst los en een deel zit in een soort smeuïge clustertjes bij elkaar in stukjes ei. Lekker!
            9. Als al het ei net gaar is, mogen de bosuitjes, de pepersnippers en de wortelreepjes bij de rijst. Warm de groenten nog een minuut door. Schep de rijst ondertussen af en toe om. De groenten moeten knapperig en ongaar blijven.
            10. Maak je gebakken rijst helemaal af met een scheutje ketjap asin. Tip: je kunt de ketjap ook op tafel zetten, zodat iedereen zelf de gewenste hoeveelheid kan toevoegen.
            11. Serveer je rijst met ei, bosui en wortel meteen. 

            Tips:

            1. Dit rijstgerecht is lekker bij allerlei oosterse vlees- of kipgerechten, met of zonder saus. In mijn gezin zijn de krokante speklapjes met een Chinese saus op basis van hoisin favoriet! 
            2. Zijn je bosuitjes niet meer helemaal vers en stevig? Leg ze een kwartiertje in een bak met ijskoud water. Daarna zijn ze weer superknapperig!

            Krokante speklapjes met een verrukkelijke Chinese saus

              donderdag 3 mei 2018

              Spaanse tortilla de patatas met chorizo en paprika

              Laat ik vandaag beginnen met een vraag:


              Welke vulling gaat er in de allerlekkerste Spaanse tortilla?

              a)  aardappels

              b)  gebakken uitjes

              c)  paprika

              d)  chorizo


              Als je goed kijkt, geeft de foto het antwoord al weg...
              Maar lees toch maar verder. Want dit recept wil je niet missen!


              Recept Spaanse tortilla de patatas met chorizo en paprika


              Tortilla de patatas, tortilla de papas, tortilla española


              Misschien heb je hem weleens gegeten in een tapasrestaurant: een Spaanse tortilla. Voor de niet-ingewijden: dat is een dikke omelet gevuld met (o.a.) aardappels. Erg lekker!

              In Spanje wordt de traditionele aardappeltortilla 'tortilla de patatas' of 'tortilla española' (Spaanse omelet) genoemd. In Zuid-Amerika kennen ze hetzelfde gerecht ook, maar daar heet het 'tortilla de papas'. Gewoon omdat het woord voor aardappels daar 'papas' is. 

              Vind jij het woord 'tortilla' een beetje lijken op ons woord 'taart'? Slim! Beide woorden hebben inderdaad dezelfde oorsprong. Sterker nog: een 'tortilla' is letterlijk een kleine 'torta', een taartje dus!

              Tegenwoordig wordt 'tortilla' niet meer in de betekenis van 'taartje' gebruikt; althans niet voor zover mij bekend. Onder een 'tortilla' verstaan de Spanjaarden nu een omelet. Noot: in Zuid-Amerika wordt het woord ook gebezigd voor de dunne maïs- of tarwepannenkoek, die we nu ook wel 'wrap' noemen. Dat is een heel ander soort gerecht dus.


              De allereerste tortilla de patatas


              De tortilla de patatas is tegenwoordig enorm in de mode. Hij is hip en trendy. Elk zichzelf respecterend tapasrestaurant heeft hem op de kaart staan. Maar dat wil niet zeggen dat het ook om een nieuw, jong recept gaat. De Spanjaarden kennen een lange traditie waar het de tortilla de patatas betreft! 

              Zijn grote populariteit heeft het gerecht van oorsprong te danken aan het feit dat de basisingrediënten, eieren en aardappels, de laatste paar eeuwen bijna altijd voorradig waren in de Spaanse keukens. En ze waren goedkoop! 

              Wanneer de eerste tortilla de patatas precies het levenslicht zag is niet echt bekend. Maar natuurlijk doen er in Spanje wel een paar sappige verhalen de ronde over de geboorte van het geliefde recept. 


              Een Spaanse generaal met honger


              Het smeuïgste verhaal stamt uit 1835. Er werd in die tijd een burgeroorlog gevoerd in Spanje.

