En bestel je daar vaak mihoen Singapore, die fantastische currynoedels met hun rijke vulling van knapperig verse groenten, garnalen en geroosterd varkensvlees?
Dan heb ik vandaag goed nieuws voor je: mihoen Singapore kun je ook heel
makkelijk zelf thuis maken!
Denk je nu: dat geldt vast niet voor mij, dat kan ik niet? Niet zo onzeker!
Dat prachtige bordje Singapore noedels van de foto hieronder kun ook jij op
tafel zetten!
Lees snel door onder de foto voor het authentieke recept en de allerbeste tips
& tricks!
Zelf leerde ik de allerlekkerste mihoen Singapore maken toen ik jaren
geleden in Azië woonde
Niet in Singapore, maar in Maleisië.
Daar at ik de verrukkelijke noedels met hun kenmerkende currysmaak voor het
eerst in mijn favoriete restaurant - of eigenlijk meer mijn stamkroeg, want ik
kwam er minstens één keer per week. Ik schreef er al eens eerder over: ik heb
het over de
Piasau Boat Club
in Miri op het eiland Borneo.
Toen ik daar, een dag na aankomst in Maleisië, voor de eerste keer de kaart
bekeek, had ik geen idee wat ik moest bestellen. Van de meeste Aziatische
gerechten had ik nog nooit gehoord.
Maar een vriendin wist raad: "Ga voor de bee hoon Singapore style! Ideaal voor
beginners in de Zuidoost-Aziatische keuken!"
En ze had gelijk!
De dunne, beetgare, geroerbakte rijstnoedels met hun overdadige vulling van
groenten, reepjes geroosterd varkensvlees (char siu), garnalen en omelet en hun rijke smaak van curry/specerijen veroverden mijn
culinaire hart ter plekke!
En natuurlijk wilde ik graag weten hoe ik die noedels ook zelf kon
maken.
Het kostte me maanden om het recept te vervolmaken. Maar uiteindelijk slaagde
ik daarin. Althans volgens mijn - culinair toch niet zo onkritische -
gezin!
Vandaag deel ik mijn recept voor mihoen Singapore met jullie. Én ik geef
jullie meteen talloze tips om ook jullie noedels zo lekker mogelijk te maken.
Pas ze allemaal toe en geniet!
Hét recept voor de allerlekkerste zelfgemaakte mihoen Singapore!
Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 2 à 3 personen:
200 gram mihoen
2 eetlepels Chinese lichte sojasaus
1,5 eetlepel Chinese donkere sojasaus
2 eetlepels Chinese shoaxing wijn ofdroge sherry
2,5 eetlepel gembersiroop
1 eetlepel sesamolie
2,5 theelepel Maleisisch currypoeder (zie de antwoorden bij de vragen 8 en 9 onder het recept)
1 theelepel kurkuma/geelwortelpoeder
±1/2 tl zout
1 ui
1/2 rode paprika
1/2 groene paprika
100 gram gare mini-maïskolfjes (uit blik)
3 bosuitjes
150 gram
char siu
(Chinees gebarbecued varkensvlees; lees eventueel mijn eerdere blog over dit
heerlijke vlees en zie ook de antwoorden op de vragen 12 en 13 onder dit recept)
2 eieren
nog wat extra zout
versgemalen zwarte peper
5 eetlepels zonnebloemolie
2 teentjes knoflook uit de pers
2 eetlepels hoisinsaus
50 gram kleine gare roze garnalen
Bereiding:
Breng een ruime hoeveelheid water - minimaal 1,5 liter - aan de kook. Leg
de mihoen in een kom en giet het water eroverheen. Laat de noedels zo een
paar minuten staan. Proef dan even of ze gaar genoeg zijn; als ze net
beetgaar zijn, zijn ze klaar.
Giet de kom met mihoen leeg door een vergiet. Spoel de noedels af met koud
stromend water. Spreid ze daarna uit op een bakrooster. Zo stop je het
garingsproces en zorg je ervoor dat je noedels mooi droog worden.
Roer in een schaaltje een woksausje van alle ingrediënten vanaf de lichte
sojasaus tot en met de 1/2 theelepel zout.
Voordat je gaat wokken is het belangrijk dat alle groenten en het vlees
gesneden klaarstaan. Dan kun je snel doorwerken. Snijd de ui in dunne
kwart ringen. Snijd de paprika's in reepjes. Snijd de mini-maïskolfjes elk
in 3 à 4 stukjes. Snijd de bosuitjes diagonaal in dunne plakjes. Snijd de
char siu in kleine dunne plakjes of reepjes.
