Posts tonen met het label varkensvlees. Alle posts tonen
Posts tonen met het label varkensvlees. Alle posts tonen

dinsdag 6 oktober 2026

Vitel toné de cerdo: Argentijnse vitello tonnato van varkensfilet | Mijn recept uit Buenos Aires


Vitello tonnato.
Die ken je vast wel. De dunne plakjes kalfsvlees overgoten met romige tonijnsaus zijn niet meer weg te denken uit de Italiaanse restaurants in Nederland. 


Maar ken je ook de Argentijnse variant hierop, vitel toné de cerdo? 

Dat is een gerecht dat veel op vitello tonnato lijkt, maar toch niet helemaal hetzelfde is. Het wordt namelijk niet gemaakt van kalfsmuis of kalfsfricandeau, maar van varkensfilet, carré de cerdo in het Argentijns-Spaans.

Zowel de 'gewone' vitel toné - gemaakt van kalfsvlees; Argentijnen gebruiken hiervoor niet de naam vitello tonnato - als vitel toné de cerdo zijn al decennialang dé kerstavondgerechten voor miljoenen Argentijnen. 

In onze jonge jaren maakten ook wij in Argentinië kennis met beide verrukkelijke gerechten. Nog voordat vitello tonnato zo populair werd in Nederland. 

Ga met één klik naar ons recept! Of lees eerst nog even wat meer over ons Argentinië-avontuur!

En oh ja! Helemaal onderaan dit blog vind je ook nog een Q&A met allemaal leuke weetjes over vitello tonnato en vitel toné. Een heerlijk hapje kennis!


Een sfeervolle leisteen met daarom dunne plakjes varkensfilet overgoten met romige tonijnsaus: vitel toné de cerdo! Eromheen liggen kappertjes, kapperappeltjes en stukjes artisjok!



Wat vliegt de tijd! Het is ondertussen alweer meer dan dertig jaar geleden dat we een paar jaar in Argentinië woonden. 

In San Isidro, een buitenwijk van Buenos Aires.

Wacht, ik zal even een foto scannen van ons huis. Onze ouwe trouwe Peugeot 504 staat pontificaal voor de deur!


Een huis in mediterrane stijl met een groot hek en een groene heg. Op straat staat een blauwe Peugeot.


Ik heb nog even op Street View gekeken. Het huis staat er nog, al lijkt onze prachtige avocadoboom - rechts in de voortuin - het loodje te hebben gelegd.

En dit was mijn keuken, ook niet onbelangrijk!


In een zwart-witte keuken in een stijl van ongeveer 30 jaar geleden staat een jonge vrouw met een koksmes in haar handen.


Jij bent er nu getuige van: ook al ligt onze Argentinië-periode ondertussen al zo lang achter ons, die tijd is noch uit ons oog noch uit ons hart. En foodies als wij zijn, al helemaal niet uit ons culinaire hart!

 

Waarschijnlijk heb je het al vaker op mijn blog gelezen: wij eten nog met de regelmaat van de klok Argentijnse gerechten.

Chimichurri is misschien wel onze favoriet. Dat is een verrukkelijke, pittige salsa. Ideaal voor bij de barbecue; de asado, zoals de Argentijnen die noemen. Ik kreeg het recept ooit van een Argentijnse chef! 


Een grote glazen wekpot gevuld met een groen met rode salsa. De salsa ziet er pikant uit. Ernaast liggen een paar felrode tomaten.


Bij de lunch of als een lichte avondmaaltijd komen er vooral tijdens de zomer heel wat sandwiches de milanesa op tafel. Dat zijn fantastische Argentijnse schnitzelsandwiches! 


Op een stijlvol zwart bord liggen twee sandwiches van geroosterd wittebrood zonder korstjes. De sandwiches zijn belegd met krokant gebakken schnitzels, tomaat, waterkers en een romige cocktailsaus!


De ideale saus voor die sandwiches is de befaamde Argentijnse salsa golf, een soort cocktailsaus. Lekker kruidig en met een flinke scheut cognac!


Een schaaltje met een romige roze saus gegarneerd met kleine stukjes bieslook: een Argentijnse cocktailsaus, genaamd salsa golf!


Verder zijn we ook groot fan van de Argentijnse manier van tosti's maken. 

Die tosti's zijn niet dik zoals onze Nederlandse tosti's, maar heerlijk dun. Mals en zacht vanbinnen en krokant vanbuiten. En zonder korstjes!

Ze worden gemaakt van speciaal sandwichbrood, pan de miga. Het duurde een tijdje, maar inmiddels is dit brood gelukkig ook gewoon te koop in Nederland.


Op een bamboe plank liggen 5 langwerpige plakken dun wittebrood zonder korstjes: Argentijnse pan de miga of sandwichbrood!


De tosti's worden tostados de jamón y queso genoemd - gewoon ham-kaas-tosti's - maar dat klinkt in het Spaans toch net wat exotischer. 


Op een vrolijk zwart-wit bord liggen een paar dunne tosti's met ham en kaas. Het zijn Argentijnse tosti's!


Laatst aten we ze nog samen met onze zelfgemaakte tomatenjam. Toegegeven, die is niet Argentijns, maar wel erg lekker bij tostados de jamón y queso. Een aanrader dus!


Een klein pannetje gevuld met felrode zelfgemaakte tomatenjam. Eromheen liggen een paar chilipepers, korianderzaadjes en komijnzaadjes.


De eerste keer dat wij vitel toné aten, was tijdens de lunch in een restaurant in Buenos Aires. 

Ik schreef er al eens eerder over in mijn blog bij het recept voor kalfshamburgers met tonijnmayonaise. 

En dat het niet bleef bij één keer, dat zul je vast begrijpen!


Maar ook thuis wilde ik graag met het gerecht aan de slag. 

In eerste instantie maakte ik mijn vitel toné van kalfsvlees. Of eigenlijk moet ik zeggen: jong rundvlees. Ik zal je uitleggen hoe dat zat.

In Argentinië is het eten van kalfsvlees zoals wij dat kennen - of zoals de Italianen dat gebruiken voor hun vitello tonnato - niet heel gangbaar. 

De meeste runderen worden in Argentinië jonger geslacht dan hier in Europa. Maar niet zo jong als ons kalfsvlees. Hun slachtleeftijd zit dus tussen ons kalfsvlees en ons rundvlees in. 

Vlees van die runderen wordt wel novillito genoemd, jong rundvlees. Dat vlees smaakt minder licht en minder subtiel dan ons kalfsvlees. Het is donkerder van kleur en heeft meer kracht. 


Omdat wij graag vitel toné aten met een smaak die meer leek op ons kalfsvlees, stapten wij al snel over op varkensvlees. 

De carré de cerdo, varkensfilet, die wij toentertijd in Argentinië overal konden kopen, was heerlijk mals en sappig. Ideaal voor vitel toné, vonden wij. En daarom braken wij met de toenmalige Argentijnse traditie om alleen maar novillito te gebruiken. 

Ook later, toen we in Afrika, Azië en uiteindelijk Nederland gingen wonen, bleven we onze vitel toné met varkensfilet maken. 

Sterker nog: dat doen we nog steeds! Niet op kerstavond - dan eten wij steevast gevulde kalkoen - maar wel op andere hoogtijdagen. Met name op de verjaardag van mijn dochter Petra. Het is misschien wel haar absolute lievelingsgerecht!


Ik heb mijn eigen speciale recept voor die vitel toné van varkensvlees, vitel toné de cerdo in goed Argentijns. 

  • Ik marineer mijn varkensfilet altijd eerst een nachtje in op smaak gemaakte droge witte wijn.
  • Daarna pocheer ik het vlees. Na afkoeling snijd ik het in flinterdunne plakjes. 
  • Het kookvocht laat ik inkoken en daar maak ik - ook weer na afkoeling - een grote hoeveelheid tonijnsaus van. 
  • Als finishing touch - maar niet onbelangrijk! - laat ik mijn plakjes vlees vervolgens 24 uur marineren in die tonijnsaus voordat mijn vitel toné de cerdo op tafel komt! 

Het resultaat is zo smaakvol! Als je mijn recept één keer hebt geprobeerd, wil je nooit meer anders. Gegarandeerd!  