              Tijdens het beleg van Bilbao klopte een hongerige generaal - met de voor ons onuitspreekbare naam Zumalacárregui; generaal Z. dus - aan bij een afgelegen boerderij. Met veel bombarie eiste hij dat er een voedzame maaltijd op de plank kwam.

              De angstige boerin checkte haar voorraad. Helaas was het enige dat ze in huis had een aardappel, een ui en een paar eieren.

              Maar ze was inventief. Met de schamele ingrediënten bakte ze een luchtige gevulde omelet. De tortilla de patatas was geboren!

              En generaal Z.? Die vond hem zo lekker, dat hij zijn legerkoks daarna opdroeg de omelet nog veel vaker op tafel te zetten!


              Wat zijn de basisingrediënten van een tortilla de patatas?


              In die allereerste tortilla zouden dus eieren, een aardappel en een ui hebben gezeten. Voor de Spanjaarden zijn dit dan ook de traditionele ingrediënten, al zijn er koks die de ui liever weglaten uit het recept. 

              Om een klassieke tortilla te maken worden eerst aardappels in schijfjes of blokjes gesneden. Die worden samen met wat ui zachtjes gegaard in een ruime hoeveelheid olijfolie. Daarna wordt het overgrote deel van de olie verwijderd. De aardappels worden toegevoegd aan een paar geklutste eieren en van het geheel wordt in een koekenpan een dikke, ronde omelet gemaakt, die aan twee kanten wordt gebakken totdat hij goudbruin en gaar is.


              Modernere tortillas met meer ingrediënten


              Veel restaurants serveren nog steeds de aloude klassieker. En die is echt verschrikkelijk lekker. Een echte aanrader!

              Maar steeds meer zie je varianten op de menukaarten verschijnen. Daarbij gaat het met name om variatie in de vulling. Naast de aardappels (die er wel altijd in zitten) en de uien (soms, niet altijd) gaan er vaker ook hamblokjes, spekjes, groene asperges, peterselie, knoflook, kaas, maïs, kip, etc. doorheen.

              Maar de allerlekkerste variant maak ik zelf. Tja, dat vinden ze hier in huis nou eenmaal... 😉


              En nu volgt dus eindelijk het antwoord op de vraag uit de inleiding: alle antwoorden zijn goed, mits je ze echt allemaal tegelijk kiest!!


              In de allerlekkerste tortilla zitten zowel aardappels als uien als paprikablokjes als chorizo!



              Makkelijke bereidingsmethoden voor tortillas


              Veel koks experimenteren tegenwoordig ook met de bereidingswijze van de tortilla. Niet elke tortilla wordt nog traditiegetrouw in een koekenpan gebakken, of maar gedeeltelijk.


              Tortilla de patatas onder de grill


              Zeker als je een grote tortilla wilt bakken - bijvoorbeeld voor een uitgebreide tapasborrel voor veel personen - is het omdraaien van de tortilla in de pan een zware klus (je keert een tortilla normaal gesproken met behulp van een plat deksel of twee borden). 

              Praktisch ingestelde koks bakken zo'n grote tortilla daarom in een ovenbestendige koekenpan. Ze draaien hem niet om als de onderkant goudbruin (en de omelet bijna gaar) is, maar ze plaatsen hem met pan en al onder een hete grill; zo wordt ook de bovenkant mooi gebakken.


              Tortilla de patatas uit de oven


              Heb jij zo'n pan en een grote oven waar die in past? Ik niet! Toch bak ik regelmatig grote tortillas. Hoe ik dat doe? Supermakkelijk: ik bak mijn tortillas altijd in een ovenschaal in mijn kleine oven!


              Hoe maak je de vulling voor een tortilla de patatas?


              Mijn koekenpan (of hapjespan; die is ook heel handig hiervoor) blijft niet helemaal ongebruikt in de kast staan. Daarin bak ik eerst mijn aardappels, uien, paprikablokjes en chorizo. Olijfolie, knoflook en verschillende soorten paprikapoeder maken de vulling helemaal af. Lees het volledige recept hieronder voor een stap-voor-stap uitleg.