Verwarm een wok of een grote hapjespan met anti-aanbaklaag.
Klop de eieren los in een schaaltje samen met 2 eetlepels water en zout en
peper naar smaak. Verhit 1 eetlepel olie in de wok. Giet de eieren in de
wok en bak er onder af en toe omscheppen een roerei van. Schep het roerei
uit de wok.
Verhit nog eens 2 eetlepels zonnebloemolie in de wok. Fruit hierin eerst
de uien. Voeg na 2 à 3 minuten de paprikareepjes toe en wok die mee. Na
nog eens 2 minuten mogen de knoflook en de mini-maïskolfjes erbij. Wok de
groenten nog een minuut. Schep de beetgare groenten uit de wok en voeg ze
bij het roerei.
Verhit in een (andere) koekenpan 1 eetlepel zonnebloemolie. Roerbak hierin
de reepjes char siu gedurende 2 à 3 minuten totdat ze een beetje krokant zijn.
Draai het vuur uit en voeg er de garnalen aan toe. Roer de hoisinsaus
erdoorheen.
Verhit weer 1 eetlepel zonnebloemolie in de wok. Nu mogen bijna alle
ingrediënten samen in de wok: de gare noedels, het woksausje en het roerei
met de geroerbakte groenten. Roerbak het geheel kort totdat alle
ingrediënten heet zijn maar ondertussen toch knapperig vers blijven.
Voeg als laatste de char-siu-reepjes met de garnalen en de bosuitjes toe
aan je mihoen Singapore.
Proef je gerecht goed. Mag het voor jou nog wat hartiger smaken? Schep er
dan nog wat zout of lichte sojasaus doorheen. Extra zoetheid voeg je toe
in de vorm van nog een scheutje gembersiroop.
Serveer je mihoen Singapore meteen.
Heb je na dit recept nog vragen over mihoen Singapore? Hieronder vind
je alle antwoorden!
1. Komt het recept voor mihoen Singapore van oorsprong echt uit
Singapore?
Deze vraag heb ik niet voor niets opgenomen in deze lijst met vragen
over mihoen Singapore. Het antwoord luidt namelijk: nee!
De Singaporese keuken kent geen mihoengerecht op smaak gemaakt met
currypoeder! Wel kun je in Singapore overal gewokte noedels krijgen,
maar die hebben een heel ander smaakprofiel.
De rijstnoedels met curry, die wij kennen onder de naam mihoen
Singapore, schijnen van oorsprong uit Hongkong te komen. Waarschijnlijk
werden ze daar in het midden van de 20e eeuw bedacht. Het ging in die
tijd om een vrij mild gerecht.
In 1949 riep Mao Zedong de Volksrepubliek China uit. Veel Chinese
mensen ontvluchtten als gevolg daarvan China en Hongkong. Ze vestigden
zich onder andere in Singapore. Allicht namen ze hun recept voor gewokte
noedels mee in hun culinaire bagage.
De toenmalige Singaporese keuken kenmerkte zich door veel pittigere
gerechten dan de geïmporteerde Hongkongse noedels. En daar pasten de
nieuwkomers zich aan aan: langzaam maar zeker werden ook de gewokte
noedels uit Hongkong pikanter van smaak. Die pikante versie van de
Hongkongse noedels werden de 'noodles Singapore style'
genoemd!
Ondanks de aanpassing werd mihoen Singapore echter niet populair onder
niet-Chinese inwoners van Singapore. Je komt het gerecht vrijwel alleen
maar tegen in Chinese restaurants in de stadstaat.
En dus in heel veel Chinese restaurants in de rest van de wereld! Zeker
wij Nederlanders zijn er dol op!
2. Wat is mihoen?
Mihoen is een noedelsoort. Maar in tegenstelling tot de meeste soorten
noedels is mihoen niet gemaakt van tarwe, maar van
rijstbloem.
En ook nog van tapiocameel, xanthaangom, water, neutrale olie en een
beetje zout. Daar wordt een deegje van gemaakt. Dat deegje gaat vervolgens
in een aardappelpureeknijper met fijne gaatjes, een soort grote
knoflookpers.
Als je de pers dichtdrukt, komen er aan de onderkant dunne sliertjes deeg
uit. Die gaan direct vanuit de pers in een grote pan met kokend water.
Daarin garen ze binnen een minuut. Nog even afspoelen om het overtollige
zetmeel te verwijderen en dan zijn de noedels klaar om verder te
verwerken.