Voor ons is vitel toné de cerdo vrijwel nooit een voorgerecht. Daar is het té lekker voor! 

Wij maken er altijd een complete maaltijd van. Als avondmaal, maar ook vaak als feestelijke brunch. Met een grote schaal met versgebakken roomboter-dinerbroodjes erbij.

Wij scheuren onze broodjes graag in stukjes en dopen die in de tonijnsaus. Daarom maak ik altijd een overvloedige hoeveelheid van die saus!


Een bamboe plank met daarop kleine zelfgebakken roomboter-dinerbroodjes gegarneerd met sesamzaadjes en maanzaadjes!


En als groenten serveer ik graag: 


Vier kleinere foto's van salades: een tomaat-paprikasalade, in de oven geroosterde zwarte en groene olijven, in de oven gepofte cherrytomaatjes en een gemengde salade met cherrytomaatjes, artisjokkenharten, olijven en verse tuinkruiden!


Scroll snel door naar ons recept. Maar eerst nog even zo'n nostalgische, oude foto! Van een bord vitel toné de cerdo uit onze Argentinië-jaren.


Een verouderde foto van plakjes varkensfilet overgoten met een romige tonijnsaus: Argentijnse vitel toné de cerdo!


Vitel toné de cerdo: hét recept voor Argentijnse vitello tonnato van malse varkensfilet! 



Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 5 personen of een voorgerecht voor ±10 personen:

  • een mooi stuk varkensfilet (zonder vetrandjes) van ±800 gram
  • 1 liter goede droge witte wijn (ik gebruik graag een chardonnay)
  • 1 flinke ui
  • 3 middelgrote zoetzure augurken
  • 2 ansjovisfilets of 3 theelepels ansjovispuree
  • 1 potje kappertjes (uitlekgewicht ±60 gram)
  • zout en versgemalen zwarte peper
  • 3 blikken tonijn in zonnebloemolie (uitlekgewicht per blik ±100 gram)
  • ±350 gram frisse mayonaise (ik gebruik voor dit recept graag Remia Mayolijn; dit blog is niet gesponsord)
  • eventueel een klein schepje poedersuiker

Bereiding:

  1. Schenk de wijn in een hoge pan waar het vlees qua lengte net in past. 
  2. Snijd de ui en de augurken in dunne plakjes. Voeg de groenten samen met de ansjovis, 3 eetlepels kappertjes en wat zout en peper toe aan de wijn.
  3. Leg het vlees in de marinade. Laat de varkensfilet 24 uur marineren in de koelkast.
  4. Zet de pan met de marinade en het vlees op het vuur en breng de marinade zachtjes aan de kook. Draai het vuur laag en laat het vlees in ongeveer drie kwartier zachtjes pocheren totdat het gaar is. 
  5. Neem het vlees uit de pan en laat het, afgedekt, goed afkoelen. Eerst in de keuken, later in de koelkast.
  6. Kook ondertussen het kookvocht flink in. Als je - uiteindelijk - de uien, augurken, ansjovis en kappertjes verwijdert (die heb je niet meer nodig), moet je nog ±450 ml overhouden. Laat ook het kookvocht goed afkoelen.
  7. Giet de tonijn af. Pureer de tonijn samen met het afgekoelde kookvocht in de foodprocessor. Als de tonijn helemaal fijn is, kun je de mayonaise toevoegen. Meng de saus nog even met een paar pulsen van de machine.
  8. Proef de tonijnsaus en voeg indien nodig nog wat extra mayonaise, zout en/of peper toe. Als je wijn heel droog was, heb je misschien ook nog een klein schepje poedersuiker nodig. 
  9. Doe de tonijnsaus over in een grote, diepe schaal of kom.
  10. Snijd het koude vlees met een scherp vleesmes in flinterdunne plakjes.
  11. Leg de plakjes vlees in de tonijnsaus. Zorg ervoor dat alle plakjes vlees goed gecoat zijn met een laagje tonijnsaus. Dek de schaal af en zet hem in de koelkast. Zo moet het vlees bij voorkeur nog 24 uur staan, zodat de tonijnsmaken heerlijk in het vlees kunnen trekken.
  12. Leg op elk bord een paar plakjes varkensfilet. Schep er nog wat tonijnsaus overheen. Garneer het gerecht met een paar kappertjes.
  13. Zet de resterende tonijnsaus - en eventueel de restjes vleesplakjes - los in een kom op tafel, zodat iedereen er naar wens meer van kan nemen.
  14. Serveer er versgebakken roomboter-dinerbroodjes - of lekker brood van de bakker - en meerdere van de hierboven genoemde groentegerechten bij.        


Alles wat je nog meer wilt weten over vitello tonnato en de Argentijnse variant vitel toné (de cerdo)!



Wat is vitello tonnato?


Dat weet je waarschijnlijk wel! Vitello tonnato is een gerecht van flinterdunne plakjes gegaard kalfsvlees overgoten met een romige tonijnsaus. 

Vitello tonnato wordt altijd koud geserveerd. Meestal als voorgerecht.

 

Waar komt het gerecht vitello tonnato vandaan?


Vitello tonnato komt van oorsprong uit Italië, uit de Piëmontese regio in het noordwesten van het land.

Het gerecht ontstond in de achttiende eeuw als een soort restjesgerecht van kalfsvlees, zo luidt het verhaal. Dat vlees werd langzaam gegaard voor langere houdbaarheid. En geserveerd met een krachtige saus. Van ansjovis. 

        
Op een granieten aanrechtblad staat een opengetrokken blikje vol met ansjovis!



In het Piëmontese dialect kreeg het de naam vitel tonné: vitel verwees naar het kalfsvlees, terwijl tonné waarschijnlijk is afgeleid van het Franse tanné, 'bewerkt'. Bewerkt kalfsvlees dus. 

En dat is op zijn minst opmerkelijk! De oorspronkelijke naam voor het gerecht had helemaal niets te maken met wat wij nu denken: tonijn. Ook al klinkt dat zo...

Pas eind negentiende eeuw werd het eten van tonijn uit blik populair in Italië. Én de vis werd betaalbaar. Of misschien was het andersom: werd tonijn juist populair doordat hij betaalbaar werd. Wie zal het zeggen?

Hoe dan ook, tóen vond ingeblikte tonijn dus zijn weg naar de vitel toné-saus - overigens nog steeds in combinatie met de aloude ansjovis. De vis met zijn milde smaak maakte de saus in één klap veel zachter, lichter en romiger. 

In die periode verscheen het recept ook in kookboeken buiten Piëmont, onder een nieuwe, veritaliaanse naam: vitello tonnato, letterlijk ‘kalfsvlees met tonijn’.

In de twintigste eeuw evolueerde de saus verder, met als belangrijkste toevoeging: frisse en fluwelige mayonaise. Vanaf 1950 raakte de mayonaise-variant meer en meer ingeburgerd. 

En dat is precies zoals wij de Argentijnse vitel toné en de Italiaanse vitello tonnato vandaag de dag nog steeds kennen. 


Op een granieten aanrechtblad staat een opengetrokken blikje tonijn in olie!



Hoe is het recept voor vitel toné/vitello tonnato in Argentinië terechtgekomen al voordat wij het gerecht in Nederland kenden?

Vitello tonnato kwam vroeg in Argentinië terecht doordat tussen 1870 en 1930 miljoenen Italianen, onder wie opvallend veel Piëmontezen, daar een nieuw leven begonnen. 

En zoals dat gaat: wie verhuist, neemt zijn favoriete recepten mee in zijn culinaire bagage. Vitel toné reisde simpelweg met hen mee.

In Argentinië viel het gerecht meteen in goede aarde: (jong) rundvlees was er goedkoop en tonijn in blik was overal beschikbaar. De ingrediënten voor een nieuwe klassieker lagen dus letterlijk voor het oprapen.

Daar kwam nog iets bij: kerst valt in Argentinië midden in de zomer. Tijdens de feestdagen is het er warm - soms zinderend warm, dat hebben we zelf aan den lijve ondervonden. En dus is er behoefte aan koude, feestelijke schotels die je vooraf kunt bereiden. Vitel toné bleek daarvoor ideaal: romig, fris, rijk van smaak en perfect voor grote families die samen aan tafel gaan.