              De vulling voor mijn tortilla de patatas


              De tortilla de patatas afbakken in de oven


              Pas daarna tover ik mijn ovenschaal tevoorschijn. Even invetten, vulling erin, geklutste eieren eroverheen en de schaal mag de oven in. Het volgende halfuur heb ik er geen omkijken naar; de oven doet al het werk! Kan ik me mooi bezighouden met nog meer tapas!


              Tortilla de patatas vers uit de oven


              Mooie blokjes tortilla de patatas


              De tortilla is klaar als hij helemaal gaar is. Hij is dan prachtig gerezen. Als je er met een vork op drukt of in prikt, voelt hij stevig en niet meer vochtig aan. Door het uitgesmolten vet van de chorizo, dat bovenop komt drijven, is ook de bovenkant van mijn tortilla lekker bruin en krokant geworden! 

              Ik laat mijn tortilla het liefst een kwartiertje afkoelen voordat ik hem in blokjes snijd - gewoon in de ovenschaal; storten is niet nodig - en serveer. Lauwwarm vinden wij hem het allerlekkerst, maar warm of helemaal koud kan ook. Een ideale tapa dus om ruim voor je tapasparty al te maken!

              Buen provecho, smakelijk eten!



              Recept Tortilla de patatas met chorizo en paprika


              Hoe maak je zelf een Spaanse tortilla de patatas met chorizo en paprika?


              Ingrediënten:

              • 1/2 kilo vastkokende aardappels (ik vind Nicola-aardappels erg lekker in tortilla)
              • 1 grote ui
              • Spaanse extra virgen olijfolie
              • 2 ons chorizo aan één stuk
              • 1/2 groene paprika
              • 1/2 rode paprika
              • 1 teentje knoflook
              • 1,5 theelepel mild paprikapoeder
              • 1/4 theelepel pikant paprikapoeder
              • 1/4 theelepel pimentón (Spaans gerookt paprikapoeder)
              • 6 eieren
              • zout en versgemalen zwarte peper

              Bereiding:

              1. Verwarm de oven voor tot 175°C.
              2. Schil de aardappels en snijd ze in dobbelsteentjes. Snipper de ui grof.
              3. Verhit een paar eetlepels olijfolie in een grote koekenpan (liefst met anti-aanbaklaag) en bak hierin de aardappels lichtbruin en halfgaar. Schep ze af en toe om.
              4. Voeg na ongeveer 10 minuten de uiensnippers toe en fruit ze zachtjes mee.
              5. Ondertussen heb je de tijd om de chorizo en de paprika's ook in kleine blokjes te snijden. Hak tevens de knoflook fijn.
              6. Schep de worst, de knoflook en de paprikablokjes bij het aardappelmengsel zo gauw de aardappels gaar zijn. De volgende vijf minuten zal de worst zachtjes uitsmelten en een deel van zijn heerlijke smaakmakers afgeven aan met name de aardappels. Voeg voor nog meer smaak de drie soorten paprikapoeder toe.
              7. Proef het mengsel en beslis hoeveel zout en zwarte peper je nog nodig acht om het geheel af te maken. Maak de omeletvulling niet te zout; beter is het om nog wat zout toe te voegen aan de eieren, die je vervolgens goed gaat loskloppen in een kom.
              8. Vet een vierkante of rechthoekige ovenschaal licht in met olijfolie. Laat het aardappelmengsel even uitlekken in een vergiet. Zo wordt de vulling niet te vet.
              9. Doe het aardappelmengsel vervolgens over in de ovenschaal en schenk de geklutste eieren eroverheen.
              10. Plaats de schaal in de oven en bak de tortilla totdat de eieren licht gesouffleerd en nét gestold zijn. Dat duurt een dik halfuur. Druk even licht op het gerecht om de gaarheid te testen. De omelet moet stevig aanvoelen. Je kunt ook met een vork in het middel prikken om te zien of de eieren gaar zijn. Het uitgesmolten vet van de chorizo heeft ervoor gezorgd dat de bovenkant nu ook lekker krokant is. Verwijder eventueel overtollig worstvet met een stukje keukenpapier. 
              11. Laat de tortilla een kwartier afkoelen en snijd hem vervolgens in blokjes. Dat kan gewoon in de ovenschaal; je hoeft de tortilla niet eerst te storten.
              12. Leg de blokjes tortilla op een mooi bord of in tapaschaaltjes en serveer. Geniet van je heerlijke tapa!