Nieuwsgierig om dit proces te zien? Bekijk dan het onderstaande filmpje.
Leuk!
3. Welke mihoen is het meest geschikt voor Singapore noedels?
In Aziatische supermarkten kun je mihoen kopen in alle soorten en maten.
Het meest opvallende verschil tussen de diverse merken is de dikte van de
noedels. Mihoen kan heel dun zijn, maar ook wat dikker.
Zelf werk ik het liefst niet met de allerdunste soorten mihoen. Ik kies
meestal voor een dikkere variant. Die is het makkelijkste te verwerken:
hij blijft mooi beetgaar van structuur en plakt niet.
4. Hoe bereid ik mihoen op een manier dat de noedels niet te gaar en
plakkerig worden?
Om te voorkomen dat mihoen te gaar wordt, kun je de noedels het beste
niet koken.
Idealiter wordt mihoen in een kom overgoten met kokend water. Van het vuur af dus. Zo mogen
de noedels enige minuten staan. Hoe lang precies, dat hangt af van de
dikte van de noedels en het merk. Ik schep ze meestal ook nog een paar
keer om, zodat ze tijdens het wellen mooi los worden.
Proef je noedels om te bepalen of ze goed gegaard zijn. Beetgaar is
voldoende, want je gaat ze na het wellen ook nog roerbakken. Zijn ze nog
te stevig van structuur bij het proeven, laat ze dan nog een paar
minuten langer in het hete water staan.
Doe de mihoen vervolgens over in een vergiet. Laat het hete water
wegstromen. Spoel de noedels goed af onder de koude kraan. Daardoor
verliezen ze niet alleen hun warmte - en kunnen ze dus niet ongewenst
doorgaren - maar ook overtollig (en plakkerig) zetmeel.
Leg de noedels daarna op een bakrooster. Zo kunnen ze een beetje drogen
en worden ze niet zompig.
Laat de noedels op het rooster liggen totdat je ze gaat
roerbakken.
5. Ik vind het soms onhandig om hele lange noedels te eten. Hoe maak ik
de noedels wat korter?
Te lange noedels kunnen inderdaad heel onhandig zijn. Niet alleen tijdens het
eten, maar ook al eerder, tijdens het roerbakken.
Daarom pak ik altijd een schaar als mijn noedels op het bakrooster liggen.
En ik knip ze op een paar plekken in stukken. Supermakkelijk en
efficiënt!
6. Waarom gaan er twee sojasauzen in de roerbaksaus en wat is het
verschil tussen de sauzen?
De basis voor dit van oorsprong Chinese gerecht wordt gevormd door 2
sojasauzen. Chinese sojasauzen om precies te zijn: de light soya sauce
(lichte sojasaus) en de dark soya sauce (donkere sojasaus).
Zou je een van deze sauzen kunnen weglaten uit het recept? Nou, liever
niet! Want ze hebben niet alleen een andere kleur, deze sauzen, ze smaken
ook heel anders.
Lichte sojasaus is dun en vloeibaar en heeft een lichtbruine kleur. Hij is
een beetje doorschijnend. De smaak is zout en umami. Lichte sojasaus heeft
bij gebruik niet veel invloed op de kleur van je gerecht.
Donkere sojasaus is veel dikker, viskeuzer. Hij is donkerbruin van kleur,
tegen het zwarte aan. Daardoor kleuren gerechten met donkere sojasaus ook
bruiner. Donkere sojasaus heeft een wat minder zoute, diepe, zoete,
karamelachtig smaak.
7. Wat is shoaxin wijn en wat kan ik ervoor in de plaats gebruiken als ik
hem niet kan kopen?
Shoaxin wijn is een Chinese rijstwijn, die zijn naam dankt aan de stad
waar hij vandaan komt.
De shoaxin wijn die je koopt in de Aziatische supermarkt is niet
bedoeld om te drinken. In veel gevallen is er een beetje zout aan
toegevoegd. Hij heeft een alcoholpercentage van ±15%.
Shoaxin wijn heeft een lichtzoete, nootachtige smaak, die een beetje
aan droge sherry doet denken.
In de roerbaksaus voor mihoen Singapore heb je maar een paar eetlepels
van deze wijn nodig. Wil je niet onnodig met de rest van de wijn in je
koelkast blijven zitten? Gebruik dan in plaats ervan die droge sherry
van hierboven. Grote kans dat je die toch al in huis hebt!