Zo groeide het gerecht uit tot een ware Argentijnse kerstklassieker. En dat gebeurde allemaal decennia voordat wij in Nederland überhaupt nog van vitello tonnato hadden gehoord.



Waarom heet vitello tonnato in Argentinië vitel toné?

Ja, dat moge ondertussen duidelijk zijn! De immigranten uit Piëmont kenden de term vitello tonnato niet eens. Zij spraken van vitel tonné. In de Argentijnse schrijftaal is inmiddels één n weggevallen uit tonné. Maar de uitspraak en de betekenis bleven hetzelfde.

En zo raakte Argentinië vertrouwd met de Piëmontese naam. 

Dertig jaar geleden leerden wij het gerecht kennen onder de naam vitel toné en zo heet vitello tonnato dus nog steeds in Argentinië.



Van welk stuk vlees worden vitello tonnato en vitel toné over het algemeen gemaakt?


Op het eerste gezicht lijken de Italiaanse en Argentijnse versie van het gerecht totaal verschillend - kalfsvlees versus rundvlees, zoals ik hierboven in mijn blog al uitlegde - maar anatomisch gezien gaat het om precies hetzelfde deel van het dier. Alleen de leeftijd van het dier en de lokale naam van het stuk vlees verschillen.

In Italië heet dit stuk vlees girello of magatello. Wij zouden dat vertalen met kalfsmuis, een deel van wat wij kalfsfricandeau noemen. Het is het magerste en zachtste deel van de bovenbil van een kalf. Een stuk vlees met een milde smaak. Die gaat prachtig samen met de romige tonijn‑ansjovissaus.

In Argentinië wordt traditioneel gebruikgemaakt van peceto: hetzelfde magere, langwerpige spierstuk. Maar dan uit de achterbil van een net wat ouder rund.

Door het verschil in leeftijd van de dieren krijgen de gerechten twee best wel verschillende smaakprofielen: in Italië verfijnd en delicaat, in Argentinië steviger en uitgesprokener met meer bite. Wat draderiger, vezeliger van structuur ook.


Op een vergeeld stuk papier staat een tekening van een rund, verdeeld in vleesdelen. Met alle namen erbij in het Spaans: peceto, cuadril, lomo, nalga, et cetera.



Wordt het vlees voor vitello tonnato en vitel toné altijd eerst gemarineerd?


Van oorsprong werd het kalfsvlees voor vitel tonné meestal gemarineerd. Alleen niet vóór, maar ná het garen. Die zogenaamde post-gaartechniek maakte het vlees malser en gaf het extra smaak. Die methode werd ook toegepast op het rundvlees uit Argentinië. 

Tegenwoordig maakt elke individuele kok hierin zijn of haar eigen keuze. 

Zelf heb ik er meteen vanaf de eerste keer dat ik vitel toné maakte voor gekozen om te gaan voor twee marineerperiodes: zowel vóór als ná het garen!

Voor het garen marineer ik mijn vlees eerst 24 uur in witte wijn met allerlei smaakmakers. Ik gaar het vlees vervolgens in de marinade. En daarna maak ik de saus met weer diezelfde marinade. 

Dan snijd ik mijn vlees in flinterdunne plakken. En ook die marineer ik weer. Maar dan in de bereide tonijnsaus! Verrukkelijk: alle smaken komen zo optimaal bij elkaar! 



Wordt het vlees voor vitello tonnato en vitel toné gebraden of gepocheerd?


Beide technieken worden toegepast, al was pocheren in de beginperiode gebruikelijker.

Vooral voor het wat rijpere rundvlees uit Argentinië gaf pocheren een malser resultaat. En zo gebeurt het daar tegenwoordig dus ook nog het vaakst.

Ook ik heb vanaf het begin mijn vlees gepocheerd. In die marinade van hierboven! 



Hoe heet de Argentijnse variant van vitel toné waarvoor varkensvlees wordt gebruikt?


Die naam luidt: vitel toné de cerdo. Letterlijk: vitel toné van varkensvlees.



Welk deel van het varken wordt gebruikt voor vitel toné de cerdo?


Een varken heeft een iets andere anatomie. In plaats van de bovenbil is bij een varken de varkensfilet het meest geschikt voor vitel toné.

Varkensfilet is het ribstuk. Dus eigenlijk alle karbonades aan elkaar vast. Het vlees wordt zorgvuldig losgesneden van de botten. En de botten worden niet gebruikt.

Voor vitel toné moet een varkensfilet goed mager zijn. Koop je bij je slager een stuk varkensfilet met nog wat vetrandjes eraan? Snijd die er dan eerst vanaf voordat je met de bereiding van je vitel toné begint. Gepocheerd varkensvet is niet zo lekker. 


Op een vergeeld stuk papier staat de tekening van een varken, verdeeld in culinaire delen: ham, haaskarbonades, procureur, spareribs, wang, et cetera.



Hoe heet die varkensfilet in Argentinië?


Bij een Argentijnse slager bestel je dan een zogenaamde carré de cerdo. 

De benaming carré komt rechtstreeks uit Frankrijk, waar men spreekt van carré de porc. En zelfs in Nederland hoor je hem soms weleens: varkenscarré. 


Op een houten plank ligt een mooi stuk magere varkensfilet, klaar om te bereiden.



Vitel toné de cerdo wordt de laatste jaren steeds populairder in Argentinië. Waarom is dit?


Ik vertelde je hierboven al: bijna vanaf het begin vervingen wij voor onze vitel toné het rundvlees, de peceto, door varkensvlees, de carré de cerdo. 

Dat deden we omdat we de mildere smaak van de varkensfilet meer waardeerden voor onze vitel toné. Die leek misschien wel meer op ons kalfsvlees dan de smaak van de peceto. 

Dertig jaar geleden was het gebruik van varkensvlees voor vitel toné echter helemaal nog niet gebruikelijk in Argentinië. Pas later veranderde dat. Tegenwoordig raakt vitel toné de cerdo steeds meer in zwang.

Waarom? Dat wilde ik weten!

Wat blijkt? De moderne Argentijnen zijn het qua smaak vaak met me eens: varkensfilet heeft een mildere, elegantere smaak dan peceto. Én het komt qua mondgevoel dichter in de buurt van het kalfsvlees van de Italiaanse oorsprong.

Maar er zijn meer redenen aan te wijzen. 

Carré de cerdo is tegenwoordig ook betaalbaarder. Rundvlees is nu duurder dan het vroeger was in het Zuid-Amerikaanse land.

Bovendien is carré de cerdo makkelijker te bereiden: het blijft sappig en het snijdt mooier.

En het past perfect bij de romige tonijn‑ansjovissaus.

Niet alleen Argentijnse chefs hebben het nieuwe gerecht omarmd, ook veel Argentijnse thuiskoks geven er inmiddels de voorkeur aan boven de traditionele versie met peceto! Ze vinden het ideaal voor hun kerstavond met familie!



Wordt vitello tonnato in Italië ook weleens van varkensvlees gemaakt en hoe heet het gerecht dan?


Nee. In Italië maakt men vitello tonnato bijna nooit met varkensvlees. Dat komt omdat het gerecht in Italië sterk verbonden is met kalfsvlees - het woord vitello is daar echt essentieel.

Als het een enkele keer toch gebeurt, dan heet het gerecht simpelweg maiale tonnato - varkensvlees met tonijnsaus - of lonza di maiale con salsa tonnata - varkenslende met tonijnsaus.

Alleen op trendy Italiaanse foodblogs duikt zo’n varkensvleesvariant af en toe op als een economische, eigentijdse twist - maar hij is geen onderdeel van de klassieke Italiaanse keuken.

Dit in tegenstelling dus tot de praktijk in het huidige Argentinië!



Ik wens je veel plezier met mijn recept voor Argentijnse vitel toné de cerdo! 


Misschien ga jij dit jaar wel voor een kerstavond met een Argentijns tintje!



vrijdag 27 maart 2026

Mihoen Singapore: het lekkerste en makkelijkste recept met veel tips & tricks!


Ga jij graag naar een Aziatisch restaurant?

En bestel je daar vaak mihoen Singapore, die fantastische currynoedels met hun rijke vulling van knapperig verse groenten, garnalen en geroosterd varkensvlees?

Dan heb ik vandaag goed nieuws voor je: mihoen Singapore kun je ook heel makkelijk zelf thuis maken! 