                Ben je geïnteresseerd in nog meer taparecepten? Volg dan de link 'tapas'. Ik zal je hieronder alvast wat tips geven!



                Spaanse gehaktballetjes met sherry en pimentón


                Gemarineerde garnalen

                https://culinairebagage.blogspot.nl/2016/12/mini-kipschnitzels-met-een-tapenade-met-pijnboompitten.html


                Mini-kipschnitzels met tapenade met pijnboompitten


                Pikant gemarineerde olijven


                Kruidige krieltjes met een komijn-knoflookmayonaise

                  woensdag 25 oktober 2017

                  Net echte grotchampignons: meringuepaddenstoeltjes

                  Vandaag een klein voorproefje uit mijn nieuwe kookboek 'Feestrecepten uit Limburg': de net echte grotchampignons, paddenstoeltjes van krokante meringue en chocolade. 

                  Heerlijk om te bakken in deze tijd van het jaar. 

                  Ik serveer ze vaak als friandises na een feestelijke maaltijd; ze zijn ideaal om je kerstdiner helemaal in stijl mee af te sluiten!


                  Tip: plan je een herfst- of kerst-high tea? Deze meringuechampignonnetjes smaken daar perfect bij!


                  Net echte grotchampignons: van krokante meringue en chocolade


                  Limburgse grotchampignons


                  In mijn gezin zijn deze kleine meringue-grotchampignons al jaren een grote hit. 

                  Ik kwam op het idee om ze op te nemen in mijn Limburgse kookboek vanwege het feit dat de echte grotchampignon een typisch Limburgs product is, zeker in het verleden.

                  Door de constante temperatuur van rond de 13 à 14 graden en de hoge luchtvochtigheid waren de kalksteengrotten (mergelgrotten noemen wij ze in Limburg) rondom Valkenburg en in de Sint-Pietersberg bij Maastricht ideaal om champignons in te kweken. Dat gebeurde gedurende bijna de hele twintigste eeuw.


                  Grotchampignons vers uit de grotten op tafel!


                  Grotchampignons waren in mijn jeugd een heel gewoon product. 

                  Terwijl mijn moeder haar soep of ragout stond voor te bereiden, ging mijn vader naar de champignonkwekerij vlakbij ons dorp, Berg en Terblijt, om een portie paddenstoelen te kopen. 

                  Verser kon je het niet krijgen: de champignons verhuisden recht van uit de grotten naar ons bord!

                  Inmiddels worden er nauwelijks meer champignons gekweekt in de grotten. De moderne teelt in zogenaamde champignoncellen is veel efficiënter. Wel is het kweken van champignons nog voor een groot deel een Limburgse aangelegenheid. Vooral in Noord-Limburg bevinden zich veel kwekerijen.


                  Krokante meringuepaddenstoeltjes


                  Meringuepaddenstoeltjes bakken met je kinderen


                  De recepten voor de soep en de ragout volgen een andere keer, maar voor nu wil ik je het recept voor de 'net echte grotchampignons' niet onthouden! 

                  Ga er snel mee aan de slag en laat je kinderen meehelpen: die vinden de meringuepaddenstoeltjes prachtig... én lekker natuurlijk!