8. Welke soort currypoeder heb ik nodig voor mihoen Singapore?
Om maar meteen met de deur in huis te vallen: het standaard
kerriepoeder uit de Nederlandse supermarkt is absoluut ongeschikt voor
mihoen Singapore!
Currypoeder is een mengsel van allerlei soorten specerijen en in elk land
of in elke regio wordt currypoeder op een andere manier
samengesteld.
Typische specerijen die je kunt aantreffen in kerriepoeders zijn
komijnzaad, korianderzaad, geelwortelpoeder, chilipoeder, kaneel, witte en
zwarte peper, kruidnagel, kardemom, steranijs en venkelzaad.
Om de meest authentieke smaak te krijgen voor je gerecht is het belangrijk
dat je een soort currypoeder gebruikt, die in de regio van oorsprong van
het gerecht ook wordt gebruikt.
Ga dus voor Chinees of Zuidoost-Aziatische currypoeder!
Zelf koop ik in mijn Aziatische supermarkt altijd vrij pikant Maleisisch currypoeder
met in verhouding veel venkelzaad en steranijs erin, specerijen die
populair zijn in de Chinese keuken.
9. Welk merk Maleisisch currypoeder is geschikt en waar kan ik dat
kopen?
Baba's Meat Curry Powder heeft volgens mij de ideale smaak om mihoen Singapore te maken (dit
blog is niet gesponsord). Ik heb altijd wel een paar zakjes op voorraad!
Handig: ik breng er ook andere Zuidoost-Aziatische gerechten mee op smaak,
zoals de in mijn gezin populaire
kari ayam, verrukkelijke Maleisische kipcurry, en curry puffs, fantastische
Maleisische kippasteitjes.
Baba's Meat Curry Powder is verkrijgbaar in veel toko's en Aziatische
supermarkten. Volg het rode linkje hierboven voor meer info.
10. Wat zijn mini-maïskolfjes?
Mini-maïskolfjes of babymaïskolfjes zijn echte maïskolfjes, die nog niet
rijp en volgroeid zijn. Ze worden al in een vroeg stadium geoogst als
ze nog maar een centimeter of tien lang zijn.
Mini-maïskolfjes kun je in zijn geheel eten. Hun smaak is lichtzoet en hun
structuur lekker knapperig.
Verse babymaïs wordt meestal geroerbakt of kort gekookt. De kolfjes lenen zich
bij uitstek voor gebruik in Aziatische gerechten. Vandaar dus dat ik ze
toevoeg aan mijn mihoen Singapore!
Vanwege hun gebruiksgemak heb ik in mijn recept gekozen voor
maïskolfjes uit blik. Die zijn al gaar. Je hoeft ze alleen nog maar in
stukjes te snijden en kort mee te wokken.
Blikjes met mini-maïs vind je gewoon in de Nederlandse supermarkt;
meestal staan ze niet bij de groenten, maar bij de oosterse
producten.
11. Kan ik ook andere groenten gebruiken dan die uit het recept?
Dat kan zeker! Je kunt je mihoen Singapore maken met
allerlei soorten groenten.
Maar er is wel een maar: wat ons betreft zijn de uien, de paprika's en de
bosui essentieel! Vervang die liever niet. Je zou zelfs mihoen Singapore
kunnen maken met alleen deze drie groenten. Koop er dan wel wat meer van.
De mini-maïskolfjes kun je vervangen door andere groenten. Denk daarbij aan
dunne plakjes champignons, schoongemaakte en in de lengterichting in
reepjes gesneden sugar snaps, stukjes bimi, in stukjes gesneden
kousenband, elleboogjes bleekselderij, erwtjes, wortelreepjes of taugé.
Niet allemaal tegelijk natuurlijk: één of twee soorten is voldoende.
12. Wat is char siu?
Ik schreef al eens eerder een blog over
char siu. Volg het rode linkje en lees er alles over.
Om kort te gaan: het gaat om heerlijk gekruid, geroosterd Chinees
varkensvlees.
Char siu is meestal gemaakt van vrij vet varkensvlees. Vanwege zijn
vetgehalte vinden wij het hier in huis altijd het lekkerste om de char
siu voor onze mihoen Singapore - na hem in reepjes of plakjes te hebben
gesneden - kort te roerbakken. Zo bakt het vet een beetje uit en worden
de stukjes vlees lekker krokant.
Na het bakken scheppen wij graag nog wat hoisinsaus door onze
char-siu-reepjes. Dat versterkt hun smaak. Voeg de char siu pas vlak
voor het serveren toe aan je mihoen Singapore, zodat het laagje
hoisinsaus lekker om de stukjes vlees heen blijft zitten en niet meteen
opgaat in de noedels.