Denk je nu: dat geldt vast niet voor mij, dat kan ik niet? Niet zo onzeker! Dat prachtige bordje Singapore noedels van de foto hieronder kun ook jij op tafel zetten! 

Lees snel door onder de foto voor het authentieke recept en de allerbeste tips & tricks!


Mihoen Singapore: het lekkerste en makkelijkste recept met veel tips & tricks!

 


Zelf leerde ik de allerlekkerste mihoen Singapore maken toen ik jaren geleden in Azië woonde

Niet in Singapore, maar in Maleisië.

Daar at ik de verrukkelijke noedels met hun kenmerkende currysmaak voor het eerst in mijn favoriete restaurant - of eigenlijk meer mijn stamkroeg, want ik kwam er minstens één keer per week. Ik schreef er al eens eerder over: ik heb het over de Piasau Boat Club in Miri op het eiland Borneo. 


Het gezellige overdekte restaurant van de Piasau Boat Club in Miri, Maleisië!


Toen ik daar, een dag na aankomst in Maleisië, voor de eerste keer de kaart bekeek, had ik geen idee wat ik moest bestellen. Van de meeste Aziatische gerechten had ik nog nooit gehoord. 

Maar een vriendin wist raad: "Ga voor de bee hoon Singapore style! Ideaal voor beginners in de Zuidoost-Aziatische keuken!"

En ze had gelijk!

De dunne, beetgare, geroerbakte rijstnoedels met hun overdadige vulling van groenten, reepjes geroosterd varkensvlees (char siu), garnalen en omelet en hun rijke smaak van curry/specerijen veroverden mijn culinaire hart ter plekke! 

En natuurlijk wilde ik graag weten hoe ik die noedels ook zelf kon maken. 

Het kostte me maanden om het recept te vervolmaken. Maar uiteindelijk slaagde ik daarin. Althans volgens mijn - culinair toch niet zo onkritische - gezin! 

Vandaag deel ik mijn recept voor mihoen Singapore met jullie. Én ik geef jullie meteen talloze tips om ook jullie noedels zo lekker mogelijk te maken. Pas ze allemaal toe en geniet!


Aanvallen! Na één hap kun je niet meer stoppen met het eten van deze Singapore noodles!


Hét recept voor de allerlekkerste zelfgemaakte mihoen Singapore!



Ingrediënten voor een hoofdgerecht voor 2 à 3 personen:

  • 200 gram mihoen 
  • 2 eetlepels Chinese lichte sojasaus
  • 1,5 eetlepel Chinese donkere sojasaus
  • 2 eetlepels Chinese shoaxing wijn of droge sherry 
  • 2,5 eetlepel gembersiroop
  • 1 eetlepel sesamolie
  • 2,5 theelepel Maleisisch currypoeder (zie de antwoorden bij de vragen 8 en 9 onder het recept)
  • 1 theelepel kurkuma/geelwortelpoeder
  • ±1/2 tl zout
  • 1 ui
  • 1/2 rode paprika
  • 1/2 groene paprika
  • 100 gram gare mini-maïskolfjes (uit blik)
  • 3 bosuitjes
  • 150 gram char siu (Chinees gebarbecued varkensvlees; lees eventueel mijn eerdere blog over dit heerlijke vlees en zie ook de antwoorden op de vragen 12 en 13 onder dit recept)
  • 2 eieren
  • nog wat extra zout 
  • versgemalen zwarte peper
  • 5 eetlepels zonnebloemolie
  • 2 teentjes knoflook uit de pers
  • 2 eetlepels hoisinsaus
  • 50 gram kleine gare roze garnalen

Bereiding:

  1. Breng een ruime hoeveelheid water - minimaal 1,5 liter - aan de kook. Leg de mihoen in een kom en giet het water eroverheen. Laat de noedels zo een paar minuten staan. Proef dan even of ze gaar genoeg zijn; als ze net beetgaar zijn, zijn ze klaar. 
  2. Giet de kom met mihoen leeg door een vergiet. Spoel de noedels af met koud stromend water. Spreid ze daarna uit op een bakrooster. Zo stop je het garingsproces en zorg je ervoor dat je noedels mooi droog worden. 
  3. Roer in een schaaltje een woksausje van alle ingrediënten vanaf de lichte sojasaus tot en met de 1/2 theelepel zout.
  4. Voordat je gaat wokken is het belangrijk dat alle groenten en het vlees gesneden klaarstaan. Dan kun je snel doorwerken. Snijd de ui in dunne kwart ringen. Snijd de paprika's in reepjes. Snijd de mini-maïskolfjes elk in 3 à 4 stukjes. Snijd de bosuitjes diagonaal in dunne plakjes. Snijd de char siu in kleine dunne plakjes of reepjes.
  5. Verwarm een wok of een grote hapjespan met anti-aanbaklaag. 
  6. Klop de eieren los in een schaaltje samen met 2 eetlepels water en zout en peper naar smaak. Verhit 1 eetlepel olie in de wok. Giet de eieren in de wok en bak er onder af en toe omscheppen een roerei van. Schep het roerei uit de wok.
  7. Verhit nog eens 2 eetlepels zonnebloemolie in de wok. Fruit hierin eerst de uien. Voeg na 2 à 3 minuten de paprikareepjes toe en wok die mee. Na nog eens 2 minuten mogen de knoflook en de mini-maïskolfjes erbij. Wok de groenten nog een minuut. Schep de beetgare groenten uit de wok en voeg ze bij het roerei.  
  8. Verhit in een (andere) koekenpan 1 eetlepel zonnebloemolie. Roerbak hierin de reepjes char siu gedurende 2 à 3 minuten totdat ze een beetje krokant zijn. Draai het vuur uit en voeg er de garnalen aan toe. Roer de hoisinsaus erdoorheen.
  9. Verhit weer 1 eetlepel zonnebloemolie in de wok. Nu mogen bijna alle ingrediënten samen in de wok: de gare noedels, het woksausje en het roerei met de geroerbakte groenten. Roerbak het geheel kort totdat alle ingrediënten heet zijn maar ondertussen toch knapperig vers blijven. 
  10. Voeg als laatste de char-siu-reepjes met de garnalen en de bosuitjes toe aan je mihoen Singapore. 
  11. Proef je gerecht goed. Mag het voor jou nog wat hartiger smaken? Schep er dan nog wat zout of lichte sojasaus doorheen. Extra zoetheid voeg je toe in de vorm van nog een scheutje gembersiroop. 
  12. Serveer je mihoen Singapore meteen. 


Heb je na dit recept nog vragen over mihoen Singapore? Hieronder vind je alle antwoorden! 



1. Komt het recept voor mihoen Singapore van oorsprong echt uit Singapore?

Deze vraag heb ik niet voor niets opgenomen in deze lijst met vragen over mihoen Singapore. Het antwoord luidt namelijk: nee! 

De Singaporese keuken kent geen mihoengerecht op smaak gemaakt met currypoeder! Wel kun je in Singapore overal gewokte noedels krijgen, maar die hebben een heel ander smaakprofiel. 

De rijstnoedels met curry, die wij kennen onder de naam mihoen Singapore, schijnen van oorsprong uit Hongkong te komen. Waarschijnlijk werden ze daar in het midden van de 20e eeuw bedacht. Het ging in die tijd om een vrij mild gerecht.

In 1949 riep Mao Zedong de Volksrepubliek China uit. Veel Chinese mensen ontvluchtten als gevolg daarvan China en Hongkong. Ze vestigden zich onder andere in Singapore. Allicht namen ze hun recept voor gewokte noedels mee in hun culinaire bagage. 

De toenmalige Singaporese keuken kenmerkte zich door veel pittigere gerechten dan de geïmporteerde Hongkongse noedels. En daar pasten de nieuwkomers zich aan aan: langzaam maar zeker werden ook de gewokte noedels uit Hongkong pikanter van smaak. Die pikante versie van de Hongkongse noedels werden de 'noodles Singapore style' genoemd! 

Ondanks de aanpassing werd mihoen Singapore echter niet populair onder niet-Chinese inwoners van Singapore. Je komt het gerecht vrijwel alleen maar tegen in Chinese restaurants in de stadstaat. 