                  Recept Net echte grotchampignons: meringuepaddenstoeltjes


                  Net echte grotchampignons: meringuepaddenstoeltjes


                  Ingrediënten voor 30 à 35 meringuepaddenstoeltjes:

                  • 5 eiwitten zonder een spoortje dooier erin
                  • een snufje zout
                  • 250 gram fijne suiker
                  • 2 Marsrepen
                  • cacaopoeder

                  Extra:

                  • een beetje citroensap
                  • margarine of boter
                  • bakpapier

                  Bereiding:

                  1. Verwarm de heteluchtoven voor tot 90°C.
                  2. Beboter een of meer bakplaten en plak er een mooi passend stuk bakpapier op.
                  3. Leg een spuitzak met daarin een groot glad spuitmondje klaar.
                  4. Maak je beslagkom vetvrij door hem schoon te maken met een beetje citroensap.
                  5. Klop de eiwitten luchtig onder toevoeging van het zout. Blijf kloppen en voeg ondertussen lepel voor lepel de suiker toe totdat de meringue helemaal stijf is. Testen of het eiwitschuim klaar is? Snijd er met een mes in. Als de messnede zichtbaar blijft, is je meringue goed!
                  6. Schep het schuim in de spuitzak.
                  7. Spuit op het bakpapier 30 à 35 paddenstoelenhoedjes (relatief plat en rond; wrijf de puntjes glad met een vochtig theelepeltje) en evenveel paddenstoelensteeltjes (langgerekt en hoog met een puntje).
                  8. Bak de schuimpjes in 1,5 à 2 uur krokant. De beste manier om de gaarheid te controleren is gewoon proeven!
                  9. Snijd de Marsrepen in stukjes en smelt ze au bain-marie, d.w.z. in een kom die je boven op een pan plaatst waarin je een bodempje water hebt verwarmd. Roer de massa goed door, totdat er een zacht mengsel ontstaat.
                  10. Snijd de puntjes van de steeltjes ervan af.
                  11. Smeer op elk steeltje een beetje Mars en plak er meteen een hoedje bovenop. Druk de hoedjes voorzichtig aan.
                  12. Doe een paar schepjes cacao in een theezeefje en strooi het poeder over je grotchampignons om ze nog echter te laten lijken.

                  Tips:

                  1. Om de kerstsfeer te verhogen, decoreer ik de schaal met meringuepaddenstoeltjes altijd met takjes rozemarijn. Die lijken net op kleine dennentakjes!
                  2. Bewaar je champignons droog, bijvoorbeeld onder een stolp of in een goed afgesloten doos. Zet ze in elk geval niet in de koelkast.
                  3. Nog meer Limburgse recepten? Bestel dan mijn kookboek 'Feestrecepten uit Limburg'! Tot 6 november 2017 kun je zelfs meedoen aan een winactie: ik verloot vijf exemplaren van het Limburgse kerstkookboek onder de abonnees van mijn gratis receptenservice. Geef je dus snel daarvoor op!

                  Kerstkookboek 'Feestrecepten uit Limburg'

                  dinsdag 5 september 2017

                  Wentelteefjes van briochebrood met rood fruit en roomijs

                  Dit recept voor wentelteefjes had ik, compleet met foto's, midden in de zomer al klaar staan om te posten. Maar ja, wentelteefjes, die maak je met veel eieren. En toen diende zich uit het niets opeens een heuse eiercrisis aan... Je begrijpt het: die post moest ik even uitstellen.


                  Inmiddels liggen de winkels weer vol met, naar we mogen hopen, gezonde eieren. Dus bakken die wentelteefjes!

                  Als je er net als ik briochebrood voor gebruikt, worden ze superluchtig en licht. Wat vers fruit en een bolletje roomijs erbij en smullen!


                  Wat denk je trouwens: gaat 'eiercrisis' dit jaar het woord van het jaar worden? Of misschien 'fipronil-affaire'? Of gaan we straks in december voor een wat vrolijker woord?



                  Wentelteefjes van briochebrood met rood fruit en ijs


                  Waarom heten wentelteefjes 'wentelteefjes'?


                  Nu we het toch over woorden hebben, wat vind je van het woord 'wentelteefje' en dan met name van het laatste deel van dat woord? 