13. Kan ik de char siu ook vervangen door ander vlees of kip?
Dat kan. Al moet ik erbij zeggen dat ik dat niet echt aanraad. Maar
misschien is het in jouw buurt moeilijk om char siu te kopen...
Je zou char siu eventueel kunnen vervangen door reepjes varkenshaas of
schouderkarbonade. Of door reepjes kip.
Roerbak het vlees dan even met wat zout totdat het krokant en gaar is.
Schep er ook nu weer vlak voor het serveren een paar eetlepels hoisinsaus
doorheen.
14. Wat is hoisinsaus?
Hoisinsaus
is een sojasaus uit de Kantonese keuken. Ik schreef er al eens eerder
over. Hij is bijna zwart van kleur en heel dik en stroperig. Hij is
heerlijk hartig, zout, intens en zoet van smaak.
Hoisinsaus is meestal gekruid met knoflook en behoorlijk wat Chinees
vijfkruidenpoeder met o.a. venkelzaad en steranijs. En die smaken
sluiten weer perfect aan bij het currypoeder dat ik gebruik voor mijn
mihoen Singapore!
15. Welke garnalen zijn het meest geschikt voor mihoen Singapore?
Het antwoord op deze vraag hangt een beetje af van je eigen smaak. Wij
vinden het lekker als we in heel veel happen een garnaaltje proeven.
Daarom kiezen we altijd voor kleine garnalen. Roze garnalen wel te
verstaan, Hollandse garnalen zijn niet zo geschikt voor Aziatische
gerechten.
Maar natuurlijk kun je ook grotere garnalen gebruiken. Ga wel voor gepelde
garnalen; anders is het wel heel onhandig eten.
Gare garnalen zijn het makkelijkste, omdat ze in no time klaar zijn.
16. Kan ik mihoen Singapore ook vooraf maken en later opwarmen?
Daar kan ik kort over zijn: nee!
Roerbakgerechten als mihoen Singapore danken hun charme met name aan hun
versheid. Alle ingrediënten moeten nog knapperig zijn als het gerecht op
tafel komt.
Maar gelukkig kost het niet zo veel tijd om Singapore noodles te
maken!
Of lees eerst nog even waarom wij dit gerecht de curieuze naam 'modderbami'
meegaven...
Culturele smeltkroes Maleisië
Als je mijn blog een beetje volgt, dan weet je het misschien al: in de jaren
'90 woonde ik een paar jaar in Maleisië.
Een bijzonder land. Met name omdat het een smeltkroes is van allerlei
Aziatische culturen. Een groot deel van de bevolking - maar liefst 40% - is
van oorsprong niet afkomstig uit het land zelf!
De grootste groep migranten is van Chinese komaf. Maar liefst één op de vier
Maleisiërs is Chinees. De eerste Chinezen arriveerden al eeuwen geleden in het
gebied.
De Chinese (eet)cultuur in Maleisië
Ik kan me nog goed herinneren dat ik op een middag zat te praten met een
Maleisische vriendin. 'Vertel me eens wat meer over dat Nederland waar jij
vandaan komt,' vroeg ze belangstellend.
En dus barstte ik los. Alle bekende clichés passeerden de revue: de platte,
groene weien met zwartbonte koeien, het vele water, de molens, de steden met
hun grachten en de bijbehorende grachtenpanden, de bloembollenvelden, het
koele weer, de nuchtere, relatief lange, vaak blonde mensen...
Op dat moment onderbrak ze me: 'Wonen er dan geen Chinezen in Nederland? Of
anders gezegd: hoeveel Chinezen wonen er überhaupt in Nederland?'
Oeh, die kennis had ik niet zomaar paraat. Begrijp me goed: we hebben het nu
over het pre-digitale tijdperk. Hm... ik schatte het aantal op enkele
tienduizenden.
Haar mond zakte open van verbazing: 'Maar zó weinig?!'
Wat bleek? Ze kon zich nog beter een voorstelling maken van een koud land vol
met koeien, molens, grachten en tulpen dan van een land waarin je niet op elke
straathoek een Chinees tegenkwam...
Tijdens die paar jaar in Maleisië maakte ik - weliswaar op kleine schaal, maar
toch - kennis met een cultuur die ik in eerste instantie in dat land niet had
verwacht: de Chinese. En daarbij ging mijn grootste interesse uit naar de
eetcultuur, dat begrijp je. Al snel ontdekte ik dat echt Chinees eten heel
anders smaakte dan de gerechten die ik tot dan toe kende uit het doorsnee
Nederlandse Chinese restaurant.