En dus in heel veel Chinese restaurants in de rest van de wereld! Zeker wij Nederlanders zijn er dol op!



2. Wat is mihoen? 


Mihoen is een noedelsoort. Maar in tegenstelling tot de meeste soorten noedels is mihoen niet gemaakt van tarwe, maar van rijstbloem. 

En ook nog van tapiocameel, xanthaangom, water, neutrale olie en een beetje zout. Daar wordt een deegje van gemaakt. Dat deegje gaat vervolgens in een aardappelpureeknijper met fijne gaatjes, een soort grote knoflookpers. 


Met deze aardappelpers kun je ook mihoen/rijstnoedels maken!


Als je de pers dichtdrukt, komen er aan de onderkant dunne sliertjes deeg uit. Die gaan direct vanuit de pers in een grote pan met kokend water. Daarin garen ze binnen een minuut. Nog even afspoelen om het overtollige zetmeel te verwijderen en dan zijn de noedels klaar om verder te verwerken. 

Nieuwsgierig om dit proces te zien? Bekijk dan het onderstaande filmpje. Leuk!


 



3. Welke mihoen is het meest geschikt voor Singapore noedels?


In Aziatische supermarkten kun je mihoen kopen in alle soorten en maten. Het meest opvallende verschil tussen de diverse merken is de dikte van de noedels. Mihoen kan heel dun zijn, maar ook wat dikker. 

Zelf werk ik het liefst niet met de allerdunste soorten mihoen. Ik kies meestal voor een dikkere variant. Die is het makkelijkste te verwerken: hij blijft mooi beetgaar van structuur en plakt niet.



4. Hoe bereid ik mihoen op een manier dat de noedels niet te gaar en plakkerig worden?


Om te voorkomen dat mihoen te gaar wordt, kun je de noedels het beste niet koken. 

Idealiter wordt mihoen in een kom overgoten met kokend water. Van het vuur af dus. Zo mogen de noedels enige minuten staan. Hoe lang precies, dat hangt af van de dikte van de noedels en het merk. Ik schep ze meestal ook nog een paar keer om, zodat ze tijdens het wellen mooi los worden. 

Proef je noedels om te bepalen of ze goed gegaard zijn. Beetgaar is voldoende, want je gaat ze na het wellen ook nog roerbakken. Zijn ze nog te stevig van structuur bij het proeven, laat ze dan nog een paar minuten langer in het hete water staan.

Doe de mihoen vervolgens over in een vergiet. Laat het hete water wegstromen. Spoel de noedels goed af onder de koude kraan. Daardoor verliezen ze niet alleen hun warmte - en kunnen ze dus niet ongewenst doorgaren - maar ook overtollig (en plakkerig) zetmeel.

Leg de noedels daarna op een bakrooster. Zo kunnen ze een beetje drogen en worden ze niet zompig.

Laat de noedels op het rooster liggen totdat je ze gaat roerbakken.



5. Ik vind het soms onhandig om hele lange noedels te eten. Hoe maak ik de noedels wat korter?


Te lange noedels kunnen inderdaad heel onhandig zijn. Niet alleen tijdens het eten, maar ook al eerder, tijdens het roerbakken. 

Daarom pak ik altijd een schaar als mijn noedels op het bakrooster liggen. En ik knip ze op een paar plekken in stukken. Supermakkelijk en efficiënt! 



6. Waarom gaan er twee sojasauzen in de roerbaksaus en wat is het verschil tussen de sauzen?


De basis voor dit van oorsprong Chinese gerecht wordt gevormd door 2 sojasauzen. Chinese sojasauzen om precies te zijn: de light soya sauce (lichte sojasaus) en de dark soya sauce (donkere sojasaus).

Zou je een van deze sauzen kunnen weglaten uit het recept? Nou, liever niet! Want ze hebben niet alleen een andere kleur, deze sauzen, ze smaken ook heel anders. 

Lichte sojasaus is dun en vloeibaar en heeft een lichtbruine kleur. Hij is een beetje doorschijnend. De smaak is zout en umami. Lichte sojasaus heeft bij gebruik niet veel invloed op de kleur van je gerecht.

Donkere sojasaus is veel dikker, viskeuzer. Hij is donkerbruin van kleur, tegen het zwarte aan. Daardoor kleuren gerechten met donkere sojasaus ook bruiner. Donkere sojasaus heeft een wat minder zoute, diepe, zoete, karamelachtig smaak. 



7. Wat is shoaxin wijn en wat kan ik ervoor in de plaats gebruiken als ik hem niet kan kopen?


Shoaxin wijn is een Chinese rijstwijn, die zijn naam dankt aan de stad waar hij vandaan komt. 

De shoaxin wijn die je koopt in de Aziatische supermarkt is niet bedoeld om te drinken. In veel gevallen is er een beetje zout aan toegevoegd. Hij heeft een alcoholpercentage van ±15%.

Shoaxin wijn heeft een lichtzoete, nootachtige smaak, die een beetje aan droge sherry doet denken. 

In de roerbaksaus voor mihoen Singapore heb je maar een paar eetlepels van deze wijn nodig. Wil je niet onnodig met de rest van de wijn in je koelkast blijven zitten? Gebruik dan in plaats ervan die droge sherry van hierboven. Grote kans dat je die toch al in huis hebt! 



8. Welke soort currypoeder heb ik nodig voor mihoen Singapore?


Om maar meteen met de deur in huis te vallen: het standaard kerriepoeder uit de Nederlandse supermarkt is absoluut ongeschikt voor mihoen Singapore!

Currypoeder is een mengsel van allerlei soorten specerijen en in elk land of in elke regio wordt currypoeder op een andere manier samengesteld. 

Typische specerijen die je kunt aantreffen in kerriepoeders zijn komijnzaad, korianderzaad, geelwortelpoeder, chilipoeder, kaneel, witte en zwarte peper, kruidnagel, kardemom, steranijs en venkelzaad.

Om de meest authentieke smaak te krijgen voor je gerecht is het belangrijk dat je een soort currypoeder gebruikt, die in de regio van oorsprong van het gerecht ook wordt gebruikt. 

Ga dus voor Chinees of Zuidoost-Aziatische currypoeder!

Zelf koop ik in mijn Aziatische supermarkt altijd vrij pikant Maleisisch currypoeder met in verhouding veel venkelzaad en steranijs erin, specerijen die populair zijn in de Chinese keuken. 



9. Welk merk Maleisisch currypoeder is geschikt en waar kan ik dat kopen?


Baba's Meat Curry Powder heeft volgens mij de ideale smaak om mihoen Singapore te maken (dit blog is niet gesponsord). Ik heb altijd wel een paar zakjes op voorraad!


Dit Maleisische currypoeder is uitermate geschikt voor mihoen Singapore!


Handig: ik breng er ook andere Zuidoost-Aziatische gerechten mee op smaak, zoals de in mijn gezin populaire kari ayam, verrukkelijke Maleisische kipcurry, en curry puffs, fantastische Maleisische kippasteitjes. 


Recept! Kari ayam, de lekkerste Maleisische kipcurry!


Baba's Meat Curry Powder is verkrijgbaar in veel toko's en Aziatische supermarkten. Volg het rode linkje hierboven voor meer info.



10. Wat zijn mini-maïskolfjes?


Mini-maïskolfjes of babymaïskolfjes zijn echte maïskolfjes, die nog niet rijp en volgroeid zijn. Ze worden al in een vroeg stadium geoogst als ze nog maar een centimeter of tien lang zijn.

Mini-maïskolfjes kun je in zijn geheel eten. Hun smaak is lichtzoet en hun structuur lekker knapperig.

Verse babymaïs wordt meestal geroerbakt of kort gekookt. De kolfjes lenen zich bij uitstek voor gebruik in Aziatische gerechten. Vandaar dus dat ik ze toevoeg aan mijn mihoen Singapore!

Vanwege hun gebruiksgemak heb ik in mijn recept gekozen voor maïskolfjes uit blik. Die zijn al gaar. Je hoeft ze alleen nog maar in stukjes te snijden en kort mee te wokken.

Blikjes met mini-maïs vind je gewoon in de Nederlandse supermarkt; meestal staan ze niet bij de groenten, maar bij de oosterse producten.


Minimaïskolfjes zijn zeer geliefd in de Aziatische keuken!