                  Waar het wentelen vandaan komt, lijkt voor de hand te liggen: je draait de sneetjes brood om terwijl je ze in ei doopt en bakt. 

                  Maar dat 'teefje' klinkt toch beslist curieus... Heeft dat wellicht iets met een hond te maken?

                  Ik ben eens wat gaan zoeken in etymologische (woorden)boeken en kwam diverse theorieën tegen. Welke waar is, wie zal het zeggen?

                  In elk geval komt die hond echt in beeld. In Dordrecht was in de 19e eeuw het woord 'draaireuen' in zwang; ook een hond dus, maar dan anders. En de Friezen hadden het vroeger over 'gebraden hondsvotjes'.

                  En wat dacht je van de theorie, die beweert dat 'wentelteefjes' komt van de opdracht 'wentel 't even(tjes)'?

                  Het meest plausibel klinkt (wat mij betreft) de verklaring die zegt dat een 'teef' in vroeger tijden een soort gebak was. Men kende ook de zogenaamde 'appelteef'. Ik heb alleen nergens kunnen achterhalen om wat voor soort gebak het ging, helaas.


                  Verloren of gewonnen brood


                  Overigens worden wentelteefjes ook wel 'verloren' of 'gewonnen' brood genoemd. 

                  In Frankrijk spreken ze nog steeds van 'pain perdu'. 

                  Het 'winnen' van het brood zou gaan over het weer bruikbaar maken van oud, maar nog niet beschimmeld, brood. Er zijn mensen die ervan uitgaan dat het woorddeel 'wentel' niets te maken heeft met draaien, maar dat het is afgeleid van 'wenden' of 'winnen'.


                  Wentelteefjes van luxe briochebrood


                  Zelf maak ik mijn wentelteefjes regelmatig van wat ouder, een beetje uitgedroogd brood. Zo gauw je de sneetjes in een mengsel van losgeklopt ei en melk legt, zuigen ze zich helemaal vol. Van de droge smaak is niets meer te proeven!

                  Dat neemt niet weg dat je ook gewoon vers brood kunt gebruiken. 

                  Als ik mijn gezin extra wil verwennen, koop ik zelfs speciaal luxe briochebrood voor mijn wentelteefjes. 

                  Dat snijd ik in heel dikke plakken (minimaal 2,5 à 3 cm dik), voordat ik het door een gezoet ei-melkmengsel haal en krokant bak in de koekenpan. 


                  De eieren voor mijn wentelteefjes liggen klaar


                  Tijdens het bakken gaart het ei. Daardoor gaan de toch al luchtige brioche-wentelteefjes prachtig souffleren. Ze blijven nog even mooi hoog als ik ze serveer op  warme borden, maar na verloop van tijd zakken ze toch onherroepelijk in. Zo gaat dat nou eenmaal met gesouffleerd ei. De smaak lijdt daar overigens niet onder.


                  Wentelteefjes met citroen- of kaneelsuiker


                  Als er iets te vieren is, serveer ik mijn brioche-wentelteefjes als feestelijk ontbijt of als lunch. Met alleen maar een beetje suiker. 

                  Of nog lekkerder: met citroensuiker (witte basterdsuiker vermengd met geraspte citroenschil) of kaneelsuiker; in het laatste geval gaat er geen citroenrasp door het ei-melkmengsel.


                  Citroensuiker


                  Wentelteefjes als spectaculair dessert


                  Wentelteefjes van briochebrood zijn helemaal spectaculair als dessert. 

                  De combinatie van de warme sneetjes brood met koud romig ijs en fris rood fruit vind ik absoluut geweldig.


                  Sappig rood fruit


                  Dit dessert kan wat mij betreft het hele jaar. In de zomer is het rode fruit op zijn best. Maar tegenwoordig kun je het ook in de winter overal kopen. 

                  Zelfs met kerst of Pasen zal iedereen blij verrast zijn als je je diner met deze verrukkelijke wentelteefjes met rood fruit en roomijs afsluit!