Fantastisch Chinees eten
In Chinese restaurants in mijn woonplaats en in de hoofdstad Kuala Lumpur aten
mijn gezin en ik verrassende, heerlijk verse gerechten.
En op de inheemse markten en in de supermarkten kochten we geweldige - voor
ons toen helemaal nieuwe - Chinese producten.
Vanzelfsprekend sloeg ik daarmee aan het experimenteren!
Het was in die tijd dat ik voor het eerst hoisinsaus proefde, de saus die
typerend is voor de smaak van het gerecht dat ik je vandaag ga voorschotelen.
Hij vormt het hoofdbestanddeel van de roerbaksaus die door mijn Chinese bami
gaat!
Wat is hoisinsaus?
Ik kan me goed voorstellen dat je nog nooit van hoisinsaus hebt gehoord.
Hoisinsaus is een een dikke, donkere, kruidige saus. Een soort sojasaus; de
basis wordt gevormd door gefermenteerde sojabonenpasta.
Verder zit er wat suiker (of honing) in. En rijstazijn, (zwarte) peper,
knoflook en sesamolie. En
Chinees vijfkruidenpoeder
(steranijs, venkelzaad, kaneel, Szechuan peper en kruidnagel); of soms alleen
maar de eerste van die vijf kruiden, steranijs. Als je hoisinsaus proeft,
besef je meteen dat met name die steranijs essentieel is voor de smaak van de
saus.
Even terzijde: het is niet vreemd dat steranijs zo'n belangrijk ingrediënt is
in een typisch Chinese saus als hoisin. Steranijs is één van de meest
gebruikte specerijen in de Chinese keuken. Vandaar dus dat de prachtige
stervormige specerij in Maleisië overal volop te koop is. In elke supermarkt
en op elke markt.
En dat ruik je als je over zo'n markt loopt!
Nu ik dit blog schrijf, overkomt het me weer: denk ik alleen al aan een
Maleisische (super)markt, dan ruik ik in mijn hoofd alweer de steranijs. Het
dropachtige aroma domineert in het land soms zelfs hele winkelcentra.
Belangrijk: geen enkel merk hoisinsaus smaakt hetzelfde. Het ene merk is
zoeter, het andere zouter en weer een ander kruidiger. Daarom raad ik je aan:
probeer zelf wat verschillende merken uit en bepaal welke soort jouw favoriet
is!
Krokante speklapjes met een Chinees sausje
Sinds we in Maleisië voor het eerst hoisinsaus proefden, is de saus niet meer
weg te denken uit onze keuken.
Zo voegen we altijd een paar lepels hoisinsaus toe aan onze marinade voor
spareribs.
Haha, zo noemen wij hier in huis onze Chinese bami! Die heeft - door de
toevoeging van een roerbaksausje op basis van de donkere, bijna zwarte hoisin
- een wat bruinere kleur dan de gebruikelijke bami goreng.
'Jasses, wat een modderige bami!', oordeelde mijn zevenjarige dochter toen ik
voor het eerst deze bami op tafel zette.
En ze trok een vies gezicht...
... totdat ze - héél voorzichtig - een hapje proefde!
'Wat is dít lekker! Wil je deze modderbami op mijn verjaardag maken?'
Hoezeer de bami ook in de smaak viel, het 'kwaad' was met die uitspraak al
geschied: het woord 'modderbami' is daarna nooit meer verdwenen uit ons
culinaire woordenboek!
Maar Petra kon op me rekenen: op haar achtste verjaardag aten we
modderbami!
Een gezond verjaarsdagsmaaltje!
Zeker weten: modderbami bevat heel veel verse groenten. Prei, twee kleuren
paprika, worteltjes, bosui, taugé, Spaanse peper...
En behalve hoisinsaus gaan er nog meer karakteristieke smaakmakers in:
gembersiroop, sesamolie, knoflook, sambal manis. En een extra schepje
vijfkruidenpoeder - mét steranijs - om het gerecht helemaal op en top Chinees
te maken!
Tegenwoordig zijn al deze ingrediënten verkrijgbaar in elke supermarkt;
gewoon, elke Néderlandse supermarkt! Ook na onze jaren in Maleisië verschijnt
Chinese bami dus vaak bij ons op tafel. En niet alleen op verjaardagen. 😉
Bonus: mijn Chinese bami is niet alleen erg lekker, het recept ervoor is
ook nog eens supermakkelijk!