11. Kan ik ook andere groenten gebruiken dan die uit het recept?


Dat kan zeker! Je kunt je mihoen Singapore maken met allerlei soorten groenten. 

Maar er is wel een maar: wat ons betreft zijn de uien, de paprika's en de bosui essentieel! Vervang die liever niet. Je zou zelfs mihoen Singapore kunnen maken met alleen deze drie groenten. Koop er dan wel wat meer van.

De mini-maïskolfjes kun je vervangen door andere groenten. Denk daarbij aan dunne plakjes champignons, schoongemaakte en in de lengterichting in reepjes gesneden sugar snaps, stukjes bimi, in stukjes gesneden kousenband, elleboogjes bleekselderij, erwtjes, wortelreepjes of taugé. Niet allemaal tegelijk natuurlijk: één of twee soorten is voldoende. 



12. Wat is char siu?


Ik schreef al eens eerder een blog over char siu. Volg het rode linkje en lees er alles over.

Om kort te gaan: het gaat om heerlijk gekruid, geroosterd Chinees varkensvlees. 

Char siu is meestal gemaakt van vrij vet varkensvlees. Vanwege zijn vetgehalte vinden wij het hier in huis altijd het lekkerste om de char siu voor onze mihoen Singapore - na hem in reepjes of plakjes te hebben gesneden - kort te roerbakken. Zo bakt het vet een beetje uit en worden de stukjes vlees lekker krokant.

Na het bakken scheppen wij graag nog wat hoisinsaus door onze char-siu-reepjes. Dat versterkt hun smaak. Voeg de char siu pas vlak voor het serveren toe aan je mihoen Singapore, zodat het laagje hoisinsaus lekker om de stukjes vlees heen blijft zitten en niet meteen opgaat in de noedels. 



13. Kan ik de char siu ook vervangen door ander vlees of kip?


Dat kan. Al moet ik erbij zeggen dat ik dat niet echt aanraad. Maar misschien is het in jouw buurt moeilijk om char siu te kopen...

Je zou char siu eventueel kunnen vervangen door reepjes varkenshaas of schouderkarbonade. Of door reepjes kip. 

Roerbak het vlees dan even met wat zout totdat het krokant en gaar is. Schep er ook nu weer vlak voor het serveren een paar eetlepels hoisinsaus doorheen. 



14. Wat is hoisinsaus?


Hoisinsaus is een sojasaus uit de Kantonese keuken. Ik schreef er al eens eerder over. Hij is bijna zwart van kleur en heel dik en stroperig. Hij is heerlijk hartig, zout, intens en zoet van smaak. 

Hoisinsaus is meestal gekruid met knoflook en behoorlijk wat Chinees vijfkruidenpoeder met o.a. venkelzaad en steranijs. En die smaken sluiten weer perfect aan bij het currypoeder dat ik gebruik voor mijn mihoen Singapore! 


Aromatische steranijs!



15. Welke garnalen zijn het meest geschikt voor mihoen Singapore?


Het antwoord op deze vraag hangt een beetje af van je eigen smaak. Wij vinden het lekker als we in heel veel happen een garnaaltje proeven. Daarom kiezen we altijd voor kleine garnalen. Roze garnalen wel te verstaan, Hollandse garnalen zijn niet zo geschikt voor Aziatische gerechten.

Maar natuurlijk kun je ook grotere garnalen gebruiken. Ga wel voor gepelde garnalen; anders is het wel heel onhandig eten.

Gare garnalen zijn het makkelijkste, omdat ze in no time klaar zijn. 



16. Kan ik mihoen Singapore ook vooraf maken en later opwarmen?


Daar kan ik kort over zijn: nee!

Roerbakgerechten als mihoen Singapore danken hun charme met name aan hun versheid. Alle ingrediënten moeten nog knapperig zijn als het gerecht op tafel komt.      

Maar gelukkig kost het niet zo veel tijd om Singapore noodles te maken! 



Geniet van je mihoen Singapore!



maandag 20 oktober 2025

Pasteitjes gevuld met malse varkenshaasreepjes en kleurrijke groenten in een romige marsalasaus


Bij een feest horen feestelijke gerechten, toch? Dus bij de kerst ook! Ik ken wel mensen die graag boerenkoolstamppot eten tijdens het kerstdiner, maar ik kan veilig stellen dat die groep behoort tot een heel kleine minderheid.
😉

Een ideale manier om gerechten een feestelijke touch te geven, is door er wat alcohol aan toe te voegen. Een scheutje wijn, bier of gedistilleerd door een soep, een saus, stoofvlees, een dessert of gebak tilt dat gerecht gegarandeerd naar een hoger niveau. Althans, dat vinden wij hier in huis. 

Vandaag geef ik je - alvast - een recept voor een typisch kerstgerecht: pasteitjes. Krokante bladerdeegbakjes, die ik deze keer vul met malse varkenshaasreepjes en kleurrijke groenten; in een romige saus.

Een saus mét alcohol dus! 

Meer specifiek: er gaat marsala doorheen! 

Die marsala heeft niet alleen als doel de feestvreugde te verhogen; hij is absoluut onmisbaar om de roomsaus zijn karakteristieke smaak te geven.

Voor een lunch- of brunchgerecht voor 8 personen heb je maar liefst 3 deciliter marsala nodig. Bijna een halve fles dus. Ach, waarom zouden we niet royaal zijn tijdens de feestdagen?!

Heb je nooit eerder met marsala gekookt? Marsala is een - met extra alcohol - versterkte wijn; net zoals sherry en port dat zijn. Hij heeft een alcoholpercentage van 17%. Marsala wordt vaak gebruikt voor het maken van desserts als tiramisu en zabaglione. Waarschijnlijk herken je de lichtzoete smaak van de wijn van deze gerechten. 

Marsala komt uit Italië. Uit Sicilië om precies te zijn. De drank is vernoemd naar de stad Marsala, die zich bevindt op het meest westelijke puntje van het eiland. 
  

Ik begrijp het goed als je vindt dat het eigenlijk nog een beetje vroeg in het jaar is om nu al bezig te zijn met het plannen van je kerstmenu. Maar echte kerstliefhebbers zullen blij zijn met mijn nieuwe recept. 


En voor alle anderen: wat let je om deze pasteitjes nu al een keertje voor te proeven?! 


Dan weet je in elk geval zeker dat ze over twee maanden niet mogen ontbreken bij je kerstbrunch!


Recept: zo maak je zelf pasteitjes gevuld met malse varkenshaasreepjes en kleurrijke groenten in een romige marsalasaus



Pasteitjes gevuld met malse varkenshaasreepjes en kleurrijke groenten in een romige marsalasaus 


Ingrediënten voor 8 stuks:

  • 6 ons varkenshaas
  • 3 eetlepels olijfolie
  • 2 eetlepels vloeibaar bak-en-braadproduct
  • zout en versgemalen zwarte peper
  • 5 snackpaprikaatjes in verschillende kleuren
  • 4 sjalotjes
  • 150 gram erwtjes (vers of diepvries; liever niet uit blik of pot)
  • water voor het koken van de erwtjes
  • 150 gram gare maïskorrels (uit blik of pot is prima)
  • 3 dl water
  • 3 dl marsala
  • 2,5 dl slagroom (ongeklopt en ongezoet)
  • 1 vleesbouillonblokje
  • 6 eetlepels bloem
  • 1 à 2 theelepels worcestersaus
  • 3 theelepels poedersuiker
  • eventueel nog wat kruidenbouillonpoeder of zout
  • 8 pasteibakjes (kant-en-klaar)
  • een bosje platte peterselie

    Bereiding:

    1. Snijd de varkenshaas in dunne reepjes of kleine blokjes. Verhit de olijfolie en het bak-en-braadproduct in een hete hapjespan met anti-aanbaklaag. Bak hierin het vlees onder af en toe omscheppen stevig aan zodat het mooi bruin wordt. Omdat je varkenshaasreepjes klein zijn, zijn ze dan ook al meteen gaar. Bestrooi het vlees met wat zout en versgemalen zwarte peper naar smaak. Schep het vlees met een schuimspaan uit de pan, zodat de vetten in de pan achterblijven.
    2. Snijd de snackpaprikaatjes in kleine stukjes. Bak deze 2 minuten in de pan. Schep ze daarna uit de pan.
    3. Snipper de sjalotjes. Fruit de uitjes zachtjes totdat ze glazig zien. Dat duurt een minuut of vijf. 
    4. Kook in een andere pan de erwtjes beetgaar in een beetje water met zout. Giet de erwtjes af en voeg ze toe aan de paprikastukjes.
    5. Verwarm in de lege erwtjespan een mengsel van 3 dl water, 3 dl marsala, 2,5 dl room en het bouillonblokje. Het geheel moet warm worden, maar het hoeft niet te koken.
    6. Inmiddels zijn de sjalotjes mooi gefruit. Voeg de varkenshaasreepjes eraan toe. Strooi de bloem over het gerecht en roer goed.
    7. Schenk vervolgens het marsalamengsel bij het vlees. Verwarm het geheel en roer nog eens goed. De saus gaat dan mooi binden. Voeg eventueel wat extra water toe als je de saus nog wat te dik vindt. 
    8. Roer de erwtjes, de maïs en de gebakken paprikastukjes door de roomsaus.
    9. Maak je gerecht stevig op smaak met de worcestersaus, de poedersuiker en flink wat zwarte peper. Proef goed en voeg eventueel nog wat kruidenbouillonpoeder of zout toe. 
    10. Verwarm de pasteibakjes volgens de gebruiksaanwijzing op de verpakking.
    11. Hak ondertussen de peterselie. Roer vlak voor het serveren het overgrote deel van de gehakte peterselie door je varkenshaasgerecht.
    12. Zet op elk bord een pasteibakje. Vul de pasteitjes met de varkenshaas in roomsaus en schep er nog een gulle hoeveelheid vulling naast. Garneer je gerechten met de resterende peterselie. 

    Tips:

    1. Ben je fan van dit recept en wil je er graag mee variëren? Vervang de varkenshaas dan eens door reepjes kipfilet, kalkoenfilet of kalfsvlees. 
    2. Veel lezers van dit recept zullen druk bezig zijn met het plannen van hun gerechten voor de kerst en dan met name van hun kerstbrunch. Voor al deze planners heb ik een extra tip: op mijn blog staan nog heel veel andere recepten voor een feestelijke brunch! Ik verzamelde al deze recepten vorig jaar in twee uitgebreide blogs (meer dan 30 recepten, met onder andere nog meer ideeën voor pasteitjes). Klik op het rode linkje en ga er snel heen! 

    15 Verrukkelijke ontbijtrecepten! Kies maar uit!

    En nog eens 15 fantastische ontbijtrecepten! Ideaal voor het weekend!

    Recept: zo maak je zelf klassieke kerstboompasteitjes met kippenragout!

    Recept: kerstpasteitjes met een Spaanse twist. Met chorizo, olijven en een romige saus!


    zaterdag 6 september 2025

    Bacon onion jam met Schotse whisky. En Canadese maple syrup, Hollandse bruine basterdsuiker, Franse mosterd en Italiaanse balsamicoazijn!


    Hollandse uien. Ze lijken zo alledaags, zo gewoontjes. 

    Maar als je vaak kookt, dan weet je dat je er voor veel gerechten niet omheen kunt. Je stoofpotjes, je soepen, je sauzen, je groentegerechten, je curry's. Een gefruit uitje erdoorheen... en al deze gerechten smaken ineens zoveel lekkerder!

    Uien zijn echte smaakbommetjes. Ze geven je gerechten niet alleen veel pit, maar tegelijkertijd ook een zoete, karamelachtige smaak.

    Maar... meestal vormen uien niet het hoofdingrediënt van je gerechten. Ze vervullen alleen maar een ondersteunende rol. Vlees, vis, groenten, specerijen, kruiden. Dát zijn de ingrediënten die er vrijwel altijd veel beter in slagen om met de eer te gaan strijken in een gerecht! 

    Behalve in het recept van vandaag!

    Daarin zijn het juist die eenvoudige uien die de show stelen!

    Want vandaag gaan we een jam maken met uien als belangrijkste ingrediënt. 

    Een uienjam! En niet zomaar een uienjam...

    Om onze jam extra speciaal te maken, geven we hem wat internationale allure mee! 

    Behalve zachte, zoete, lang gefruite uien gaan er nog meer verrukkelijke - en wereldwijd geroemde! - ingrediënten in:
    • een grote portie hartige reepjes dik gesneden bacon
    • een royale hoeveelheid karamelachtige Canadese maple syrup, ahornsiroop
    • enkele theelepels fruitige Italiaanse balsamicoazijn
    • wat delicieuze grove Franse mosterd
    • én, als klap op de vuurpijl: een flinke scheut aromatische Schotse whisky!

    Het resultaat is in één woord zalig! Ik garandeer je: proef één schepje van je bacon onion jam en je zult je moeten inhouden om niet de hele pot in een keer leeg te lepelen! 

    En je weet meteen: zó zijn uien absoluut niet meer alledaags! 


    Deze hemelse bacon onion jam kan zich moeiteloos meten met de meest exclusieve, mondaine sauzen!



    Recept: zo maak je zelf de lekkerste bacon onion jam met Schotse whisky!



    Zo maak je zelf de allerlekkerste bacon onion jam! Mét een flinke scheut Schotse whisky! 



    Ingrediënten voor een bijgerecht voor ±4 personen:

    • 150 gram bakbacon (vrij dik gesneden plakjes)
    • 1 eetlepel vloeibaar bak-en-braadproduct
    • ±4 flinke uien (ongeschild ±600 gram)
    • 3 eetlepels bruine basterdsuiker
    • 3 eetlepels maple syrup
    • 2 theelepels balsamicoazijn
    • 2 theelepels grove mosterd (ik gebruik vaak grove Franse mosterd)
    • water
    • zout en vrij grove versgemalen zwarte peper
    • minimaal 2 eetlepels Schotse whisky

    Bereiding:

    1. Snijd de plakjes bakbacon in kleine reepjes van ±2x0,5 cm. 
    2. Verhit het bak-en-braadproduct in een pan met een dikke bodem. Bak hierin de baconreepjes even aan; ze moeten een lichtbruin korstje krijgen, maar niet te krokant worden. Schep de bacon uit de pan en laat daarbij het bakvet achter.
    3. Snijd de uien in niet te dunne halve ringen. 
    4. Voeg de uien toe aan het bakvet en fruit ze op laag tot medium vuur totdat ze lichtgeel en zacht zijn. Dat duurt 10 à 15 minuten.
    5. Voeg de suiker, de maple syrup, de azijn, de mosterd en 2 eetlepels water toe aan de uien en schep het geheel goed om. Draai het vuur gedurende 2 minuten iets hoger naar medium, zodat de suikers een beetje kunnen karamelliseren. Blijf ondertussen roeren.
    6. Schenk nog een paar eetlepels water bij de uien en draai het vuur laag. Leg een deksel op de pan. Laat de uien zo ongeveer een halfuur zachtjes garen. Roer af en toe en voeg nog wat water toe als het geheel te droog dreigt te worden.
    7. Voeg daarna de baconreepjes toe aan de uien. Roer goed en leg het deksel weer op de pan. Gaar je bacon onion jam nog een keer een halfuur, eventueel onder toevoeging van nog wat extra water. Roer af en toe.
    8. Neem het deksel van de pan, proef je jam en controleer of de uien naar jouw smaak zacht genoeg zijn. De bacon-uienmassa heeft inmiddels een jamachtige consistentie gekregen met grove stukken bacon en heerlijk zachte uienringen erin. Het geheel moet lekker smeuïg zijn, maar niet te vochtig. Als je dat wilt, kun je je jam nog een beetje inkoken (zonder deksel op de pan) of juist wat sappiger maken met wat extra water. Maak de jam niet té vochtig, want er gaat straks nog whisky in!
    9. Voeg zout naar smaak toe. Maal een lekkere hoeveelheid vrij grove zwarte peper over je jam. Die geeft de jam de nodige pit!  
    10. Doe je bacon onion jam over in een schaaltje en laat hem een beetje afkoelen, zodat er zo meteen niet te veel alcohol verdampt uit de whisky. 
    11. Roer uiteindelijk de whisky door het bacon-uienmengsel. Proef je die alcoholsmaak? Wij zijn absoluut fan van deze tipsy jam! 