                  Recept Wentelteefjes van briochebrood met rood fruit en roomijs


                  Hoe maak je wentelteefjes van briochebrood met rood fruit en roomijs?


                  Ingrediënten voor een dessert voor 4 personen:


                  Voor de wentelteefjes: 

                  • 4 dikke sneetjes brioche (minimaal 2,5 à 3 cm dik)
                  • 3 eieren (maat L)
                  • 4 dl volle melk
                  • 50 gram witte basterdsuiker
                  • de rasp van ½ citroen
                  • een snufje zout
                  • roomboter of vloeibare margarine

                  Voor de citroensuiker:

                  • de rasp van ±½ citroen
                  • witte basterdsuiker naar smaak

                  Voor het garnituur:

                  • 4 bolletjes vanilleroomijs (kant-en-klaar of zelfgemaakt; recept maanzaadijs zonder maanzaad uit een eerdere blog)
                  • 400 gram rood fruit (ik gebruikte kleine aardbeien, frambozen, bramen en blauwe bessen)
                  • enkele takjes munt

                  Bereiding:

                  1. Klop in een kom de eieren samen met de melk, de basterdsuiker, de geraspte citroenschil en het zout tot een egale massa.
                  2. Snijd de sneetjes brioche een keer door.
                  3. Leg ze in de eiermassa en geef ze de kans zich vol te zuigen met vloeistof.
                  4. Verhit ondertussen een beetje boter in een grote koekenpan.
                  5. Breng de sneetjes brood voorzichtig over naar de pan en bak ze op middelhoog vuur aan beide kanten goudbruin. Draai het vuur lager zo gauw ze bruin zijn. Laat de sneetjes nog enkele minuten in de pan liggen. De wentelteefjes zijn klaar als ze mooi gesouffleerd zijn. Ze zakken overigens wel weer een beetje in als ze afkoelen, maar dat maakt ze niet minder lekker.
                  6. Vermeng tijdens het bakken in een schaaltje wat basterdsuiker met geraspte citroenschil. Pas de hoeveelheid citroenschil aan aan je eigen smaak.
                  7. Leg op elk bord 2 wentelteefjes. Bestrooi ze met een lepeltje citroensuiker. Verdeel het fruit over de borden. Schep er een bolletje vanilleroomijs naast. Garneer met de munt.

                  Tips:

                  1. Je kunt het fruit al schoonmaken ruim voor de maaltijd. Bak de wentelteefjes wel pas vlak voor het serveren.
                  2. Zet een restje citroensuiker in een schaaltje op tafel. Dan kunnen de echte zoetekauwen nog een beetje extra nemen.
                  3. En dan heb ik nog een extra tip, die ik pas veel later heb toegevoegd aan dit recept. Hij is eigenlijk het gevolg van een foutje. Laatst bedacht ik halverwege het bakken van mijn wentelteefjes - het ei was al een beetje aan het garen - dat ik vergeten was de suiker toe te voegen aan het eiermengsel. Nu is briochebrood al een beetje zoet van zichzelf, maar ik vond een beetje extra suiker toch noodzakelijk. Dus strooide ik wat poedersuiker over de al een beetje gebakken bovenkant van de wentelteefjes. Niet te veel, in totaal maar een paar theelepeltjes. Daarna draaide ik ze om in de pan en bakte de suiker een beetje aan. Wel met beleid, niet op te hoog vuur, want suiker verbrandt snel! Met de andere kant van de wentelteefjes deed ik hetzelfde. Zo ontstonden er dunne, een klein beetje gekaramelliseerde korstjes aan de boven- en onderkant van mijn sneetjes. En dat bleek me toch lekker! De wentelteefjes waren smeuïg aan de binnenkant, zoals ze altijd zijn, maar de korstjes waren nóg krokanter en smaakvoller dan anders! Een aanrader: probeer het maar eens uit! Je hebt wel nog steeds de citroensuiker nodig voor het bestrooien achteraf.