En snel. En duidelijk. Geen kwestie dus van uren in de keuken staan en maar
wat aanmodderen!
Daarom verdient dit recept absoluut een plekje op mijn blog. Hoe meer mensen
ik er blij mee kan maken, hoe beter! Misschien ook jou wel.
Veel plezier!
Snel recept: Chinese bami met veel verse groenten en hoisinsaus
Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 3 personen:
Voor de noedels:
250 gram eiernoedels
2 eetlepels zonnebloemolie
2 eieren
zout en versgemalen zwarte peper
250 gram varkensgehakt (of half-om-half gehakt als dat makkelijker te
krijgen is)
Gaar de eiernoedels volgens de gebruiksaanwijzing op de verpakking. Voor
mijn merk noedels kook ik eerst 2 liter water en daarna draai ik het
vuur uit. De noedels mogen 5 minuten wellen in het hete water totdat ze
beetgaar zijn. Dan spoel ik ze meteen in een vergiet af met koud
stromend water.
Verhit ondertussen 1 eetlepel olie in een warme wok of een grote
hapjespan met anti-aanbaklaag. Klop de eieren los met een beetje water,
wat zout en versgemalen zwarte peper. Bak van de eieren een portie
luchtig roerei. Schep de eieren uit de pan en houd ze apart.
Verhit nog een eetlepel olie in de wok en bak hierin het gehakt mooi
rul. Maak het gehakt op smaak met 1 theelepel hoisinsaus, 1 theelepel
ketjap manis en 1/2 theelepel sambal manis.
Snijd de prei in dunne halve ringetjes. Was de prei in een vergiet.
Snijd de paprika's in reepjes.
Snijd de bosuitjes in ringetjes.
Snijd het steeltje van de Spaanse peper af, rol de peper even tussen je
handen en klop de losgekomen zaadjes en zaadlijsten eruit; zo wordt je
peper wat minder pikant. Snijd de peper in flinterdunne ringetjes.
Roer een sausje van alle ingrediënten voor de roerbaksaus.
Wok de preiringetjes, de paprikareepjes en de knoflook een paar minuten
mee met het rulle gehakt.
Voeg daarna in één keer de rest van de ingrediënten toe: de gare
noedels, de taugé, de wortelreepjes, de bosuitjes, de Spaanse peper, het
roerei en de roerbaksaus. Schep het geheel goed om en verwarm het
gerecht totdat het heet is.
Proef je Chinese bami en voeg eventueel nog wat extra toe van één of
meer van de smaakmakers. Serveer meteen.
Tips:
Weet je niet hoe je
roereieren
maakt? In een eerder blog legde ik al eens uit hoe je dat doet; volg het
rode linkje.
Bosuitjes die een beetje slap zijn geworden piep je makkelijk op door ze
een paar minuten in koud water te leggen.
Heb jij dat ook? Na de feestdagen met een hele hoop gesnoep en speciale brunches met bijzondere hapjes, zijn we echt toe aan een aantal 'doe-maar-gewoon-dan-doe-je-al-gek-genoeg-dagjes'!
Daarom maakte ik gisteren een grote schaal vol met heerlijke doordeweekse bami. Voor ons is dat een waar feel-good-gerecht. En door de grote hoeveelheid knapperig verse groenten die er bij mij altijd in gaat is het nog gezond ook! En snel; ook niet onbelangrijk na al dat gekook en gebak tijdens het paasweekend...
Mocht je helemaal met me meevoelen, aarzel dan niet en ga meteen aan de slag met het onderstaande recept!
Voor prettige na-pasen-dagen!
Makkelijke bami met veel verse groenten
Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 4 personen:
400 gram eiernoedels of woknoedels
300 gram mager rundergehakt
100 gram achterham in plakjes
1 pak bamigroenten à 450 gram
250 gram taugé
8 bosuitjes
1 extra rode peper
3 eieren
zout
zonnebloemolie
ketjap asin (zoute ketjap)
Maggi-aroma
eventueel een portie kroepoek
Bereiding:
Breng in een ruime pan een paar liter water aan de kook. Voeg de noedels toe en kook ze nét beetgaar (zonder zout). Doe ze over in een vergiet en spoel ze af met koud water.
Maak ondertussen de vulling. Verhit daartoe een eetlepel zonnebloemolie in een koekenpan met anti-aanbaklaag of een hete wok.
Bak het gehakt rul in de olie. Maak het op smaak met een scheutje ketjap en wat Maggi.
Snijd de plakjes ham in kleine stukjes. Bak ze even mee met het gehakt.