    Tips:

    1. Bewaar je bacon onion jam in een schone, goed afgesloten pot in de koelkast. Laat hem voor het serveren op kamertemperatuur komen; zó smaakt hij het allerlekkerst! 
    2. Als je hygiënisch werkt, kun je je jam makkelijk een week bewaren.
    3. Wil je deze bacon onion jam maken voor een grote groep mensen? Geen probleem! Je kunt het recept makkelijk verdubbelen of zelfs verdrie- of verviervoudigen zonder dat het bereiden je veel meer tijd kost!
    4. Eten er kinderen mee? Houd voor hen dan een portie apart en vermeng die niet met whisky, maar met een klein beetje koud water. 


    Serveertips voor je bacon onion jam met Schotse whisky



    Je kunt hem vaak maken, deze speciale jam. Hij tilt zo veel gerechten naar een hoger niveau! Wil je wat lekkere voorbeelden? Hier komen ze! 



    1. Gebruik je jam als smaakmaker als je de volgende keer cheeseburgers maakt! 


    Rooster de snijvlakken van een paar lekkere briochebroodjes op de grill of in een koekenpan zonder vet. Besmeer je broodjes met wat mayonaise en beleg ze achtereenvolgens met een blaadje sla, een gegrilde of gebakken burger - of een dikke tartaar op smaak gemaakt met zout, versgemalen zwarte peper en worcestersaus - een gesmolten plakje cheddarkaas én een flinke portie bacon onion jam. Genieten!

    Extra tip: serveer je cheeseburger met zelfgemaakte frietjes of verse ovenfriet! 


    Recept: er gaat niets boven zelfgemaakte verse frietjes!


    2. Maak een open tosti met onion jam.


    Beleg een snee lekker brood royaal met je favoriete kaas. Gril de kaas onder je ovengrill. Serveer er een schaaltje onion bacon jam bij of lepel je jam gewoon boven op de gesmolten kaas.


    3. Heb je liever een echte, 'dichte', tosti? Ga dan voor de Argentijnse variant!


    Wat je je daarbij moet voorstellen? De Argentijnen maken hun tosti's, tostados de jamón y queso, bij voorkeur van dun gesneden sandwichbrood zonder korstjes; pan de miga noemen ze dat brood. Ze maken ze vaak op smaak met pimentón, pittig gerookt paprikapoeder.

    Ook deze tostados smaken voortreffelijk met je nieuwe uienjam! 


    Recept: serveer je dunne, krokante Argentijnse tosti's met zelfgemaakte bacon onion jam!


    4. Ga je kaasfonduen?

    Dan mag een schaaltje bacon onion jam niet ontbreken op je tafel!


    5. Hetzelfde geldt voor je gourmetavond!

    Extra tip: klik voor meer gourmetideeën op dit rode linkje! 


    Recept: serveer je bacon onion jam ook eens tijdens een gourmetavond!


    6. Heeft je gourmetstel ook een raclette-optie?

    Fantastisch! Leg wat kleine, gare krielaardappeltjes (met schil) in een raclettepannetje met daarbovenop een flinke plak raclettekaas. Laat de kaas smelten en serveer je gerecht met een lepel bacon onion jam! 


    7. Hou je van een traditioneel Engels ontbijt met eieren, bacon en worstjes? 

    Je bacon onion jam combineert fantastisch met die typisch Engelse worstjes! 


    8. Ga je barbecueën en staan er hamburgers, steaks, karbonades, speklapjes, kip, casselerrib, een hammetje, een picanha, braadworstjes of tartaartjes op het menu? 

    Zet dan maar een flinke pot bacon onion jam op tafel! Wedden dat die in no time leeg is?!


    9. Wij zijn dol op echte Limburgse gehaktballen met een lekker dik, krokant korstje. 

    We serveren ze warm, bij de avondmaaltijd. 

    Of koud, in plakjes op brood bij het ontbijt of de lunch. 

    Meestal in combinatie met mosterdmayonaise. 

    Maar bacon onion jam smaakt er ook voortreffelijk bij! 


    Recept: verrukkelijke, échte Limburgse gehaktballen! Die smaken nog lekkerder met zelfgemaakt bacon onion jam!

    Recept: een traktatie: koude Limburgse gehaktballen op brood!


    10. Wij braden regelmatig een groot stuk varkensfilet in de oven. 

    Zo'n feestelijk, groot stuk mals vlees met een dikke vetlaag erop. 

    Dat vet kerven we in en daarna wrijven we die vetlaag in met een ruime portie zout. Het zout mag een halfuurtje intrekken, voordat we het overgrote deel weer verwijderen. 

    Daarna gaat er nog wat zout op de zijkanten en de onderkant van het hele stuk vlees. En we kruiden het met wat versgemalen zwarte peper. 

    We braden het vervolgens - op het rooster van een braadslede - in een oven van 220°C (oven met boven- en onderwarmte). Daar trekken we 45 minuten voor uit. In die tijd wordt de vetlaag van onze varkensfilet superkrokant. Op het laatst verlagen we de oventemperatuur naar 160°C en dan braden we het vlees nog wat langer: ±15 minuten per pond. 

    Heb je een kerntemperatuurmeter? Medium varkensvlees heeft een temperatuur van 63°C; het vlees is well done bij 70°C. Bepaal wat jij het lekkerste vindt. Als het vlees op temperatuur is, nemen we de varkensfilet uit de oven en laten hem een minuut of tien rusten. Tijdens het rusten dekken we het vlees niet af; zo blijft de vetlaag heerlijk knapperig!

    Bij zo'n groot stuk varkensfilet kun je allerlei heerlijke sauzen serveren. Denk bijvoorbeeld aan mijn la-dolce-vita-tomatensaus of een romige mosterd-wittewijnsaus. 

    En natuurlijk smaakt je bacon onion jam er fantastisch bij! 

    En een aardappelgerecht als krokant gebakken krieltjes of verse gebakken aardappeltjes uit de koekenpan!


    Recept: krokant gebakken krieltjes voor bij je varkensfilet met bacon onion jam!

    Recept: verse gebakken aardappeltjes smaken lekker bij bijna elke maaltijd!


    11. Ook bij groenten smaakt je jam uitstekend! Zeker als je deze groenten eerst lekker roostert in de oven!

    Denk aan kleine spruitjes, dunne groene asperges of bimiroosjes met hun crispy stengels.

    Leg de groenten op de bakplaat van je oven en tos ze om met wat olijfolie, zeezout en versgemalen zwarte peper. Zorg ervoor dat je oven goed voorverwarmd is tot zo'n 225°C voordat je de bakplaat erin zet.

    Rooster de groenten onder af en toe omscheppen totdat ze goudbruin en beetgaar zijn. De tijd hangt af van de maat van je groenten. Proeven is dus het devies! 

    Serveer je groenten met een lepel jam, die goed op kamertemperatuur moet zijn.


    12. Lekkere lunch? Wat dacht je van versgebakken bagels met warme beenham en bacon onion jam?

    Besmeer je bagels eerst met een klein beetje mayonaise en leg daar een blaadje krokante sla op. Maak je bagels daarna af met de ham en de jam!

    Warme, zelfgebakken bruschetti kun je op vrijwel dezelfde manier beleggen. Vervang de sla dan door een paar blaadjes rucola. 


    13. Nog zo'n heerlijke lunch: een kaassandwich met bacon onion jam!

    Besmeer per persoon twee sneetjes desembrood met mayonaise. Beleg een van de sneeën achtereenvolgens met wat waterkers en een flinke portie extra belegen of oude kaas. Daarop gaat je bacon onion jam. Afdekken met de tweede snee brood. Heerlijk!


    14. Die oude kaas smaakt trouwens ook erg lekker op een toastje of een cracker bij de borrel!

    Met daarop een theelepeltje bacon onion jam natuurlijk!


    15. Heb je een favoriet recept voor een quiche lorraine? 

    Maak je maaltijd nog lekkerder door je hartige taart te serveren met bacon onion jam!


    16. Sluit je je maaltijd graag af met een kaasplankje?

    Vergeet ook dan je bacon onion jam niet!


    Je ziet het: er zijn heel veel momenten waarop je volop kunt genieten van je nieuwe bacon onion jam!