Snipper de rode peper uit het bamigroentenpakket en de extra peper. Verwijder daarbij de pitjes en de zaadlijsten.
Dan mogen de bamigroenten, de taugé en de peper bij het gehakt. Roerbak de groenten een paar minuten. Voeg tijdens het roerbakken weer wat ketjap en Maggi naar smaak toe. Doe de vulling over in een kom.
Klop de eieren los in een kopje samen met een klein beetje water en wat zout. Bak er in een koekenpan een dikke omelet van. Snijd de omelet in stukjes.
Snijd de bosuitjes diagonaal in stukjes. Schep ze samen met de stukjes omelet door de vulling.
Verhit opnieuw wat olie in de wok of de koekenpan.
Roerbak een deel van de noedels kort samen met een portie vulling. Gebruik weer wat ketjap en Maggi; dit maal om de noedels op smaak te maken. Neem de bami uit de pan en houd hem eventueel warm in een oven van 150°C.
Roerbak de rest van de ingrediënten op dezelfde manier.
Serveer de bami met kroepoek als je dat lekker vindt.
Tip:
Heb je nog een restje over? Warm het een dag later even op in de oven!
Nadat ik je vorige week het recept gaf voor mijn overheerlijke Indiase currysoep, wil ik vandaag niet achterblijven en ook het geheim prijsgeven van mijn Thaise currysoep.
Die heeft een heel ander karakter, maar dat betekent niet dat hij minder lekker is! Hij is gebaseerd op een specerijenmengsel, dat de soep veel frisser maakt dan zijn Indiase evenknie. Bovendien zit er geen room in, maar kokosmelk.
De currysoep is gevuld met beetgare eiernoedels, malse kip en veel verse groenten. Heerlijk!
Wist je trouwens dat in het Verre Oosten dit soort soepen niet alleen gegeten wordt tijdens de avondmaaltijd? Je kunt ze er de hele dag door eten in restaurants of bij stalletjes met street food. Soep is met name populair als ontbijt! Als dat geen gezond begin van de dag is...
Hoe maak je zelf Thaise currysoep met noedels, kip en groenten?
Ingrediënten voor een maaltijdsoep voor 3 à 4 personen of een voorgerecht voor 5 à 6 personen:
5 trostomaten
1 rode puntpaprika
1 groene paprika
400 ml kokosmelk
1½ eetlepel Thaise rode currypasta (potje)
1 teentje knoflook uit de pers
2 theelepels geelwortelpoeder (kurkuma)
500 gram kipfilet
700 ml kippenbouillon (van blokjes is prima)
2 eetlepels Thaise vissaus
1 eetlepel dark soya sauce (een Chinese sojasaus)
het sap van een halve limoen
300 gram eiernoedels
water voor het bereiden van de noedels
3 bosuitjes
Bereiding:
Kruis de tomaten in en dompel ze 20 seconden onder in kokend water. Leg ze meteen daarna in ijswater. De velletjes laten dan makkelijk los. Ontvel de tomaten en verwijder de pitjes. Snijd het vruchtvlees in stukjes.
Snijd beide paprika’s in stukjes.
Verwarm in een soeppan 150 ml kokosmelk, de currypasta, de knoflook en het geelwortelpoeder.
Snijd de kipfilets in heel kleine blokjes.
Roer de kipblokjes door het kokosmelkmengsel en gaar ze zachtjes.
Voeg de rest van de kokosmelk, de bouillon, de vissaus, de dark soya sauce en het limoensap toe.
Roer de tomatenblokjes en de paprikastukjes door de soep.
Verwarm de currysoep goed.
Proef en voeg eventueel nog wat (kippen)bouillonpoeder of zout toe. De soep mag niet te flauw zijn.
Gaar de eiernoedels volgens de gebruiksaanwijzing op de verpakking. Belangrijk: laat de noedels niet te lang doorgaren; beetgaar is voldoende! Om dat resultaat te bereiken kun je het beste af en toe even proeven tijdens het bereiden.
Snijd de bosuitjes schuin in ringetjes.
Zet de currysoep, de noedels en de bosuitjes apart op tafel. Ieder schept eerst wat noedels in zijn bord of kom en dan wat soep. De bosuitjes zorgen voor een pittige garnering.
Tips:
Als je deze soep volgens de regels van de kunst wilt eten, neem dan een lepel in je linker- en een paar eetstokjes in je rechterhand. Leg met de stokjes steeds beetjes vulling op de lepel. Schep er wat vocht bij en eten maar.